Binnen zitten

Door alle nattigheid van de laatste tijd hebben we de neiging om binnen te blijven. Ik tenminste wel. Met als gevolg dat de stapel leesvoer flink is geslonken. Het huis is schoon en de was hangt te drogen. Vrijdagochtend 09.38 uur. Ik heb alles gedaan wat er op mijn lijstje stond. Nu is het wachten op inspiratie voor het volgende blogonderwerp.

Geduld …

Geduld …

I’m watching the grass grow.

Weten jullie nog wat?

Kleine meevallers geven een rijk gevoel

Geld maakt niet gelukkig; geluk schuilt in kleine dingen. Dat zeggen ze tenminste. Toch droom ik al jaren van een klapper in de Staatsloterij, want geld maakt het leven wel degelijk aangenaam. Deze week had ik enkele meevallers. Het begon op maandag. Die dag had ik een vroege afspraak bij de huisarts.

De wekker gaat en het eerste wat ik doe, is hem met een onhandige zwaai kapot gooien. Fijn. Goed begin. Hij is al vaker uit elkaar gevallen en tot nu toe kon ik hem steeds maken. Deze keer ziet het er ernstiger uit. De digitale cijfers verschijnen slechts half in beeld. Maar zodra ik de batterij eruit haal en terug stop, werkt hij weer. Echt, deze wekker is onverwoestbaar.

Die afspraak bij de huisarts zit mij trouwens dwars. Ze is nogal streng en kordaat, terwijl ik een vaag pijntje heb. Ik had hiervoor al eens eerder een afspraak gemaakt, toen het pijntje verdween. Nadat ik had afgezegd, kwam het pijntje prompt weer terug. Dus maakte ik een nieuwe afspraak. Maar nu is dat vage pijntje opnieuw weg!

Ik moet wat verzinnen. Je kan toch moeilijk ’s morgens om 08.00 uur een afspraak voor 08.20 uur afbellen. Gelukkig heb ik altijd reservekwaaltjes. Ongemakjes die de huisarts vast als aanstellerij beschouwt. Zo’n reservekwaaltje komt nu goed van pas. Ze gaat er nog wat aan doen ook. Kijk, dan voel ik opluchting.

Een ander soort verlichting ervaar ik wanneer ik overtollige spullen wegdoe. Zo bewaar ik al jaren een oud toiletkastje. Deze woning had al een compleet ingerichte badkamer, dus staat het oude kastje in de schuur. Ik wil het kwijt. Maar zonder auto kan ik het moeilijk naar het afvalstation brengen. Zojuist verscheen er een vrachtwagen in de straat om bouwafval op te halen. Ik er naar toe en nu ben ik eindelijk van dat oude kastje af.

Regelmatig voel ik me rijker worden wanneer ik spullen weg kan doen. Waarschijnlijk komt dat door de wetenschap dat er genoeg over blijft.

Inzichten uit het gewiste verleden van Raam Open

Een grote schoonmaak kan nog weleens tot hernieuwde inzichten leiden. Na het wissen van 115 logjes op Raam Open deel ik ze graag, voordat ze in de prullenbak verdwijnen.

Verwondering is het begin van alle wijsheid. Aristoteles, Griekse filosoof.

‘Ach, wat ben je toch afhankelijk van anderen om zelfstandig te kunnen zijn.’

Some people are so poor, All they have is money. Gelezen op consuminderen met plezier.

‘Soms is niets wat het lijkt en bepaalt de context alles.’

En dit oudje van 21 november 2014 krijgt een tweede kans, want de tekst is toepasselijk en de muziek is het beluisteren waard:

‘December nadert en daar kijk ik altijd naar uit. Het is typisch zo’n wintermaand om heerlijk thuis te blijven. Vooral wanneer het buiten koud en donker is. Nu werken de meesten van ons nog naar de kerstvakantie toe. Wanneer het zover is, komt bijna alles tot rust. Ik heb dan stapels tijdschriften en vakantiegidsen in huis. Muziek en port erbij, genieten maar. Een onnavolgbare gedachtekronkel leidt mij naar het Midden-Oosten … December, kerst, Bethlehem? Vul zelf maar in. Met muziek ben je er zo.’ Uit: Decemberdwaling.

De foto komt uit het logje: Nagenieten van Ierland.

Al je wachtwoorden aanpassen

Zit je vaak op internet, dan is de kans groot dat het een keer gebeurt. Vandaag ben ik aan de beurt. Er komt een e-mailtje binnen met als onderwerp mijn e-mailadres en mijn voluit geschreven wachtwoord. Slik. Okeeee … Dit is zo’n ‘stay calm and don’t panic’-moment. Al is het bericht bij nader inzien best lachwekkend. Want een zekere Aubrie heeft via de camera van mijn laptop stoute dingen gefilmd.

‘One of the x-rated videos website you watched was infected with my malware which recorded a video of your immoral sexual doings from your webcam and even recorded the clip you were playing! In the video you really are looking exciting. Your current mail and Facebook contacts were at that time sent to me by my malware.’

