Triomferen is triomf vieren

Zwarte Dodge RAM 1500

Eigenlijk zou ik mijn tas alvast moeten pakken om naar sport te gaan. Normaal zou ik nu een hapje eten, een trainingslegging aantrekken en dan het huis verlaten. Maar alles verloopt ineens anders vandaag. Dit is volkomen onverwacht de dag geworden waarop ik maanden heb gewacht.

Die dag waar ik zo veel moeite voor heb gedaan. Waarvoor ik heb moeten strijden en met de stelligste vasthoudendheid heb moeten doorbijten. Laat dit een lesje zijn voor eigenzinnige en autoritaire heren: never underestimate a pitbull in dameskleren. Want vandaag behaal ik eindelijk mijn grootste triomf in tijden.

Van deze triomf laat ik geen seconde onopgemerkt voorbij gaan. Elk moment wil ik uitgebreid vieren.

Oh, wat klinkt dat toch heerlijk; het geluid van die ronkende graafmachine. Zucht, wat kan ik intens genieten wanneer twee mannen voor mij aan het werk gaan. En ze mogen er wezen ook. Die twee in het zwart geklede stoere kerels. En het is warm vandaag, dus wordt de kleding almaar schaarser.

Ach, het genoegen dat het mij doet, om ze met elkaar te horen praten. Over hoe diep die put ligt. En over hoe ver ze voor de nieuwe buis moeten graven. Zelfs de diesellucht komt mij tegemoet als ware het een vleugje van het zoetste parfum. Geen seconde hiervan wil ik missen.

Hmmm. 😉

Mijn huis is een ‘hij’

Er bestaat een woord voor wat ik soms doe: antropomorfisme. Ofwel menselijke eigenschappen toekennen aan niet-menselijke wezens en dingen. Dit doe ik alleen bij voorwerpen die zeer belangrijk voor mij zijn. Zoals vroeger mijn motor in Australië, en nu mijn woning. Allebei hadden ze al heel wat meegemaakt toen ik hen leerde kennen. Dat zie je terug in hun gedrag. Mijn huis vertoont namelijk menselijke trekjes.

Veel mensen vinden het normaal dat je tegen een auto praat. Het is een maatje waarmee je overal naartoe gaat. Zo iemand ook waarvan je hoopt dat hij je nooit in de steek laat. Samen maak je bijzondere dingen mee of ontloop je ternauwernood een confrontatie. Daaraan bewaar je dan mooie gedeelde herinneringen. Ik moest hem in Sydney achterlaten, mijn motor. Maar hij staat al dertig jaar op een foto in mijn woonkamer. Die motor was een ‘hij’, want hij bleef onder elke omstandigheid stoer en onverstoorbaar.

Mijn huis zou een ‘zij’ kunnen zijn, maar waarschijnlijker is het een ‘hij’. Hij is ooit een keer bedrogen en herhaaldelijk verlaten. Dat merk ik aan alles. Hij blijft mij maar uittesten. Hij wil absoluut zeker weten dat ik om hem geef. Dat deden de vorige eigenaren lang niet allemaal. Of misschien ook wel; in het begin toch.

Dit huis kan nukkig doen. Dan geeft hij je het gevoel dat hij je gewoon niet wil. Maar dat kan ik evengoed, dus we zijn behoorlijk aan elkaar gewaagd. Natuurlijk vraag ik mij weleens af waarom ik bij hem blijf. Soms kijk ik zelfs weer even rond op Funda. Dit voelt dan al bijna alsof ik vreemd ga.

Het is geen kwaaie. Hij is juist slim en haalt nu ruimschoots de schade in. Logisch toch, na al die jaren van verwaarlozing en gebrekkig onderhoud? Daarom heeft hij ook zo’n behoefte aan bevestiging. In feite is hij het type ruwe bolster, blanke pit. Oh, en hij weet heel goed hoe hij mijn aandacht kan krijgen. Maar bij hem voel ik mij thuis en hij beschermt mij indien nodig. Bovendien maakt hij al zijn beloftes waar. Daarom vind ik hem nog steeds de moeite waard.

Rambo is toch een rolmodel voor mij

Zondagavond, The Expendables deel 2 is op tv. Er staan nog andere films op het programma en een documentaire van Sinan Can op NPO2. Sinan kan bij mij flink wat potjes breken sinds hij met een Armeniër naar zijn Turkse roots is teruggekeerd. En op zich is het een onbelangrijk detail, maar Sinan is best breed uitgevallen. (Hou dat postuur van hem even vast in gedachten.) Want ik wil het hebben over Sylvester Stallone en zijn maatjes, in The Expendables.

