Loopgraven

Al zolang ik hier woon, sinds 2015, is het voor mij een mysterie wat zich in onze straat heeft afgespeeld tijdens Operatie Market Garden. Ofwel de gevechten in september 1944 tijdens de Slag om Arnhem. Telkens wanneer er diep in de tuin wordt gegraven, ben ik benieuwd wat er tevoorschijn zal komen. Want al direct na mijn komst vertelden buren dat ook hier zwaar is gevochten, meter voor meter. Diverse huizen raakten toen door explosies beschadigd. Maar daar is nu geen spoor meer van te zien.

‘Er zaten geen deuren meer in de huizen’, zeiden ze. Die deuren waren uit woningen gehaald om de wanden van loopgraven te stutten. Mijn kelderdeur, bijvoorbeeld, zit verkeerd om. De mooie kant zit aan de kelderkant en de achterkant is in de huiskamer zichtbaar. Ik stelde mij voor hoe de gevluchte bewoners bij terugkomst maanden later een willekeurige deur uit een loopgraaf haalden en die op de plek van hun kelderdeur plaatsen. Waarschijnlijk is het een deur van een huis aan de overkant. Die panden zijn in spiegelbeeld gebouwd.

Voor iemand die het niet heeft meegemaakt, blijft de realiteit van de gevechten tussen de Duitsers en de Engelsen iets onvoorstelbaars houden.

Nu heb ik eindelijk iets tastbaars gevonden. Een luchtfoto uit januari 1945, waarop het netwerk van kronkelige loopgraven duidelijk is te zien.

De drie akkers: rood – wit – blauw

Op een landgoed hier in de buurt is het elk jaar een verrassing wat er op de akkers zal groeien. Ondanks de recente droogte, is het graan nu rijp en bloeien de planten. Ik nam er foto’s van en ontdekte thuis een onderling verband. Rood – wit – blauw. Maar dat niet alleen.

Het rood is van de bloeiende rozen op een militaire ‘dodenakker’. Dat is de christelijke benaming voor een begraafplaats. Hier rust een dode ‘als een graankorrel in de aarde’ om op de dag des oordeels op te staan voor het eeuwig leven.

Zo komen we uit bij dit blonde koren. Een voedingstof waar de mensheid al eeuwen op leeft. Dit graan groeit als een dichte vacht op het veld, en is inmiddels onder het mes verdwenen.

Blauw, ten slotte, kleurt deze akker met phacelia, een bloeiende groenbemester. Eerst mogen de bijen ervan smullen. Daarna wordt de plant met bloem en al ondergeploegd om als voedingstof voor het volgende gewas te dienen. Graan misschien, wie zal het zeggen?

Sta je samen sterker?

De afgelopen week raakte ik een beetje uit balans. Het had te maken met langs elkaar heen praten. Met weinig inlevingsvermogen; vermoedelijk door desinteresse voor de persoon zelf. Zoiets schuurt. Het betrof mensen met wie ik een goede verstandhouding wil hebben, hoewel ze geen grote rol in mijn leven spelen. Er stond wel iets positiefs tegenover, maar het negatieve gaf de doorslag.

In de documentaire Zweden doen het anders zag ik dat Zweden gereserveerder zijn dan wij. Daar is weinig voor nodig, want Nederlanders gedragen zich tamelijk vrij. Ik begreep dat Zweden zich al jong onafhankelijk opstellen. Ze doppen hun eigen boontjes en kunnen zich kennelijk zonder anderen goed redden. In hun eentje ingesneeuwd in een afgelegen blokhut vermaken ze zich wel. Dat werk. Misschien hebben ze daar minder ‘huidhonger’ (het nieuwe modewoord). Dan is de mate daarvan deels aangeleerd en cultureel bepaald.

