Wat vrouwen soms uithalen

We hebben al driekwart afgelegd van mijn favoriete landgoedwandelroute, mijn oude vriendin en ik. Wanneer zij haar smartphone tevoorschijn haalt en mij de zojuist afgelegde route op het scherm laat zien. Dat zij ons traject heeft getrackt, komt voor mij als een verrassing. Op dat moment voel ik er weinig bij. Maar veel gidsen van wandelgroepen vinden het minder prettig als meelopers hun zelfbedachte routes vastleggen.

Heb ik een fout begaan? Tenslotte heb ik ook jarenlang aan iedereen verteld hoe geweldig ik Australië vind. Daar begon ik mee in 1986, toen er nog amper iemand voor vakantie heen ging. En kijk nu eens. Onderhand viert bijna elke student een tussenjaar in dat land. Ik had mijn mond moeten houden, want zo heb ik aan een enorme CO2-uitstoot bijgedragen.

Of neem die rondreis in Madagaskar, zestien jaar geleden. Het was een groepsreis van SNP en daar zaten een paar vinnige meiden bij. De ‘leukste’ (te merken aan de reacties van de mannen) was behoorlijk bijdehand. Als Brabantse droeg ze een aura van gezelligheid mee. En ze had uitzonderlijk veel interesse voor het werk wat ik toen deed.

Geleidelijk schakelde ze van een belangstellend vraaggesprek over op een vorm van uithoren. En twee jaar later dook zij als nieuwe kracht op bij mijn toenmalige werkgever, in een sector waar je moeilijk tussen komt. Kennelijk was mijn informatie haar goed van pas gekomen. Ze kwam binnen op een andere afdeling en heeft nooit meer met mij contact opgenomen.

Mijn oude vriendin en ik kennen elkaar twintig jaar. Tien jaar geleden voerde ik via payrolling een project uit bij haar werkgever. Daar werkte ook een Brabantse vrouwelijke collega als zzp’er, die bijzonder geïnteresseerd was in ons gedeelde verleden. De oude vriendin en ik hebben allebei veel gereisd en een enigszins alternatieve kijk op het leven. Steeds wanneer ik voor een pauzewandeling naar buiten ging, wilde die collega mee.

Dat zij later een vergelijkbaar geintje ging uithalen als haar provinciegenoot van die groepsreis, zag ik dus al aankomen. En daar zit ik niet mee.

Alleen vind ik het nu toch wat minder dat ik mijn oude vriendin heb laten zien waar de mooiste paddenstoelen langs de route groeien. Het is er sinds coronatijd al druk genoeg.

Slijmspoor of slijmspook?

Het is wonderbaarlijk hoe je jarenlang dezelfde rondwandeling kan maken en toch steeds weer iets nieuws kan ontdekken. Zoals dit slijmspoor op een beuk. Waar komt dat slijm vandaan? Heeft een slak dit zo achtergelaten? Of hebben we hier met een slijmspook te maken?

Sorry, beste volgers. Al mijn ernst en energie gaat momenteel naar de foto-expositie, dus meer dan dit soort onzin verschijnt hier even niet. 😉

Nazomer op landgoed Ampsen

Regen en onweer zouden we krijgen bij Lochem op landgoed Ampsen. Maar het werd fijn wandelweer met wind en zonneschijn. Dit landgoed ligt er in ieder jaargetijde goed bij, dus ook in de nazomer. Daarbij heb ik een grote voorliefde voor landgoederen met statige beukenlanen, stille wateren, mooie paddenstoelen, onverwachte ontmoetingen en veel afwisseling in velden en bosschages. Dat is hier allemaal.

Het kasteel of landhuis.

Het stille water en de beukenlaan.

De bloedrode biefstukzwam.

En de onverwachte ontmoeting met een hazelworm (beetje onscherp weliswaar).

De Posbank, nu met paarse hei

Wil je de heide in bloei zien staan, dan is dit het juiste moment. De zachtglooiende heuvels van de Posbank liggen er prachtig diep paars bij. Wel zijn de sporen nog zichtbaar van het extreem droge jaar 2018. Toen stierven hele stukken heide af. Die dode heidestruikjes zorgen nu voor een extra kleurschakering: groen, paars en grijs.

(Klik desgewenst op de foto voor een vergroting.)

Twee kanten uitzicht vanaf de Erlecomsedam

Eén van de mooiste wandelgebieden in Nederland grenst direct aan de Nijmeegse binnenstad. Je loopt er vanaf de Waalkade via een boogvormige voetgangersbrug zo de Ooijpolder in. Dat is een uiterwaard. Daarna passeer je achtereenvolgens de Bizonbaai (met groot wild!), de Erlecomse Waard en de Kekerdomse Waard. Uiteindelijk bereik je na circa achttien kilometer de theetuin in de Millingerwaard. Hier ontstaat de Waal uit de Rijn en ligt Fort Pannerden aan de overkant.

Wandelaars komen graag in de Ooijpolder en de Millingerwaard, maar over het tussenliggende traject hoor je zelden wat. Toch is het uitzicht vanaf de Erlecomsedam beslist een bezoek waard. De tegenstelling in het landschap kan niet groter. Deze week nam ik er foto’s van.

Hier scheidt de dijk recht en rigide van uitbundig en zwierig. Of strakke lijnen in het geordende boerenland versus de ruige uiterwaard van de meanderende rivier. Struinroutes langs dit traject zijn een walhalla voor plantenliefhebbers.

Het paars rond het meertje is van de grote kattenstaart. Klik desgewenst op een foto voor een vergroting.

‘Niemand luistert’, zegt zij

We wandelen in de Millingerwaard en zij is wat jonger dan de rest. Aanvankelijk loopt ze op met andere mensen in de groep. Vervolgens blijft ze als een zwaan-kleef-aan bij mij. Ze houdt halt terwijl ik een aantal foto’s maak. En ze wacht als ik een stukje achterop raak. Overal waar we tijdens de pauzes stoppen, duikt zij aan dezelfde tafel op. Oh, ze is best vriendelijk, maar wel graag aan het woord. Wanneer ik zelf ergens over begin, praat zij al gauw door mij heen.

Zou het liggen aan mijn zachte stem? Sommige mensen horen nu eenmaal slecht. Dat kan komen door het vele rumoer waaraan stadsbewoners worden blootgesteld.

‘Veel mensen in deze groep luisteren niet.’, zegt ze op een gegeven moment. Opmerkelijk, maar terecht.

Wat hier gebeurt, is inderdaad extreem. Deze keer heeft zeker de helft van de wandelaars een ‘gehoorprobleem’. Alsof niemand de ander nog hoort, waardoor iedereen in het luchtledige praat. In het buitenland ervaar ik dit zelden zo, hoe rumoerig het daar ook kan zijn.

Hallo hallo …