Legaliseren ooievaarsnest

Voorop gesteld: ik begrijp best dat omgevingsvergunningen nodig zijn. We willen hier tenslotte geen Belgische toestanden, waar iedereen kennelijk zo maar zelf een huis mag ontwerpen en dat, ongeacht wat de schoonheids-commissie plus de buren ervan vinden, ergens op een perceel kan neer plempen. Nee, het is best goed dat wij tenminste wel bouwregels hebben.

Maar toch. Je zou zeggen dat er in deze tijd urgentere kwesties zijn. De energiecrisis, bijvoorbeeld. De klimaatcrisis. De nog altijd sluimerende coronacrisis, die ons elk moment weer kan opbreken. Oh, en laten we Ukraine niet vergeten. Verder moeten we nog iets voor de boeren verzinnen, want die willen graag een beetje perspectief hebben. Nu gaat het allemaal weer met de botte bijl en zo van: ‘Huh, visie? Wat nou: visie? Daarvoor ga je maar naar een opticien toe. Dat gezeur over visie ook altijd.’

Nou ja, persoonlijk verlang ik nogal hevig naar die goeie ouwe tijd van vlak na de Tweede Wereldoorlog. Toen ons land nog in puin lag en weer helemaal moest worden opgebouwd. Toen had je tenminste nog echte regeringsleiders met visie. Mensen die vooruit keken en die zeiden: ‘Honger, dat nooit meer.’

Ik heb trouwens wel een idee voor de boeren. We moeten gewoon onderzoeken hoe we samen met de boeren en de producenten en de dienstverleners en de energiebedrijven enzovoort zorgen dat we helemaal zelfvoorzienend worden, en kijken hoe onze nationale kwaliteiten in het grotere geheel passen en waar we de komende twintig jaar naartoe willen met zijn allen, op Europees niveau, bijvoorbeeld. De een is goed in dit en de ander is goed in dat. Kwestie van samenwerken en een beetje afstemmen. Simpel zat.

Maar goed. Dat zal wel weer niet gaan gebeuren, want in dit land houden we ons liever bezig met regelgeving tot in het extreme. Dat schijnt een veeg teken te zijn van een cultuur die over zijn hoogtepunt heen is. Dus wat dat betreft weten we tenminste wel alvast waar we aan toe zijn.

Legalisering van een ooievaarsnest. De hele procedure is achter de rug en de vergunning is verleend. Ik vind dat knap hoor, van die vogels.

Gemeenteberichten

Rood met paars, tweede kans

In de humanistische dialoog bijeenkomst gaat het over tweede kans. Krijg je een tweede kans? En wat gebeurt er dan? Wie verdient een tweede kans? Waarom? Wat is daarvoor nodig? En dan? Wie of wat geef je een tweede kans?

Vroeger dacht ik dat de combinatie rood met paars niet kon. Maar van alle kleurencombinaties vind ik rood met paars misschien wel het mooist. Vooral als het rood bloedrood is. Die rode, dat is duizendschoon.

Zandweggetje met eiken naast geel veld

Het is zo’n akker die er ieder jaar anders uitziet. Ik ken dit veld zoals het er bijligt in de lente, in de zomer, in de herfst en in de winter. Het hoort bij de drie-eenheid rood – wit – blauw.

Vorig jaar lag er zeker twintig centimeter sneeuw. Die dag was ik de eerste voorbijganger. Wanneer maak je dat nog mee?  

Soms hangt er een mysterieuze sfeer, alsof er iets ongrijpbaars gebeurt. Ik heb de werkelijkheid nooit kunnen achterhalen.

Een spoor gaat schuil onder de gewassen. Dicht aan het oppervlak in mijn gedachten. Diep verborgen voor andere passanten. Zoiets moet je weten. Dat verhaal is tenminste geen raadsel meer. Ik zie de lijnen zo voor me. In zwart, in grijs en in wit.

(Klik desgewenst op de foto voor een vergroting.)

De jongste ster aan het labeltjes-firnament

In het kader van ‘doe het nou maar, als dit ook weer niets wordt, heb je het toch nog een laatste keer geprobeerd en dan beschouw je deze mogelijkheid vanaf nu als echt helemaal definitief afgerond’, vulde ik het contactformulier in.

Waarna ik gebeld werd door een vriendelijk klinkende en doortastende man. Hij was wel van een kantoor waar ik niet naartoe had gewild, vandaar dat ik het formulier van een zusterorganisatie in een dichterbij gelegen plaats had ingevuld. Maar waar zouden we tegenwoordig zijn zonder star en bureaucratisch hokjesgedoe, dus vooruit. (Geen wonder dat er zo veel krapte is op de arbeidsmarkt, dacht ik, al was dat de bedoeling niet.)

