Verwachtingen

Voor mijn gevoel wordt het weer tijd voor een logje. Ik had bij aanvang van dit blog eigenlijk niet bedacht dat ik voortaan zou moeten gaan voldoen aan een verwachting. De verwachting onder volgers van de regelmatige verschijning van een nieuw logje.

Hoe vaak in ons leven proberen we te voldoen aan verwachtingen? Verwachtingen die we van onszelf hebben. Verwachtingen die anderen van ons hebben. En hoe vaak gaat het daarbij om verwachtingen die nooit worden uitgesproken, maar die we wel voelen? Die reëel zijn, of die we ons inbeelden.

Van de vele vormen van vrijheid, waarnaar we kunnen streven, is vrij zijn van verwachtingen er één van.

PS: Het kunstwerk hierboven is een watervalletje op zijn kant, gefotografeerd door de eigengereide camera van mijn smartphone, die zelf zijn ding doet wanneer hij daar zin in heeft.

Krijg die bestanden er maar eens af

Onlangs heb ik een nieuwe laptop gekocht: een ASUS VivoBook met Microsoft 365 personal abonnement. Alles werkt prima en mijn eigen bestanden staan er ook weer op. Toch heb ik een prangende vraag: hoe krijg je tegenwoordig persoonlijke bestanden van een oude laptop af? Vroeger was dit eenvoudig. Je ging naar Verkenner en haalde alle mappen weg. Nu moet je rigoureuzer te werk gaan, anders blijven er persoonlijke bestanden in diverse programma’s staan.

Zo heb ik alle mappen met afbeeldingen verwijderd uit het fotoprogramma. Ook heb ik via schijfruimte opruimen alle miniaturen gewist. En toch blijven ze maar opdoemen. Foto’s van drie en zelfs tien jaar geleden rouleren vrolijk verder in het tegeltje van mijn startmenu.

Is het dan werkelijk nodig om de harde schijf eruit te slopen? Ik breng graag een lege laptop naar het afvalstation. Wat er daarna mee gebeurt, is namelijk moeilijk te volgen. Misschien gaat zo’n apparaat naar de recycling toe en haalt een vreemde je gegevens weer tevoorschijn.

Pasgeleden heb ik twee andere oude apparaten weggebracht. Een heel oud transistorradiootje en een printer die ik amper kon gebruiken. Want al deed die printer het nog wel, hij had één serieus mankement. Om de haverklap moesten er nieuwe cartridges in. Die zijn steeds binnen no-time leeg, of ze drogen razendsnel uit vanwege te weinig gebruik. Dat hoort bij het verdienmodel van de fabrikant: uiteindelijk ben je meer geld aan cartridges kwijt, dan dat zo’n printer heeft gekost.

Oude spullen wegbrengen ruimt lekker op. Al moet ik zeggen dat ik achteraf toch wat minder gemoedsrust had. Onderweg realiseerde ik mij ineens dat die printer een display heeft. Daar deed ik weinig mee. Maar zou dit dan betekenen dat hij alle printopdrachten onthouden heeft? Printjes van belangrijke correspondentie, bankafschriften en mijn belastingaangifte met Burgerservicenummer en zo?

De troost van Prediker

Bij de uitvaart van prins Philip werd een prachtige tekst voorgelezen uit Ecclesiastes. Ecclesiastes is het boek Prediker uit het Oude Testament. Veel mensen stappen nu sneller naar een coach, dan dat ze raad zoeken in dat boek. Maar ik kan de Bijbel in bepaalde situaties best aanbevelen. Neem nu dat boek Prediker. Daar staan veel wijze woorden in. Ik zou zeggen: lees het eens als je wat melancholiek bent.

Deze week was ik nogal caught off-balance, so to speak. Het kwam door een relatief onbelangrijke gebeurtenis. Iemand anders zou er misschien zijn schouders over ophalen en gewoon weer doorgaan. Ik niet. Deze keer in elk geval. Het gaf mij een gevoel van verslagenheid. Van verlies. Alsof alles fout gaat en ik nooit meer eens iets win. En als dat eenmaal begint, dan komen gelijk al die andere voorvallen uit het verleden voorbij, in een lange rij. Dat is wel de pest van ouder worden: hoe meer levenservaring je hebt, hoe meer er op zulke momenten ook weer boven komt.

