Aan die mannen heb je ook niks

Maandagochtend. Ik heb een afspraak met de klusser die hier vorig jaar al kwam. Vandaag gaan we de nieuwe wasmachine op zolder verplaatsen. Dan komt het apparaat precies boven twee draagbalken te staan, die (hopelijk) wèl in de stenen muur verankerd zijn. Nu staat de wasmachine namelijk op een zwevend vloerdeel. De trillingen gaan bij het centrifugeren dwars door mijn hele huis heen. Hier tob ik al weken mee.

Het is nogal een gepuzzel om de beste plek te vinden. De meeste draagbalken gaan schuil tussen vloerbedekking, planken en verlaagde plafonds. Wel is er een schuine steunbalk zichtbaar nabij het zolderdak. Die balk loopt door boven de trap. Staand in het trapgat kan ik opmeten waar een vloerdraagbalk op de overloop zich bevindt ten opzichte van die schuine balk. Eerst recht naar beneden en dan vier centimeter naar links tot de rand van de vloerbalk. De vloerbalk is zes centimeter breed. Ongeveer zestig centimeter verderop zit de volgende draagbalk.

Kortom, ik popel om de wasmachine te verplaatsen, in de hoop dat er dan minder trilling ontstaat. Vandaag dus. Echter, wie er ook komt, niet meneer de klusser. Het is weer zover. Hij is van goede wil, maar met afspraken totaal onberekenbaar. Deze keer is hij verkouden en moet hij veel hoesten. Ach gossie toch. Zeggen kerels daar nu ook al voor af?!

Oh, wat frustreert mij dit toch weer. Want wie anders kan ik nu vragen? Moet ik voor hulp naar de lokale witgoedboer gaan? Moet ik soms de timmerman bellen die hier onlangs een deur ophing? Of moet ik gelijk maar een loodgieter inschakelen en de aansluitingen in de keuken gereed laten maken? Al is het uitermate onhandig wanneer de wasmachine daar moet staan. Ik baal zo van de hele situatie dat ik er depressief van word. En vervolgens word ik nog beroerder van mijn moedeloze gevoel.

‘Nou,’ denk ik, ‘dan ga ik het zelf wel doen!’ (Nou ja, even doen …) De wasmachine weegt 75 kilo en hij staat met rubber pootjes op stroeve vloerbedekking. Ik gooi er mijn volle 56 kilo tegenaan, maar hij verroert geen vin. Dan maar slim zijn. Tenslotte heb ik al eerder hele kasten versleept op stukken karton. Deze keer blijkt laminaat het beste transportmiddel.

Eerst wurm ik twee planken onder de pootjes. Daarna zet ik mij schrap en duw ik uit alle macht, diagonaal tegen de wasmachine hangend. Het enige wat er gebeurt, is dat ik uit mijn pantoffels glij. Dus schop ik mijn pantoffels opzij om op sokken verder te gaan. Waarna ik ook uit mijn sokken glij. Dan maar helemaal naar beneden lopen, schoenen met rubber zolen aandoen, en verder duwen. Eindelijk komt er beweging in. Ik duw en sjor net zo lang tot de wasmachine op het juiste aantal centimeters van de schuine balk af staat. Tadáa!

Ach, wat heb je ook eigenlijk aan mannen?

Twee giraffen voor de kerk

In Deventer staan twee giraffen voor de Lebuïnuskerk: een moeder met een jong. Ze hangen vol lampjes en zijn in het donker goed te zien. Overdag is dat wel anders. Dan verdwijnen ze bijna in de kleurschakering op de achtergrond. Volgens internet doen deze gracieuze dieren niet aan camouflage. Toch werken hun schutkleuren perfect.

Lijst van logjes met toepasselijke muziek

December. Buiten is het nat en donker; thuis is het warm en licht. Ik verkeer nu graag in mijn eigen wereld en luister veel naar muziek. Deze maand blikt menigeen terug op werk, relaties, ingrijpende gebeurtenissen en veranderingen. Kortom: op het eigen leven. Ik doe nu iets vergelijkbaars op Raam Open met een vervolg op Muziek voor bij het log. Dat bericht stamt uit februari 2018. Mijn plan was toen om logjes vaker te voorzien van passende muziek. Oordeel zelf maar of dat is gelukt.

Smakelijk eten uit lang vervlogen tijden

Lezing Christianne Muusers oude gerechten in Leids Wevershuis

Anno nu ligt het voedsel uit de hele wereld voor het grijpen in de supermarkt. Vruchten uit Azië, groenten uit Latijns Amerika en knollen uit Afrika. Je moet bijna zoeken naar wat er van oorsprong in de Hollandse pot zat. Fushion-gerechten vieren hoogtij. Maar is dit fenomeen wel zo nieuw? Gisteren bezocht ik een boeiende lezing door culinair historica Christianne Muusers in Museum het Leids Wevershuis. Zij vertelde dat men in de middeleeuwen al een grote variëteit aan ingrediënten kon kopen.

