De Einzelgänger

Voor het eerst in 2,5 jaar tijd zijn we als groep weer bijeen. Eén van ons is sinds de vorige bijeenkomst weggevallen. De op-één-na-oudste. De oudste ging haar al voor. We zijn allemaal nauwelijks veranderd. Maar van één weten we allemaal dat dit weleens de laatste keer kan zijn.

De avond ervoor bedacht ik dat ik het nu moest vragen, als ik het nog weten wou. Want hij is een enigma. Al zestien jaar lang. Altijd heel rustig, altijd heel stil. Soms ineens een grapje makend, evenals prachtige fotografie. Aardige vent, leuke vent ook. Maar ik ken hem niet.

Dus vroeg ik het, toen er een pauze in de gesprekken rondom de tafel viel. ‘Jullie zullen het wel een rare vraag vinden, maar ik wil hem toch stellen.’ Ik keek hem aan, hem alleen, en vroeg: ‘Wie is T. nou?’

Zijn vrouw zat naast hem en draaide zich een kwartslag naar hem toe. Rustig achteroverleunend en wachtend op wat volgen zou. De rest van de groep keek al even nieuwsgierig toe.

Nadat hij de tijd had genomen om zijn woorden goed te ordenen, kwamen ze er één voor één uit. Alle kenmerken die inderdaad zo kenmerkend voor hem zijn. Vooral nu hij het zelf zei.

Ik vond het eerste kenmerk dat hij noemde het mooist. Gewoon, omdat hij het over zichzelf durfde te zeggen, zonder dat er een negatieve connotatie bij kwam. ‘Einzelgänger.’

Zou ik dat voortaan ook over mijzelf mogen zeggen, of is dit nog altijd sociaal-maatschappelijk onacceptabel voor een vrouw?

Voor en achter de dijk bij Westervoort

Op een zonnige dag maak ik een rondje langs de IJssel bij Westervoort. Van het station leidt de route naar de IJsseldijk toe. Daar wordt het een kwestie van overeind blijven, standhouden, sjaal strak omdoen en met de kop in de wind doorduwen. Ik wandel via de Veerweg en het oorlogsmonument voor de Canadezen langs de Kleine Pley naar de IJsselkop toe. Dit is waar de Rijn en de IJsselstroom elk huns weegs gaan. De zuidwester trekt tranen in mijn ogen en blaast ze alle kanten op. Als ware het een zeestorm. Even verder draai ik een kwartslag om.

Van geweld naar luwte: de overgang is enorm. Na de dijk volgt een laaggelegen polder. Hier koestert het kalme land zich in de milde warmte van de zon.

Afscheid van mijn favoriete trolleybuslijn

Op deze mistige winterse dag reed ik voor de allerlaatste keer mee, van het beginpunt tot het eind, in de Arnhemse trolleybus 1. Morgen gaat de nieuwe dienstregeling in. Dan vervalt de tweede helft van de route Velp – Arnhem – Oosterbeek. Voorgoed verleden tijd. Nu kan je denken: ‘Wie is er in hemelsnaam weemoedig om het verdwijnen van een stuk buslijn?’ Nou, het zal je verbazen, maar ik ben bepaald niet alleen. Op meerdere plaatsen langs de route stonden mannen met toeters van telelenzen foto’s te nemen zodra de bus verscheen. Viel mij nog mee dat er geen spandoeken hingen met hartenkreten en steunbetuigingen.

Er zijn meerdere krantenberichten verschenen over deze wijziging. Er zijn YouTube-films gemaakt en op de buurtapp gaan sommige mensen helemaal los. Een passagier heeft zelfs een requiem geschreven op rijm. Belanghebbenden kunnen een online petitie tekenen voor het behoud van de complete buslijn. We vormen een soort genootschap, want trolleybuslijn 1 heeft een vaste clientèle. De teller loopt nog steeds. Ook vanuit Frankrijk en Ghana reageren trouwe fans.

Lijn 1 was mijn eerste kennismaking met de karakteristieke bussen in deze omgeving. Ik had al eens in een Atheense trolleybus gezeten, maar dat barrel was onvergelijkbaar.

