Succes verplicht

Werkzoekenden en zzp’ers moeten zichzelf succesvol in de markt zetten. Maar zaken doen gaat niet iedereen goed af. Bovendien ben je met een eenmanszaak privé aansprakelijk. In Nederland kampen 130.000 zelfstandigen met zeer grote schulden. Daarnaast hebben veel zzp’ers te weinig opdrachten. Wat doe je dan: opgeven, strategie aanpassen, of doorgaan?

In 2Doc: Schone schijn was gisteren zo’n ondernemer te zien. Als een echte zakenman rijdt hij goed gekapt en strak in het pak in een zwarte BMW. Alleen zitten er gaten in zijn sokken en die wagen is van een vriend. Zijn vrouw doet de was met de hand; de machine is kapot. En er liggen stapels brieven van schuldeisers. Noodgedwongen haalt hij € 15 uit de spaarpot van zijn dochtertje voor zakelijke onkosten. Hoe diep moet je zinken?

Toch is deze man een ondernemer in hart en nieren. Tijdens de crisis raakte is hij in moeilijkheden, maar hij is gewend om grof geld te verdienen. Met twee startups tegelijk probeert hij weer omhoog te klimmen. Zakelijke netwerkborrel hier, gelikte presentatie daar. Afspraken met potentiële investeerders uit Nederland en Canada. Mannen van de wereld zijn het, met dure horloges en maatpakken. Het mag niet baten. Maar wanneer geef je op?

De afgelopen jaren heb ik heel wat mensen in vergelijkbare situaties ontmoet. Zoals de man in de documentaire houden ze de schone schijn op. Ze moeten wel, willen ze kans maken op een opdracht. Want wie doet er zaken met een ondernemer waarvan de zaken niet goed gaan? Uitstraling is alles. Een tegenslag kan iedereen overkomen. Maar wat als het aanhoudt en jaren gaat duren? Dan beland je in een neerwaartse spiraal.

Sinds ik zelf een tijdlang zelfstandig ondernemer ben geweest, heb ik extra respect voor mensen die zakelijk risico’s durven nemen. Want er komt veel kijken bij ondernemen. Ik heb ook de types ontmoet die er niet voor in de wieg zijn gelegd. Ze hebben wel een goed product, maar kunnen het niet aan de man brengen. Of ze hebben wel een goed verhaal, maar een product waar niemand voor wil betalen. Dat moet je zien.

Acceptatie van falen is een groot probleem. Als ondernemer ben je iemand. Je telt mee en hoort erbij. Als het lekker loopt, kan je je wentelen in luxe en voor deals de hele wereld over vliegen. Mooi hoor. Maar je moet het wel waarmaken.

Helaas geeft lang niet iedereen goede raad als het even minder gaat. Sowieso is het gênant om erover te praten. Je kan ook een innerlijke drijfveer hebben. Never give up! is er zo één. ‘Als je er echt in gelooft, dan lukt het wel’, is er nog één. Daarmee kan je jezelf jarenlang voor de gek houden.

Bovendien lopen mannen meer risico om diep in de schulden te raken dan vrouwen. Gewoon, omdat ze meer lef hebben en het sneller groot aanpakken. Terwijl vrouwen voorzichtiger handelen en iets minder statusgevoelig zijn. Wellicht hebben vrouwen ook meer zelfkennis. Het kan enorm veel geld en ellende schelen wanneer je tijdig onder ogen komt dat je beter kan stoppen.

Persoonlijk vind ik mannen die door schade en schande zelfkennis hebben verkregen vaak een stuk interessanter dan succesvolle zakenmannen. Maar dit terzijde.

(Photo by rawpixel on Unsplash.)

Riskeer en word weerbaar

Onlangs sprak ik iemand die het liefste samen met anderen uitstapjes maakt. Zich aansluiten bij een groep is echter niet genoeg. Er moet een vertrouwde naaste mee, anders voelt die persoon zich toch kwetsbaar en alleen. Leeftijd maakt weinig uit; dit is altijd zo geweest.