Veel mensen putten troost uit hun geloof. Maar troost kan evengoed komen uit onverwachte hoek. Namelijk uit onderzoek. Vandaag lees ik het boek De Polen van Driel, van George F. Cholewczynski. Dit gaat over de Polen die samen met de geallieerden tegen de Duitsers vochten in de slag om Arnhem. En dan vooral over generaal-majoor Stanislaw Sosabowski. Het is een boek waar je in het begin even doorheen moet, maar dan krijg je ook wat. Ik lees het bewust, omdat elk verhaal meerdere kanten heeft. En deze man leefde niet in de makkelijkste tijd van zijn landsgeschiedenis.

Het is een verhaal van onverwachte wendingen; van agressie en verraad. Van trots, machteloosheid en verlies. Van bizarre situaties waarin ieder van ons kan belanden en die je doen afvragen welke keuzes je zelf in zo’n geval maakt. Als – dan. Daarover gaat het boek Prediker ook.

Vanwege mijn reizigersverleden beschouw ik het Britse koningshuis een beetje als het mijne. De uitvaartdienst van Prins Philip vond ik waardig en mooi. [En nee, ik hoef niet te weten wat een ander hiervan vond.] Je kon gelijk zien waar bepaalde scenes uit The Lord of the Rings op zijn gebaseerd. Terwijl ik naar deze plechtige uitvaart keek, kwam er weer een hele serie beelden langs uit het verleden. Beelden van landen in de Commonwealth, en andere die ooit Brits zijn geweest.

De oude Britten en ik delen een stukje geschiedenis, hoe klein ook. Daarom raakte deze tekst uit Prediker mij zo:

Ecclesiasticus 43. 11-26.

‘Look at the rainbow and praise its Maker; it shines with a supreme beauty, rounding the sky with its gleaming arc, a bow bent by the hands of the Most High. His command speeds the snow storm and sends the swift lightning to execute his sentence. To that end the storehouses are opened, and the clouds fly out like birds. By his mighty power the clouds are piled up and the hailstones broken small. The crash of his thunder makes the earth writhe, and, when he appears, an earthquake shakes the hills. At his will the south wind blows, the squall from the north and the hurricane.

He scatters the snow-flakes like birds alighting; they settle like a swarm of locusts. The eye is dazzled by their beautiful whiteness, and as they fall the mind is entranced. He spreads frost on the earth like salt, and icicles form like pointed stakes. A cold blast from the north, and ice grows hard on the water, settling on every pool, as though the water were putting on a breastplate. He consumes the hills, scorches the wilderness, and withers the grass like fire.

Cloudy weather quickly puts all to rights, and dew brings welcome relief after heat. By the power of his thought he tamed the deep and planted it with islands. Those who sail the sea tell stories of its dangers, which astonish all who hear them; in it are strange and wonderful creatures, all kinds of living things and huge sea-monsters. By his own action he achieves his end, and by his word all things are held together.’

Onzichtbare vooruitgang

Dit is zo’n week van hele kleine stapjes. Ik doe wel wat en het leidt ook ergens toe, maar ogenschijnlijk verandert er weinig. Ik stuur een mailtje en geef een antwoord. Ik pleeg een telefoontje en doe navraag voor een afspraak. Iemand belt mij steeds vanaf een privé-nummer wanneer ik net in een andere kamer ben, waar de ringtoon onhoorbaar is.

De oogarts van het ene ziekenhuis wacht op een brief van de oogarts in het andere ziekenhuis. Die brief is een maand geleden geschreven en in het systeem gezet. De volgende stap is nu: de verzending. Maar door wie? En wanneer?

Ik bel naar het ene ziekenhuis, waar iets in gang wordt gezet. En ik bel naar het andere ziekenhuis, waar de brief in het systeem wordt ontdekt. De brief zal door een medewerkster in het universitaire ziekenhuis op de fax worden gezet. We schrijven donderdag 25 maart in het jaar des Heren 2021.

Ach, de natuur neemt ook de tijd. We zetten allemaal onbeduidende stapjes op weg naar vergankelijkheid. Als ze dan maar voor even ergens toe dienen.

Vol goede moed

‘Fijne kerstdagen en vol goede moed, vertrouwen en positiviteit het nieuwe jaar in! Groetjes, J.’ staat er op het kaartje dat een straatbewoonster eind 2020 bij mij in de bus stopt. We kennen elkaar van de feestcommissie. Toen ik bij het samenstellen van de foto-expositie op een bijzonder detail uit het verleden stuitte, was zij degene die de meeste interesse toonde in het vervolg van mijn zoektocht en het uiteindelijke verhaal.

