Nog even over Zwarte Piet

Vaak lijkt het alsof er nooit iets verandert in deze wereld. Machtsspelletjes zijn van alle tijden en achterstelling zal ook nog wel even blijven. Maar in mijn eigen denken ben ik toch gestuit op een ware paradigma-verschuiving. En wel in mijn visie op Zwarte Piet. Van Zwarte Piet moesten ‘ze’ afblijven, vond ik. Hij was mij dierbaar en hij hoorde er van oudsher bij. Bovendien zag ik hem als een volwaardige werknemer. Lees daar bleekmiddel voor de donkere huid maar eens op na:

‘Ik heb Zwarte Piet nooit als slaaf gezien. Sterker, ik ben zelf Zwarte Piet geweest. Daarom weet ik dat hij gewoon een medewerker is van Sinterklaas. Die twee hebben al lang een normale werkgever-werknemer relatie.’

Dit schreef ik ruim zes jaar geleden. In de tussenliggende tijd heb ik eens ergens gelezen dat Zwarte Piet een verzinsel was uit een recenter verleden. Maar dat ging er bij mij niet in. Zwarte Piet en Sinterklaas vormen een vaste combinatie en die bestaat al eeuwen.

Aan het bestaan van Sinterklaas heb ik trouwens nooit getwijfeld. Natuurlijk, dat hij met de boot uit Spanje komt, is baarlijke onzin. Sint Nicolaas kwam uit Myra in het huidige Turkije. Dat weet iedereen van boven de zeven.

Alleen las ik onlangs in Trouw iets over een zekere Jan Schenkman. Deze onderwijzer leefde in de negentiende eeuw. Het artikel ging over zijn antisemitische spotprentjes, die nu niet meer door de beugel kunnen. En terloops kwam Zwarte Piet in het artikel voor. Wat blijkt? Die Schenkman heeft onze Zwarte Piet in 1850 gewoon uit zijn duim gezogen!

Nou ja. Nu heb ik er eindelijk vrede mee, dat Sinterklaas dus wel bestaat, maar Zwarte Piet niet.

Persoonsverwisseling kan niet meer

Deze week heb ik mijn portretfoto van internet gehaald. Maar het is al te laat. Snode lieden trekken overal websites leeg en vullen enorme databases met onze gegevens. Ze verzamelen alles: foto’s, adressen, namen, contacten, locaties, en meer. Met software voor gezichtsherkenning hebben ons zo gevonden. Nou, lekker dan. Daar gaat mijn dekmantel.

Lange tijd maakte ik mezelf wijs dat ik in de massa op kon gaan. En dat persoonsverwisseling heel eenvoudig zou zijn. Er lopen namelijk meer leeftijdgenoten rond met dezelfde combinatie van voor- en achternaam.

Rond mijn geboortejaar was Karin een populaire meisjesnaam. Op de middelbare school zaten we met drie Karins in de klas. En toen mijn ouders bij een buurtcentrum mijn naam eens lieten omroepen, verscheen er een andere Karin met dezelfde achternaam. Jaren later dook zij weer op bij een feest, dus hebben we elkaar zelfs ontmoet.

Stel nu dat ik zou kunnen ruilen. Welke Karin zou dan het aantrekkelijkste leven leiden? Eens kijken. Ik zou een organisatieadviseur kunnen zijn, een secretaresse, juwelier, masseuse, zorgverlener, brouwer, schooljuf, gastvrouw, parkbeheerder of boerin. Daar zit best wat tussen. En hoe is het met de liefde gesteld? Even zien wie hun partners zijn. Hm. Hm. Hm. Wie zijn hun vrienden? Trouwens, waar wonen ze eigenlijk? Ik wil wel in een landelijke omgeving blijven.

Uiteraard is dit onzin. Maar de huidige digitale ontwikkeling geeft serieus te denken.

De man achter de tatoeages

De man van de rioolservice fascineert me, omdat zijn leefwereld zo afwijkt van de mijne. Maar ik deel met hem een liefde voor tatoeages. Bij zijn eerste bezoek vielen ze direct op, hoewel hij ze verborg. Dikke zwarte punten in zijn hals piepten tevoorschijn vanonder zijn kraag. En zijn mouwen lieten een stukje getatoeëerde huid bloot op zijn pols. Daarbij: zwarte werkkleding en dito bomberjack; zilver gerande gaten in zijn oorlellen en een kaal hoofd. Het plaatje was compleet. Alsof er een skinhead in huis stond die er graag flink op los beukt.