Het staat haaks op hoe ik zelf in het leven sta. Veel mooie ervaringen heb ik meegemaakt juist omdat ik alleen was. En wat ik heb bereikt, heb ik ook zelfstandig gedaan. Natuurlijk kan je wat hulp of geluk gebruiken. Maar in je eentje uitdagingen aangaan hoort bij volwassen worden. Hoe kan je anders op eigen benen staan?

Uitdagingen krijgen we allemaal. Examen doen, verhuizen en naar een andere school gaan, nieuwe vriendschappen sluiten en presentaties geven. In dergelijke situaties moet je het helemaal zelf doen. (Al gaan sommige ouders met hun kind mee naar een sollicitatiegesprek.)

Ouders kunnen veel doen om hun kind een stevige basis en zelfvertrouwen te geven. Gebeurt dat niet, dan heeft zo’n kind een veel langere weg te gaan. Maar eenieder die de wijde wereld in trekt, krijgt kansen om bij te leren. Daarvoor moet je wel uit je schulp kruipen en het op zijn minst probéren.

Dan nog zal het zelden van een leien dakje gaan. Voor onzekere of sociaal onhandige mensen is de wereld behoorlijk intimiderend. Misschien roep je een negatieve reactie op door je eigen gedrag. Ook kan er een aanleiding zijn van buitenaf. Gewoon, omdat de ander zijn dag niet heeft of omdat hij een aso is. Onderscheid is belangrijk. In alle gevallen kan je van aanvaringen leren. Desnoods met hulp van een coach die helder maakt wat er speelt en handvatten geeft.

Ik heb het meeste geleerd van mensen die buiten mijn vertrouwde kringetje staan. Dat was soms zeer confronterend. Het ging – en zal altijd blijven gaan – met vallen en opstaan.

Gezichtscorrectie voor selfies

Sinds kort verschijnt er een knopje op mijn smartphone als ik de camerafunctie gebruik. ‘Gezichtscorrectie’ heet het. Ik heb geen idee hoe het er op komt. Evenmin weet hoe ik het er af krijg. Het biedt drie mogelijkheden: 1. ‘Huidskleur’, 2. ‘Slank gez.’, en 3 ‘Grote ogen’. Voor elke optie is er een schaal van 0 tot 8.

Ik moet zeggen dat mijn gezicht er niet best op komt. Daar spelen die opties geen rol bij. Voor mooie selfies moet je gewoon een selfiestick hebben. Toch vraag ik me af hoe het met dat knopje zit. Is het meegekomen met de laatste software update? Of is mijn gezicht soms gescand en geregistreerd?  Zo ja, dan heeft Samsung wel wat uit te leggen. Want vinden ze dan dat er iets mís is met mijn gezicht? Nou?

Het kan best dat deze mogelijkheid voorziet in een behoefte. Misschien hebben veel klanten om digitale plastische chirurgie gevraagd. Wellicht kwamen voor deze drie opties de meeste verzoeken binnen. Maar van wie precies? Waren het mannen of vrouwen? Als er mannen bij zaten, waarom is er dan geen optie voor een strakke kaaklijn? Dat zou toch een logisch verzoek zijn. En voor de vrouwen mis ik de nose job. Wanneer een meisje 18 wordt, hoort dat er in bepaalde kringen bij.

Trouwens, welke rol spelen de verschillende cultureel bepaalde schoonheidsidealen? Vinden Aziaten een slank gezicht belangrijk? Of zien Chinezen liever een vollemaansgezicht? Oh wacht, nu wordt het mij duidelijk. Dat ‘Slank gez.’ zit alleen op toestellen die voor de Europese markt zijn bestemd. En voor het Midden-Oosten is de optie ‘Grote ogen’ vervangen door ‘Nose job’. Helder.