De foto-expositie is voor mij een project van uitersten gebleken. Het was naar buiten toe een regelrecht succes. Tegelijkertijd ik heb ook meerdere hoofdpijndossiers voor mijn kiezen gekregen. En met één van die dossiers ben ik nog steeds bezig.

We worden allemaal weleens geconfronteerd met kwesties waaraan veel haken en ogen zitten. Soms loop je tegen complicerende regels aan. Daar kan je misschien creatief mee omgaan. Soms tref je iemand die dwarsligt uit volle overtuiging. Dan kan behoedzaam gemanoeuvreer en diplomatie helpen. Vooral bewust bot en onachtzaam gedrag vind ik echt storend en onverdraaglijk.

Of je behendig met hindernissen om kan gaan, hangt sterk af van je eigen vitaliteit. Voor wat dat inhoudt, grijp ik terug op een stukje tekst uit een oud log:

‘Er staat thuis al weken een mailtje in mijn inbox. Het is van een coaching bureau waarbij ik ooit een persoonlijk balanstraject heb gevolgd. Ik bewaar er goede herinneringen aan. Cees van den Eijnden is de auteur en hij schrijft over vitaliteit. Kort samengevat:

Vitaliteit omvat drie dimensies:

  • Energie: de mate waarin je je energiek, sterk en daadkrachtig voelt.
  • Motivatie: de mate waarin je doelen stelt in het leven en er naar streeft die te bereiken.
  • Veerkracht: de mate waarin je in staat bent om met de (dagelijkse) problemen en uitdagingen om te gaan.

 Vitaliteit wordt gevoed door drie bronnen:

  • Mentaal: je staat sterk in je schoenen.
  • Fysiek: je voelt je sterk en gezond.
  • Sociaal: je voelt je verbonden met je omgeving en de maatschappij.

Daarnaast word je beïnvloed door sociaal-demografische kenmerken, je omgeving en leefstijlfactoren (bewegen, voeding, ontspannen, en de balans daarin).’

Mijn vitaliteit is tegenwoordig minder dan ik zou willen. Daarom verwacht je dat de woorden van de buurtbewoonster hierboven voor mij bestemd zijn. Maar ik twijfel. Soms wensen we een ander datgene toe wat we onszelf toewensen. Goede moed, vertrouwen en positiviteit in het nieuwe jaar. Het zijn de woorden van iemand die toen wachtte op de uitslag van een test. Dit jaar zal waarschijnlijk haar laatste worden.

Zoals ik jou ken …

Onlangs reageerde iemand onder een persoonlijk logje op dit blog. Ze begon met: ‘Zoals ik jou ken …’ Er volgde een beschrijving van hoe ik volgens haar denk. Zelf dacht ik alleen maar: ‘Waar haal je het vandaan? Wij ‘kennen’ elkaar slechts van internet en wij hebben elkaar nooit ontmoet.’

Kijk eens naar het echte leven. Wanneer ken je de ander nu werkelijk goed?

Heimwee naar de eindeloze snelweg

Het komt vast door alle beperkingen. ‘Reis alleen met het openbaar vervoer als dat echt nodig is.’ Zo luidt het devies. Cafés en restaurants zijn dicht. Mijn wereld is nu gereduceerd tot een cirkel van vijf kilometer. Verder daarbuiten begeef ik mij niet. Het is mijn vrije keuze, hoor, ik pas mij gewoon aan. Maar het bloed kruipt intussen wel waar het niet kan gaan.

Ik kan een poos op één plaats blijven. Geen probleem. Momenteel vind ik dat ook best aangenaam. Alleen moet zo’n toestand nooit lang duren, want dan komen de gedachteflarden. En daarmee de kriebels en het verlangen.

Vandaag overviel mij zo’n flard. Of eigenlijk was het een doorvoelde herinnering aan hoe ontzettend fijn ik het vind om heel lang onderweg te zijn. Voorin zittend op de passagiersstoel, ergens op zo’n eindeloze snelweg. De beste wegen bevinden zich Australië, want daar komt er werkelijk geen eind aan. Uren en uren kan je door blijven rijden, zonder onderbreking zo je wilt.

Ik zou kunnen léven op zo’n snelweg. Voor een tijdje dan.

(Onderweg van Derby naar Fitzroy Crossing, W. Australië, 1988.)