Voortschrijdend inzicht

In de wetenschap is het normaal om verder te gaan waar voorgaand onderzoek ophoudt. De westerse wereld heeft in de afgelopen eeuwen enorm veel vooruitgang geboekt. Kijk maar naar mensenrechten, de positie van vrouwen (ja, echt), veiligheid, gezondheid en welvaart. Wat mij verwondert, is hoe beperkt we op kennis uit vroegere beschavingen voortbouwen. Neem nu de Chinese dynastieën, neem Perzië, 2.500 jaar geleden. Of neem de Azteken, de pré-islamitische Arabische wereld, de natuurkennis van indianen, Timboektoe, etc.

Binnen de internationale ontwikkelingssector is het gewoon dat geleerde lessen worden genoteerd en in een volgende fase worden meegenomen. Mijn vroegere werkgever zou geen strijdgroep ‘aan de goede kant’ in Syrië hebben gefinancierd. Alleen al, omdat iedereen weet dat je op afstand in een oorlogssituatie onvoldoende zicht hebt op wat daar werkelijk gebeurt. Maar anno 2018 stuurt onze overheid er doodleuk geld naartoe.

In de Volkskrant van 13 september 2018 staat een artikel over de moeizame implementatie van het klimaatakkoord. (Het ‘meestribbelende’ bedrijfsleven zit aan tafel en traineert c.q. frustreert de zaak.) Klaas van Egmond, oud-kroonlid SER, zegt terecht: ‘Je laat de kalkoen toch ook niet meebeslissen over het kerstdiner?’ Hij verwijst naar een historische les in het boek Ondergang van wetenschapper Jared Diamond:

‘Beschavingen gaan niet ten onder omdat ze het probleem niet zien aankomen, maar doordat de oudere, belanghebbende generatie de jongere ervan weerhoudt zich tijdig aan te passen.’

Daar kunnen we het mee doen. Misschien toch maar op de barricaden gaan? Al is het maar voor uitstel van de ondergang. En garde! You gotta fight for your right to party!

Zo, het is weer weekend.

Sommige hulpverleners zijn gewoon asociaal

De Volkskrant volgt het leven van een Syrische asielzoeker. De man is duiker van beroep en inmiddels als vluchteling erkend. Hij heeft zijn gezin naar Nederland gehaald, zit op taalles en zoekt werk. Met de taal en het werk schiet het niet op. Vorig jaar kon hij wel als fruitplukker aan de slag. ‘Maar’, zei een hulpverlener, ‘dan verdien je nauwelijks meer dan wat je nu aan bijstand ontvangt.’ Hij raadde hem het werk af. Vandaag las ik in dezelfde krant dat slechts 10.5% van de Syrische statushouders hier na dertig maanden werk heeft.

Het lijkt me nogal een overgang voor Syriërs en andere asielzoekers. In veel landen van herkomst bestaat nul komma nul bijstand. Krijg je wel hulp, bijvoorbeeld van de moskee, een zakenman of een gefortuneerd familielid, dan kan je er vergif op innemen dat er een tegenprestatie wordt verwacht. In welke vorm dan ook. En is het niet meteen, dan komt dat gegarandeerd later. Kan je zelf niet presteren, dan moet je zoon dat waarschijnlijk doen. Kwestie van reciprociteit. Voor niks gaat de zon op. Trauma of geen trauma. Dat is overal zo.

En dan beland je in Nederland, waar je een verblijfsstatus krijgt. Plus een woning, geld, huisraad, kleding, scholing voor je kinderen, gezondheidszorg, en de rest. Je was in Syrië al wel een zekere welvaart gewend. Anders had je voor die hele reis onvoldoende geld gehad. Dan was je lot nu aanzienlijk erbarmelijker geweest. Dan werd je nu in een Turkse fabriek uitgebuit. Of zat je nu in een Libanees tentenkamp.

Wellicht bezit je zelfs nog een huis, dat niet is gebombardeerd. Naar verhouding gaat het je eigenlijk best goed dus. En je hebt een waardevol diploma op zak. Ook al kom je daarmee in dit land niet aan de bak. Dus als die hulpverlener zegt dat je dat fruit niet hoeft te plukken, dan ga je je toch zeker niet in het zweet werken? Dat doen de gastarbeiders en de ongeschoolden maar. In het Midden-Oosten werkt het tenslotte net zo.

