Raam Open blijft open

Geen blogger wil er aan denken dat zijn of haar blog zomaar in het luchtledige verdwijnt. Vandaag ontving ik een cryptisch bericht van Anne, medewerkster van WordPress. Ze schrijft dat de verlenging van mijn personal abonnement en domein raamopen.blog niet is geslaagd. Dat is vreemd.

// Hier schrap ik de oorspronkelijk gepubliceerde tekst, omdat het vraagstuk al is opgelost. //

Overigens, bij een check of Raam Open nog vindbaar is, vond ik onderstaande vermelding met link op de site van het Rob Scholte Museum. Da’s toch eervol. 😉 Jammer dat dit museum eveneens worstelt met een dreigende sluiting.

 

Als WordPress blogger reageren op een Blogspot blog

In bloggersland bestaan twee kampen. Te weten: zij die met Blogspot van Google werken, en zij die voor WordPress hebben gekozen. Raam Open hoort bij WordPress. De reden is puur esthetisch. Blogs van WordPress zijn doorgaans mooier (vind ik). Maar echt doorslaggevend is het logo van Blogspot. Dat is oranje en dat is mijn kleur niet. Volgens mij hebben ze dit in de gaten, daar bij Google (Blogspot). Want sjonge jonge, wat maken ze het reageren voor mij als WordPresser moeilijk.

Ik heb zo’n donkerbruin vermoeden dat Blogspot Google acuut in de contramine gaat, zodra ik mij als WordPresser aanmeld. En dat moet, hè, als je herkenbaar wil reageren. Een eenvoudige like plaatsen, kan evenmin. Google wil mijn Gravatar (met glas-in-loodramen) niet bij Blogspot zien. En omdat ik geen Google account gebruik, gaat Google extra dwarsliggen.

Het is hoogst irritant. Er zitten namelijk goede bloggers tussen, daar bij Blogspot. Bij hen wil ik soms complimentjes achterlaten. Maar telkens moet ik door een eindeloze aanmeldprocedure heen. Eerst naam invullen: Karin van Raam Open. Dat is geen probleem. Vervolgens een e-mailadres en de url van Raam Open intypen. Nou, dát is foute boel. Dan gaan er bij Google direct alarmbellen rinkelen. Want die url is er één van WordPress. De concurrent ja.

Dus zet Google zijn geheime wapen in: verificatie! Alsof ik een robot ben. Maar goed, wat doe je in zo’n situatie? Je vinkt aan dat je geen robot bent. Daarna denk je toch dat je klaar bent. Nou, forget it. Want vanaf dat moment gaat Google helemaal vol in de aanval.

Eerst krijg je zo’n rasterschermpje te zien met een foto van een autoweg. Daarop moet je alle vakjes met verkeersborden aanklikken. Daarna verschijnt er een andere foto van een andere weg. Daarop moet je alle vrachtauto’s aanklikken. Dan verschijnt er weer een foto, nu van een groot huis. Daarop moet je alle schoorstenen aanklikken. Daarna verschijnt er nóg een foto van weer een ander huis. Daarop moet je alle ramen aanklikken. Dan verschijnt er ….

Bent u daar nog?

Denk maar niet dat ik ooit in mijn leven overstap op Blogspot. Zelfs niet als het logo groen wordt. WordPress is tenminste gebruiksvriendelijk, ook voor bloggers van de concurrent. Geen wonder dat WordPress zulke mooie groeicijfers kent.

Gratis WordPress blog voor wie dat nodig heeft

Al 4 ½ jaar gebruik ik nu WordPress. Tot gisteren had ik er nog nooit voor betaald. Gek is dat, hoe we gratis sociale media als vanzelfsprekend beschouwen. WordPress draait op (grote) betalende klanten, waaronder Sony, CNN, Beyonce en Diergaarde Blijdorp. En op advertenties, die steeds prominenter op dit blog verschenen. Gisteren telde ik er wel drie. Het werd hoog tijd voor een professionele aanpak.

Volgens Mack is overstappen naar een betaald abonnement eenvoudig. Je kan een passend domein kiezen. WordPress zet alles automatisch over, terwijl je site nog blijft werken ook. En je bezoekers zien geen advertenties meer.

Bovendien bezocht ik onlangs een meetup van WordPress in een soort krakershol: low-budget, anarchistisch en sympathiek. De organisator zei dat WordPress een open source community project is, waaraan veel getalenteerde mensen vrijwillig bijdragen. De gratis blogs zijn bedoeld voor mensen die niets kunnen betalen, vertelde hij verder. Tja. Moet je tegen Hollanders zeggen.

