Onvoorwaardelijk basisinkomen na de coronacrisis

Komen we straks als andere mensen uit de crisis? In VPRO Tegenlicht blikken trendvoorspeller Lidewij Edelkoort en psychiater Dirk De Wachter vooruit op de tijd na de quarantaine. Voor mij springen er een paar zaken uit. Spuugzat zijn veel mensen het, hoe we de aarde verpesten door overconsumptie en enorme verspilling van grondstoffen. En dit terwijl we onvoldoende toekomen aan de zaken die ons leven waardevol maken.

Dankzij de coronacrisis komt onze creativiteit tevoorschijn. En nu we thuis in isolatie zitten, zien we wat we al jaren missen. Door ons economische systeem komen we minder toe aan zaken die de essentie van het leven raken: zinvol en betekenisvol bezig zijn, menselijk contact, zorg voor elkaar.

Misschien gaan we qua welvaart terug naar het niveau van de jaren vijftig. Persoonlijk zal ik daar niet rouwig om zijn. Intussen ontstaat er een lappendeken aan financiële noodregelingen voor steeds weer andere groepen die met inkomstenderving worden geconfronteerd. Daar zijn plotsklaps miljarden voor beschikbaar.

Maar waarom nu pas, en waarom zo ingewikkeld, terwijl de oplossing zo voor de hand ligt?

Dit is hèt moment voor invoering van het onvoorwaardelijk basisinkomen, voor iedereen. Dat haalt de wind uit de zeilen van populisten. Dat ontneemt dubieuze partijen de kans om meer grip op Zuid-Europa te krijgen. Dit voorkomt een potentiële ontwrichting van hele samenlevingen. Nu misschien meer dan ooit. Ik ben ervan overtuigd dat de economie en het milieu ook baat hebben bij invoering van het onvoorwaardelijk basis- inkomen. Dus ik stem voor. Jij ook?

Coronacrisis – lessen uit zes jaar bloggeschiedenis

Thuiswerkplek met apparatuur van een vroegere werkgever.

Het lijkt een raadsel waarom mensen te weinig afstand houden, ondanks het coronavirus. Toch zijn daar verklaringen voor. Per toeval stuit ik op het zes jaar oude log Een beetje afstand houden. Daarin beschrijf ik dat het kan samenhangen met cultuur. Of komt het door een posttraumatische stressstoornis, zoals ik bij vergelijkbaar gedrag in Het is oppassen geblazen concludeer?

Enig spitwerk door de geschiedenis van Raam Open levert meer toepasselijke logjes op. Ze gaan over actuele en praktische zaken. Zoals sociaal ongemak bij verkoudheid, prangende computerperikelen en onze behoefte aan telefonisch contact. Verder zijn er beschouwende teksten over gemoedsrust en over begrenzing van vrijheid. En voordat je situatie onverhoopt kritiek wordt: denk tijdig aan een testament.

De waterscheiding in het leiderschap

Hoe toepasselijk in deze tijd. Werd ik daarom onlangs naar een waterval toe geleid? Een waterscheiding is een grenslijn tussen twee stroomgebieden. Figuurlijk betekent deze term: een omslag of keerpunt. Een wezenlijk verschil in handelwijze, cultuur of mentaliteit. Ik nam foto’s bij de waterval vanuit verschillende posities. Nu vindt er een waterscheiding plaats tussen de leiders en de charlatans.

Wellicht bevinden we ons op een keerpunt, hier en wereldwijd. De regels zijn aangescherpt. Omdat de waterval door mensen is ontworpen, stroomt het water beheerst en gecontroleerd. Controle voelt als veiligheid. Alsof we de zaak in de hand hebben. Is dat waar alles nu om draait?

En is dit dan het definitieve moment van de omslag? Voortdurend heb ik het gevoel dat ik cruciale informatie mis. Het is alsof ik hier in slaap wordt gesust. Net als Mack zoek ik naar duiding, naar relativering, naar een verklaring. De krant en het NOS Journaal missen de dieperliggende motivatoren voor onze keuzes en handelswijze.

Waarom zijn de maatregelen bij deze virus nu zo veel drastischer dan anders? Ik zoek mijn heil bij CNN en bij het BBC world news. Maar in Engeland, India en de Verenigde Staten is het helemaal een chaos.

