De nasleep van Operatie Market Garden

Toen ik nabij Arnhem een oud huisje kocht, verwachtte ik sporen van Operatie Market Garden te vinden. Bij een bezichtiging van een ander huis wees de makelaar namelijk op scheuren in de buitenmuur. ‘Niets ernstigs’, zei hij, ‘deze scheuren zijn ontstaan door de luchtdruk van explosies. Het pand staat op zand, dus hoef je niet te vrezen voor een verzakking.’

Mijn huis staat ook op zand. Als er ooit scheuren in de muren hebben gezeten, dan zijn ze vakkundig weggewerkt achter nieuw voegwerk en voorzetwanden. En andere sporen zijn nergens te zien. Toch stond mijn arbeidershuisje pal in de frontlinie, nu precies 75 jaar geleden.

Het krioelt weer van de militairen in ons dorp, waar Operatie Market Garden springlevend wordt gehouden. Uit de documentaire Arnhem For Ever blijkt wel dat dit geen gewoon dorp is, maar een bedevaartsoord. De documentaire toont een Engelse mevrouw die tijdens een eerder bezoek aan de Airborne begraafplaats drie eikels had opgeraapt. Daar ligt haar vader begraven. Thuis had ze de eikels in een pot gestopt en nu koestert ze de jonge boompjes als relikwieën.

Een achtste deel van het totale woningbestand werd hier in puin geschoten. Op de frontlinie groeven soldaten geulen. Deuren werden uit huizen gehaald en als schotten gebruikt om de zandwallen te stutten. Dat vertelden oudere buren. Misschien lag het anders. Een boekje over onze arbeidershuizen vermeldt over de oorlogsperiode: ‘van vrijwel alle huizen zijn de deuren gestolen, de houten vloeren weggebroken en is er geen ruit meer heel.’ Hout en ander bouwmateriaal was zeer schaars na september 1944. Pas in 1948 vond definitief herstelwerk plaats aan onze panden.

Ik ben benieuwd waar de deuren in mijn 106 jaar oude huisje vandaan komen. Het bevat namelijk nogal een bonte verzameling exemplaren. Mijn favoriet is die van het varkenshok of stalletje (nu het toilet). Deze deur is origineel en bestaat uit een afzonderlijk boven- en ondergedeelte. Andere deuren zijn van recentere datum, variërend van zo’n veertig tot twintig jaar oud.

Vooral de deuren op de begane grond vormen een raadsel. Een vorige eigenaar heeft de daar aanwezige paneeldeuren van vlakke platen voorzien. Dat is wellicht in een vlaag van moderniseringswoede gebeurd. Een zijde van zo’n paneeldeur is in de kelder nog zichtbaar. Het is een prachtige deur die jammer genoeg aan de woonkamerkant was afgeplakt. Vandaag heeft de klusser de vlakke voorzetplaat weggebroken. En ook daarachter zijn panelen tevoorschijn gekomen.

Het rare is wel, dat de mooiste kant aan de kelderkant zit. We snappen er niets van. Toch heb ik een vermoeden hoe het zit. Ik stel mij zo voor dat de bewoners en buren tijdens hevige gevechten in hun kelders verscholen zaten. Toen de rook eenmaal optrok, kwamen ze daar weer uit tevoorschijn. Moe, hongerig en verdwaasd door alle onrust en het lawaai liepen ze eerst een rondje om te zien wie er nog leefde. En daarna gingen ze kijken waar hun deuren waren gebleven.

Waarschijnlijk hebben ze niet al te best opgelet. Alle deuren in ons rijtje waren tenslotte hetzelfde. Sommige deuren hadden hooguit een ander kleurtje. Alleen, onze huizen zijn om en om in spiegelbeeld gebouwd. Daarom vermoed ik dat ik nu de kelderdeur heb van de buurvrouw.

Maar mijn buurvrouw is van het witte en het strakke. Zij heeft twee jaar geleden haar hele huis gestript en al haar paneeldeuren in een container gedumpt. Dus no way dat ik mijn fraaie exemplaar voor zo’n modern geval van haar ga ruilen.