Maar ik kan en wil die € 48 per jaar voor een abonnement best neertellen. Dus heb ik dat gedaan. Je leest dit nu op https://raamopen.blog/, een extra korte domeinnaam. Tenslotte ben ik erg blij met alle mogelijkheden van WordPress. Daarom maak ik zelf wel reclame. Jongens, zet dat gratis blog van jullie toch over op een betaald domein! Het is in vijf minuten klaar. Betalen kan met Ideal of credit card. Dan horen jullie voortaan ook bij de community.

Stelletje armoedzaaiers.

(Hopelijk werkt nu alles inderdaad nog.)

Google vertaling op je blog

Even kort voor de liefhebbers tussendoor. Hebben jullie Google translate voor je blog al ontdekt? Die optie staat bij de widgets in WordPress. Ik heb de vertaalmogelijkheid in de rechterkolom van Raam Open gezet.

Wat grappig om mijn eigen woorden met een enkele klik in een andere taal terug te zien. In het Afrikaans wordt het helemaal leuk. (Nu maar wel hopen dat het klopt.)

Veel leesplezier!

SSL-certificaat op mijn WP-website

Was het hoogmoed, was het optimisme, of was het zelfoverschatting? Ik dacht na drie jaar bloggen op drie WordPress websites dat ik toch wel wat wist. Maar dat was even buiten mijn nieuwe bedrijfswebsite gerekend. Die wordt namelijk door een andere partij dan WP gehost. Het leek zo handig. Ze doen het voorkomen alsof je met één enkele klik de hosting regelt én de software van WP koopt. Nou, dat heb ik zeker gedroomd. Laat ik eens vertellen wat ik sindsdien zoal meemaak.

De eerste verrassing komt direct nadat ik met die ene klik de software upload. Want ik krijg wel een keurig WP-admin menu. Maar daar ontbreekt het één en ander aan. De statistieken, bijvoorbeeld, en het anti-spam programma. Toch niet onbelangrijk. En dan begint een intensief contact met het hostingbedrijf.

Echt, ze zijn beslist vlot en vriendelijk bij de helpdesk. En ze willen best moeite doen om uitleg te geven. Op fora lees ik overwegend positieve reacties over hen. Kortom: de helpdesk is prima. Alleen. Alleen wil ik helemaal geen helpdesk nodig hebben. Websites van hostingbedrijven moeten gewoon over elk product én voor elke stap in een bestelproces glashelder zijn! Zo. Want ik wil niet met HTTP, HTTPS, HTML, CSS, SSL en andere ellende bezig zijn.

Kennelijk is het echter normaal dat je basiszaken zelf moet regelen. Ook al heb je software van WordPress. Zoals die statistieken, anti-spam, een back-up en middeltjes voor een goede ranking. Dat gaat met plugins allemaal nog wel.

Maar ik vind het niet normaal dat ik nu zelf voor websitebeveiliging moet zorgen. Nota bene omdat de verbinding van het hostingbedrijf naar het inlogscherm van mijn WP-site onbeveiligd is. Want daardoor is mijn website eveneens zo lek als een mandje. Fraai is dat. Ik heb voor klanten een contactformulier waarop ze hun e-mailadres moeten invullen. Zullen ze leuk vinden op een onbeveiligde website.

Goed, schrijft de helpdeskmedewerker van het hostingbedrijf dan vrolijk, (schrijft, want ze hebben geen telefoonnummer), dan kan je een SSL-certificaat kopen om je website te beveiligen. Aardige suggestie. ’t Kost natuurlijk wel wat. Maar tussen alle abracadabra in een toelichting, die ik zelf moet opzoeken, ontcijfer ik dat Google dol is op SSL-gecertificeerde websites. Als waardering stijgt je website dan in de ranking. Dat doet het hem. Mijn website moet ook aan zo’n certificaat.

Bij internet denk je dat alles 24/7 doorgaat. Nou, mooi niet. Want op zaterdagmiddag wil ik even snel dat SSL-certificaat regelen. (Grapje. Nee echt.) Aan de toekenning van zo’n interessante HTTPS-url met groen slotje ervoor gaat echter een megacontrole vooraf. En dat is, jawel: mensenwerk. Ik wist niet eens dat zoiets nog in de ICT-wereld voor kwam.

Om een lang verhaal kort te houden: ik ben van zaterdagmiddag, met een onderbreking vanwege de heilige rust op zondag, tot maandagmiddag zoet geweest met dat zo felbegeerde SSL-certificaat. Werkelijk, voor elke stap voeren mensen wereldwijd controles uit. Je wordt zelfs gebeld. Niet door een computer, maar door een echte persoon. Zouden ze denken dat ik aan een website van het formaat Bol.com werk of zo?

