Zo logisch als een kronkeling

weg met onbekende bestemming

Er zit een vast element in de verhalen van The Lord of the Rings, Harry Potter en The Life of Pi. Groot of klein, elk wezen speelt een rol die bijdraagt aan het uiteindelijke doel van de hoofdpersoon. Veel ontmoetingen en handelingen lijken bijzaak. Ook worden er enorme omzwervingen gemaakt. Maar tegen het eind wordt de ware betekenis daarvan duidelijk. Je zou denken dat wij in ons leven wel wat efficiënter bezig zijn. Dit is een illusie.

Vanmorgen heb ik na een lange omweg iets geregeld wat ik al in maart 2018  probleemloos had kunnen doen. En had ik dat toen maar gedaan. Dan had ik mezelf veel gedoe en kopzorgen bespaard. Maar achteraf is het altijd makkelijk praten. Want op het beslissingsmoment zelf maak je met de beschikbare informatie de beste keuze. Meen je.

Waren we helderziend, dan zouden we veel levenservaring en zelf geleerde wijze lessen ontberen. Ik twijfel wat beter is. En ik vraag mij af wat nu eigenlijk de bedoeling is. Tenslotte zijn wij ook weer een schakeltje in een oneindige keten.

Prietpraat in de trein

treinen bij station Arnhem Centraal

De leraren staken, dus zitten er opa’s en oma’s met kinderen in de trein. Ze gaan naar Leiden toe. Corpus, Naturalis, Volkenkunde of het Museum van Oudheden misschien. Een van de kleintjes benoemt wat hij ziet.

‘Politietrein.’ We passeren een trein met gele en blauwe lijnen.

‘Racetrein.’ Een intercitytrein rijdt met hoge snelheid voorbij.

‘Ik kan niet goed hard lopen, want als ik hard loop, word ik moe.’

Veranderende kijk op jezelf

Weet je al wie je bent?

Bij een loopbaan heroriëntatie staan drie vragen centraal. Namelijk: Wie ben ik? Wat kan ik? Wat wil ik? Wellicht weet je het antwoord op de vraag over identiteit. Je kent jezelf. Toch valt dat tegen, want wie je bent, wordt mede bepaald door hoe anderen jou zien. En vaak leer je jezelf pas goed kennen in confronterende situaties. Bijvoorbeeld als er iemand tegenover je zit die echt doorvraagt. (Waarom doe je dit, waarom vind je dat, waarom?) Heb je eenmaal een helder beeld van je identiteit, dan verwacht je dat die vastligt. Maar naarmate je ouder wordt, verandert je identiteit geleidelijk.

Stel dat je een uitnodiging krijgt om wat over jezelf te vertellen. Waarschijnlijk schets je dan niet gelijk een totaalbeeld, maar belicht je enkele aspecten. Welke dat zijn, hangt af van de situatie en van de persoon die tegenover je zit. Het scheelt of je iemand spontaan in een café ontmoet of dat je een sollicitatiegesprek voert. Welke kenmerken van je identiteit benoem je dan het eerst, en welke daarna in volgorde van belangrijkheid? Zijn er kenmerken die je het liefst verzwijgt?

Met elke levensfase wijzigen de kenmerken die je voorop stelt. Neem mij als voorbeeld. In 1979 was ik een verveelde scholier en een onzekere puber. In 1989 was ik een zelfstandige en onderzoekende wereldreizigster (opbouw mensenkennis). In 1999 was ik een qua beroep vastgelopen administratief medewerkster (consciëntieus) die verlangde naar verandering. Ik haalde toen wel voldoening uit genealogisch onderzoek (leergierig). Eind 2009 was ik werkloos, maar had ik ook een eigen bedrijf (ondernemend, wilskracht). En nu ben ik vooral een tevreden blogger (authentiek, verbeeldingskracht), wandelaar (bedachtzaam), en huiseigenaar.

De pagina ‘Over mij’ gaat over twee met elkaar verweven identiteiten: die van Raam Open en die van mij. Steeds wanneer de tekst begint te knellen, neem ik een verschuiving waar. Wie ik ben, is veranderlijk. Wat wil je als lezer over een blogger weten, trouwens?

Weten wie je bent Jezelf kennen

(De foto’s zijn afgelopen winter en onlangs genomen op landgoed ’t Waliën.)

Het Dunning-Kruger effect

‘Debatteren wordt bemoeilijkt door een verschijnsel dat in de psychologie bekend staat als het Dunning-Kruger effect. Seidell [hoogleraar aan de VU]: “Het is een wetmatigheid: iemand die een beetje van een onderwerp weet, wordt heel stellig in zijn uitspraken. Krijgt hij meer kennis, dan wordt hij onzekerder. De stelligheid groeit pas weer als hij van het onderwerp heel veel weet.”’ Uit: Inderdaad, we weten het niet zeker, Trouw, 2 november 2019.

Misschien moet je het Dunning-Kruger effect eerst zelf ervaren, voordat je beseft hoe het bij anderen werkt. Ik ontdekte dit effect jaren geleden toen ik onderzoek deed naar mijn voorouders. Stel, je weet dat iemand in 1680 schoenmaker is. Dan krijg je een bepaald beeld bij zo’n persoon. In dit geval: hij is een eenvoudige ambachtsman. Maar dan koopt hij een opvallend duur pand. Dat gegeven haalt je indruk van een sobere leefstijl onderuit. En waar komt het geld vandaan? Dus zoek je verder naar verklaringen.

Bij genealogisch onderzoek raadpleeg je alle beschikbare bronnen. Meestal moet je het doen met flintertjes informatie. Persoonlijke ontboezemingen van voorouders zal je zelden vinden. Hopelijk krijg je uiteindelijk een redelijk volledig beeld van hun leven. Toch kan elke nieuwe vondst hun verhaal nog een andere wending geven.