Toch. De ingreep zat eraan te komen; er reden te weinig mensen mee. Ik wijt dit volledig aan de slechte afstemming door twee eigengereide vervoersmaatschappijen. Want tussen Arnhem en Oosterbeek gingen lijn 1 en lijn 352 bijna gelijk op. En de gebrekkige informatie op OV9292 over lijn 1 hielp evenmin mee. Helaas zit de overblijvende bus 352 vaak stampvol kwetterende studenten. Het is voor corona een ideale setting.

Wat maakte trolleybuslijn 1 eigenlijk zo bijzonder? Misschien wel het feit dat deze stadsbus als enige van zijn soortgenoten het gekrioel van de stadsdrukte achter zich kon laten. Bij Mariëndaal voelde je de rust over de bus en zijn passagiers neerdalen. Alsof hij in het losloopgebied werd vrijgelaten en wij, de passagiers, genoten daarvan mee.

De politieke misser van Rheden met de Posbank

‘Gelukkig,’ is mijn eerste ingeving, wanneer ik op het landelijke nieuws hoor, dat de gemeente Rheden het motorrijders- en autoverkeer op de Posbank niet verbiedt. ‘Gelukkig,’ want het heeft slechts een haar gescheeld, of ik was inwoner van Rheden geweest. De huidige kermistoestand kan nu gewoon doorgaan op de Posbank, een natuurgebied. Ja, jongens, gelukkig maar. Dank jullie wel, politici van de VVD, het CDA en een deel van D66, dat jullie deze waanzin dáár laten bestaan. Want waar moeten al die Harley-rijders met hun midlife crises anders naartoe gaan? Naar onze bosrijke gemeente soms? Alsjeblieft zeg, spaar me.

Even voor de duidelijkheid. De KNMV, ofwel de Koninklijke Nederlandse Motorrijders Vereniging, zit op Papendallaan 51 in ARNHEM. Hoe lang zouden die lijntjes tussen de KNMV en de politieke partijen in de aangrenzende gemeente Rheden nou eigenlijk zijn?

Afijn, jullie doen maar, hoor, daar op Rhedens grondgebied. Weten jullie wat, ik zal jullie zelfs wat tips geven. Wat ideetjes voor commerciële mogelijkheden, die ik als professional in andere landen heb opgedaan. Want al die heidepollen en die bomen staan daar nu maar een beetje dom te staan. Daar hebben we zo toch ook niks aan. Nee, daar kunnen we best een verdienmodelletje voor ontwikkelen.

Tip 1. Leg een kabelbaan aan. Zodat de mensen al vanaf het pannenkoeken-restaurant nabij het station in Rheden regelrecht via de kabel naar de Posbank kunnen gaan.

Tip 2. Tover de uitkijkpost met het bankje van meneer Pos om tot podium. Die plek is daarvoor ideaal. Dan kunnen er artiesten optreden, zoals de Snollebollekes, bijvoorbeeld, ter vermaak van alle wandelaars. Anders is het daar toch maar saai. Gewoon wat geluidboxen erbij en knallen maar.

Even terzijde. De heer Pos was hoofdconsul en de 2e voorzitter van de ANWB. U weet wel, die automobilistenvereniging. Vandaar.

Tip 3. Leg ook maar gelijk een attractiepark aan. Je moet het pleps en de kindertjes bezig houden, nietwaar? Gewoon iets in de stijl van Disneyland, zeg maar. Nou ja, iets kleiner dan en compleet met een arsenaal aan restaurants. Er zullen wel wat bomen plaats moeten maken voor de benodigde parkeervakken, maar alla.

Tip 4. Ja, ja, mensen, komt dat zien. Het beste heb ik namelijk voor het laatste bewaard. We leggen er een dierentuin aan! Nee, niet zomaar een dierentuin. Natuurlijk niet. Veel te saai. Nee, we leggen er een dierenpark aan waar we de dieren kunstjes laten doen. Neem een voorbeeld aan landen in Oost-Europa, Turkije en China en zo. Daar weten ze wel hoe ze de beren aan het dansen krijgen, hoor. Echt leuk om te zien.