Nu zou je kunnen denken: ‘Waarom kijk jíj in hemelsnaam naar dat soort bagger? Zo’n film vol knokpartijen, snelle auto’s, schietpartijen, gangsters, tussendoor een leuk meisje dat dringend hulp nodig heeft, of dat juist als one of the guys meedoet, en al dat rondspattende bloed? Er is toch wel wat beters op tv, zoals VPRO-documentaires en de Japanse film Spirited Away? Tja, da’s waar.

Toch, Sly is mij zo vertrouwd en ik ben met deze bagger opgegroeid. Nou ja, niet thuis hoor. Mijn ouders keken naar actualiteitenprogramma’s, aangevuld met voetbal voor pa (gáááááp) plus kunst- en natuurseries voor ma. Zelf keek ik in het pre-MTV-tijdperk reikhalzend uit naar Toppop (daar zat je dan de hele week op de wachten, en dan viel het weer tegen).

En toen kwam Veronica. Helaas keken mijn ouders daar niet naar. Om die reden heb ik alle bagger tot mij genomen bij mijn beste vriendin. Want zij was enig kind en had meer zeggenschap thuis dan ik. Bij haar kwamen ook altijd vrienden langs. Dus viel de keuze meestal op Amerikaanse actiefilms.

Je zou zeggen: ‘Daar groei je toch op een gegeven moment overheen? Je hebt je in sociale en maatschappelijke onderwerpen verdiept, zelfs op wetenschappelijk niveau in wereldproblematiek, en je denkt na over klimaatverandering. Dan doorzie je toch wat voor bagger die films zijn! En al dat geweld; je weet hoe erg dat in het echt is.’

Jawel. Maar ik heb soms helemaal geen zin in die weldoordachte, ingewikkelde verhaallijnen van arthouse films. Je kan tenslotte ook genieten van haute cuisine en tegelijk smullen van een Raspatatje speciaal met uitjes en extra pittige curry. Ik tenminste wel, hoor. En ik verloochen mijn afkomst niet. Of nou ja, die van mijn beste vriendin.

Dan kan je nog tegenwerpen: ‘Maar als je dan zo nodig naar Amerikaanse actiefilms moet kijken, dan kan je toch zeker wel een intelligentere film uitzoeken? Zoals die ene met Brad Pitt erin: Burn After Reading van de broertjes Coen. Of die andere met Brad en die twee vrouwen, Thelma and Louise. Ja, ja, zulke films zijn ook een waar genoegen om te zien.

Maar toch hè, en nu komt het, Sylvester Stallone heeft blijvende invloed gehad op mijn beeld van ideale mannen. Oké, die enorme spierballen en die gladgeschoren torso’s hoeven eigenlijk niet. Maar gewoon, een beetje breed en donker haar, daar kijk ik graag naar. En met de jaren wordt hij leuker. Want hij beseft zelf ook wel wat voor wandelend cliché hij is. Daar zit The Expendables 2 helemaal vol mee. Echt, voor een avondje ontspanning kijk ik graag naar kamerbrede mannen, pardon: actiefilms.

Modern + man + vrouw = androgeen

Mijn vader had grote handen en voeten. Voor zijn schoenen moest hij in speciaalzaken zijn. Dus toen ik als pubermeisje een groeispurtje kreeg, vreesde ik dat mijn handen en voeten als die van hem zouden worden. In die levensfase wil je vooral normaal blijven en niet van de vrouwelijke norm afwijken. Wat die norm op enig moment ook moge zijn. Uiteindelijk viel het mee. Ik ben zeer tevreden met mijn schoenmaat 37, al heb ik wel iets grotere handen dan veel gendergenoten.

Want dat doen we natuurlijk: vergelijken. En niet alleen wanneer we pubers zijn. Gisteren schreef ik over hoe mannen denken. Dat logje staat bol van de clichés, inclusief opmerkingen over seks. Ingrid reageerde direct met: ‘Ik herken mezelf wel in zo’n opmerking (maar ik heb ook nogal wat mannelijke trekjes). Hoe meer ad-rem, hoe meer je erbij hoort tegenwoordig.’