Afijn.

Op de afgesproken plaats was hij al gearriveerd toen ik aankwam en daarna gingen we op pad. Wandelafspraak. Binnen de kortste keren was ik al buiten adem van al het gepraat.

Afijn.

Ik wilde dus weten of hij misschien toch nog ergens een mogelijkheid voor mij zag. Hij is een soort tussenpersoon bij een organisatie op semi-overheidsniveau.

Om van begin af aan duidelijk te zijn, had ik bij voorbaat al aangegeven dat ik een paar ‘belemmeringen’ had. Hij vroeg al vroeg in het gesprek of die in de ‘energetische sfeer’ zaten. Ik had geen idee wat energetisch was, dus somde ik maar op welke ‘belemmeringen’ ik voor mijzelf als voornaamste belemmeringen zag.

Een holvoet, waardoor ik niet lang kan staan.
Weinig kracht, dat is bij een sporttest onderstreept, dus kan ik geen zwaar fysiek werk aan.

(Deze twee om te voorkomen dat hij onmiddellijk zou gaan ‘adviseren’ om iets in de zorg, de horeca of in de logistiek te proberen.) Dus dat hadden we alvast gehad.

Daarna kwam mijn troefkaart op het fysieke vlak: een niet goed hersteld maculagat. Waardoor ik vooral moeite heb met het lezen van getallen. Een 1 kan een 7 zijn en een 3 een 8. Bij woorden speelt dit minder, omdat die meestal binnen de context wel duidelijk zijn. Dat vond hij wel jammer. Kennelijk vielen daardoor plotseling een heleboel mij volslagen onbekende kansen af.

We gingen er eens goed voor zitten. Wat ik het liefste wilde, vroeg hij. Nou, dat weet ik exact. Subsidie krijgen voor mijn project. En als dit niet of onvoldoende lukt: een baan voor maximaal twee dagen in de sfeer van gegevensbeheer. (Voor zover dat nog te combineren is met dat maculagat.)

Daarna volgden wat van het soort adviezen dat ik al duizend keer eerder had gehoord. Het blijft vreemd dat niemand nadenkt over het feit dat iemand die al vijf jaar zonder inkomen zit, dergelijke adviezen ongetwijfeld al duizend keer heeft gehoord. Maar goed.

Om geen misverstand te laten bestaan over waar ik nog meer tegenaan loop, schetste ik de situatie die ontstaat wanneer ik op vacaturesites naar vacatures zoek. Bij selectie op parttime werk (een keiharde eis) valt 80% af. Bij de volgende selectie op ‘stressbestendigheid, spin in het web, duizendpoot, tien ballen tegelijkertijd in de lucht houden’, etc, wat ik namelijk niet meer ben/kan), valt van de resterende 20% nog eens 95% af.

Tja. Ik zei ook nog dat ik best in staat ben om mijn beroepsmasker op te zetten en gewoon voor de volle 100% in een hectische omgeving met intensieve contacten en interactie mee te draaien. Alleen ben ik dan ’s avonds totaal gesloopt. En de hele volgende dag ook.

Terwijl, als ik rustig achter een computerscherm zelfstandig met databestanden aan de slag mag, ik ’s avonds ook wel een beetje moe ben, maar dan de volgende dag gewoon fris en fruitig verder kan.

Zelfs vertelde ik hem, dat ik vroeger regelmatig op stervensdrukke beurzen en markten heb gestaan. Dat ik meerdere malen per jaar op vakantie ging, en vaak genoeg naar drukke evenementen en concerten ben gegaan. Uit vrije wil. Dat ik dat toen allemaal mentaal aankon.

Maar nu dus wat minder. Het zal wel de leeftijd zijn, opperde ik nog hardop.

Maar hij was een andere mening toegedaan. Want dat ik graag alleen en zelfstandig werkte, en dat ik geconcentreerd met een taak aan de slag kon gaan … dat was toch wel een dingetje.

Hij hoopte dat ik het niet erg zou vinden als hij het zou zeggen, want hij had met andere mensen al eens meegemaakt dat ze dan een beetje boos op hem werden en hij was natuurlijk ook geen psycholoog of zo, maar was ik eigenlijk al eens getest op de mogelijkheid dat ik asperger heb?

Advies of helpen? € 1.000 of € 10.000

Dit is het vijfde jaar waarin ik geen inkomen of uitkering heb. Na aanvankelijke reacties, variërend en blijk gevend van medeleven, ongeloof, hypocrisie, egoïsme, verwijten tot totale verbijstering, is duidelijk geworden wat voor mij het grootste probleem is.

Namelijk: het feit dat vrijwel niemand vraagt: ‘Hoe kan ik je concreet helpen?’