Grappig zeg, die Facebook contacts. Ik mijd Facebook namelijk al mijn internetleven lang als de pest. Binnen 24 uur moet ik USD 3.000 op een Bitcoin-rekening overmaken. ‘If I don’t get the money,’ dreigt Aubrie, ‘I will send your video to every contact of yours. Consider regarding the disgrace you experience. and likewise if you happen to be in a committed relationship, exactly how it will affect?’ Nou beste Aubrie, dat zal mij een zorg zijn.

Maar goed, mijn wachtwoord dus. Dat is wel een dingetje. Want net als iedereen heb ik tal van accounts bij bedrijven, netwerken en instellingen. En dat specifieke wachtwoord is ook het wachtwoord van mijn laptop. Het stamt nog uit de beginfase van internet. Bovendien is het onderdeel van wachtwoorden voor DigiD en mijn betaalrekening. Het is nu eenmaal lastig om veel verschillende wachtwoorden te onthouden.

Nu ben ik al úren bezig met wachtwoorden checken en aanpassen, want overal moet je een account met wachtwoord hebben. Wil je een prijsvraagje invullen? Hup, wachtwoord aanmaken. Of wil je een poster bij PimpJeDeur bestellen? Fijn, maar wel even een accountje maken. Zo gaat het maar door. Gelukkig heb ik tijdens de vorige alarmfase (toen LinkedIn was gehackt) al veel wachtwoorden veranderd. Maar ongemerkt zwerven er nog diverse bijna vergeten accounts rond. En daar staat dat oude wachtwoord.

Eigenlijk moet ik Aubrie bedanken. Dankzij haar heb ik schoon schip gemaakt en veel accounts opgezegd. Bij sommige organisaties ging dat vlot. Die geven helder aan hoe het moet. Anderen hebben al eerder mijn account verwijderd wegens onbruik of systeemwijziging. Ook goed. Alleen het account van Ticketmaster wil van geen wijken weten. En ik kan het bloed van die lui daar toch al drinken. Grrr.

Hoe ga jij om met accounts en wachtwoorden?

‘Verbranden’

Intermezzo van de hoofdzonden. – Hoewel? Ik zondig nu tegen mijn eigen regel. Want ik ga toch over mijn moeder schrijven. Ze is halverwege de tachtig en bezig met opruimen. Een meubelstuk, stapels boeken, kleding van mijn overleden vader en meer gaat weg. Dat lijkt me verstandig. Als je behoeften veranderen, heb je weinig aan spullen uit een vorige fase. Wel druk ik haar op het hart om mij oude voorwerpen te tonen voordat zij die wegdoet.

Want wat zij als troep beschouwt, vind ik juist bijzonder. En andersom. Ik heb de afgelopen jaren dan ook al duizend keer gezegd: ‘Neehee, hoef ik niet’, wanneer ze weer met prullaria van een rommelmarkt aankwam. In mijn ogen dan. Haar huis puilt uit. Overal staan plantjes en beeldjes en potjes en frutsels. Als je bij haar iets uit een kast wil pakken, moet je eerst andere spullen opzij schuiven.

Toch heeft ze de afgelopen decennia wel vaker opgeruimd. Alleen merkte ik daar nooit wat van. Alles stond nog even vol. Maar kennelijk ruimt ze deze keer echt grondiger op. En hoe gaat zoiets? Je trekt een schoenendoos open of een plastic tas, en komt oude papieren tegen. Waarna je even gaat zitten en drie uur later nog zit te lezen.

Ik heb dat in het verleden ook gedaan. Zo’n 25 jaar geleden moesten mijn schoolagenda’s eraan geloven. Die uit mijn pubertijd. Wat daarin stond, was gewoon te gênant voor woorden. Ik heb ze vlak voor een verhuizing weggedaan. En op mijn vorige adres dumpte ik mijn dagboek. Want in dat dagboek ging ik mooie levenservaringen opschrijven, maar vaker werd dat stoom afblazen. Stel dat je per ongeluk dood neervalt en je nabestaanden die bladzijden vol drama’s aantreffen? Echt niet.

Afijn, onlangs was ik dus bij mijn moeder. Een vrouw die ik redelijk goed denk te kennen. Maar iedereen mag geheimen hebben. Zij ook. Dus heb ik mij beheerst, toen ze in de keuken bezig was en ik op haar bureau een open envelop zag. Met ongeziene inhoud. En met haar handgeschreven opdracht op de buitenkant: ‘Verbranden’.

Bloggen is ook: mislukte logjes oplappen

Goed schrijven is vooral veel schrappen, zeggen ze. Dat kan kloppen. Onlangs werkte ik aan een pittige tekst over bitcoins. De focus was echter nogal eenzijdig, terwijl ik zaken liever van meerdere kanten bekijk. Verder haperde mijn gedachtegang. In feite moest ik nog details natrekken en alles beter aan elkaar schrijven. Ook stond het vol ferme termen: asociaal, ondemocratisch, discriminatoir. En een idee in de slotalinea kwam niet uit de verf. Kortom, het rammelde en diverse alarmbellen gingen af. Maar ik negeerde het gerinkel en plaatste het op internet.

