Plog – Winters foto allegaartje

Als ik een specifieke foto wil plaatsen, lukt het meestal wel om een bijpassende tekst te bedenken. Doorgaans is dat de best gelukte foto uit een serie of een afbeelding van iets bijzonders. Toch blijf ik elk seizoen met een allegaartje zitten dat ik nergens kwijt kan. Terwijl het presentabele foto’s zijn.

Misschien is zo’n resterend allegaartje een teken van gebrek aan inspiratie. Toch hangt inspiratie slechts gedeeltelijk van toevalligheden aan elkaar. Ik lees bijvoorbeeld weleens een uitspraak en besef dan ineens: ‘Hé, daar past die foto bij.’ Daarna kan ik meteen verbindingen leggen in een nieuw logje. Dit is de makkelijke manier. Voor een marketingcampagne brainstormen professionals net zo lang tot er ideeën ontstaan voor een pakkend verhaal met versterkend beeldmateriaal.

Die aanpak werkt ook deze keer. Want volgens de weersverwachting blijft het de komende veertien dagen zacht. Voordat we het weten, zijn we de winter alweer vergeten. Daarom plaats ik deze foto’s nog even. 😉

De zeven diehards en de zeven watjes

Vandaag werd weer eens duidelijk hoezeer het Nederlandse volk is gedegenereerd. We gingen namelijk wandelen en volgens Buienradar zou het een beetje gaan regenen. Er was inderdaad een beetje motregen, gevolgd door een beetje meer regen en een beetje minder regen, enkele bijna droge minuten en daarna weer langdurige motregen. We zouden met zijn veertienen op pad gaan. Uiteindelijk kwamen er slechts zeven wandelaars opdagen. Belachelijk toch?

Wie zijn nu de zeven diehards? Allereerst de kaartlezer en zijn vriendin. Verder is er een Friezin. Friezen zijn stijfkoppen die zich niet laten weerhouden. Nummer vier is een ouwe taaie. Da’s een vrouw op leeftijd die altijd pruttelt en achteraan loopt, maar wel volhoudt. Ook wandelen twee ex-militairen mee, een man en een vrouw. Zij zeuren nooit en blijven opgewekt in weer en wind. En vanzelfsprekend ben ik er bij.

Ik weet ook wie de zeven anderen zijn, ze staan op een lijst. De watjes. Die spelbrekers. Dat zooitje losers. Die kwezels zonder karakter. Die weekdieren zonder ruggengraat. Bah. Als ze maar niet denken dat ze ooit nog bij mij hoeven komen met verhalen over hun zogenaamde ‘wandelexpedities’. Want ik onthoud alles. Stelletje afvalligen.

Overigens hebben we genoten van koffie met taart bij de open haard van een monumentale herberg in Bronkhorst. Het was er heerlijk warm en na de wandeling smaakte alles extra lekker. Wat jammer toch dat die zeven dat nu hebben moeten missen.

Plog – Wanneer is een foto kunst?

Wat is nu eigenlijk kunst? Als ik in Italië ben, vind ik bijna alles mooi. Goudbrokaat en zijdefluweel: ze houden van hetzelfde materiaal. Dan Nederland. Hier houden mensen van Piet Hein Eek, moderne kunst en industrieel. Alleen denk ik daarbij: ‘Mwah, kweenie. Is dát nou kunst? Is dit nou mooi? ’t is zo simpel en zo rechtlijnig allemaal. En vooral zo káál.’

Vandaar die twijfel. Neem bovenstaande foto van beukenblaadjes uit de serie Sneeuwwit met goud. Is dit elegant? Of valt dit in de kitsch categorie van zo’n orchideeëntak op de vensterbank van een Chin.-Ind. Restaurant?

Dan de foto hieronder met enkele blaadjes in het ijs. Beeldt je eens in dat het een close-up is van een schilderij. Een steeltje en een puntje piepen speels boven het gladde oppervlak uit. Rembrandt zou dat steeltje met één kunstige dikke streep precies zo hebben gemaakt. En mind you, hij en ik zijn allebei van geboorte Leids. Dan moet dit wel kunst zijn, toch?

Plog – IJssculpturen op het pad

Van een afstand gezien, is dit een onooglijk bevroren plasje. Je loopt er zo aan voorbij, maar het zit vol prachtige ijssculpturen. Ik stuit er op in het bos en stop. Om foto’s te nemen van sterren en franjes, van staafjes en parels. Zomaar door de natuur gemaakt.

Hoe ontstaan deze vormen eigenlijk? Heeft de wind het water alle kanten op geblazen? Of trekt het water zich in staafjes samen? Ik zou het graag willen zien in een versneld afgespeelde film.

(Klik desgewenst op een foto voor een vergroting.)

Verwarrende verwikkelingen in december

Wat is deze december toch een rare maand. De een leeft toe naar de rust en de stilte van de winterperiode, waarin we ons terugtrekken in ons warme holletje. Het werk is gedaan, er is eten in overvloed en binnen is het warm. In de beslotenheid van onze huizen geeft kerstverlichting de knusse sfeer van saamhorigheid aan. Terwijl de ander door overwerk op zijn tandvlees loopt, plotseling terminaal ziek blijkt of een rechtszaak voorbereidt.

Deze december is een verwarrende maand. Want het gaat goed en ik heb het weer gehaald. Na een heel jaar zonder inkomen staat er nog genoeg op de bank. Ik leef soberder dan ooit, maar het ontbreekt mij aan niets. Hier is de rust en de ruimte die ik jarenlang zo heb gemist. Buiten schetst de vorst met wit uitgeslagen daken en struiken een heus wintertafereel. Het geeft een intens gevoel van tevredenheid.

En dat is vreemd, omdat de buurvrouw en ik een mogelijke rechtszaak voorbereiden. Komt de buurman niet snel tot inkeer, dan is er geen andere weg meer.

Wat kan het toch bizar lopen. Verhalen over een scheiding en een terminaal zieke man. Beiden totaal onverwacht. En dan, wat er daarna gebeurt. Hoe mensen die elkaar al decennia kennen vervolgens met elkaar omgaan.

Ondertussen bij mij. Een vriendin biedt voor de rioolperikelen spontaan geld aan. Heel lief, maar dat hoeft niet. Een andere vriendin weet steeds werk te regelen. Misschien opnieuw. Er zijn ook vriendinnen die willen afspreken. We gaan elkaar binnenkort terugzien. En dan de man die ons wil bijstaan met bewijsmateriaal. Ook al kunnen we geen garantie geven dat hij daarna wordt ingehuurd voor het riool. Je leert elkaar pas echt kennen als er problemen zijn. De buurvrouw en ik zitten samen op één lijn. Het doet goed allemaal.