Het leven is geen rozentuin

’s Avonds ligt er bij thuiskomst een verkeerd bezorgde envelop tussen de post. Het huisnummer klopt, maar het adres is twee straten verderop. Morgen breng ik dit wel even naar het juiste adres, denk ik en leg het poststuk weg.

Zondagmiddag. Het is rustig buiten. Ik wandel door de straat met vrijstaande huizen en groene tuinen. Plots klinkt uit één van die huizen driftig gekrijs. Het blijft even stil terwijl ik het pan nader. Alle ramen zijn dicht. ‘You are always leaving me!’, roept een vrouw nu met schrille stem, hevig teleurgesteld en geagiteerd. Een andere persoon hoor ik niet.

Mijn ontspannen zondagmiddagstemming slaat in één klap om. Ik voel me bijna onpasselijk. Er doemen herinneringen op aan een andere huiselijke strijd, waarvan ik de geluiden jaren geleden in Kenia overhoorde, vanuit een flat driehoog in ons appartementencomplex. Dat ging om een gewelddadig conflict tussen een man en een vrouw. In werkelijkheid klinkt fysiek geweld veel naarder dan in een film. Misselijkmakend zelfs. Echt sickening.

Nog twee huisnummers; dan bereik ik het adres.

Op de stoep zit een weldoorvoede kater bij het tuinhek, die klagelijk begint te miauwen zodra ik nader. Ben je buitengesloten, soms? Ik open het hek en loop naar de deur. Hoopvol wandelt het dier naast mij mee, kennelijk verwachtend dat de voordeur open zal gaan. Maar ik duw de envelop in de brievenbus en keer om.

Een onzichtbare vrouw, een onzichtbare ander en een kater. Alle drie ongelukkig. Ook ik voel me nu bezwaard. Het duurt wel een paar honderd meter vooraleer ik een afschuddende beweging maak, diep adem haal en de omgeving weer in mij opneem. Daarna gaat het weer, een beetje.

Lijst van logjes met toepasselijke muziek

December. Buiten is het nat en donker; thuis is het warm en licht. Ik verkeer nu graag in mijn eigen wereld en luister veel naar muziek. Deze maand blikt menigeen terug op werk, relaties, ingrijpende gebeurtenissen en veranderingen. Kortom: op het eigen leven. Ik doe nu iets vergelijkbaars op Raam Open met een vervolg op Muziek voor bij het log. Dat bericht stamt uit februari 2018. Mijn plan was toen om logjes vaker te voorzien van passende muziek. Oordeel zelf maar of dat is gelukt.

De nostalgie van een concerttijdperk

Het wordt tijd om te erkennen dat mijn jeugdige jaren voorbij zijn. Het ontgaat mij namelijk al langer welke artiesten nu ‘in’ zijn. Of zeg je: hip, te gek, cool, awesome, vet ziek, of zoiets? Zelfs het jargon versta ik niet meer. Een muziekrecensent schrijft lyrisch over het concert van FKA Twigs. ‘FKA who?’, denk ik dan. Géén idee. Ze is geboren in 1988. Dat zegt alles.

En dan ben ik nu naar L.A.vation en The Masterplan geweest. Twee tribute bands van respectievelijk U2 en Oasis. (Je moet wat als U2-kaartjes kopen via Ticketmaster onmogelijk blijft.) Zij geven concerten waar vooral leeftijdsgenoten op afkomen, want die groeien met de originele bandleden mee. Oasis is van begin jaren negentig en U2 begon al in de jaren zeventig. Dan weet je het wel.

De tribute bands speelden overigens heel aardig. Toch, wat The Edge en zijn gitaarsolo’s betreft: die blijven ongeëvenaard. En het was in Stompwijk, of all places. Oude tijden herleven. Ik zeg je: het is afgelopen. Schluss, finito, The End, basta. Mijn tijdperk èn dat van de grootste rockconcerten is definitief voorbij. Veertig jaar concertbezoek-geschiedenis ligt achter mij.