De feiten onder ogen komen

Tja, hoe gaat zoiets? Je bent inmiddels tachtig en lang geleden heb je stamboomonderzoek verricht. In je familie werd er al vroeg naar voorouders gezocht. Je vader heeft ooit een poging gedaan en je bewaart nog aantekeningen in zijn hoekige handschrift. Je zegt het niet hardop, maar eigenlijk ben je best trots op je familiegeschiedenis. Of beter: op wat daarvan is overgeleverd. Je weet dat je overgrootvader uit Duitsland kwam en zich rond 1815 vestigde in Arnhem. Het was een vakman. Datzelfde vakmanschap zie je tot op de dag van vandaag terug in de huidige generatie.

Jaren later kijk je wat er nog meer over het voorouderlijke geslacht te vinden is. Inmiddels staat er van alles op internet. Daar stuit je op een zekere Karin, die ook onderzoek heeft verricht en naar jouw familienaam op zoek is. Binnen haar familie was lang onbekend wie haar betovergroot-ouders waren. Sinds zij hun namen kent, wil ze graag meer te weten komen. Je neemt contact met haar op en zo begint een e-mailuitwisseling.

Je schrijft dat jij de gezamenlijke voorouders hebt getraceerd tot 1660. Zij is niet verder gekomen dan Arnhem. En je hebt een boek over de familie gepubliceerd. Als zij belooft dat ze jouw vondsten niet op haar familie-website plaatst, wil jij Karin de gegevens wel toesturen. Zij belooft het. Zelf heeft zij onder meer dertig pagina’s ongepubliceerde aantekeningen over de familie. Die gegevens en andere recente vondsten wil ze na ontvangst van de boektekst wel met je delen.

Maar, schrijft zij er waarschuwend bij, haar documentatie bevat controversiële informatie. Voor Karin betreft dit een verre verwant in een zijtak. Meer specifiek: een achterkleinzoon van haar betovergrootvader. Weliswaar heeft zij die informatie openlijk op internet aangetroffen. Maar het verband met jullie gezamenlijke voorvader wordt pas duidelijk als je de onderlinge relatie kent. Ze wil niet dat hierover wordt gepubliceerd zo lang de generatie van haar moeder leeft. Haar moeder is nu 86 en heeft als kind de oorlog meegemaakt.

Je wordt nieuwsgierig; misschien ben je ook een tikkeltje ongerust. Jou is niets bekend over een controversiële kwestie. Het betreft een man die ook voor jou in een zijtak zit. Hij en jij dragen wel dezelfde Duitse achternaam. Een naam die in Nederland weinig voorkomt. Heel even flitsen de gezichten van alle levende naamdragers door je hoofd. Je kinderen, je kleinkinderen, je neven en nichtjes. Sommigen zijn nog zo klein. En er zitten zo veel mensen bij met een succesvolle carrière. Want het vakmanschap en precisiewerk is in de genen doorgegeven.

Je was trouwens zelf een klein kind in de oorlog. En je hebt de verhalen zo vaak gehoord. Ze werden steeds weer verteld. Van dat goedlopende bedrijf in de Rotterdamse binnenstad. Het was zo wrang. Je vond nog een advertentie waarin reclame werd gemaakt voor sleutels van goede kwaliteit. Een sleutel, dat is het enige wat er restte na het bombardement.

Ze stuurt je het aantekeningendocument. Je ziet er iets in staan over een oorlogsverleden. Maar nee, jou is niets bekend over een zekere J. Die komt niet voor in jouw stamboom. En van zijn beroep had je ook nog nooit gehoord binnen de familie. Je schrijft die Karin gelijk terug dat dit niet kan kloppen. Al heb je haar documenten op dat moment slechts globaal gelezen. Dat schrijf je haar even snel tussen de boodschappen en het bezoek van de kleinkinderen door.