Draaien de draconische maatregelen vooral om verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid? Dan overheerst mogelijk de angst voor verkeerde keuzes, zowel bij politici als in ons eigen persoonlijke leiderschap. We willen koste wat het kost een situatie voorkomen waarin we later moeten zeggen: ‘Had ik maar …’

Zoals bij deze praktische keuze, die om mijn persoonlijke leiderschap vraagt. Ga ik naar mijn 86-jarige moeder toe? Dat betekent reizen met drie treinen, tweemaal overstappen in Wageningen en op Utrecht Centraal, plus een ritje met de bus. Bij uitstel duurt het tot 2 juni voordat we elkaar weer zien. (Is het werkelijk?) Deze keuze maak ik niet alleen voor mijzelf, maar ook voor haar en onze naasten om haar heen.

Of speelt er nog iets anders mee bij de huidige crisismaatregelen? Zijn wij zo van natuurlijke processen vervreemd, dat we de consequenties daarvan niet meer kunnen accepteren? Sommigen beweren dat epidemieën bij het leven horen. Volgens hen moeten we het lage percentage doden gewoon op de koop toe nemen. Het zijn voornamelijk de ouderen en de zwakkeren die sterven. Zij zien het coronavirus als onderdeel van het zelfreinigend vermogen van het menselijk ras. Survival of the fittest, dat idee.

Dit leidt mij naar een conclusie van Charles Darwin. ‘It is not the strongest of the species that survives, nor the most intelligent, but the one most responsive to change.’

Wereldwijd zijn de veranderingen in economische en geopolitieke machtsverhoudingen al jaren gaande. Vooralsnog verschuift het zwaartepunt geleidelijk van West naar Oost. Maar mogelijk zijn we nu getuige van een abrupte waterscheiding in het leiderschap. Dan is het voortaan China dat de toon zet en daarmee ons beleid bepaalt.

Werp een blik op CNN. (Is it 9/11 again?) Het na-ijleffect van deze coronacrisis zal nog lang na 1 juni 2020 voortduren.

Buiten schijnt de zon. We leven hier in een cocon.

De lichtpuntjes van deze tijd

Er duiken bij deze coronacrisis opvallend veel ‘lichtpuntjes’ op. In kranten, logjes en gesprekken … en nu weer hier bij Raam Open.

Claudia de Breij zegt het in Trouw vandaag zo: ‘Het blijft een opdracht om zo licht mogelijk in het leven te staan. […] Maar dat gaat niet door te doen alsof het donker er niet is, of doen alsof de wereld heel lief en licht is. Het gaat alleen maar zo: door zelf zo veel mogelijk licht te geven.’

Dat laatste is nogal een opdracht. Toch ontwaar ik, naast schoonheid, een heel duidelijk lichtpunt in deze tijd. Namelijk schonere lucht dan we in jaren hebben gehad.

Zuivere lucht zorgt voor helder licht, wat prettig is bij het fotograferen. Maar vooral mensen met luchtwegproblemen hebben er baat bij. Toevallig betreft dit ook degenen die door het coronavirus getroffen zijn.

De schoonheid van deze tijd

We willen iets positiefs bijdragen in deze onwerkelijke tijd. We willen anderen helpen, de natuur in gaan en de schoonheid van het leven blijven zien. Bloggers schrijven hun vermakelijkste anekdotes op en delen hun mooiste foto’s. In die zin koos het coronavirus een perfect moment uit, want overal ontluikt het jonge blad en bloeien de struiken.

Op mijn wandelingetje zag ik deze als handen gevouwen blaadjes. Alsof ook zij mee willen doen aan de dankbetuiging voor het medische personeel. Namasté.

Een erg domme post op de buurtapp

De wekker gaat om 06.45 uur, want voor 9.00 uur moet mijn bed de kamer uit zijn. Vanaf dat tijdstip kan mijn nieuwe ledikant met toebehoren arriveren. Althans, de levering is niet geannuleerd vanwege dat coronavirus. Ik haal het beddengoed af en stop dat in de was. Het matras gaat zolang naar de werkkamer. Dat wordt volgende week opgehaald. En mijn oude bed schroef ik uit elkaar; de losse planken gaan naar zolder. Stofzuiger over de leeggehaalde vloer en klaar. Intussen is het 07.30 uur geworden. Dan gaat de telefoon.