Vroeger, in de begintijd, zo rond mijn zestiende, was ik nog zwaar onder de indruk van al die beroemdheden. Daar kwamen ze dan, in levende lijve. Stipjes waren het, ver weg op het podium. Op het veld zag ik meestal weinig van een optreden. Daar stonden altijd lange slungels voor me met hun grote lijven. Maar op de tribune was het prima uit te houden. Kon je lekker blijven zitten tot de band ging optreden. Later kwamen er enorme beeldschermen aan weerszijde van het podium.

Plus natuurlijk indrukwekkende lichtshows en showelementen. Zoals de hellehonden van de Rolling Stones, het zwevende stoeltje van David Bowie, en Prince met zijn entourage. In die tijd was Rotterdam de stad waar je moest zijn. Kon je met de U2-express van de NS tot aan de poorten van de Kuip rijden. De Kuip zal voor mij voor eeuwig verbonden blijven met balanceren op de bovenste rij tijdens Bullet the blue sky. Geen enkel ander stadion haalt het daar bij. Oh, nostalgie.

Die tijd is voorbij. Knappe zangers worden sloom en grijs. Ze krijgen een buik en hun stem is niet meer zoals in hun glorietijd. Dergelijke pijnlijke situaties kan je beter vermijden. Dus geen Night of the Proms meer voor mij. Als vijftiger heb je al genoeg decepties te verwerken.

En de normen veranderen. Als je nu naar een concert gaat, is iedereen druk met zijn mobieltje. Zelfs tijdens een optreden. Dat bezoekers filmopnamen maken, kan ik wel begrijpen. Maar dat ze met elkaar gaan bellen en hele gesprekken staan te voeren, met hun rug naar de band toe … Nou echt zeg! Waar is het heilige ontzag voor beroemdheden gebleven? Een beetje eerbied graag. Jong en oud doet dat, hè. Ik vind dit maar rare tijden.

Die ontwikkeling is best lastig, want er resteren twee bands die ik nog live wil zien. Dat zijn U2 en Radiohead. Maar oh wee, als mensen door hun muziek heen durven te praten. Zulke heiligschennis kan ik echt niet verdragen. Misschien is het toch maar beter om voortaan thuis te blijven. Dan moet ik met cd’tjes genoegen nemen. Voor zolang als dat nog kan, want de tijd van de cd’tjes is ook al bijna passé.

Wilgen in de mist

Mist. Hoe dichter bij de rivier, hoe dichter de mist wordt. Laaghangende wolken slokken mij op. Gedempt gebrom van een onzichtbaar schip. Een man met een zonnebril op komt mij tegemoet. ‘Goedemiddag, jongedame.’ Ach ja. Twee schimmen verderop. Ze roepen naar een hond en ik trap in de stront. De wilgen staan er stil bij en zeggen geen woord.

IS-vrouwen en bevolkingspolitiek

Op een zonovergoten dag wandelen vriendin F en ik door landelijk gebied over het Marskramerpad van Lettele naar Holten. Onderweg bespreken we de toestand in de wereld. Wat moeten ‘we’ toch aan met die vrouwen van IS-strijders, die nu met hun kroost naar Nederland terug komen? Vriendin F is sociaal ingesteld. ‘Wat kunnen wij hen bieden?’, vraagt zij. Deze vraag lijkt mij als uitgangspunt precies de omgekeerde wereld. ‘Je kan beter aan hen vragen wat zij willen gaan doen voor onze maatschappij.’ Zo komen we uit bij bevolkingspolitiek.

Als vrouwen van IS-gangers terugkomen, worden ze berecht volgens ons rechtssysteem, ver weg van de slachtoffers. Maar wat heeft een Jezidi-vrouw daaraan? Of een Syrisch gezin, waarvan de vader en drie kinderen zijn gedood toen het huis werd beschoten? Veroordeel dergelijke misdaden liever in de nabijheid van de getroffenen. Stel getroffenen in staat om hun zegje te doen. Om, als zij dit wensen, de dader recht in de ogen te kijken en met hun leed te confronteren. Ik geloof meer in het effect van een soort Waarheid & Verzoening tribunaal.

