Zomerse dag in Nederland

Blauwe korenbloem

Als voormalige vlakbij-de-kust-bewoonster verbaas ik mij altijd over inwoners van het binnenland. Wordt het heet, dan gaan ze allemaal naar het strand. Nu ik in het oosten woon, zie ik de uittocht van nabij. Gisteren stonden er zelfs mensen met opgeblazen luchtbedden op het station. Toch, als het érgens benauwd is, dan is het wel aan zee. Overal krioelende massa’s, lawaai en volle parkeerterreinen. Eenmaal op het strand brandt de zon genadeloos. En dan dat plakkerige zand. Wat een armoe.

Op warme dagen vertoef ik liever op het platteland. Voeten in het gras, briesje er langs. In goed gezelschap loungen onder een veranda; eten en drinken bij de hand. Wandelen in een schaduwrijk bos. En dan natuurlijk uitgebreid pauzeren bij elk terras dat je tegenkomt. Bovendien zie je nog eens wat. Vlinders en een reetje. Drie paarden rond een pasgeboren veulen. Een nagebouwde boerderij uit de ijzertijd. Graanvelden met klaproos en korenbloem. Dit zijn zomaar wat impressies van mijn weekend. Het was weer aangenaam.

Tien favoriete geurtjes

Hooiland in de uiterwaard

Op een wandelingetje waait mij een heerlijke geur tegemoet. Het is een natuurlijk parfum dat herinneringen aan de zomers uit mijn jeugd oproept. Ergens op het platteland in Nederland, of op vakantie in Frankrijk. Denk aan zo’n zalige lome dag à la campagne, met leeuweriken in het veld. Wat ik ruik, is de geur van hooi, gedroogd gras. De boer is net klaar met balen verzamelen.

Als ik een lijstje van favoriete geurtjes samenstel, dan wordt dit het wel:

  • Pas gemaaid gras.
  • Vers hooi op het land.
  • Sinaasappelbloesem (lijkt op jasmijn).
  • Frangipani.
  • Swiffer duster met Ambi pur.
  • Wierook.
  • Zojuist gemalen koffie.
  • Soms: een vleug sigarettenrook.
  • Perzik (op de markt in Frankrijk).
  • De aftershave van een ex-vriend.

En het geluid bij die lome zomerse dag klinkt ongeveer zo:

Inzichten uit het gewiste verleden van Raam Open

Een grote schoonmaak kan nog weleens tot hernieuwde inzichten leiden. Na het wissen van 115 logjes op Raam Open deel ik ze graag, voordat ze in de prullenbak verdwijnen.

Verwondering is het begin van alle wijsheid. Aristoteles, Griekse filosoof.

‘Ach, wat ben je toch afhankelijk van anderen om zelfstandig te kunnen zijn.’

Some people are so poor, All they have is money. Gelezen op consuminderen met plezier.

‘Soms is niets wat het lijkt en bepaalt de context alles.’

En dit oudje van 21 november 2014 krijgt een tweede kans, want de tekst is toepasselijk en de muziek is het beluisteren waard:

‘December nadert en daar kijk ik altijd naar uit. Het is typisch zo’n wintermaand om heerlijk thuis te blijven. Vooral wanneer het buiten koud en donker is. Nu werken de meesten van ons nog naar de kerstvakantie toe. Wanneer het zover is, komt bijna alles tot rust. Ik heb dan stapels tijdschriften en vakantiegidsen in huis. Muziek en port erbij, genieten maar. Een onnavolgbare gedachtekronkel leidt mij naar het Midden-Oosten … December, kerst, Bethlehem? Vul zelf maar in. Met muziek ben je er zo.’ Uit: Decemberdwaling.

De foto komt uit het logje: Nagenieten van Ierland.

Kinderen en stilzitten

Op Radio Gelderland vertelt de nieuwslezer over een jeugdzorginstelling. Daar moesten kinderen voor straf lang stilzitten en hun mond houden. Na klachten van ouders wordt deze straf niet meer toegepast. Het is kennelijk niet goed voor kinderen om lang stil te zitten. Dan is het in mijn jeugd wel heel ernstig misgegaan.

Mijn zus en ik moesten als kind aan volwassenen gehoorzamen. Wanneer we naar een familieverjaardag gingen, zaten we in de auto redelijk stil. Na aankomst gingen we weer in een kring op stoelen zitten. De kinderen werden af en toe bij het gesprek betrokken, al spraken de volwassenen meestal. Waarschijnlijk speelden we soms buiten met neefjes en nichtjes. Maar bij mijn weten zaten we vooral langdurig stil.

Verder kan ik mij bezoeken aan de kerk herinneren. Daar moest je héél stil zitten en héél stil zijn. Gelukkig gingen we af en toe staan tijdens het zingen. En ook moesten we knielen (op keiharde planken met van die vilten matjes). Als toppunt van beweging haalden we ergens tussen de preek en het zingen in een hostie. Dan sloot je achter in de rij aan en schuifelde je naar het altaar. Met de hostie op je tong liep je daarna zelfbewust terug naar je plaats. Die hostie kwam wel pas na de Heilige Communie. Toen was ik al een jaar of acht. Stilzitten in de kerk duurde erg lang.