En Karin, die merkt dat het stil wordt in de e-mailcorrespondentie. Wetend dat je nu ook de rest hebt gelezen.

1584 – 1918 – 1945: als … dan …

Als Nederlandse ouderen over ‘de oorlog’ praten, dan bedoelen ze die van 1940 – 1945. De oorlog van 1914 – 1918 komt amper ter sprake, terwijl daarin de kiem voor de ‘tweede’ school. Als het over die ‘eerste’ oorlog gaat, dan is Ieper nooit ver weg. Maar herinneringen vervliegen snel.

Wie denkt nog aan Ieper als figurant in de Tachtigjarige Oorlog? Een deel van mijn Vlaamse voorouders komt er vandaan. Noodgedwongen verlieten ze rond 1584 huis en haard en kwamen in Leiden aan. Daar wonen hun nakomelingen nog steeds, dertien generaties later.

Als … dan. Welbeschouwd dank ik mijn leven aan die oorlog van lang geleden.

Oorzaak en gevolg. Het steentje in de rivier.

We beseffen zelden hoe ver de reikwijdte en invloed van onze geschiedenis gaat.

Saluut van een vliegtuig

Na een zomer vol bijen, hommels en vlinders, volgen steevast in september de vliegtuigen. Geen gewone van de burgerluchtvaart, maar zeldzame uit de Tweede Wereldoorlog. Elk jaar komen zwaar ronkende Dakotas en Hercules toestellen over. Rond Arnhem en Wageningen zijn deze trekvogels bekende verschijningen. Ze zijn hier de airborne herdenkingen en brengen een saluut aan hun gesneuvelde makkers.

(Klik desgewenst op een foto voor een vergroting.)

Wil jij weten wat er boven jouw hoofd vliegt? Je vindt actuele informatie over elk toestel op de Global Radar View van ADS-B Exchange.

Het verlies van hotel Dreijeroord

Vandaag komt de documentaire ‘Het verlies van Dreijeroord’ op TV Gelderland. Dit gaat over een Oosterbeeks hotel waaraan veteranen van WO II herinneringen bewaren. Ondanks internationaal protest is het tegen de vlakte gegaan. Er komt een verzorgingshuis voor dementerenden op die plaats. Volgens de projectontwikkelaar was het oude hotel niet meer geschikt te maken. Ook ik bewaar herinneringen aan hotel Dreijeroord, hoewel van recentere datum.

Het blijft bizar. Hier in de regio heerst nu zo’n landelijke rust, terwijl er in 1944 letterlijk om elke vierkante meter is gevochten. Dit vanwege operatie Market Garden, waarvan de Slag om Arnhem onderdeel was. Toen ik vier jaar geleden naar huizen zocht, wees een makelaar op ‘onschuldige’ scheuren in buitenmuren. Die waren door de luchtdruk bij explosies ontstaan. Ook voor mijn woning is kort na de oorlog een schaderapport opgemaakt.

Op 17 maart 2007 stond ik op een koele ochtend met een groep wandelgenoten voor hotel Dreijeroord. We snakten naar koffie met wat lekkers erbij. Maar ondanks aanbellen deed niemand open. Op een gegeven moment verscheen er een vrouwenhoofd uit een raam op de eerste verdieping. We riepen naar boven dat we graag koffie wilden. Mevrouw antwoordde dat ze daarin niet kon voorzien. ‘Er is momenteel te weinig personeel.’

Ik ben het nooit vergeten. Zowel de prachtige omgeving als dat gebouw in Zwitserse chaletstijl maakten indruk. Het betrof een wandeling van de Kreta-groep. Vrienden van een vakantie op een Grieks eiland, die nog elk halfjaar samen komen. Zojuist heb ik de datum gecheckt, want dat houden we bij. Die dag moet het eerste zaadje zijn geplant voor mijn verhuiswens naar het oosten. Nu wandel ik regelmatig langs de plek waar hotel Dreijeroord stond. En binnenkort komt de rest van de groep ook weer een dagje deze kant op.