Je hebt maar één leven

Franca Treur schrijft over ploeterende mensen in het tv-programma ‘Ik vertrek’: ‘Ook zij weten dat ze maar één leven hebben. Die mensen moeten precies daarmee dealen: de rommel die het werd in plaats van het gedroomde plaatje. Wordt het doorgaan of opgeven?’ De meesten van ons pakken het minder groots aan. Maar vroeg of laat komen we allemaal in het leven voor ingrijpende keuzes te staan.

Misschien schuilt er voor de kijkers een soort troost in het programma. Want ik denk dat we allemaal weleens een kans laten liggen. Daar hebben we op zo’n moment goede redenen voor. Maar ja, maar toch. Soms laat een droombeeld je niet los. Dan blijft het decennialang terugkeren. Blijf je dan wachten totdat het te laat is? Of werk je stapsgewijs toe naar de verwezenlijking ervan? Het kan lastig zijn om te beginnen, wanneer succes mede afhangt van anderen en onzekere factoren.

Mijn droombeeld en ik zijn al samen sinds 1986. Ik was in de twintig toen het ontstond. Nu zijn we 34 jaar verder en is de wereld sterk veranderd. In al die jaren groeide het droombeeld mee met mijn wensen. Het werd een vertrouwd element in mijn leven, waarvan de kern ongemoeid is gebleven. En het is altijd sluimerend aanwezig. Een half woord, een geur, een beeld of een gedachtenflits brengt mijn droom gelijk weer helemaal terug.

Dus zat ik laatst te denken: Als je nu 57 bent, hoeveel ‘goede jaren’ krijg je dan gemiddeld nog?

(Citaat: Franca Treur in Trouw, Zomertijd, zomercolumn Perfectie, 25 juli 2020.)

Een dutje doen in een bloem

Je staat er zelden bij stil, maar ook insecten hebben nachtrust nodig. In de buurtapp verscheen onlangs een foto van vier slapende bijen in een bloem. Sindsdien zie ik in mijn tuin ook regelmatig slapende hommels en bijen. Hommels hangen graag onderaan de bol van kogeldistels. En kijk hoe dit bijtje heerlijk ligt te soezen met zijn kopje tegen een meeldraad van een ballonplantbloem. (Klik desgewenst op de foto voor een vergroting.)

Sommige bijen kruipen tegen de avond in een bloem, kort voordat die zijn blaadjes sluit. Anderen zetten hun kaken in een stengel of meeldraad. Zo houden ze zich stevig vast terwijl hun spieren verstijven. Je kan ze dan zachtjes aanraken, waarna ze slaapdronken hun pootjes bewegen.

Oranje papaver of klaproos

In mijn tuin zal je weinig planten aantreffen met oranje bloemen. Het is gewoon niet zo mijn kleur. Planten die komen aanwaaien en heel eigenwijs toch oranje kleuren, lopen een risico bij mij. Als ze te veel met de andere bloemen vloeken, ruk ik ze met wortel en al uit. Dat zal ze leren.

Om papavers of klaprozen heb ik nooit gevraagd, en toch duiken ze overal op. De bloemen van deze soort zijn in het zonlicht echt knaloranje. Nou vooruit, deze mag blijven.

Een goede reden voor chagrijn

Soms moet je echt zoeken naar een legitieme reden om chagrijnig te mogen zijn. Bijvoorbeeld:

  • Omdat je door het vele thuiszitten weer wat dikker wordt. (Maar miljoenen dagloners hebben door de lockdown helemaal geen eten. Dus waar heb je het over?)
  • Omdat de dakdekker vergeten is om iets uit te voeren. (Maar inmiddels heb je een nieuwe afspraak geregeld.)
  • Of omdat je onder de rode kriebel bulten zit, zoals ik momenteel. (Maar sinds kort weet ik dat de klimop hiervan de oorzaak moet zijn. Dus kan ik een allergische reactie in de toekomst vermijden.)

Zo zijn er genoeg zaken waar ik best moe van word. Alleen is er ook steeds een verzachtende omstandigheid waardoor er toch mee valt te leven. Misschien is de belangrijkste reden voor mijn chagrijn, dat ik geen goede reden heb om chagrijnig te zijn.

(De vermoedelijk schuldige klimop; veroorzaker van fytofotodermatitis.)