Worteltaart in de tropen

Door het bericht van gisteren over tijdsbesef in Samoa, belandde ik in gedachten bij worteltaart en Ronnie’s Bar & Grill in Avarua. Avarua is de hoofdstad op Rarotonga, het hoofdeiland van de Cook Islands. David Stanley beschrijft het als volgt in zijn South Pacific Handbook (1993):

‘This attractive town of around 5.000 inhabitants is strung along the north coast beneath the green, misty slopes of Maungatea. Avarua retains the air of a 19th-century South Seas trading post. Outrigger canoes are pulled up under the old ironwood trees along the beach between the two harbors. Across from the traffic circle near Avarua Harbor is the Seven-in-One Coconut Tree (planted 1906.)’ Dat is één van de weinige attracties en ik hoop dat dit nog lang zo blijft.

In mijn herinnering at ik voor het eerst worteltaart bij Ronnie’s. Daar zat je aan tafeltjes bij het witte houten hek van zijn veranda, met uitzicht op de tropische tuin en de weg tussen zijn restaurant en de Stille Zuidzee. Slechts af en toe kwam er een auto voorbij. Sindsdien denk ik altijd aan Ronnie’s wanneer ik worteltaart zie. Ook al klopt dit niet, want worteltaart serveerden ze op de veranda van een café verderop. Mijn eerste worteltaart-beleving was vermoedelijk Australisch.

Worteltaart past bij de tropen. Engelsen zijn er dol op en veel exotische oorden zijn nog lid van het Britse Gemenebest. De Cook Islands hebben een vrijwillige associatie met Nieuw-Zeeland. In talloze landen zie je beïnvloeding over en weer. Vandaar dat je ook in Kenia worteltaart vindt. Dit stukje schrijf ik onder het genot van koffie met Coolmore’s carrot cake, uit West Cork, Ierland. Eén van de beschreven ingrediënten is een exportproduct uit Polynesië: kokos.

Tip van de dag: palusami uit Samoa en ika mata (een visgerecht op het menu van Ronnie’s) zijn verrukkelijke inheemse gerechten waar ook kokos in zit. De recepten staan op internet en de meeste ingrediënten zijn in een toko te koop. Maar is er iemand die weet waar je verse tarobladeren kan krijgen?

Time management in Samoa

Onlangs ontving ik een uitnodiging voor een sollicitatiegesprek op een collectieve feestdag. Tegenwoordig lijkt alles 24/7 door te gaan. Tijdsbesef is kenmerkend voor verschillen tussen culturen. Zelf ben ik van nature een mengeling van een beetje Noordzee met golven Méditerranée en Stille Zuidzee. Qua tijdsgevoel dan en dit is soms onhandig in de Randstad.

Als ik hier ben, pas ik mij tot op zekere hoogte aan. Dat moet wel, anders loop je aan alle kanten vast. Ik heb werkweken gekend van drie dagen, maar ook van zeven dagen. Toen ik met het opstarten van mijn bedrijf bezig was, had ik een vaste baan voor dertig uur per week. In combinatie werkte ik regelmatig van 7 uur ’s morgens tot 11 uur ’s avonds. Als je gedreven en bevlogen bent, kan je enorm veel aan.  Ik besef waarom veel zelfstandig ondernemers zoveel uren werken. Vaak doen ze dat werkelijk uit vrije keuze en paradoxaal geeft hen dat een gevoel van vrijheid. Ik deed het graag. Alleen niet voor altijd.

Als je in Western Samoa bent, is het niet vreemd wanneer de bus drie uur later vertrekt dan oorspronkelijk gepland. De chauffeur gaat op het afgesproken tijdstip eerst nog een rondje rijden door de stad. Hij haalt hier wat stekken van bananenplanten op en daar enkele passagiers. Hij rijdt even langs het benzinestation en stopt dan bij het café om de hoek. Alle passagiers stappen op hun gemak het busje uit en nemen plaats op het terras. Een kwartiertje later kruipt het hele stel weer terug in de bus. Minus één die voor de gezelligheid meereed. De rit gaat weer verder, terug naar het busstation. Even wachten, sigaretje roken, praatje maken, een paar schoppen tegen banden geven, nog een passagier met grote pakketten verwelkomen en dan, uiteindelijk, gaan we eens op pad. Da’s heel normaal hoor. Hopelijk heb je geen darmkrampen, zoals mijn reisgenoot toen had, want dan wordt het wel een martelgang.

Gewoonlijk is zo’n busrit een heerlijke gelegenheid om de couleur locale op te snuiven. Dat snuiven gaat goed, want alle ramen staan open en bij een temperatuur van 30 graden ruik je ook wel eens wat van je samengepropte medepassagiers. Die overigens moddervet zijn, ook dat is heel normaal in Samoa. Want het leven is daar behoorlijk goed. Zeker als je familie hebt in Auckland of Los Angeles die regelmatig wat geld toestuurt. Kan je weer een nieuwe TV kopen. Van oudsher is er voedsel in overvloed en tot de blanken kwamen, waren er weinig ziektes in het eilandenrijk. Er werd weleens een stammenstrijd gevoerd, maar dat mag geen naam hebben. Stoere mannen moeten tenslotte hun energie kwijt.