Ik ken geen recent erkende vluchtelingen. Maar als ze zo denken, dan begrijp ik dat best. Wat ik minder begrijp, is waardoor zo’n hulpverlener meent dat hij namens de hele Nederlandse bevolking wetgever mag spelen. Al vindt hij dit vast heel sosijalisties van zichzelf.

Verbinding voor de toekomst

Soms blijven opmerkelijke beelden en gedachten uit gesprekken en documentaires hangen. Nu dwarrelen er meerdere door mijn hoofd. Ogenschijnlijk is er nog weinig samenhang, maar er schuilt een boodschap in. Ik zag 2Doc: De man die de wereld wilde veranderen. Dat gaat over kunstenaar Peter Westerveld. Hij wilde met geulen de wereld groener, koeler en klimaatbestendig maken. Daarna verscheen Geert Mak in College Tour en toen Floortje gaat terug naar Syrië, deel 2. Ook was ik proefpersoon voor een coach in opleiding. Onderwerp van gesprek: Hoe breng ik het toekomstperspectief terug in mijn carrière? En er was een uitzonderlijk mooie aflevering van Exitus in Abchazië. Tot besluit las ik een artikel over de cello als bindmiddel. Nou, zoek maar eens naar een aanwijzing.

Eerst het idee van Peter Westerveld. Hij is de visionair achter Justdiggit. (Ik verwijs al jaren in de rechterkolom van Raam Open naar deze organisatie.) Hij was zeer bezorgd over de toenemende droogte in grote delen van de wereld. Niet alleen om ecologische redenen. Het veroorzaakt op het platteland armoede en sociale ontwrichting, met de voorspelde vluchtelingenstromen uit Afrika en Syrië als gevolg.

In 2005 verbleef ik een weekend in Serena, Amboseli, Kenia, waar de droogte al zichtbaar was. De plaatselijke herders hadden hun geitjes een soort broekje omgebonden. Dit om te voorkomen dat ze zwanger zouden worden, want er was steeds vaker te weinig voedsel. Kuddes olifanten verwoestten bomen, omdat het gras nauwelijks doorgroeide. En de ijskap van de nabijgelegen Kilimanjaro was dat jaar weer gekrompen. Ontwikkelingswerkers en lokale bewoners merken al vroeg wat er gaande is. Hun inzichten kunnen een voorspellende waarde hebben.

Terug naar Justdiggit. Om droog en geërodeerd land weer begroeid te krijgen, kan je op grote schaal strategisch geplaatste geulen graven. Die vangen het water van sporadische stortbuien op en leiden het naar bassins. Dankzij slim gebruik van windrichting en watercirculatie in de lucht, blijft een groot grondgebied langer nat. De documentaire toont hoe een proef van Westerveld’s plan in Amboseli effectief uitpakt. En je ziet de worsteling om op grote schaal steun en financiering voor zijn plan te krijgen.

Een fragment springt er voor mij uit. Westerveld en zijn team mogen een presentatie geven voor een groep wetenschappers aan de Wageningen Universiteit. Het verloopt nogal knullig, dat moet gezegd. Maar kenmerkend is wat een medewerker over de negatieve houding van de geleerden opmerkt. Want Westerveld heeft geen universitaire opleiding. Hij heeft wel 35 jaar in Afrika gewoond en een briljant idee. Gelukkig komt de samen- werking later alsnog op gang.

Exitus dan. Deze keer trekken de twee jonge beeldkunstenaars naar Abchazië. Ze worden daar achterdochtig benaderd door een Russisch sprekende man. Maar Bel’giya is goed. Hij loopt even weg en komt terug met een kan. Na snel vijf glazen wijn beleefd achterover slaan, kunnen ze weer gaan. Dan volgen rauwe beelden van een half verlaten gehucht, omringd door groene bergen in mistflarden. Dorpsmeisjes in felgekleurde jasjes komen naar die twee vreemde snuiters kijken. Ze vertellen dat ze het liefste naar school toe gaan.