De bezorgers. Ze kunnen de bestelling wel brengen, maar leveren vanwege het coronavirus slechts tot de deur. Sh.t. Komen ze nu pas mee, terwijl de beddenzaak wekelijks updates heeft gestuurd over de levering. Eventueel kan het bed later worden geleverd, zegt de meneer. Maar ja, hoe lang gaat deze crisis duren? Ik wil nog vragen of het scheelt als ik uit de slaapkamer blijf, maar meneer is resoluut. ‘Nee.’ Slik. ‘We komen uit Brabant’ vult hij aan. Oké, briljante zet. Nu hoeft dat monteren voor mij ook gelijk niet meer.

Terwijl we afspreken dat de levering vandaag doorgaat, denk ik koortsachtig na over hoe dit moet worden opgelost. Losse onderdelen kan ik misschien nog wel naar de eerste etage slepen, maar dat matras lukt nooit. Dus aan wie moet ik nu weer om hulp vragen?

Eerst ontbijt. Tussen elke hap door regel ik alvast praktische zaken. Steekkarretje uit de schuur halen. Oud laken bij de deur leggen voor het geval ze het met fluweel beklede ledikant zo op de straatstenen neerzetten. Er zal toch wel overal plastic omheen zitten? En zal ik twee huizen verderop voor hulp aanbellen? Hm. Dat voelt een beetje raar: een sterke buurman vragen of hij mijn bed wil monteren. Betrof het maar een tafel. Zo’n meubelstuk is tenminste neutraal.

Eerst koffie, dat werkt rustgevend. Na een mok rijden ze voor. De bezorgers zijn aardig en begripvol. Het lukt om alle onderdelen zonder direct contact in de woonkamer te krijgen. ‘Ik heb mijn handen en het pinapparaat zojuist ontsmet.’, meldt een van hen. Nou, gelukkig maar. Hij geeft nog snel wat uitleg. Tenslotte is het verwachte kant-en-klare ledikant plots omgezet in een doe-het-zelf bouwpakket. De aanblik van alle zware onderdelen die de woonkamer blokkeren, bezorgen mij een zorgelijk déjà-vugevoel. Gaat dit weer weken duren?

Cordaat plaats ik daarom een oproep in de buurtapp. Gezocht: een sterke en handige persoon die vandaag kan helpen. Even later komt er een reactie van een mevrouw: ‘Nou ja. Sociaal contact vermijden is samen met handen wassen het belangrijkste om besmetting te voorkomen. Vind dit een erg domme post van je. …’

Tjonge. Zou ze nu werkelijk geloven dat ik niet serieus nadenk over risico’s en voorzorgsmaatregelen? Zoals: afstand houden, voor ventilatie de ramen wijd open zetten en desinfecterend middel klaarzetten.

Volgens mij is een bezoek aan de stervensdrukke supermarkt in ons dorp vele malen riskanter. En hoe veilig is het contact tussen honden van verschillende eigenaren? De buurtapp staat ook vol aanbiedingen van mensen die vanwege de coronacrisis op thuiszittende kinderen willen passen, zodat de ouders naar hun werk toe kunnen. Daar zou ik dan weer niet aan beginnen.

Maar goed, ik weet het niet. Ben ik nu echt zo dom?

Een vreemd aangenaam begin

De coronacrisis dringt maar moeilijk tot mij door. Terwijl de wereld in brand staat, wandel ik rond in een jeugdherinnering. 1973, autoloze zondag, rolschaatsende kinderen op de A4. Zo rustig is het nu hier.

Stel je voor: op deze maandagmiddag is het heerlijk zacht voorjaarsweer. Je kan naar buiten zonder jas en overal zijn kinderen op straat. Ze rolschaatsen en hebben een hinkelbaan gemaakt. Een moeder speelt midden op de weg met haar dochter een balspel. Dat kan best, er is toch geen verkeer. En plotseling zijn alle buurtbewoners met hun voortuintjes in de weer.

Is dit hoe een crisis begint? Dan zijn de eerste tekenen vreemd aangenaam.