Tegen beter weten in natuurlijk. Want zo’n actie blijft nooit lang ongestraft. Weldra begonnen de onafgewerkte randjes en vragen te knagen: Hoe zit het nu precies met dat energieverbruik? Worden er illegaal computers voor mining van bitcoins gebruikt, of betreft dat een andere munteenheid? En al die heftige termen, moeten die nu echt? Dan mijn kronkel naar Afrika. Ik kon hem zelf amper volgen. Bij nader inzien leek het wel alsof ik tijdens het schrijfproces half dronken was. Wat een flutstuk. Ik heb snel het nodige geschrapt en aangepast. Nog is het niet geweldig, maar nu kan het ermee door.

Uiteraard lijd ik aan een vorm van perfectionisme. Liever beschouw ik dit gepuzzel als jongleren met woorden. Wil je goed schrijven, dan moet je afstand houden, terugkijken, schrappen en verbeteren.
Je ontkomt niet aan eenrichtingsverkeer. Toch wil ik met mijn blog iets creëren wat ze in de Happinez ‘holding space’ noemen. Dat is iemand in een gesprek c.q. bij het lezen de ruimte geven om zijn eigen gedachten te vormen. Mijn tekst zou dicht moeten blijven bij dit principe.

Think before you speak. Is it True? Helpful? Inspiring? Necessary? Kind? Dat laatste niet altijd, maar de rest vind ik wel relevant.

Wil je als blogger veel volgers krijgen, dan moet je nog meer regels in acht nemen. Ik negeer de meeste, want regels leveren bij mij een verkrampte blogstijl op. Weliswaar dragen tips voor zoekmachineoptimalisatie bij aan professionaliteit. Maar vaker komt zo’n uitgekiend blog op mij over als een gelikte eenheidsworst. Authenticiteit vind ik gewoon belangrijker. Dus vlieg ik soms uit de bocht.

Het einde van de vaste telefoon

Je zou het niet verwachten, maar het aantal vaste telefoonaansluitingen in Nederland nam in 2015 nog toe. Daar is een eenvoudige verklaring voor. Het maakte weinig verschil of je een alles-in-1-pakket nam met of zonder vaste lijn. Ik heb dat toen overwogen. De laatste tijd vielen de rekeningen van KPN wel erg hoog uit. Dus heb ik opnieuw gecheckt of ik het bedrag omlaag kon krijgen. En ja hoor: de vaste lijn kan eruit. Het is even slikken, na zoveel jaren met een vaste telefoon in huis.

De beschikbaarheid daarvan was niet altijd vanzelfsprekend. In de jaren zeventig kregen we bij ons thuis een vaste aansluiting. Tot die tijd liep mijn moeder voor een telefoongesprek naar het postkantoor in de buurt. Dan vroeg ze aan de lokettist of ze mocht bellen. Dat kon in een van de twee of drie inpandige telefooncellen. Ze hadden houten wanden met kleine gaatjes erin. Onder een plank hing een hele serie telefoongidsen. En er stond, geloof ik, een klein krukje bij. Privacy kon je wel vergeten als je iets belangrijks wilde doorbellen.

Bij vriendinnetjes hing de telefoon in de gang aan de muur. Of hij prijkte daar op een plankje naast pen, papier en een beduimeld telefoonboek. Als je wilde bellen, moest je blijven staan. Ook daar kon het hele gezin meegenieten. Mensen gingen er heel bewust mee om en hielden gesprekken kort.

Op mijn eerste zelfstandige adres had ik evenmin een vaste telefoon. Als ik moest bellen, liep ik naar de telefooncel op de Douzastraat of naar de brug bij het Gangetje. Soms waren die cellen, met apparaat en al, gesloopt na een wilde uitgaansnacht. Dan moest ik helemaal naar het Leidse stadhuis lopen om daar een intacte telefooncel te vinden.

Op mijn volgende adres nam ik zelf een telefoon. Heel handig, ook voor anderen. Want mijn nummer scheelde maar één cijfertje met dat van een hulpinstelling. Regelmatig kreeg ik verslaafden aan de lijn, die gelijk een lang en nogal warrig verhaal afstaken. Afgezien daarvan was die eigen telefoon best fijn. Je raakt er snel aan gewend dat je altijd bereik hebt.

Daarna wisselde ik bij verhuizing een paar keer van nummer. Het laatste kon ik slecht onthouden. Het leek een beetje op een vroeger nummer van een zakelijke telefoonlijn. En ik gebruikte hem nog maar weinig. Hij kon niet op tegen de kunstjes van mijn nieuwe mobiele telefoon.

Dit jaar begon het oude toestel te haperen. De batterijen lekten en die heb ik nog een keertje vervangen. Onlangs kreeg hij weer kuren. Steeds als ik het toestel oppakte, ging het schermpje zorgwekkend knipperen. En zo kwam er een roemloos einde aan de geschiedenis van mijn vaste telefoonlijn.