Op school moesten we alweer stilzitten. Per les zeker vijftig minuten lang. Op de kleuterschool mocht je nog spelen in de zandbak. Maar op de lagere school werd het serieus. Dat stilzitten was soms best een uitdaging. Mijn eerste spijbelmoment gaat dan ook terug tot de eerste klas. En toen moesten de pubertijd en middelbare school nog beginnen. Ik heb tussen mijn zesde en zestiende levensjaar bijzonder vaak stilgezeten. Tot vervelens toe.

Bovendien was mijn vader al vroeg de trotse eigenaar van een automobiel. Daarom ben ik een kind van de achterbank. De ritjes naar de stad of familie vielen mee qua afstand. Maar wij gingen ook op vakantie naar het buitenland. Dat begon zo ongeveer toen ik drie was en dat herhaalde zich elk jaar weer. Uren heb ik op de achterbank doorgebracht, van benzinestation naar tolweg, et cetera.

Het komt allemaal terug en weet je wat nu zo sterk is? Dat ik ze ineens weer zo ontzettend mis. Die poortjes en de zware dieselwalmen bij de Franse péages uit mijn jeugd. Want er is weinig waar ik meer van geniet dan van passerend landschap. Gezien vanaf de passagiersstoel of de achterbank.

Nieuw asfalt op de N324 bij Schaijk

Vandaag precies 130 jaar geleden is mijn oma van vaderskant geboren. Daar wilde ik deze week even bij stilstaan. Maar hoe? Teruggaan naar haar geboortedorp? Een bezoek brengen aan haar begraafplaats? Naar het huis gaan waar ze het langst heeft gewoond? Of iets bijzonders doen? Ik besluit om eindelijk terug te keren naar Schaijk.

Schaijk is een dorp in Brabant waar zowel mijn oma als ik ooit per toeval zijn beland. Afzonderlijk van elkaar en met een tussenpose van zo’n 43 jaar. Zij bewaarde er mooie herinneringen aan. Ik ook. Lang verhaal.

Nu, nog eens 43 jaar later, ben ik terug. In het dorp staan nog gebouwen die mijn oma moet hebben gezien. Ook is er veel nieuwbouw. Hiervoor had ik mezelf al gewaarschuwd.

En dáár ligt de weg waar alles om draait. De weg die mijn opa 86 jaar geleden heeft bedekt met de eerste asfaltlaag. Het is ongelofelijk, maar de splinternieuwe laag is net klaar! Zelfs de tijdelijke gele werkborden staan er nog.

De glooiende Posbank

Volg je dit blog al langer, dan vraag je je wellicht af waarom hier steeds vaker (natuur)foto’s staan. Het ging op Raam Open toch vooral over politiek, economie, arbeidsmarkt en maatschappelijke vraagstukken? Ja, daar ging het ook over. Maar ik ben er een beetje klaar mee. Wel zorgen ontmoetingen en belevenissen voor genoeg inspiratie en stof tot nadenken. Daarover volgt meer.

Afijn. Bovenstaand plaatje van de glooiende Posbank nam ik vorige week.
Ach, waarom zou je nog langer voor vakantie naar het buitenland gaan?

De wereld in kleur tot 1918 – Half houten huizen

Geïnspireerd door de fototentoonstelling De wereld in kleur tot 1918 dook ik in mijn reisfotoalbums. Want bouwwerken zoals op de oude foto hieronder, ken ik van vakanties in Zuid-Europa. Daarom vandaag een laatste drieluik. Deze keer met half houten huizen: oorspronkelijk – vervallen – vernieuwd.

Deze foto in het museum werd in 1913 genomen. Het is een straattafereel in Ohrid, Macedonië. De bovenverdieping van de huizen is gemaakt van donkerbruin hout, terwijl de begane grond met witgepleisterde stenen is gebouwd. Een vergelijkbare bouwstijl zag je vroeger van Spanje en de Balkan tot in Turkije. Daarvoor gebruikte men de materialen die lokaal voorhanden waren. Zoals ruwe brokken uitgehouwen steen.

In 1987 nam ik deze foto van soortgelijke huizen in Ohrid. Op de achtergrond staat een donker houten pand. Het steile paadje ernaartoe is geplaveid met dezelfde soort natuursteen als waarmee muren werden gebouwd. In het pand links zitten flinke kieren, maar het is in gebruik. Was overgrootvader de eerste eigenaar? Dan is het vast nog in handen van dezelfde familie. Vermoedelijk woont men boven en is er beneden een stal of werkplaats.

Dergelijke rustieke huizen vind ik mooi. Ze laten wat aan de fantasie over. Als zo’n pand nog niet is gesloopt, wordt het nu tot boetiekhotel omgetoverd. Meestal met een smaakvol en comfortabel resultaat.

Wel is er verschil tussen een minutieus uitgevoerde restauratie of een renovatie. Een renovatie pakt soms te weldoordacht en gladgestreken uit. Ook in Ohrid gaat de ontwikkeling door. Toeristen bezoeken er nu de zorgvuldig opgepoetste versie van het oude stadshart. Alsof dat een model is geworden van zichzelf.

Klik desgewenst op een foto voor een vergroting.

(Bovenste foto uit Collection Archives de la Planète – Musée Albert-Kahn/Département des Hauts-de-Seine.)