Daarna krijgt Geert Mak het woord in College Tour. Ook hier vallen enkele fragmenten op. Een student vraagt hem naar de voorspellende waarde van geschiedenis voor de nabije toekomst. Mak merkt op dat je periodes in het verleden niet zomaar met nu kan vergelijken. De toekomst blijft onzeker en elke situatie is net weer even anders. Zorgelijk vindt hij de behoefte van mensen aan sterke leiders als Poetin en Erdogan. (‘Er is een roep om zekerheid.’) En zorgelijk is het groeiende populisme in Europa en Amerika. (Populisme is ‘een ventiel van ongenoegen en angst.’)

De komende ontwikkelingen zullen toch afwijken van die in de jaren dertig. Want de huidige samenleving en mogelijkheden zijn gewijzigd. Wel vindt Mak de situatie in Europa gevaarlijk. De aanwezige (hoogopgeleide) jongeren denken overigens positief over de Europese Unie. Zij beseffen dat je niet terug kan keren naar de natiestaat uit de negen- tiende eeuw.

Mak zegt ook: Er komen steeds meer immigranten, die bepalen de stad. Je houdt altijd fricties tussen immigranten en autochtonen, en dat moet je eerst uitzweten. Hij vertelt over zijn ontmoetingen bij de brug in Istanbul. De mensen daar praten op exact dezelfde manier over nieuwkomers uit het verre ‘achterlijke’ Anatolië als autochtone Nederlanders over de mensen in Amsterdam-West.

Zijn advies tot besluit: ‘Ga gewoon zoveel op reis als je nu nog kunt, leer talen, blijf nieuwsgierig, durf te twijfelen en laat je niets wijsmaken.

En dan de documentaire van Floortje in Syrië. Zij brengt het advies van Geert Mak in praktijk. Opmerkelijk genoeg gaat het leven in delen van steden en het land normaal zijn gang. Dit terwijl er een stadswijk verderop nog gevechten gaande zijn. Bizar, maar feitelijk net zo bevreemdend als de tegenstelling tussen extreem arm en rijk. Wat mij choqueert, zijn de kooien op straat waarin IS vrouwen als slaven te koop aanbood. En weer is er een andere kant. Zoals de man die zijn kapotgeschoten huis herstelt en de liefde van inwoners voor de vermoorde pater Frans. Ze hopen allemaal op een nieuwe kans.

Verder was er die sessie als proefpersoon voor een coach. Want ik merk (alweer) dat ik in mijn zoektocht naar werk vastloop. Hoe nu verder? Vandaar mijn behoefte aan praktisch advies. Alleen geeft een goede coach dat niet. Je moet er toch zelf achter komen. Wat dan helpt, is een combinatie van inlevingsvermogen en de juiste vragen. Weer terug naar de kern, naar mijn intrinsieke waarden en naar wat mij werkelijk motiveert. Ik draai al jaren rond in cirkels, want een sterke drijfveer verloochent zich niet.

Maar ja, die beren op de weg. Opleiding en zo. Afwijzingen, waarvan ik er al honderden heb ontvangen. En opmerkingen, die je soms doen wankelen. Blijf maar eens ‘in je kracht staan’ na een opeenhoping van mindere ervaringen.

We kwamen op mijn behoefte aan overzicht. Dat gaat ver terug, namelijk helemaal tot mijn pubertijd. Een periode waarin ik dingen vaak niet goed kon plaatsen en onvoldoende begreep. Het zorgde voor twijfel en onrust. Nieuwsgierigheid zit in je of niet. Ik ben leergierig en wil vaak precies weten hoe het zit. Vandaar dat ik informatie verzamel en zorg voor overzicht, zowel privé als in mijn werk. Dankzij overzicht, of een vogelperspectief, ontstaan inzicht en begrip. Daarmee kan je overal boven staan en dat geeft helderheid en rust.

We belanden nu eindelijk bij die cello’s als verbindende factor. Er staan twee artikelen in VPRO Gids #42 over de Cello Biënnale. Ik haal er wat citaten uit.

