Een tikje op zoek naar balans

Al jaren ben ik een groot fan van Esther Gerritsen en haar column over milde psychische tikjes. Daarbij beschouwt zij steevast zichzelf als onderzoeksobject. Weinig mensen kunnen zo fijnzinnig, zachtaardig, eerlijk en realistisch humoristisch hun eigen gedachten ontleden en definiëren. Een voorbeeld uit een recente VPRO gids.

‘Ik heb pijn aan mijn knie. Ik kijk er naar en zie rode krassen. Ik vermoed dat ik jeuk had en toen te hard heb gekrabd. Ik sla mezelf op mijn knie.
Dat verbaast me, maar niet lang. Ik begrijp al snel dat ik dacht dat ik niet zou moeten krabben, en dus die ingebeelde, krabbende hand meteen een mep gaf, waardoor de knie een onverdiende klap kreeg.
Zo lopen op het minuscuulste niveau werkelijkheid en fantasie door elkaar. Niet in een chaotische bende, maar in een prima te volgen logica. Ik mep mezelf alleen met reden.’

Sinds mijn verhuizing doe ik iets nieuws. In Sir Edmund van de Volkskrant staan elke week de winnaars van verschillende puzzels. Er moet van mij altijd iemand bij staan uit Leiden of omgeving (mijn vorige woongebied) én iemand uit de buurt van Arnhem. Dat is zonder uitzondering het geval. Zelfs al moet ik het wat verderop zoeken. Den Haag en Nijmegen reken ik deze keer ook goed.

De vrouw, de immigrant en het patriarchaat

Gisteren zag ik twee prima documentaires van de VPRO. Eerst verscheen De trek van Bram Vermeulen over de huidige migratiestroom uit Afrika. Daarna volgde Tegenlicht met Erdogan’s aanhang in Nederland. Deze programma’s tonen iets van het menselijke verhaal achter actuele maatschappelijke dilemma’s. En ze werpen een licht op de oorsprong daarvan: het patriarchaat.

Veel immigranten en hun nakomelingen voelen zich onbegrepen en aangevallen. Zoals een Turkse ondernemer in Wateringen. Hij verlangt terug naar de Haagse Schilderswijk waar hij is opgegroeid en zijn moeder nog woont. Zij vindt het jammer dat er nu maar weinig Nederlanders in haar wijk wonen. Vroeger waren de Nederlanders aardiger tegen haar, zegt ze. Ze spreekt Turks tegen de documentairemaker en weigert op het Nederlands over te gaan.

Andere Turken zeggen steeds vaker het gevoel te hebben dat zij er niet echt bij horen. Zelfs al kennen ze Nederlanders al jaren; ze voelen toch dat ze op afstand worden gehouden. Eigenlijk worden ze niet als Nederlander beschouwd. Ik denk dat hier een kern van waarheid in schuilt. In elk geval bij een deel van de bevolking.

Dan is mijn vraag wel: hoe komt dat? In die Tegenlicht-aflevering zegt een Turkse man over de recente uitspraak van Rutte in Zomergasten iets als: ‘Hij wil dat we allemaal oppleuren.’ Ik betwijfel of die man zelf de drie uur durende uitzending heeft gezien. Laat staan dat hij een helder beeld heeft van de context waarin die uitspraak werd gedaan. Want de meeste Nederlandse Turken kijken naar tv-zenders uit Turkije. Dat komt door het gebrek aan voor Turken aantrekkelijke programma’s op NPO1, 2 en 3, zo stelt er een.

Een dergelijke gevolgtrekking van Rutte’s uitspraak is overduidelijk ongenuanceerd. Dan moet ik veel moeite doen om de spreker nog langer serieus te nemen. Zelf kan ik een afkeer van iemand krijgen door zijn opvattingen of gedrag. Echter nooit puur vanwege zijn afkomst. Want elk volk telt mensen die ongenuanceerd reageren en zelf nauwelijks nadenken. Helaas. Maar waar komt het beeld vandaan dat alle Turken zouden moeten oppleuren? Waarheidsvinding en objectieve oordeelsvorming zijn extra lastig voor leden van een patriarchale samenleving. Daarbinnen moet vaak ook iets worden verzwegen.