In Samoa kan het gebeuren dat je in de middag bij je strandhut arriveert. Zo’n rieten bouwwerk op palen met gevlochten matten die je ’s avonds als muur naar beneden kan laten zakken. En dat de matrassen dan nog niet van lakens zijn voorzien. Gewoon, omdat de eigenaresse moe is. Moe, dat begrijp je toch wel. Dan doe je dus even niets. Heel normaal.

Ik vind dat inderdaad normaal. Voor een doorsnee gestreste westerling is het even wennen. Maar met een beetje geluk daalt dan de wijsheid van hun leefwijze in. Want er schuilt een grote waarheid in het paradijselijke van Polynesië. Die omschrijving is er niet alleen vanwege de werkelijk mooie mensen en schitterende landschappen, de overvloed aan voedsel en schone omgeving. Het zit hem vooral in hun time management.

En ik, ik stapel door mijn reizen cultuurschok op cultuurschok, en wil nooit meer aan onze 24/7-leefwijze wennen. Ja, dit lijkt haaks te staan op wat hierboven staat over zelfstandig ondernemen. De clou zit hem in keuzevrijheid. En in luisteren naar je lichaam en geest.

Fijn pinksterweekend!

Vliegtuig gemist

Gisteren hoorde ik op het radionieuws dat de Solomonseilanden waren gesloten voor vliegverkeer. Een vrachtvliegtuig was door zijn landingsgestel gezakt. Daardoor blokkeerde het de enige landingsbaan. Gezien vanuit Nederland, is zoiets bijna niet voor te stellen. Maar de Solomons liggen aan de rand van de Stille Zuidzee. Op veel eilanden in de oceaan is de luchthaven weinig meer dan een houten keet met een lap asfalt op een grasstrook tussen palmbomen. Voor vertrek in kleine vliegtuigjes moet je samen met je koffer op de weegschaal.

Het nieuwsbericht roept herinneringen op. Op 6 september 1995 was ik in Rarotonga op de Cookeilanden. De luchthaven van Papeete in Frans-Polynesië stond in brand. Tahitianen waren woedend omdat Frankrijk een kernproef op Moruroa had uitgevoerd. Dit ondanks felle protesten uit de hele wereld. Daar had ik zelf aan meegedaan.

Ik zou die dag met Air New Zealand vliegen van Rarotonga via Nandi in Fiji naar Apia, de hoofdstad van Western Samoa. Het vliegtuig pendelde heen en weer tussen Los Angeles en Auckland. Onderweg maakte het tussenlandingen op eilanden in de Stille Zuidzee. De meeste landen daar bestaan uit tientallen tropische Bounty-eilandjes in een onmetelijk grote oceaan.

Het vliegtuig stond vast op de luchthaven van Papeete. Daarom vloog Air New Zealand een leeg toestel vanuit Auckland naar het eerstvolgende eiland op de oorspronkelijke route. Dit om alle gestrande reizigers verder te brengen. Het werd een latertje, maar om 01:00 uur stonden we dan in Nandi. In de vorige tijdzone was het 03:00 uur. Op de luchthaven koos ik een hotel uit en reed met het klaarstaande busje mee. Zo belandde ik met mijn slaperige kop bij de hotelreceptie. En daar hing een kalender. Waarop stond 8 september. Uh … Ik wreef mijn ogen uit en keek nog eens goed. Het stond er echt. Ik pakte mijn ticket erbij. Foute boel!

Door alle consternatie was ik helemaal vergeten dat we de datumgrens onderweg zouden passeren. Ik had op het vliegveld gelijk een transfer moeten maken naar het volgende klaarstaande vliegtuig. Jee, vliegtuig gemist! Een enigszins onrustige nacht volgde. In de ochtend reed ik meteen terug naar de luchthaven. Maar ik had mij geen zorgen hoeven maken. Er werd totaal niet moeilijk gedaan. Zo gaat dat in de Stille Zuidzee.

Er ligt ook weleens een kapotte tweedehands veerboot in de haven. Afrika-gangers herkennen dit vast. Zo’n boot met uitsluitend Chinese tekens. Zodat je geen flauw idee hebt waar de nooduitgang is. Terwijl de reserveboot op de bodem van de oceaan verblijft. Iedereen weet dat je dan gewoon een beetje langer moet wachten. Maar niemand op die eilanden heeft last van haast of stress.

In mijn geval kwam het volgende vliegtuig een week later. Ik kon mijn route omzetten en ging eerst naar Tonga in plaats van Western Samoa. Als je vier maanden lang van ultieme vrijheid kan genieten, wordt alles vanzelf een feest. Zeker in de Stille Zuidzee. Het enige nadeel is dat ik ruim achttien jaar later nog dagelijks bezig ben met afkicken.

Tip van de dag: Fly Air New Zealand. Het is een sympathieke maatschappij.