Cellist Jean-Guihen Queyras: ‘In de compositie Nomaden van Joël Bons vloeien allerlei wereldse muziekstromen samen. Van de Indiase sarangispeler Dhruba Ghosh tot de Chinese shengmeester Wu Wei. Queyras trekt als een soort troubadour door de zaal. ‘Als cellist beweeg ik van de ene wereld naar de andere, en treed ik met alle musici in dialoog. Ik zal in verschillende modi moeten improviseren. Samenwerken met deze geweldige musici uit alle windstreken wordt het spannendste festivalmoment voor mij.’’

Uit een ander artikel: Celliste Dagmar Slagmolen onderstreept het blijvende belang van Michail Boelgakov. ‘Ik denk dat er momenteel weer naarstig behoefte aan is duidelijkheid. De valkuil hierbij is dat mensen zich vaak vastklampen aan diegene de het hardst schreeuwt. We willen niet in een dictatuur leven, maar het verlangen naar helderheid is blijkbaar diepgeworteld. Dat de willekeur van een tiran het leven juist angstiger kan maken, is iets wat velen pas ondervinden als het te laat is. Bovendien kun je niet, zoals in het Westen te vaak is gedacht, dictaturen zomaar vervangen door democratie.’

En: ‘Wie werkelijk vrij wil zijn, zal zich niet geborgen voelen en wie zich geborgen wil voelen, zal nooit echt vrij kunnen zijn. Die dualiteit is de kracht van de kunstenaar. Verbinding zoeken en toch voldoende afstand bewaren. Kunstenaars laten zien dat de werkelijkheid vele gezichten kent en soms niet eens onder woorden gebracht kan worden. … Het trainen van die flexibiliteit, om de realiteit soms even vanuit een ander perspectief te kunnen bekijken, dat is precies wat kunst onontbeerlijk maakt voor een gezonde maatschappij.’

Ik ga een ultieme poging doen om beroepsmatig terug te keren naar de kern. Laat mij een verbindingskunstenaar worden.

Ik wijs alvast op de komende uitzending van VPRO Tegenlicht (NPO, 16 oktober). Die gaat over Silicon Savannah en de ontwikkelaars van apps in Nairobi. De indruk bestaat dat er geen nieuwe ideeën uit Afrika komen. Wat een cliché. Tien jaar geleden introduceerden voorlopers al het innovatieve M-Pesa. Ik geloof dat de huidige jonge generatie ons nog versteld zal doen staan.

Opvang in de regio: welke regio?

Het lijkt wel alsof Europese politici allemaal in een ander stadium van rouw verkeren. Ontkenning, woede, depressie, berusting. De een blijft steken bij ontkenning, de ander zinkt weg in apathie en een derde accepteert het. Steeds grotere aantallen asielzoekers blijven komen, we kunnen er niet meer omheen. De publieke opinie, gevoed door de media, stevent af op een kentering. Het gaat om mensen, we kunnen ze niet aan hun lot overlaten, het is een gedeeld probleem.

Stel nu dat het niet loopt zoals een deel van de Europese bevolking vreest. Dat niet, zoals bij Somaliërs, 85% in de bijstand verdwijnt. Dat er geen nieuw ‘Marokkanen-probleem’ ontstaat. Ik zou het wel wensen: een regenboognatie volgens het gedachtegoed van Mandela. Maar tot nu toe zijn kinderboeken de enige plekken waarin dat bestaat. Als mens zou ik alle echte vluchtelingen uit Syrië welkom willen heten. Maar als realist zie ik een onbeheersbare toestroom uit allerlei landen op termijn als een serieus probleem.

Stel nu dat technocratische oplossingen ergens goed voor zijn. Dan zou je aan het volgende kunnen denken. We kijken binnen Europa naar de landen die een brain-boost uit Syrië kunnen gebruiken. En sturen elke Syriër met ondernemingszin en talent daarheen. We openen een Europees ontwikkelingsfonds voor kansrijke plannen van huidige en nieuwe inwoners. Een fonds waarop we alle waardevolle lessen toepassen die we ooit hebben geleerd.