Uiteindelijk was het dan zover. Voor de url van mijn mooie website prijkte eindelijk zo’n prachtig groen slotje. Voor de url stond zelfs de naam van mijn website in groen. Ik blij.

Tot vanmorgen, want toen zag ik weer een rode streep door het zwarte slot-icoon. NEE!

Dus opnieuw de helpdesk gemaild. De andere medewerkers wensten mij in hun slotzin steeds een fijne dag. Dat deed de volgende niet. En nu ga ik iets lulligs schrijven, maar zijn tekst verbeeldt in mijn ogen het ultieme ICT-ers communicatieprobleem cliché:

‘Let op dat je álle onderdelen van de website via HTTPS inlaadt! […] Let er dus op als je afbeeldingen en dergelijke toevoegt dat deze óf relatief worden aangeroepen door de website ( /wp-content/uploads/…/cropped-IMG_….jpg ) of via HTTPS als je deze absoluut aanroept ( https:// [naam van mijn website].nl/wp-content/uploads/…/cropped-IMG_….jpg ).’

Zo, hallo, bent u daar nog? Ik moest hiervan wel even slikken, hoor. Want ik laad foto’s gewoon in via de Mediabibliotheek in mijn WP-admin menuutje. Daar komt geen code aan te pas. Gelukkig ben ik toch redelijk briljant, al zeg ik het zelf. Want ineens herinnerde ik mij dat ik een foto met een HTTP-url in een footer had geplakt. Nadat ik die had verwijderd, sprong het slotje weer op groen! Joepie.

Toch? Helaas, dat hadden jullie gedacht. Want mijn hele website staat vol pagina’s en foto’s met HTTP-urls. En dus sprong het slotje linksboven het WP-admin scherm snel weer op zwart. Met een oranje driehoekbordje en uitroepteken erbij. Plus als toelichting: ‘De verbinding is niet beveiligd. Uw verbinding is niet privé en uw gegevens die u met de website deelt zouden door anderen kunnen worden bekeken.’

Zucht. Daarop heb ik wederom naar de helpdesk geschreven. En toen kreeg ik dit als antwoord: ‘Hier kunnen wij eigenlijk geen ondersteuning op bieden omdat dit een instelling in WordPress zelf is, maar je kunt wel een kijkje nemen op deze pagina:
https://codex.wordpress.org/Changing_The_Site_URL
Hierin staat beschreven hoe je de standaard URL van WordPress kunt aanpassen. Wellicht dat deze nog niet goed staat in de algemene opties.’

Ik heb een kijkje genomen op die pagina, maar ik durf het zelf niet aan. Misschien moet er nu een echte expert bij komen.

PS: Het is later toch gelukt! Met speciale dank aan Jan Reilink die op dit forum zeer helder advies geeft: https://nl.wordpress.org/support/topic/http-https/
Kwestie van Really Simple SSL plugin installeren, alle foto’s (die ik toch al wilde hernoemen) per pagina vervangen en klaar. Ach, soms ben ik toch zo goed. Ahum. 😉

Stoeien met thema’s en plugins van WordPress

Je zou toch zeggen dat het heel makkelijk is: ff een website maken met WordPress. Dat is het ook wel, normaal gesproken. Alleen wil ik natuurlijk weer net wat anders dan het standaard format. En omdat het voor mijn bedrijf is, moet het goed zijn ook. Jullie denken vast dat ik in het stenen tijdperk der websites ben blijven hangen. Tenminste, als je kijkt naar het thema van Raam Open. Twenty Ten heet het. Oftewel, de vormgeving van dit blog is van zeven jaar geleden. Uit de prehistorie dus. Maar op mijn andere sites ben ik al verder, hoor.

We hebben een poos de lichte, cleane websites gehad. Schermbreed en handig voor op een mobiele telefoon. Maar die zijn inmiddels ook behoorlijk passé. Wat je nu moet hebben is zo’n thema met schermbrede foto’s en waarmee je eindeloos naar beneden kan scrollen. Daarmee lijkt het net alsof er steeds een ander blad tevoorschijn komt. Ze hebben vaak drie of vier kolommen en mooie ronde knoppen van tekst op plaatjes.