Trouwens, ik herinner mij nog zo’n dierenpark in Indonesië met een enorme krokodillenbak. Kan je meteen tasjes en schoenen van krokodillenleer in het assortiment van de souvenirwinkel opnemen. Want ja, een winkel, dat was ik nog vergeten. Maak er meteen maar een megastore van, daaro bovenop die Posbank.

Ach, wat een briljante ideeën heb ik in vergelijkbare bananenrepublieken opgedaan.

Oh, en niets te danken hoor. Graag gedaan.

De zoete geur van nectar op de hei

Het is inmiddels een jaarlijkse traditie geworden om in augustus naar de Posbank te gaan. Bij voorkeur op een doordeweekse dag, met iemand die de mooiste achteraf paadjes kent in de directe omgeving. De drukte valt niet meer te vermijden (denk: molens in Kinderdijk), maar zolang de groepen motorrijders afwezig zijn, kun je er volop genieten van een heuse natuurbeleving. Want als je even stil bent, hoor je de bijenvolken zoemen, terwijl de schapen van de Rhedense kudde het gras maaien, en de lome wind je zongewarmde zoete vleugjes nectar toewaait.

Ver weg van hier

Oh, ik besef dat er een element van vluchtgedrag in zit. In al die mooie natuurfoto’s en daarbij de ontdekking van al die wonderlijke details. Ik kan mij helemaal verliezen in fantasietjes en het verzinnen van een verhaal. Zelfs de aanleiding voor het onderzoek dat ik nu verricht, sluit hierbij aan. Want wat fascineert er meer, dan de ontdekking van een periode in de lokale geschiedenis waarvan bijna niemand precies weet wat zich hier heeft afgespeeld? Oké, het draait dus vooral om nieuwsgierigheid.

Maar als alles twee kanten heeft, positief en negatief, dan kan nieuws-gierigheid overgaan in vluchtgedrag. En soms krijgt dat de overhand.

Ik heb moeite met het nieuws van deze week. Er moet een miljoen huizen worden bijgebouwd en Lelystad Airport krijgt ineens toch 10.000 vliegbewegingen per jaar. Verder moeten er nog meer bedrijven hiernaartoe worden gehaald. Daarom moeten de wegen worden verbreed, want het moet logistiek gezien wel een beetje doorstromen allemaal. De welvaart moet toenemen, zodat we, kortom, nog betere consumenten worden.

We moeten meer mountain bikes willen kopen, bijvoorbeeld, waarmee we overal doorheen moeten willen crossen. Daarom gaan we meer paden aanleggen, midden in het bos. Als extraatje, naast de autowegen, ruiterpaden, gewone fietspaden en wandelroutes die er al zijn. Geen idee waar de hertjes en de hazelwormen moeten blijven, maar dat is hun probleem. Consument zult gij zijn!

Bovendien moeten al die spullen ergens worden opgeslagen, dus bouwen we meer megaopslagruimtes bij. En we hebben grotere woningen nodig. Bij voorkeur vrijstaand, dat spreekt voor zich. Zullen we dan meteen maar de hele Veluwe kappen? Dat terrein ligt hoog en droog, en dan zijn we gelijk van die irritante stiltegebieden af.

Ik kan nog wel genieten van mijn kleine ontdekkingen. Zoals het feit dat een oranje trilzwam 15 graden vrieskou glansrijk kan doorstaan, getuige het zwammetje dat ik vorige week zag. Een deel van de natuur zal zich tijdig aan de komende klimaatverandering aanpassen. Maar of ik dat kan?

Soms doemen de toekomstbeelden op, en daarmee de aloude vragen. Zit ik hier wel goed? Hoe lang zal ik blijven? Wat is een goed moment voor vertrek? Door de huidige gekte op de woningmarkt is mijn huis nu veel waard. Zal ik eens in het buitenland rondkijken, om daar eventueel naar uit te wijken? Maar waar dan? Duitsland, België, Frankrijk? Landen waar meerdere voorouders vandaan kwamen. Of naar het noorden? Zweden misschien? In een goed geïsoleerd woning en met goede kleding aan is die kou best te verdragen. Een VRT-programma als Het hoge noorden met de sympathieke Annemie Struyf wakkert deze vragen bij mij nogal aan. …