Dat kan leiden tot nieuwe energie en ontwikkeling van stilgevallen Oost-Europese industriesteden, bijvoorbeeld. Het kan werken als lokale mensen en nieuwkomers de handen ineenslaan. Dit blijkt wel uit de recente herrijzenis van steden als Manchester en Liverpool. Ja, ik denk aan planmatige toewijzing naar bepaalde regio’s. Want hoe verdrietig de situatie van Syrische vluchtelingen ook is, het is naïef en onredelijk van hen om te eisen dat Duitsland wel even in al hun behoeften voorziet.

En het is waar: hier spreekt het not-in-my-backyard syndroom. Met de foto van dat kleine jongetje op ons aller netvlies, mag ik niet zeggen wat ik al dertig jaar vol overtuiging meen. Dat Nederland al zo vol is. Dat er hier zo weinig natuur is terwijl het zo’n gekrioel is. Het benauwt mij echt. Al die vliegtuigen, die vrachtauto’s, die megavarkensstallen, die uitpuilende vuilnisbakken vol snelle-consumptie plastic en die wanstaltige meubel- boulevards. En economen die maar blíjven roepen dat we nog meer moeten groeien.

We kunnen ons continent uiteindelijk verkwanselen door verkeerd beleid. Er zijn genoeg mensen die nu om het hardst roepen dat we iedereen moeten helpen. Ik vraag mij af of zij ooit een voet op Libanese grond hebben gezet. We kunnen nu nog nadenken over een beleid dat én humaan én verstandig is op de lange termijn. Als we daar binnen Europa tenminste toe in staat zijn.

Foto in de Volkskrant

In de jaren tachtig had de Volkskrant regelmatig iconische zwart-wit foto’s van topniveau. Die waren van fotografen Guus Dubbelman en Wim Ruigrok, of afkomstig van Reuters. Deze week komt van Reuters dit prachtige exemplaar (klik op foto voor vergroting):

Het lijkt wel de Koerdische The sound of music in vluchtelingenkamp Arbat in Irak.

Even de ellende vergeten in Syrië. Even samen met je nieuwe vriendjes genieten van vertrouwde, helende klanken. Hier ben je welkom. Jij en je familie worden met open armen ontvangen door gastvrije Koerden. En je vader kan nog direct aan de slag ook.

Waarheidsvinding, de EU en de Turken

Waarheidsvinding is een schone zaak bij journalistieke aspiraties. Alleen kan je er flink hoofdpijn van krijgen. Ik wil iets zinnigs schrijven over de EU, de illegalen, de visumdeal en Turkije. De eerste drie gaan nog wel. Maar wat begin ik met een land dat wentelt in complottheorieën?

Ik las dat de EU jaarlijks circa 40.000 illegalen via Turkije wil tegenhouden, door 76 miljoen Turken vrije toegang tot de EU te verlenen. Nu heb ik enige moeite met hoofdrekenen. Maar volgens mij klopt hier iets niet. Vervolgens lees ik dat er al een akkoord bestaat. Dat verplicht Turkije om illegalen terug te nemen. ‘Maar daar komt in de praktijk weinig van terecht.’ Aha, nu begint het te dagen. Aanhangers van nationalisme zuiveren graag hun landje van ongewenste elementen.

Nationalisten gaan ook graag prat op hun heroïsche geschiedenis. Alleen, hoe zat dat ook al weer precies? In Macedonië vieren ze nog elk jaar hun bevrijding van het Ottomaanse rijk. In Turkije zag ik spookachtige verlaten Griekse dorpen. En begin daar nóóit over 24 april 1915. Waarom eigenlijk niet? Het gaat vast en zeker om zo’n complot.

Nog even en ik zie zelf overal complotten in. Want de Turkse minister van Buitenlandse Zaken zegt dat hij in de visumdeal ‘een bewijs ziet dat Turkije deel is van Europa’. Maar ik weet wel beter, hoor. Mij maak je niets wijs. Turken willen dat Europa bij Turkije gaat horen, en niet andersom.

Dat komt er nou van, stelletje onnozele bollenboeren. Als je aan de haal gaat met hun tulpen. Ze willen ze terug.