Over voorouders kan je pas met zekerheid vertellen wanneer je een gefundeerd verhaal hebt én tegelijkertijd een slag om de arm houdt. Want geleidelijk aan leer je dat je nooit alles te weten zal komen. Zoals je ook nooit iemands karakter volledig zal kunnen doorgronden.

Met deze ervaring kan je in de verleiding komen om mensen als ‘dom’ te labelen wanneer ze heel vaak stellige uitspraken doen. Maar dat is nu precies een kenmerk van het Dunning-Kruger effect.

Omdenken: creatieve oplossingen bij tegenslag

Hoewel sommigen over hun nek gaan bij de term ‘omdenken’, vind ik het wel wat hebben. Omdenken is nu populair in de wereld van coaching. Je beziet hierbij een probleem als een feit en kijkt vervolgens naar nieuwe mogelijkheden. De klusser die mij overwegend goed heeft geholpen, geeft weinig blijk van creatief denken. Als het niet gaat, dan gaat het niet. Punt. Misschien heeft dit te maken met zijn depressiviteit, of omgekeerd. Vergeleken bij hem ben ik wel een kei in omdenken. Het vorige logje bevat hiervan een voorbeeld. (Foto is mislukt, maak daar een aardig verhaaltje van.)

Maar het allermooiste voorbeeld van omdenken ever gaf punker Vyvyan al begin jaren tachtig, namelijk in de legendarische serie The Young Ones. Als ik mij het fragment goed herinner, gaat het als volgt.

Vyvyan wil tv kijken, maar het stopcontact zit te ver weg. Hij probeert uit alle macht de stekker in het stopcontact te krijgen. Tevergeefs. Dus wat doet Vyvyan? Stampend en tierend dendert hij op zijn soldatenkisten de voordeur uit. Om even later terug te keren met een bulldozer, waarmee hij de voortuin platwalst en de hele buitenmuur met stopcontact en al een meter dichter naar de tv toe rijdt.

Briljant.

Een grote zwarte posterlijst van IKEA

Het is bepaald geen kleintje, mijn Once were warriors filmposter. Hij meet 70 x 100 centimeter en er moet een lijst omheen. Zwart en qua uitvoering eenvoudig zal het zijn. Verder heb ik geen wensen. Om mezelf moeizaam gesleep met een onhandelbaar gevaarte te besparen, zoek ik op internet naar een passende lijst. En jawel, IKEA heeft er een naar mijn smaak.

Misschien weet jij beter, maar ik vergeet altijd dat IKEA van de pruts-het-zelf-in-elkaar-pakketten is. Dat komt omdat ik daar slechts eens in de zoveel jaar wat koop. Voor mijn geheugen is de interval dan te groot.

Afijn, zaterdag verheugde ik mij op de komst van een enorm pakket. Daarom keek ik toch wel wat beteuterd toen de bezorgster mij een smal en langwerpig ding bracht. Was dat alles?

En was dit wel voor mij bestemd? Stond mijn naam wel op het etiket? Eer ik op de gedachte kwam om dat te checken, reed mevrouw al weg. Maar ja: dit was mijn pakket. Meteen schoot mij te binnen dat de website nogal nadrukkelijk had verwezen naar een bijpassend product. Een fotodoek van canvas. Ik dacht nog tijdens het bestelproces: ‘Het is niet en en. Je kan ze dus los van elkaar kopen.’ 

Ik had vast een frame gekocht met verder niets erbij. Zo zijn ze bij IKEA.  Super zuinig en super uitgekiend. Je moet daar zelf aan alles denken. ‘Of zou de achterwand er heel strak omheen gevouwen zitten?’, dacht ik nog hoopvol. Want waar moest ik de poster aan vastmaken, als er geen hardboard achterwand bij zat? Helaas, dat zwarte frame was alles.

Nou ja, plus de zestien schroefjes zonder kop, de vier hoekjes waar de zestien schroefjes in moeten, twee ringetjes, twee hangertjes, zestien stripjes waarmee je het canvas vastklemt, een winkelhaakvormig gereedschap, én een plastic dingetje. De schroeven voor in de muur zaten er niet bij. Dit staat expliciet vermeld in het boekje.

Afgelopen weekend heb ik mijn hersens gepijnigd over een oplossing. Ik kan er een eigen doek in doen, maar welk? Zwart past het best en ik heb een mooie fluwelen lap. Die is echter te dik. Verder heb ik nog een zwarte doek met een klein printje erop. Past niet bij de poster en is te slap. Mijn crèmekleurige marktkleed dan? Of zal ik een stuk afknippen van een overcompleet beige gordijn?

Het alternatief is in de stad een grote hardboard achterwand kopen (dat wordt dan alsnog een gezeul); die exact op maat zagen en vervolgens de plaat in een heel smal geultje van het frame proppen. Zucht, ik zie het al voor me.

Naschrift 24 oktober 2019: de lijst is prima voor een stevige doek waarop je een poster kan spelden.

Zo tweeslachtig als een boldistelblad

Verkleurd blad blauwe boldistel

Een beetje Yin, een beetje Yang. Het valt mee, het valt tegen. Hij doet wat voor mij, ik doe wat voor hem. Het vordert snel, het ligt stil. De bramensaus is zoet, de druiven zijn nog zuur. You win some, you lose some. All in one day.

Het leven is tweeslachtig. Een hofnar droeg vroeger vaak een broek in twee kleuren. Daar doet de verkleuring van dit boldistelblad mij aan denken.