Ons idee is dat er vroeger weinig variatie was. Dat klopt slechts ten dele. Arme mensen aten vooral wat lokaal werd geproduceerd. Zij konden weinig exotische ingrediënten betalen. Maar de rijken hadden al vroeg een ruime keuze. Tal van ingrediënten raakten echter in onbruik na de middeleeuwen. Denk aan de zogenaamde ‘vergeten groenten’. Ook het huidige aanbod op de afdeling vleeswaren is in die zin een teken van verschraling. Waar zijn de zwaan en de varkenspootjes gebleven?

Exotische kruiden en specerijen waren van oudsher zeer duur. Tot de glorietijd van de VOC moest elk onsje over land worden vervoerd via de zijderoute. Daarna bracht de VOC onder meer kaneel en kruidnagel in grotere hoeveelheden op de markt voor een kleiner prijsje. Mede hierdoor verdrongen dergelijke specerijen de oorspronkelijke en vergelijkbare ingrediënten. Exotisch pittig (peper) verving inheems pittig (mosterd). Toch waren ook de oudst bekende smaakmakers vaak al eerder van elders ingevoerd.

Smakelijke verhalen en eeuwenoude recepten staan op Christianne’s website Coquinaria. Na de lezing was er een kleine proeverij van vlees-met-vis pasteitjes, hutspot zoals die in 1574 waarschijnlijk werd samengesteld (Leidens Ontzet!), marsepeinen egeltjes en hypocras (‘godendrank’ ofwel gekruide wijn). Die wijn smaakt zowel lekker als naar medicijn. Dat laatste is niet vreemd, wanneer je bedenkt dat er medicinale krachten aan kruiden werden ontleend.

Zoek je inspiratie voor een origineel kerstdiner, dan kan je op haar website je hart ophalen. Begin vroeg met de voorbereiding, want het kost tijd om de minder bekende ingrediënten bijeen te brengen.

NB: Bovenstaande foto is genomen in de huiskamer van Museum het Leids Wevershuis (gebouwd rond 1560), met rechts de spreekster en achter het scherm de oude bedstede.

De laatste kleur van de herfst: blauw

Blauw, denk ik, blauw. Wat is er medio november in hemelsnaam nog blauw? Nergens valt wat blauws te bekennen. Alle blauwe bloemen zijn verdord en er is geen blauwe paddenstoel te vinden. Voor de blauwige waas van eucalyptusbladeren moet je in Australië zijn. In Nederland is er niets inheems blauw. Nou ja, behalve een paar vergeten bosbessen misschien. En de heldere hemel, maar dat geldt voor ieder seizoen.

Zal je net zien bij de laatste kleur in de serie. Valt er geen blauw natuur- fenomeen te fotograferen. Hoewel? Regen is kenmerkend voor de herfst. Daarom heb ik de tuin van de Koningin van de Vrede bezocht. (Echt hoor, tijdens de herfst verblijf ik continu in een sprookjeswereld.) Dit is het resultaat: ‘Herfstpalet met blauw en goud in de vijver van Regina Pacis’. Voilà.

Herfstpalet met blauw vijver Regina Pacis

De kleuren van de herfst: groen

groen sprookjesachtig mos

Groen is een kleur die je het hele jaar door aantreft. Zo blijven naaldbomen, hulst en gras groen, hoewel ze in de herfst nauwelijks groeien. Daarom was het even zoeken naar een kenmerkende groentint voor de serie over dit seizoen. Ik kom uit bij mos. Mos gedijt namelijk het beste wanneer het koel en vochtig is.

In IJsland groeien de prachtigste soorten en het grillige landschap daar prikkelt de fantasie. De mijne in elk geval. Mos hoort samen met paddenstoelen tot de natuurfenomenen uit het rijk der fabelen. Daarom plaats ik hier een foto van intens groene pollen mos. Ze lijken wel van fluweel en ze groeien op landgoed Koningsoord. Die naam klinkt toch best sprookjesachtig, of niet soms?

De kleuren van de herfst: bruin

herfst beuk takken met bruin blad

Misschien is bruin wel de meest voorkomende kleur in de herfst. Welke tint bladeren oorspronkelijk ook hebben, eenmaal neergedwarreld zijn ze veelal bruin. Daarnaast groeien er paddenstoelen in een heel scala aan tinten. Sinds ik regelmatig foto’s neem, zoek ik naar de bijbehorende namen. Soms lukt dat, maar vaker is het giswerk. Er groeien namelijk wel 6.000 soorten zwammen in ons land.

Op mijn boswandelingen speur ik voor deze serie naar fotogenieke plaatjes. Een overhangende tak, het zonlicht op een blad, een vergezicht of een paddenstoel in het gras. Zo ontdek je nog eens wat. Bijvoorbeeld dat beuken per soort anders verkleuren. En dat maar weinig paddenstoelen alleen in de herfst groeien. Daarom plaats ik hier weer een foto van verkleurde blaadjes. Die geven de herfst toch het beste weer.

Of nou ja, vooruit dan, nog één paddenstoel, in ruitvorm.

bruine paddenstoel verm boleet ruitvorm