Dat brengt mij bij Mack. Niet dat dat hij zo androgeen is, vermoedelijk. Maar hij schreef eerder dat hij moeite heeft om bloggers te volgen die hij niet persoonlijk kent. Dat maakt zeker verschil. Want Ingrid en ik kennen elkaar al jaren via een werkgever. Dus heb ik voorkennis bij haar zin over die opmerking. En ondanks mijn zandlopermodel en haar bescheidenheid hebben wij allebei licht androgene trekjes in uiterlijk en karakter.

Inderdaad hoor ik Ingrid meteen zo’n opmerking droppen. Waarna anderen even denken van: ‘Huh? Komt dat uit de mond van een vrouw?’ Als je daarna vraagt wat zij bedoelt, volgt er steevast een nuchtere afweging. Die zomaar kan indruisen tegen wat je verwacht van een tenger iemand als zij. Van een moeder, van een vrouw met haar achtergrond en baan. Achter haar ad-rem gedrag gaat een weldoordachte levensvisie schuil. Daarbij doorbreekt zij onder andere rolmodellen voor mannen en vrouwen. Ook haar man is anders dan de meeste mannen die ik ken uit zijn land. Geen macho. Maar is hij daarom minder mannelijk? En is zij dan minder vrouwelijk?

Het feminisme kan ik af en toe wel schieten. Want mannen en vrouwen zijn soms echt in verwarring over hoe ze met het andere geslacht ‘moeten’ omgaan. Zelf ben ik nog opgevoed met het idee dat de man de kostwinnaar wordt. Nu zorg ik voor mezelf en twijfel ik eveneens welke houding ik tegenover mannen moet aannemen. Want wat zijn ze: conservatief, modern, of een mix daarvan? Vooral zo’n gemixte man geeft signalen af die alle kanten op gaan. Ik wring mij dan in bochten om goed contact te maken en aansluiting te vinden.

We worden steeds meer androgeen in uiterlijk en gedrag. Die verandering zie je het best bij opeenvolgende generaties. Vaders die openlijker hun zachtere kanten tonen in de opvoeding van hun kinderen. Moeders die stoere dingen doen. Ouders die hun kroost veel vrijer laten in hun beroepskeuze, ongeacht of dat metier ‘hoort’ bij een man of een vrouw.

Veranderende genderrollen dragen bij aan de algehele verwarring in deze toch al woelige tijd. Maar er zullen altijd behoudende en vrijdenkende mensen blijven. Qua man-vrouwverhoudingen zijn deze groepen in Nederland wat dichter naar elkaar toe gegroeid. Van mij mogen er uiterlijk duidelijke verschillen blijven; en clichés eveneens. Maar meer begrip voor, en inzicht in het andere geslacht, juich ik toe. Of deze ontwikkeling doorzet, zal blijken. We zijn er wel zelf bij.

Over hoe mannen denken

Op een zondagmiddag geven mijn buren verderop een borrel. Wij, hun buren en aanverwanten uit twee huizenblokken, zitten bij elkaar. Sommigen van ons wonen hier pas kort en ontmoeten anderen voor het eerst. Er klinkt gezellig geroezemoes in de woonkamer. Terwijl diverse gesprekken gaande zijn, begint een oudere vader over de zorg voor kinderen. ‘Nou’, concludeert hij, ‘een kwartiertje plezier en dan zit je er de rest van je leven aan vast.’ ‘Wat?’ antwoordt een jongere vader meteen, ‘Vijf minuten, meer is het niet.’ Een paar seconden lang valt iedereen stil; daarna begint het geroezemoes weer.

Kijk, zoiets fascineert mij. Want dit is een gemêleerd gezelschap. Jong en oud, hoog- en laagopgeleid, ieder uit een ander deel van het land. En die twee kennen elkaar niet. Dan is het afwachten hoe zulke opmerkingen vallen. Als ze bij het voetbalveld hadden gestaan, was het vast anders gegaan. Maar hier zitten (voor zover ik weet) keurig nette vrouwen bij. Of in elk geval mensen die voorlopig de schijn ophouden.

Ik probeer mij voor te stellen hoe deze mannen denken. Die ene van dat kwartiertje plezier is een levensgenieter. Hem zie ik wel met een biertje in de hand sappige café-verhalen vertellen. Die ander is een pas gescheiden man met een nieuwe vriendin. Hij lijkt mij meer van de wijnproeverijen op een bescheiden chateau in Frankrijk. Zonder twijfel is hij hoger opgeleid. Toch trapt hij er vol in.

