Oranje papaver of klaproos

In mijn tuin zal je weinig planten aantreffen met oranje bloemen. Het is gewoon niet zo mijn kleur. Planten die komen aanwaaien en heel eigenwijs toch oranje kleuren, lopen een risico bij mij. Als ze te veel met de andere bloemen vloeken, ruk ik ze met wortel en al uit. Dat zal ze leren.

Om papavers of klaprozen heb ik nooit gevraagd, en toch duiken ze overal op. De bloemen van deze soort zijn in het zonlicht echt knaloranje. Nou vooruit, deze mag blijven.

Een goede reden voor chagrijn

Soms moet je echt zoeken naar een legitieme reden om chagrijnig te mogen zijn. Bijvoorbeeld:

  • Omdat je door het vele thuiszitten weer wat dikker wordt. (Maar miljoenen dagloners hebben door de lockdown helemaal geen eten. Dus waar heb je het over?)
  • Omdat de dakdekker vergeten is om iets uit te voeren. (Maar inmiddels heb je een nieuwe afspraak geregeld.)
  • Of omdat je onder de rode kriebel bulten zit, zoals ik momenteel. (Maar sinds kort weet ik dat de klimop hiervan de oorzaak moet zijn. Dus kan ik een allergische reactie in de toekomst vermijden.)

Zo zijn er genoeg zaken waar ik best moe van word. Alleen is er ook steeds een verzachtende omstandigheid waardoor er toch mee valt te leven. Misschien is de belangrijkste reden voor mijn chagrijn, dat ik geen goede reden heb om chagrijnig te zijn.

(De vermoedelijk schuldige klimop; veroorzaker van fytofotodermatitis.)

Het kleurenspectrum op mijn deurpost

‘Het kleurenspectrum,’ meldt Wikipedia, ‘bestaat uit de kleuren van de regenboog met de kleurenvolgorde rood-oranje-geel-groen-blauw-indigo-violet.’

Meestal blijft het voor ons menselijk oog onzichtbaar. Maar soms komt het hele spectrum spontaan tevoorschijn. Zoals hier, dankzij de werking van lichtstralen door het glas in mijn raam.

Dit schouwspel duurt maar even. Het is een cadeautje van de zon in tijden van een bijna-lockdown.

(Klik desgewenst op een foto voor een vergroting.)

Vitesse-vlaggen op de Nelson Mandelabrug

Tot mijn vroegste herinneringen aan Arnhem behoort een autorit met mijn zus langs het station, over de Nelson Mandelabrug, naar U2 in het GelreDome. We arriveerden ruimschoots op tijd voor het concert. Daarom liepen we over de brug terug en zaten we een uurtje op een terras bij het water aan de Rijnkade. Dat stukje Arnhem doet mij altijd denken aan Frankrijk. Misschien door de ongedwongen sfeer, de kade en de kasseitjes. De fly-overs dragen ook bij aan dat buitenlandgevoel.

Het heeft wel iets stoers, die fly-overs, zo vlak bij het centrum. Ze bezorgen mij een grote-stadgevoel dat ik niet van andere Nederlandse steden ken. Behalve Rotterdam, natuurlijk. Die stad blijft de uitzondering.

Als automobilist ben je op een fly-over vooral bezig met netjes op de rijbaan blijven tussen de brugleuningen in. Zelf rij ik er alleen als buspassagier overheen. Dan biedt de brug een mooi uitzicht over de stad en de rivier. Maar vaker kijk ik als voetganger vanaf straatniveau tegen het bouwwerk aan. Daar geldt de menselijke maatstaf en die blaast de proporties van al dat beton flink op. Lopend aan de linkerkant over het Nieuwe Plein zie je goed hoe imposant de kronkels van de rijbanen zijn.

Deze locatie heeft iets onwerkelijks. Hier is sprake van meer dan een gewone tegenstelling. Dit betreft een regelrechte clash, een botsing. Want aan de ene kant staan statige oude huizen langs wat ooit een boulevard moet zijn geweest. En aan de andere kant is er het geweld van grove bouwmaterialen en het voortrazende verkeer.

Afgelopen woensdag kwam ik er weer. Donkergrijze regenwolken naderden vanuit het zuidwesten, terwijl de zon de wapperende Vitesse-vlaggen fel bescheen. Ik heb er in de schaduw van een boom recht tegen het licht in foto’s genomen.

Beukenblaadjes in de herfstzon

kruin van beuk in herfstkleuren

Jullie mogen nu best denken: ‘Heb je haar weer met die beuken.’ Daar schrijf ik inderdaad vaker over, want deze bomen bekoren mij. In de lente, zomer, herfst en winter. Als de zon schijnt, als het regent, wanneer het stormt of als het vriest. Ik vind hun blaadjes, stam en wortels mooi. Deze bomen zijn er in allerlei varianten, zoals gewone en rode. Vooral die rode beuken zijn buitengewoon.

Beuken hebben stijl en ze kunnen stemmingen vertonen. Kijk maar eens goed naar deze twee foto’s. Naar boven toe ziet de kruin van deze beuk er uit als feestelijke confetti. Van dichtbij gezien laat hij zich subtiel versieren. Volgens mij staat hij hier ingetogen te genieten van de warme herfstzon. En gelijk heeft hij.

blad van beuk in herfstkleur