Met zijn tweeën sta je steviger dan alleen, dat is bij ons het idee. Leef je samen met een zielsverwant, dan is je basis zo stabiel, dat vrijwel niets of niemand je nog uit balans brengt. (Behalve natuurlijk die zielsverwant zelf.) In goed gezelschap verwerk je tegenslagen sneller. Ik ben benieuwd hoe zielsverwantschap past binnen het Zweedse model.

Persoonlijk ben ik selectief gereserveerd. Soms denk ik: ‘Ik kan er wel over praten, maar uiteindelijk moet ik het toch zelf oplossen.’ Bij de meeste mensen, echter, komt het hier op neer: ‘Ik kan er wel met jou over praten, maar het enige wat jij gaat doen, is mijn probleem gebruiken als kapstok voor je eigen verhaal. Dus laat dan maar.’

Waarschijnlijk kan ik het heel goed uithouden in Zweden.

Even het hoofd laten luchten

Bij schurende gesprekken en stroef verlopende processen is het aangenaam om je hoofd te laten luchten. Stap de deur uit, zoek een open ruimte op, bij voorkeur met vergezicht, en haal diep adem. … Je voelt nu de irritatie uit je lichaam verdwijnen en je rondtollende gedachten kalmeren.

Op hete dagen (het is momenteel in de schaduw 32 graden), lukt dat moeilijk buiten. Voor dergelijke situaties heb ik enkele toepasselijke foto’s in de aanbieding. Neem bovenstaande foto van de Waal en de Ooijpolder.

Stel je nu even voor dat het 25 graden is, terwijl er een zacht briesje waait. Je wandelt over een pad door de uiterwaard. Aan weerszijde bloeien zoet geurende wilde planten en tussen het hoge groen door stroomt de rivier. Je hoort nu weinig meer dan zoemende bijtjes en zacht tuffende schepen die traag door het oneindige laagland glijden.  …

Zicht vanaf de Waalbrug op Arnhem

Als blogger moet je wel je verantwoordelijkheid nemen. Zo mag je je volgers niet in gevaar brengen. Dus als één van hen (Mack) achter het stuur van zijn auto zit, en midden op de Nijmeegse Waalbrug in de verte Arnhem probeert te ontwaren (naar aanleiding van onze reacties op het logje over bruggen in Nijmegen), dan voel ik mij wel geroepen om in te grijpen. De situatie op die brug is namelijk verre van ideaal vanwege werkzaamheden.

Daarom plaats ik nog liever bovenstaande te vage foto. Wanneer je op die foto klikt, krijg je een vergroting.

En kijk je vervolgens héél goed naar de horizon boven de rood-witte wegafzetting, dan ontwaar je precies ter hoogte van de middelste rode streep de blauw-groene torenflats bij station Arnhem Centraal. Plus de TenneT-toren rechts van de lantaarnpaal.

Volgende keer zal ik wel een betere foto maken.

Het heen en weer in Nijmegen

Vandaag heb ik zo’n beetje alle Nijmeegse bruggen gezien, want dit was de route:

  1. Rij eerst met de trein vanuit Arnhem zuidwaarts over de Spoorbrug bij Nijmegen.
  2. Wandel daarna via de Waalbrug noordwaarts naar het stadseiland Veur-Lent. Koffiestop.
  3. Ga verder over de Lentloper, dat is een bijzondere brug. Stukje naar het westen.
  4. Weer zuidwaarts naar het stadseiland over de Snelbinder en loop daarna opnieuw richting het westen.
  5. Terug noordwaarts via de Zaligebrug. Verder naar het westen aan de kant van Lent.
  6. Zo kom je uit bij de Oversteek en via die brug wandel je weer naar Nijmegen in het zuiden terug.
  7. Loop vervolgens naar het oosten. Sla voorbij Loetje en het spoorviaduct rechtsaf. Dan kom je uit bij het station. Neem daar de trein die weer over de Spoorbrug naar het noorden rijdt. Terug naar huis.

(Klik desgewenst op een foto voor een vergroting.)

Hoe zou het nu gaan met Gary?