In eerste instantie komt het heftig over. Maar wat weet je van iemand wanneer je alleen zijn uiterlijk ziet? Hij vertelde me onlangs dat hij zijn tatoeages bij eerste klantbezoeken altijd bedekt. Mensen schatten hem vaak anders in dan hoe hij werkelijk is. Dat ontdekken ze pas later.

Mij maakten die stukjes tatoeage vooral nieuwsgierig. Wat ging er nog meer verborgen onder zijn kleren? Wat voor soort tatoeages had hij? Waar stonden die tatoeages voor? Veel mensen laten zich om specifieke redenen tatoeëren en elke afzonderlijke tatoeage heeft voor de drager een eigen betekenis.

Lang werden tatoeages geassocieerd met criminelen en andere lieden van twijfelachtig allooi. Binnen het christendom waren ze verboden. Inmiddels zijn tatoeages een algemeen fenomeen. Circa 10% van alle Nederlanders heeft er een. Op warme dagen is dat goed te zien. Van de Nederlanders tussen de 18 en 50 jaar heeft 24% minimaal één tatoeage en tussen de 18 en 29 jaar is al 31% getatoeëerd. (Bron cijfers: NL tijdschrift voor dermatologie.)

Dit is een revival, want ook Kelten en Germanen droegen tatoeages, evenals menig ander volk. Ik heb jaren geleden onderzoek gedaan naar traditionele tatoeages in Polynesië. Ze vertellen boeiende verhalen over een cultuur en samenleving.

‘Mensen met tatoeages worden nu juist gezien als ambitieuzer, sterker en zelfverzekerder dan mensen zónder tatoeage.’ (Bron: Beautify.) Volgens mij hangt dat sterk af van de drager zelf, van het soort tatoeage, en van aan wie je dit vraagt.

De drager kan een hoogbejaarde joodse man zijn met een nummertatoeage uit een concentratiekamp. Sterk is hij dan zeker, maar ambitieus en zelfverzekerd? De tatoeage kan ook bestaan uit zo’n slordig uitgelopen blauwe vlek, die amateuristisch met een losse naald in de gevangenis is gezet. Ben je ambitieus, dan is het voordeel van een tatoeage afhankelijk van de sector waarin je werkt. In een hippe barber shop gaat dat prima. Maar in een christelijk zorgcentrum voor ouderen is de acceptatiegraad van een arm bedekkende sleeve wat minder.

Ik neem aan dat de meeste Nederlanders uit esthetische overwegingen voor een tatoeage kiezen. Het kunstenaarschap van de tatoeage-artiest was tot in de jaren zeventig beperkt tot standaardplaatjes van ankertjes, roosjes, zwaluwtjes met een sjerp en de naam van een geliefde, en dergelijke. Inmiddels brengt een Tattoo Bob of Tattoo Kim tribale versieringen aan van over de hele wereld. Authentiek of niet. De ware artiesten, volgens mij dan, ontwerpen zelf op basis van wat een klant wenst.

Verder is de tijd van een plaatje op de linker- of rechterschouder wel voorbij. De volgende mode werd een symmetrische tekening midden op de onderrug of direct onder de nek. En nu is alles mogelijk. Full body tattoos, sleeves, pseudo tribal, been bedekkende Moko, et cetera. De man van de rioolservice heeft een hele verzameling. De meesten in motieven uit Azië. Hoe ik dat weet? Hm, tja.

Mode van 2019 naar 1910

Mode rond 1910 dames bij kaptafel

Soms maak je wat los met een logje. Wat begint met Modieus in je eigen stijl gaat over op Mmmode! in het vliegtuig van en naar Milaan. Daarna ontaardt het al snel in een uitwisseling over dames in fraaie verpakking. Tja, laat dat maar aan de Italianen over, die verpakking. Vroeger konden ze daar ook al wat van.

De foto’s in Bentenge’s logje roepen bij mij dan weer associatieve beelden op uit het ansichtkaartenboek van mijn oudtante. Rond 1910 waren ze ook al dol op dames in fraaie verpakking. Het ging er wat subtieler aan toe, maar de benen werden toen evengoed getoond. Al wat daarvoor nodig was, was de enscenering van een klassiek tafereeltje met een Griekse/Romeinse schone. Rond 1910 gingen dames en heren overigens keurig gekleed.