Maar wie zegt er dat ik een slank gezicht wil? Moet ik daar naar verlangen; is dat wat er van mij wordt verwacht? Hoe breed hoort een vrouwengezicht dan precies te zijn? Anders kan ik nog niks met de schaalverdeling. Jammer dat ze tegenwoordig geen handleiding meer bijleveren. Dan had ik de voorgeschreven maten en vereisten zelf kunnen nakijken.

Hou grip op je geld

Volgens het Nibud worstelt 40% van alle Nederlanders met de financiële administratie. Dat is zorgwekkend, maar het verbaast mij niet. Want papieren rekeningen komen zelden nog per post. Tegelijk gebruiken we onze bankpas bijna achteloos. En via apps zitten we zo vast aan een abonnement. Met de overgang van tastbaar geld naar bankpas naar smartphone verdwijnen de financiële consequenties van ons handelen steeds verder uit beeld. Jong en oud ontbeert overzicht en gaat de mist in. Daarom maak ik dat overzicht zelf.

Geniepig zijn vooral de nieuwe ‘onzichtbare’ rekeningen die je kan verwachten van abonnementen en bijna vergeten aankopen. (Ticket Master – € 250.00. ‘Oh, da’s waar ook, we hebben vorige week ff snel op internet vier kaartjes gekocht voor dat concert in oktober.’) Creditcards zijn van oudsher de grootste instinkers. Na gebruik kan je het bedrag binnen een maand kosteloos terugbetalen. Alleen ontvang je geen herinnering. Dus voordat je het beseft, tikken de rente en kosten al aan.

Daarom maak ik aantekeningen van aankopen. Al sinds 1981 hou ik in schriftjes een privéboekhouding bij. Wekelijks check ik bankafschrijvingen en reken ik het bedrag aan contante uitgaven uit. Hierdoor heb ik steeds overzicht, maar vooral ook inzicht in mijn bestedingen. Dat helpt bij een planning.

Wil je grip op je geld houden, dan kan je het beste van je inkomsten en uitgaven een financieel overzicht maken. Dat is heel simpel. Kijk naar wat je per maand aan inkomsten kan verwachten. Zet al je vaste lasten op een rij en bereken wat je maandelijks voor eten, kleding, uitstapjes, etc. nodig hebt. Trek het een van het ander af en zie wat je overhoudt. (Het Nibud heeft hier programma’s voor.)

Waar het om gaat, is dat je aan het begin van de maand geen overschot op een betaalrekening laat staan. Want dat geef je gelijk uit. Is er genoeg, hevel dan een deel over naar een spaarrekening of een beleggingsfonds. Het fijne is dat je dan altijd reserves hebt voor grotere aankopen. Voor geld op een spaarrekening wil je een goede bestemming bedenken. Zoals een nieuwe auto, koelkast of een vakantie.

Hou je daarentegen zelden wat over? Tja, dat wordt dan schrappen of schrapen. Een nieuwe inkomstenbron aanboren kan wellicht ook. Alles beter dan die creditcard, in elk geval.

Sommige hulpverleners zijn gewoon asociaal

De Volkskrant volgt het leven van een Syrische asielzoeker. De man is duiker van beroep en inmiddels als vluchteling erkend. Hij heeft zijn gezin naar Nederland gehaald, zit op taalles en zoekt werk. Met de taal en het werk schiet het niet op. Vorig jaar kon hij wel als fruitplukker aan de slag. ‘Maar’, zei een hulpverlener, ‘dan verdien je nauwelijks meer dan wat je nu aan bijstand ontvangt.’ Hij raadde hem het werk af. Vandaag las ik in dezelfde krant dat slechts 10.5% van de Syrische statushouders hier na dertig maanden werk heeft.