Via Xiwel’s Bijzondere Bloglijst beland ik per toeval bij Suskeblogt en daarna bij Are Friends Electric? van Tubeway Army. Dit nummer staat voor eeuwig op de muziektijdlijn van mijn geheugen gegrift. Are Friends Electric? zong Gary Numan in 1979, ik was toen 16. Maar in mijn herinnering is het 1984. In dat jaar reisde ik voor het eerst alleen naar de Verenigde Staten. Het was nacht bij aankomst in Los Angeles. Nog verdwaasd van de lange vlucht zette ik de tv aan in mijn hotelkamer. En daar [even schakelen] was Cars van Gary Numan.

Here in my car
I feel safest of all
I can lock all my doors
It’s the only way to live
In cars

1984, Los Angeles. Overal out there waren gang wars aan de gang. In die grote, gevaarlijke miljoenenstad moest ik één dag zien te overleven. Daarna kon ik veilig voor een groepsreis in een tourbus stappen en wegrijden.

Het grootste deel van die eerste dag heb ik op mijn hotelkamer doorgebracht. Slechts even ben ik naar buiten gegaan voor een wandeling naar het Chinese Theatre. Maar niemand liep daar buiten op de stoep. Iedereen zat in auto’s. Ik werd al binnen vijf minuten door een louche man aangesproken en maakte dat ik weg kwam.

Die dag ben ik niet eens naar het restaurant van het hotel gegaan. Dus daar zat ik, alleen op mijn kamer, in een land waar werkelijk alles draait om geld, met roomservice en met Gary Numan. Are Friends Electric? Dat vraag je je misschien wel af.

(Tekst loopt door onder video.)

Het is zo lang geleden en dan nu dit weerzien in een oude videoclip van Tubeway Army. Als tiener ben je onder de indruk van artiesten. Niet dat ik speciaal veel had met Gary Numan of met elektronische muziek. Maar toch. Artiesten waren iemand. Zij hadden het gemaakt. Zij stonden op dat podium. En onbewust denk je dan dat zij wijzer zijn dan jij. Dat ze weten wat er speelt in de wereld en dat ze het allemaal al hebben gezien. Misschien is dat wel onderdeel van fan zijn. De idolatrie van een projectie van de verbeelding.

Nu zie ik weer die oude kledingstijl, die kapsels en die houdinkjes. Eigenlijk is Gary Numan best verlegen. Are Friends Electric? Dat zal hij ook weleens hebben gedacht, zittend in zijn eentje op een hotelkamer in een grote en bevreemdende stad. Na het zoveelste interview waarin de stompzinnigste vragen aan hem als beroemdheid werden gesteld.

Hoe zou het nu met hem gaan?, vraag ik mij ineens af. Fast forward naar 2020 met dank aan Google zie ik hem weer staan. Hij heeft een draak en een kasteel waarin hij woont met zijn vrouw en drie dochters. In Los Angeles, of all places. En het gaat prima. Gary Numan is inmiddels begin zestig en hij maakt nog altijd nieuwe muziek.

Weer terug bij Are Friends Electric? stuit ik op een veel recentere videoclip. En hé, wat klinkt dit nummer nu ineens … uhm … ja … hip! Swingend bijna. Er zit een soort Afrikaans ritme in. Dat tktktktktk-geluid. Leuk. Dat voegt iets vrolijks toe. Onderkoeld weliswaar. Het blijft tenslotte een Engelsman.

De bandleden doen denken aan de hippies die je ’s winters ziet op Tenerife, bij Cabo de Gata en in Montpellier. Ik ontwaar zelfs een zweem van the Road Warrior, Mad Max deel 2. Dat zit ’m in de haardracht, de lappen stof en in de tuniek van Gary. Toch weer die filosofie achter Cars?

Afijn, hier is de alternatieve live versie van Are ‘Friends’ Electric?
(Sorry Gary, ondanks al je andere werk plaats ik toch dit bekende lied.)