Ik werd wel even op het verkeerde been gezet door het plaatje linksboven. Kijkt de dame aan de kaptafel nu werkelijk op een smartphone?

Mode rond 1910 Grieks of Romeinse schone

Modieus in je eigen stijl

Is het normaal dat je vanaf een zekere leeftijd minder kleding koopt? Ik heb nog weinig behoefte om steeds wat nieuws te kopen. De garderobekast hangt vol. Vroeger genoot ik vaak van een dagje statten. Vooral van het moment waarop ik met veel tassen thuis kwam en alle aanwinsten uitstalde. Dat gaf een intens tevreden gevoel. Nu doe ik meer aan vervanging door iets vergelijkbaars en dat is voldoende. Want na verloop van tijd weet je wat goed zit. Zo ontwikkel je vanzelf een eigen stijl.

Het modebeeld herhaalt zich om de zoveel jaar. Daar ga ik tot op zekere hoogte in mee. Lange broeken reiken weer tot de taille; truitjes laten navels bloot. Wanneer was dat voor het laatst populair? In de jaren negentig, vermoedelijk, want uit die periode heb ik nog zo’n truitje. Dus wie wat bewaart, heeft wat. Hoewel? Zelf verander je toch ook. Dus om nu als semi-ouwe taart met een blote navel rond te lopen …

Wat vaak langer beklijft, zijn klassieke ‘basic’ modellen (jeans, T-shirt) en favoriete kleuren. Mij kan je uittekenen in zwart. Heel veel zwart, plus blauw en groen en alles wat daar aan blauw-groentinten tussen zit. Turkoois bijvoorbeeld. Verder hou ik van goud, goudgeel en bruin. En een beetje rood. Dit kleurenpalet komt overal in terug. In kleding, woonaccessoires en bloemen in de tuin. Ja, zelfs in tandpasta.

Daarom vrees ik de dag waarop ik zichtbaar ouder wordt. Dan maakt zwart een gezicht namelijk zo ‘hard’. Maar als toekomstige bejaarde ga ik niet rondlopen in een ruim zittend beige jasje met dito pantalon voor senioren. En dan beige gezondheidsschoenen eronder, met kleine gaatjes in het bovenleer. No way. Hoort dat bij de huidige oude garde of gaat de volgende generatie zich daar ook aan overleveren? Jongens, blijf trouw aan je eigen stijl!

Littekens aan de binnen- en de buitenkant

Stel dat al onze littekens en bloeduitstortingen zichtbaar zouden zijn en blijven. Daaraan denk ik aan terwijl ik voor de spiegel sta. De open wond die mijn verstandskies achterliet, heelt langzaam. De zwelling in mijn wang en een bloeduitstorting op mijn kaak zijn gelukkig verdwenen. Vorige week liep ik met dat gezicht op een feest rond. Niemand zei er wat van. Opmerkelijk. Zag men het niet of wekte het gêne op? Want littekens en blauwe plekken duiden doorgaans op iets onaangenaams.

Littekens op de huid zijn het ongewenste resultaat van vechtpartijen, ongelukken, sportblessures, operaties en dergelijke. Andere zichtbare littekens brengen mensen vrijwillig aan. Scarificatie is versiering, een teken van rang of rite de passage binnen een cultuur. Vergelijk het met tatoeages. Daar gaat een diepere betekenis achter schuil.

Sommige littekens zijn echter een roep om aandacht. Die wijzen op andere littekens aan de binnenkant. Ik vermoed dat de meeste mensen meer inwendige littekens hebben dan uiterlijk. Stel nu dat al onze fysieke en mentale littekens permanent zichtbaar zouden zijn. Zouden we dan anders met elkaar omgaan?

Vroeger was het tenslotte normaal dat een weduwe in het zwart gekleed ging. Dan kon iedereen zien dat zij in de rouw was en daar rekening mee houden. In de Volkskrant van 28 mei 2019 staan portretten van de Mongrel Mob uit Nieuw-Zeeland, gemaakt door Jono Rotman. De meeste bendeleden zijn Maori, nakomelingen van de oorspronkelijke bevolking daar. Tatoeages zijn bij hen van oudsher gangbaar. Net zoals bij alle Polynesische volkeren, waartoe ook de Maori behoren.

Ik zie provocatieve, maar vooral zwaar gehavende mannen. Ze rouwen allemaal. Alleen zijn hun echte littekens hier niet zichtbaar.