Iedereen is veel te druk met:

  1. ongevraagde adviezen geven,
  2. vragen stellen waar een verwijt achter schuil gaat. Een verwijt aan mij of een verwijt aan de ‘ander’.
  3. denken: ‘Hopelijk overkomt mij dit niet, want …’,
  4. denken: ‘Dit zal mij niet overkomen, want ik heb mijn zaakjes wel goed geregeld.’,
  5. achter mijn rug om tegen anderen zeggen: ‘Wat erg hè’ en dan vervolgens genieten van alle aandacht die dit oplevert,
  6. doodleuk in het vijfde jaar zonder inkomen nog steeds standaard vragen naar welk land ik dit jaar op vakantie ga,
  7. zichzelf (niet reageren),
  8. nog meer ongevraagde adviezen geven,
  9. ad infinitum ongevraagde adviezen blijven geven.
  10. reageren op een manier die het gesprek afleidt van de kern van het probleem. Zie 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8 en/of 9.

Dus toen de ‘krapte’ op de arbeidsmarkt ter sprake kwam in die groep waar ik het vorige week over had, heb ik het gezegd. Dit: ‘Voor het eerstvolgende ongevraagde advies dat ik nu nog moet aanhoren, wil ik € 1.000 ontvangen.’

Ik wist het wel. Geld werkt altijd. Geen hond die nog iets durfde te adviseren. Het bleef heerlijk stil op dat gebied.

Zit ik er mee als dit relaties kan verstoren? Nee. Want je leert je vrienden wel kennen als je vijf jaar lang geen inkomen of uitkering hebt. Dat is een voordeel voor wie graag wil weten waar hij of zij aan toe is.

Wat mij bij alle reacties verbaast, is dat zo weinig mensen reflecteren op de situatie. Ga maar na. Als iemand al vijf jaar zonder inkomen of uitkering zit, en al vijf jaar onder het absolute minimum van het bijstandsniveau leeft, (alsof je dat voor je lol doet), zou dit dan heel misschien kunnen betekenen, dat er een serieuze reden is waarom die persoon niet werkt?

Nou?

Reacties in de opsomming hierboven staan voor mij gelijk aan onbegrip, onkunde, onmacht en gebrek aan oprechte interesse. Ongevraagde adviesgevers stellen nooit de enige juiste vraag die ze wel zouden moeten stellen.

En dan nog dit. Ik maak serieus werk van mijn onderzoeksproject. Als jij mij concreet wilt helpen, mag je geld naar mij overmaken, zodat ik in de komende twee jaar mijn project goed kan uitvoeren en voltooien. Zullen we zeggen € 10.000? En absolutely no strings attached, behalve mijn project. Tenslotte zijn er genoeg mensen die dit bedrag makkelijk kunnen missen. Dan kan ik ook weer rustig ademhalen.

De enige reacties die nu welkom zijn, zijn van degenen die mijn project financieel willen steunen.

De Einzelgänger

Voor het eerst in 2,5 jaar tijd zijn we als groep weer bijeen. Eén van ons is sinds de vorige bijeenkomst weggevallen. De op-één-na-oudste. De oudste ging haar al voor. We zijn allemaal nauwelijks veranderd. Maar van één weten we allemaal dat dit weleens de laatste keer kan zijn.

De avond ervoor bedacht ik dat ik het nu moest vragen, als ik het nog weten wou. Want hij is een enigma. Al zestien jaar lang. Altijd heel rustig, altijd heel stil. Soms ineens een grapje makend, evenals prachtige fotografie. Aardige vent, leuke vent ook. Maar ik ken hem niet.

Dus vroeg ik het, toen er een pauze in de gesprekken rondom de tafel viel. ‘Jullie zullen het wel een rare vraag vinden, maar ik wil hem toch stellen.’ Ik keek hem aan, hem alleen, en vroeg: ‘Wie is T. nou?’

Zijn vrouw zat naast hem en draaide zich een kwartslag naar hem toe. Rustig achteroverleunend en wachtend op wat volgen zou. De rest van de groep keek al even nieuwsgierig toe.

Nadat hij de tijd had genomen om zijn woorden goed te ordenen, kwamen ze er één voor één uit. Alle kenmerken die inderdaad zo kenmerkend voor hem zijn. Vooral nu hij het zelf zei.

Ik vond het eerste kenmerk dat hij noemde het mooist. Gewoon, omdat hij het over zichzelf durfde te zeggen, zonder dat er een negatieve connotatie bij kwam. ‘Einzelgänger.’

Zou ik dat voortaan ook over mijzelf mogen zeggen, of is dit nog altijd sociaal-maatschappelijk onacceptabel voor een vrouw?