En hoe anders zou het werken als daders en medeplichtigen voortaan voor genoegdoening moeten zorgen? Bijvoorbeeld in de vorm van een financiële vergoeding voor de herbouw van het huis. Die bijdrage kan worden voldaan door een zelf gekozen vorm van dienstverlening aan de samenleving. Dan kan de overheid met de ‘opbrengst’ een subsidiepot vullen, als bijdrage aan de wederopbouw. Dit is eenvoudig gesteld, maar het gaat om het idee. Daders en medeplichtigen die nu naar Nederland terugkomen, gaan rustig chillen in detentie. Sommigen van hen kijken daar zelfs naar uit, volgens interviews.

De vraag over terugkerende IS-ers raakt ook grotere kwesties rond bevolkingspolitiek. Bevolkingspolitiek heeft een negatief imago, maar neutraal beschouwd is dat onterecht. Het hangt gewoon af van de doelstelling, en van welke normen en waarden je hanteert.

Nederland is hard toe aan beleid op dit gebied. Welke richting willen we op met ons land? Welke grote internationale veranderingen staan ons te wachten? Hoe houden we het hier voor iedereen leefbaar? Wat is daarvoor nodig? Kunnen we dan ook eens uitgaan van het idee achter: ‘Ask not what your country can do for you—ask what you can do for your country.’ (J.F. Kennedy)?

Ondertussen wandelen we verder. Links en rechts zien we uitgestrekte groene biljartlakens en winterse maisstoppels op zwarte akkers. Her en der groeit een plukje bos of staat een knusse boerderij. Wat een ruimte. Het land ligt er stil en schijnbaar verlaten bij. We hebben deze ruimte nodig om bij te komen van alle hectiek in de huidige maatschappij.

Zo vind je interessante bloggers

Weet jij hoe je inspirerende blogs kan vinden? Als blogger zie je mede-bloggers beginnen en soms weer verdwijnen. Het kringetje van blogs dat ik zelf volg, wordt nu geleidelijk kleiner. Daarom ga ik weer actief op zoek naar interessante bloggers. Na zes jaar was ook daar de klad in gekomen. Echt, bloggen is net zoiets als relaties onderhouden.

Ik heb drie verschillende opties ontdekt. De eerste optie is geschikt voor wie zelf geen website heeft van WordPress. Zo kan je ook zoeken naar specifieke onderwerpen op blogs.

Optie 1. Zonder inloggen op WordPress kopieer je http://nl.wordpress.com/tag/…/ naar je browser. Type een trefwoord (bijvoorbeeld: ‘aandacht’) op de plek van de drie puntjes en zie wat er verschijnt.

Optie 2. Log in op WordPress en ga naar de Reader. Type een trefwoord in het zoekveld bovenin de Reader en zie wat er verschijnt.

Ik vermoed dat hier blogs worden getoond van mensen die gelinkt zijn aan de blogs die je zelf al volgt, of die jouw blog volgen. Dit blijft dan wel een relatief beperkte kring. Wil jij helemaal los gaan? Dan is optie 3 ideaal.

Optie 3. Log eerst in op WordPress en open een nieuw tabblad op internet. Kopieer http://nl.wordpress.com/tag/…/ naar de browser van het nieuwe tabblad. Type een trefwoord op de plek van de drie puntjes.
Je komt dan via een redirect terecht in de Reader. Zie nu de alternatieve lijst.

Vermoedelijk is dit de enige passende optie om aan je eigen bloggers-sterrenstelsel te ontsnappen. Sommige goede bloggers lijken nauwelijks bezoek te krijgen. Hopelijk worden zij nu ontdekt.