Oh, ik begrijp wel hoe zoiets gaat. Die café-ganger is woont hier al jaren, terwijl die chateau-man als passant toevallig in de buurt is. Dus die met het biertje van het kwartiertje staat op vertrouwde grond. Hij kent iedereen en alle buren kennen hem. Hij is gewoon zichzelf en zegt wat hij zeggen wil. Hij is het mannetje hier. (Een sympathieke vent, trouwens, ik mag hem wel.) En die wijnman mag dan nieuw zijn, hij gaat echt niet voor hem onder doen. Dus die gaat eroverheen. Hij is nóg sneller.

Nou, gefeliciteerd ermee. Zou hij het zich gerealiseerd hebben, in die seconden durende stilte? Dat less niet more is, in dit geval. Of zou hij alleen maar gedacht hebben: ‘Parbleu, dit soort praatjes hoort niet bij wat men van mij verwacht hier.’ Of zou hij gedacht hebben: ‘Hoe moet H. dit nu vinden? Die hier net is komen wonen en waarvan iedereen dit nu over haar seksleven weet.’ Of zag hij zich ineens met zichzelf geconfronteerd? Dat hij ondanks zijn amoureuze escapades helemaal niet zo’n Latin Lover is. Omdat het maar vijf minuten duurde per keer. Shit.

Eerlijk gezegd volg ik nog steeds amper hoe mannen denken. Ik snap wel dat ze stoer willen zijn en graag over techniek praten. Over telelenzen en computers, en over de levels die ze met games gehaald hebben. Ook weet ik dat de breedste en luidruchtigste gasten meestal de kleinste hartjes hebben. Maar verder begrijp ik er nog altijd weinig van. Daarom lees ik graag blogs van mannen. Misschien dat ik er nog wat van kan leren.

PS1: Voor de heren is er op dezelfde site ook een rubriek over hoe vrouwen denken.

Maar wat is dan ‘stoer’? (3)

Nondeju! Nu ben ik nog een cruciaal aspect vergeten over uiterlijk in deel 1 en deel 2. Ineens dook een herinnering op aan een uitspraak van een oude Duitse vrouw. Hoe het mogelijk was geweest dat de SS zo’n grote aanhang had gekregen. De mensen waren arm na de Eerste Wereldoorlog. En toen verschenen er SS’ers in het straatbeeld. Strak georganiseerde groepen mannen in zo’n mooi en imponerend zwart uniform.

Die SS’ers straalden kracht en stoerheid uit, en een duister soort aantrekkelijkheid. Want dat is wat er ook van macht uit gaat. Macht trekt mensen als vliegen aan. Veel mannen én vrouwen willen graag met machtige mensen worden gezien. Alsof de macht van die ander op henzelf afstraalt. En omdat die persoon dingen voor hen gedaan krijgt. Al komt dat meestal met een prijs. Overheersen en altruïsme gaan zelden samen. Lees verder “Maar wat is dan ‘stoer’? (3)”

Maar wat is dan ‘stoer’? (2)

Het blijft maar in mijn hoofd rondzingen, dus is het nog niet klaar. Die definitie van ‘stoer’ in mijn oude Dikke Van Dale is deels achterhaald. Stoerheid kan zitten in uitstraling, karakter en daden. Bij zowel mannen als vrouwen. Hoe meer kenmerken iemand vertoont, hoe stoerder hij is. Uiterlijke verschijnselen alleen, daar prik je zo doorheen. Als ik een top-5 maak van wat ik bijzonder stoer vind, wordt snel duidelijk hoe het zit. Daar gaan we.

  1. Kinderen baren en ze vervolgens twintig jaar lang een goede start in hun leven geven.
  2. Een onderneming beginnen met minimaal tien man personeel. En die langdurig rendabel maken, zelfs als de economie tegenzit.
  3. Je eigen pad kiezen en volgen, wat er ook gebeurt. Niet zeuren, zelf doen. Maar als je iets echt niet zelf kan, een ander gewoon om hulp vragen.
  4. Fouten onder ogen komen en erkennen ten overstaan van degene die er last van heeft. Het weer goedmaken, voor zover dat kan.
  5. Ook iemand waar je de pest aan hebt als volwaardig mens blijven zien en benaderen.

Tja, daar sta je dan met je leren jasje en je stoere laarzen. Al kunnen ware stoerheid en uiterlijkheden best samengaan. Denk maar aan Mad Max, zoals hij werd vertolkt door Mel Gibson in The Road Warrior. Stoerder dan zo kom je ze zelden tegen, zelfs in Australië. Waarom anders denk je dat ik vijf keer naar dat land toe ben gegaan?

En nog is het laatste woord niet gezegd over stoerheid.