Plog – Winters foto allegaartje

Als ik een specifieke foto wil plaatsen, lukt het meestal wel om een bijpassende tekst te bedenken. Doorgaans is dat de best gelukte foto uit een serie of een afbeelding van iets bijzonders. Toch blijf ik elk seizoen met een allegaartje zitten dat ik nergens kwijt kan. Terwijl het presentabele foto’s zijn.

Misschien is zo’n resterend allegaartje een teken van gebrek aan inspiratie. Toch hangt inspiratie slechts gedeeltelijk van toevalligheden aan elkaar. Ik lees bijvoorbeeld weleens een uitspraak en besef dan ineens: ‘Hé, daar past die foto bij.’ Daarna kan ik meteen verbindingen leggen in een nieuw logje. Dit is de makkelijke manier. Voor een marketingcampagne brainstormen professionals net zo lang tot er ideeën ontstaan voor een pakkend verhaal met versterkend beeldmateriaal.

Die aanpak werkt ook deze keer. Want volgens de weersverwachting blijft het de komende veertien dagen zacht. Voordat we het weten, zijn we de winter alweer vergeten. Daarom plaats ik deze foto’s nog even. 😉

Plog – Sneeuwwit met goud (2)

Die (1) achter Plog – Sneeuwwit met goud gisteren was enigszins voorbarig, achteraf gezien. Want iedereen verwacht dan meteen nog zo’n log met natuurfoto’s van goudgele accenten in de sneeuw. Maar de lat ligt hoog als je links en rechts bij andere bloggers kijkt. En eigenlijk had ik mijn kruit al verschoten in deel 1. Daar stonden de beste foto’s. Van armoe ben ik vandaag maar weer op pad gegaan, nu naar de Hemelse Berg. Hopelijk kan het er mee door.

(Klik desgewenst op een foto voor een vergroting.)

Plog – Sneeuwwit met goud (1)

In Italië houden ze van wit met goud en in Scheveningen evengoed. Onder reizigers (woonwagenbewoners) is de combinatie ook populair voor de inrichting van wagens. Nu heb ik toevallig een uitgesproken Italiaanse smaak en Scheveningen was vroeger mijn uitgaansterrein. Verder droom ik al eeuwen van een leven in een stacaravan. Dus deel ik een zwak voor wit met goud. Kwam die sneeuw vandaag op landgoed Lichtenbeek even mooi uit.

De barre winter van 1979

Anno 2017 legt één flinke sneeuwbui Nederland sneller plat dan tien computer hackers samen. Code rood luidde het gisteren. Dat hebben we geweten. 1.600 kilometer file, treinverkeer compleet ontregeld, 430 vluchten geannuleerd. In feite kunnen we dat beetje sneeuw best hebben. Er lopen hier alleen te veel mensen rond. Daarom weet je nooit of je zo’n code serieus moet nemen. Dus zat ik voornamelijk thuis, te verlangen naar buiten. Hoe anders was dat in mijn jeugd. Toen had je tenminste nog echte winters, zoals die van 1979. En we lieten ons nergens door tegenhouden.

IJzige koude, helse noordooster sneeuwstormen en spekgladde wegen. Dat was pas winters ongerief. We hadden thuis geen centrale verwarming en buiten de woonkamer liep je te bibberen. In Zoeterwoude was de hele Noord Aa bevroren. Het mooiste zwarte ijs lag daar. Er werd een ijsbaan op het bevroren meer uitgezet en schaatsen maar. Je kon er gewoon in een auto overheen rijden. Wat handig was om de baan met een schuiver sneeuwvrij te houden. Diezelfde winter maakte ik een legendarische schaatstocht van Zoeterwoude naar Leiden. Deels over bevroren sloten, maar vooral over spiegelgladde stoepen. Want die waren met een ijslaag bedekt. Je kon er onmogelijk op lopen.

In die tijd had je nauwelijks thermo-ondergoed en kleding van fleece. Er waren juist korte leren jasjes in de mode. Die ik dan ook droeg. Waardoor je op de fiets altijd een koude rug kreeg. Denk maar niet dat ik als recalcitrante puber naar de wijze raad van mijn moeder luisterde, en een hemd of wollen trui aantrok. Nee, afzien moest ik, om erbij te horen. Dat waren nog eens echte barre winters toen.