Dus als je, zoals ik, net wil doen alsof je helemaal bij bent, dan kies je zo’n thema voor je nieuwe site. Maar ja, dat kan ik niet meer. Want toen mijn nieuwste website nog als een tabula rasa op het scherm stond, viel ik als een blok voor het Graphy-thema. Het is zo’n stijlvolle variant, met een bijna schreefloos lettertype dat doet denken aan oude reisverhalen. Ik had er natuurlijk ook niet gelijk een foto van een Italiaanse villa aan de Amalfikust op moeten zetten. Want dat is een dierbaar vakantie-aandenken. Nu kan ik helemaal niet meer terug.

Ik heb het wel geprobeerd hoor, met andere thema’s. Maar aan de een mankeert dit en aan de ander schort dat. Alleen al dat experimenteren duurde een halve dag. En als je wil, kan je er de rest van je leven mee vullen. Want wat WordPress allemaal te bieden heeft, is gigantisch. Er zijn minstens 4.400 verschillende thema’s.

Maar Graphy moet en zal het blijven. Alleen oogt dat thema een beetje kaal voor wie een state-of-the-art website verwacht. Daarom moet ik er wel aan geloven. Na drie jaar sober geblog met WordPress ben ik gedwongen zelf mijn ideale website te bouwen. Met plugins. Heel veel plugins.

Hebben jullie enig idee hoeveel er daarvan zijn? Echt, het is ronduit beangstigend. Duizenden en duizenden. Klik maar eens op de selectie plugins voor geavanceerde statistieken. Voordat je die allemaal hebt geprobeerd, is er zo weer een maand voorbij. En ze lijken zichzelf wel te vermenigvuldigen. Kijk je een uur later, dan staan er zomaar twee nieuwe bij.

Maar goed, het moet en het zal Graphy blijven. Dus heb ik zelfs met HTML-codes gestoeid. Ongelofelijk, want eigenlijk ben ik doodsbang voor die dingen. Ik denk altijd dat wanneer je maar één tekentje wijzigt, de halve website in elkaar stort. Dat valt mee, want WordPress is onverwoestbaar. Gisteren kreeg ik zelfs een helder moment. Of eigenlijk kwam er een herinnering boven, uit het echte stenen computertijdperk. Zo rond 1990 was het.

In elk geval wilde ik kolommen invoegen waar dat normaal niet kan. Ik een plugin uitgezocht en geïnstalleerd. En aan de slag. Eerst dacht ik dat je woorden moest typen achter de codes. Maar dat werkte niet. Toen heb ik woorden onder de codes getypt. Maar dat deed ook niks. En toen kwam het: [one_third] Proef [/one_third][one_third] Ook proef. [/one_third][one_third_last]  En nog een proef. [/one_third_last]. Op dit blog gebruik ik die plugin niet, dus zie je niets bijzonders. Maar op die andere site staat het helemaal goed.

Werkelijk, ik word een WordPress-expert!

Schoon het internet op!

Soms begin ik aan iets wat eigenlijk te groot is voor mij alleen. Dat heb je met dagdromers en onverbeterlijke idealisten. Want zou het niet mooi zijn als we allemaal de bezem halen door onze bestanden op internet? Ik bedoel, bij elke zoekopdracht staan enorme servers energie te slurpen. Overal ter wereld. En dat kost zoveel kracht omdat er zoveel bagger zit tussen al dat moois op internet.

Gisteren heb ik My Dunglish Blog gesloten. Daar had ik al 2 ½ jaar niets op gezet. Aangezien ik toch bezig was, heb ik gelijk zeven nepvolgers van Raam Open verwijderd. Wat doet een Engelstalige volger met uitsluitend plaatjes van puppies op mijn log? Of een Poolse schone waarbij ik de melding 404 krijg? Ik heb liever minder, maar wel echte volgers. Als onafhankelijke blogster schrijf ik toch niet voor reclame-inkomsten. Dus.

Ik doe aan iedereen een oproep om mijn voorbeeld te volgen. Maak een back-up van wat je nog wilt bewaren en delete daarna alle oude troep. Stuur mijn oproep aan iedereen door. Misschien gaan we dan nog viral ook.

Aan WordPress en andere aanbieders van ruimte op internet heb ik een verzoek. Stuur een waarschuwing naar eigenaren van websites waarop een jaar lang niets gebeurt. Is er een jaar later nog niets gepubliceerd, schrap dan automatisch de hele account.

Op LinkedIn staat bij mijn contacten een vroegere buurman die al twee jaar geleden stierf. Misschien heeft zijn weduwe geen wachtwoord en kan ze zijn account nooit meer sluiten. Dat vind ik erg.

feestaardvarkenDus, kom op jongens en meisjes: delete, delete, delete.

Clean up the internet. Yeah!

Oh, wat ruimt dat heerlijk op.