De recente couppoging in Turkije komt eveneens aan bod. Turken zijn gekwetst door het gebrek aan begrip vanuit de Nederlandse samenleving voor Erdogan. Het steekt dat politici lauw op de vermeende betrokkenheid van de Gülen-beweging reageren. (Mijn woordkeuze van de term ‘vermeende’ ligt ook gevoelig.) Maar we leven hier in een samenleving waarin we hebben besloten dat er eerst betrouwbare bewijslast moet komen, voordat een organisatie of persoon wordt veroordeeld.

Daarmee is niet gezegd dat ik de Turkse overheid op dit punt niet geloof. Belangrijk is wel dat ik vanuit mijn positie er geen zinnig woord over kan zeggen. Dan wacht ik liever met het trekken van conclusies. Deze behoedzame benadering, die in onze wetgeving is verankerd, is gebaseerd op talrijke lessen uit het verleden. Ofwel, op wijsheid en voortschrijdend inzicht. Dus waarom vindt een Turk het vreemd dat politici in dit land voorzichtig reageren? Hij wil toch ook niet dat zijn eigen hoofd bij het minste gerucht direct op het hakblok ligt?

Diverse Turken geven in het programma aan dat ze Mark Rutte maar niets vinden. Ze willen een sterke leider, zoals Erdogan. En ze gaan stemmen op DENK. In mijn ogen is dit kenmerkend voor het conservatieve, patriarchale systeem waaruit zij voortkomen. Een systeem dat nogal botst met moderne, westerse waarden. De bron van talloze Afrikaanse problemen ligt in precies datzelfde systeem.

Want het patriarchaat vereist dat je een mannelijke leider blind en kritiekloos volgt. Het werkt bepaald niet bevorderlijk voor zelfreflectie, vrije meningsvorming en persoonlijke ontplooiing. Kwalijker nog: een patriarchaal systeem is ronduit vrouwonvriendelijk. Ongeacht op welk continent je het aantreft: vrouwen worden consequent op schadelijke wijze achtergesteld. Dat heeft zonder enige twijfel ook economische repercussies. Maak je de halve bevolking monddood en vleugellam, dan blijft een land arm. Je ziet deze wetmatigheid overal ter wereld terug. Tot in de meest conservatieve landen van Europa.

Binnen de islam zijn sommige vrouwenrechten trouwens beter gewaarborgd dan in rechtsvormen van bepaalde niet-islamitische culturen. Maar religie staat feitelijk buiten dit verhaal. Het gaat om hoe mannen het leven van vrouwen menen vorm te kunnen geven. Terwijl ik als vrouw vind dat zij daarover niets hebben te vertellen.

Voorlopig ben ik opgelucht dat bonskanselier Angela Merkel zich weer verkiesbaar heeft gesteld. Zij is evenwichtig en hecht aan verbinding. In menig Europees land kraakt het democratische systeem. Er komen radicale partijen bij en die ondermijnen precies die democratie. Want ze zinnen op autocratisch leiderschap, zo gangbaar in een patriarchaat. Volgens mij wordt het juist de hoogste tijd voor een matriarchaat.

Controversiële zomergasten 2016

Sinds enkele jaren kijk ik naar Zomergasten, het avondvullende programma van de VPRO waarin bekenden iets van zichzelf kunnen laten zien. Enkele gasten die dit jaar aanschuiven, leiden bij voorbaat al tot commentaar. Ook de presentator valt in ongenade. Want de stem van Thomas Erdbrink, correspondent in Teheran, klinkt onaangenaam. Ach, de VPRO mag een beetje controverse wel.