Voorbereid zijn op de sneeuw

Als ex-Randstedeling uit het Hollandse kustgebied heb ik weinig ervaring met sneeuw. Waar ik vandaan komt, waait en regent het vooral. Heel af en toe dropt een donkere wolk er een witte lading, maar die verdwijnt meestal weer gauw. Leiden heeft nu eenmaal een zeeklimaat. Hier in het Gelderse verre oosten maak ik sinds jaren weer echt barre winters mee. Daarbij hoort een dik pak sneeuw. Alleen zegt iets mij dat de locals er beter mee omgaan dan ik.

Gisteravond werd ik verrast door een opvallend lichte duisternis. Zou het waar zijn? Ja hoor, er lag sneeuw! Wel zeker drie centimeter. Ik schakelde meteen over op plan B. Oorspronkelijk stond er voor vandaag een groepswandeling gepland. Maar die zou vanwege de zware omstandigheden vast worden geannuleerd. Een vriendin uit Leiderdorp had zich al afgemeld. Wel zo verstandig. Zie bij zo’n laag sneeuw maar eens naar het oosten te komen met het OV.

Vanmorgen vroeg was de sneeuw al aangegroeid tot zeker acht centimeter. Prachtig hoor, maar ik had geen tijd te verliezen. Plan B moest direct in werking treden. Dus: als de wiedeweerga provisie inslaan. Noodrantsoenen aanvullen, voor het geval dat. Tenslotte is de dichtstbijzijnde supermarkt wel vijf minuten lopen hiervandaan. Ik wist het zeker. Het hele dorp zou er gelijktijdig met mij naartoe gaan. Het zou stormlopen. Niemand wil honger lijden als je ingesneeuwd raakt.

Dus ik op pad. Gewapend met sneeuwijzers onder mijn stoerste wandelschoenen. Vreemd genoeg was het nogal stil op straat. Hadden ze dan niet in de gaten wat er aan de hand was? Zonder valpartijen en botbreuken bereikte ik de supermarkt. Er lag ruim voldoende eten in de schappen. Ik kon met gemak mijn slag slaan. Eenmaal met volle tassen buiten, haalde ik wat rustiger adem. Tot zover missie geslaagd. Onderweg naar huis maakte ik zelfs foto’s van het pittoreske wintertafereel.

De wandeling werd inderdaad afgelast, wat bij nader inzien toch jammer was. Want de sneeuw zag er zeer aanlokkelijk uit. Zonde om thuis te blijven. Wat later op de dag een klein ommetje maken kon best. Maar kennelijk heb ik toch iets niet begrepen. Want overal stroomde smeltwater, dropen dikke druppels van overhangende takken, liep ik in de smurrie en zat ik binnen no time onder de bagger.

Nu ziet mijn huis er uit alsof ik alsnog van een slagveld kom. Natte paraplu, druipende jas, doorweekte schoenen (hoezo waterdichte Goretex?), kledderige kousen, natte haren, zompige broekspijpen, vieze handschoenen en druppende sneeuwijzers in een vochtige plastic zak. Overal staan en liggen spullen op dweilen en rekjes uit te druipen.

Bovendien schoof de sneeuw met een hoop gestommel en harde plof van het dak af. Bovenop de heggetjes en planten in de voortuin. Ik heb ze moeten uitgraven. Geen wonder dat ze zo klein blijven onder de dakrand. Ik vroeg mij al af hoe dat kwam.

IJsbloemen op mijn raam

In mijn kindertijd zaten er ’s winters soms ijsbloemen aan de binnenkant van mijn slaapkamerraam. Betoverend mooie symmetrisch gevormde sterretjes verschenen wanneer het ijskoud was. Slapen deed je zonder centrale verwarming en de ramen waren van enkel glas.

Nu, zo veel jaren later, bevriest de condens op mijn ramen weer. Op zolder en aan de buitenkant deze keer. Dat schijnt normaal te zijn bij HR++ dubbelglas.