Het lijkt me nogal een overgang voor Syriërs en andere asielzoekers. In veel landen van herkomst bestaat nul komma nul bijstand. Krijg je wel hulp, bijvoorbeeld van de moskee, een zakenman of een gefortuneerd familielid, dan kan je er vergif op innemen dat er een tegenprestatie wordt verwacht. In welke vorm dan ook. En is het niet meteen, dan komt dat gegarandeerd later. Kan je zelf niet presteren, dan moet je zoon dat waarschijnlijk doen. Kwestie van reciprociteit. Voor niks gaat de zon op. Trauma of geen trauma. Dat is overal zo.

En dan beland je in Nederland, waar je een verblijfsstatus krijgt. Plus een woning, geld, huisraad, kleding, scholing voor je kinderen, gezondheidszorg, en de rest. Je was in Syrië al wel een zekere welvaart gewend. Anders had je voor die hele reis onvoldoende geld gehad. Dan was je lot nu aanzienlijk erbarmelijker geweest. Dan werd je nu in een Turkse fabriek uitgebuit. Of zat je nu in een Libanees tentenkamp.

Wellicht bezit je zelfs nog een huis, dat niet is gebombardeerd. Naar verhouding gaat het je eigenlijk best goed dus. En je hebt een waardevol diploma op zak. Ook al kom je daarmee in dit land niet aan de bak. Dus als die hulpverlener zegt dat je dat fruit niet hoeft te plukken, dan ga je je toch zeker niet in het zweet werken? Dat doen de gastarbeiders en de ongeschoolden maar. In het Midden-Oosten werkt het tenslotte net zo.

Ik ken geen recent erkende vluchtelingen. Maar als ze zo denken, dan begrijp ik dat best. Wat ik minder begrijp, is waardoor zo’n hulpverlener meent dat hij namens de hele Nederlandse bevolking wetgever mag spelen. Al vindt hij dit vast heel sosijalisties van zichzelf.

Voordelen van de zeven hoofdzonden – 5 Hoogmoed

Men zegt dat hoogmoed of ijdelheid (Superbia) de ergste is van alle hoofdzonden. Ben je hoogmoedig, dan vind je jezelf belangrijker en beter dan de rest. Narcisten hebben hier flink last van; die zijn verliefd op zichzelf. En narcisten zijn hele nare mensen. Ik heb ooit voor zo iemand gewerkt. Wat kan dan een voordeel zijn van deze hoofdzonde? Want daar zoek ik naar in deze serie.

Vermoedelijk krijgen hoogmoedige mensen te weinig tegenslag. Alles gaat goed. Ze komen uit een welvarende familie of ze zien er aantrekkelijk uit (vinden ze zelf). Ze kunnen makkelijk studeren en zijn nooit erg ziek. Verder zijn ze gewend om te winnen. Wellicht werken ze hard om te slagen, maar dat lukt hen ook altijd. En zo niet, dan ligt dat aan een ander. Want zij begaan nooit een fout.

Hoogmoedige mensen kunnen zich niet voorstellen hoe het is om te leven met vette pech. Bijvoorbeeld omdat je echt niet kan leren. Of omdat je voortdurend last hebt van een slechte gezondheid. Volgens hoogmoedige mensen doe je dan niet genoeg je best. En verder zal je je wel aanstellen.

Soms gaan hoogmoedige mensen pas op de knieën wanneer ze zelf worden geconfronteerd met pech. Krijgen zij een handicap, dan leren ze eindelijk hoe belemmerend dat is. Met wat geluk krijgen ze dan meer begrip voor ‘zwakkeren’. Ik heb herhaaldelijk zulke mensen ontmoet nadat ze hun baan hadden verloren, en als 50-plusser ontdekten dat geen hond hen nog nodig had.

Volgens onderzoek heeft hoogmoed trouwens een vergelijkbaar effect als de fake it till you make it-aanpak. ‘Door onszelf te overbluffen, bluffen we anderen af.’, staat in het artikel ‘Hou jezelf voor de gek’ in de Groene Amsterdammer. Zo kan hoogmoed dus leiden tot succes. Maar of dat nu werkelijk zo’n voordeel is?