De ene keer is Zomergasten boeiender dan de andere keer. Het is maar net wie er op bezoek komt en of de presentator een gast aanvoelt. Vrijwel iedereen heeft wel iets interessants te melden voor wie wat via de denkwijze van een ander wil leren. Ik kan mij slechts een gast herinneren die werkelijk oersaai was, namelijk Hennie Vrienten. Die kon alleen over muziek vertellen. Terwijl je daar volgens mij niet over moet praten, maar naar moet luisteren.

Een boze brievenschrijver roept leden op om hun VPRO-lidmaatschap op te zeggen vanwege ‘haatzaaier’ Abou Jahjah. Een ander klaagt dat publieke zendtijd voor Mark Rutte (‘als politicus onwaarachtig en als mens oninteressant’) een verspilling is. Zou het? Want zo neutraal zijn onze media nu ook weer niet. Van mij mogen Thomas’ vragen net zo schuren als zijn stem doet. Laat die twee zomergasten hun ware gezicht maar tonen bij de VPRO. Daarom ben ik juist lid.

Roddelpers

IMG_3845Bij de zaterdagkrant zit de verkeerde bijlage. Dat is al de tweede maal in korte tijd. Vorige keer kreeg ik onverwachts De Groene Amsterdammer. In plaats van het gebruikelijke magazine, is het nu een roddelblad. Pas wanneer ik beter kijk, zie ik een treffende imitatie van de Privé.

Even later begin ik met een kop koffie op de bank aan de VPRO-gids van deze week. De hoofd- redacteur schrijft over paparazzo. Dat filmsterren niet zonder kunnen en zo belandt hij op het Filmfestival in Cannes.

Met mijn hoofd bij de roddelpers struikel ik halverwege over rodelopersessies. Huh? Roddelperssessies? Wat? Rodelperssessies. Hè? Nee: rode-loper-sessies. Oh, oké.

Vijftigers en hun imago

In de VPRO-gids van deze week staat een interview met Mikkel Nørgaard (1974), de Deense regisseur van The Keeper of Lost Causes. Hij vertelt dat inspecteur Mørk veruit het moeilijkste personage was om te casten. Hij zocht een half jaar lang naar een acteur in de groep vijftigers. Maar ‘Hij [het personage] was te oud. Dat sombere en cynische van Mørk wilde ik wel houden, maar ik wilde dat in een jonger personage. Zodat het publiek in ieder geval nog de hoop kan koesteren dat Mørk kan veranderen. En zo kwam ik terecht bij de veertigers, een heel andere groep acteurs.’ Min of meer in zijn woorden: vijftigers hebben alles al opgegeven, ze willen niet langer jagen. Als je veertig bent, wil je nog iets bereiken.

Het sluit aan bij het kennelijk heersende beeld onder werkgevers dat vijftigers niet meer flexibel zouden zijn. Personeelsfunctionarissen zijn zelf gemiddeld 35 jaar oud. Ik vind bovenstaand citaat uit de mond van een regisseur nogal fnuikend. Het kan zijn dat hij inspeelt op een heersende gedachte en rekening heeft te houden met kijkcijfers. Maar wat hij doet is die gedachte via media nog eens extra bevestigen en verspreiden. En dit zonder dat hij zelf flexibiliteit van geest toont.

Het is pas echt origineel en gewaagd als hij een bijna zestiger, tegen gangbare verwachtingen in, neerzet als iemand die nog steeds iets van een jonge hond heeft. Die wellicht cynisch (realistisch?) overal op afstapt, maar zijn energie haalt uit dingen die inhoud geven aan zijn leven. Iemand die jagen als een spelletje blijft zien, ook al gaat dat iets minder makkelijk. En daarom zijn tactiek aan zijn mogelijkheden aanpast. Iemand die juist zingeving zoekt in het onderhouden en verdiepen van langdurige relaties. Omdat hij al te veel oppervlakkigheid heeft gezien. In plaats van somber de hele wereld de rug toe te keren. Dat zou ik nou verfrissend vinden.

Naschrift: dit bericht haalde als ingezonden brief de VPRO-gids.