Van eenzaamheid naar volwassenheid

‘Wat ik die avond hoorde, vond ik mooi, intens, levendig. Ik denk omdat het zo goed aansloot bij hoe ik me in die tijd voelde. Eenzaam, maar niet per se op een vervelende manier. Meer de eenzaamheid die nodig is om zelfstandig te worden, om op jezelf te leren vertrouwen.’ Schrijfster Lisa Hallidays vertelt over muziek en de periode waarin ze net in New York woonde. (Volkskrant Magazine nr 914.) Zelfstandigheid bereiken is onderdeel van volwassen worden. Worden we volwassen door een periode van eenzaamheid mee te maken?

Bovenstaand citaat bevat een mooie wending. Want eenzaamheid heeft doorgaans een negatieve lading, maar kan ons ook verder brengen. Wil je eenzaamheid doorbreken, dan moet je keuzes maken en je comfortzone verlaten om het contact met onbekenden aan te gaan. En al doende leer je jezelf beter kennen. Ik ken het gevoel goed van aankomst in een nieuwe grote stad. (Op dit moment klinkt Sweet Dreams van the Eurythmics. Hoe toepasselijk.)

Vervolgens is de vraag hoe je volwassen wordt als je vanuit het ouderlijk huis zo in een relatie rolt. Hoe ontwikkelt je persoonlijkheid zich als je nooit alleen hebt gewoond of alleen bent geweest? Is het dan makkelijker of juist moeilijker, omdat je mede door de ander wordt beïnvloed? Hoe onderscheid je welke gedachten van jezelf komen en welke zijn beïnvloed?

Als je een periode alleen hebt geleefd, ken je jezelf vermoedelijk beter. Daarentegen heb je anderen nodig om jezelf te leren kennen. Idealiter ga je met zoveel mogelijk verschillende mensen om en doe je een breed scala aan ervaringen op. Maar moet je alles hebben meegemaakt om volwassen te kunnen worden? Vermoedelijk kom je al ver met een aantal basiservaringen en inlevingsvermogen.

Toch vraag ik mij soms af of je volledig tot ontwikkeling komt wanneer je bepaalde ingrijpende ervaringen mist. Bijvoorbeeld als je nooit alleen op reis bent geweest, of zelf geen kinderen hebt.

Verder kijken dan het eigen ik

The problem with closed minded people, is that their mouth is always open.’ Anonymus.

Vorige week hadden we een gevalletje eenrichtingsverkeer in de wandelgroep. Zo noem ik iemand die helemaal vol in van zichzelf. Ik heb helaas geleerd dat je zulke mensen beter niet kan aankijken, hoe hard ze ook proberen om aandacht te krijgen. Om het even van wie. Dus toen we voor de lunch bij de herberg aankwamen, hadden zij en ik nog nauwelijks een woord gewisseld.

Binnen trek ik met veel moeite mijn natte regenbroek over mijn stroeve schoenen uit. Het is een gedoe en ik krijg het er warm van. Mevrouw heeft daar echter geen oog voor. Ze komt vlak voor me staan met haar smartphone en toont een foto. ‘Kijk eens wat een mooi pakje mijn dochter voor mijn kleinzoon heeft gemaakt!’ Ik ken deze vrouw dus amper. En zij kent mij al helemaal niet. Voor haar ben ik slechts een praatpaal.

Gelukkig is er deze keer een psychiatrisch verpleegkundige bij. ‘Ze kan niet verder kijken dan haar eigen ik.’, zegt zij even later tegen mij.

Autisme of een andere psychische aandoening in de persoonlijkheidssfeer ligt misschien voor de hand. Maar ik zoek al jaren naar alternatieve verklaringen voor dergelijk gedrag. Is het eenzaamheid, behoefte aan erkenning, leegte, stuurloosheid, onzekerheid, angst om zichzelf onder ogen te komen, PTSS, …? Wellicht spelen deze factoren mee in de volgende situaties:

 

Brokstukken van een burn-out (3)

Oké, blijkbaar heb je dus een burn-out gehad en ben je weg bij de organisatie waar je vastgelopen bent. En dan zit je zonder werk thuis. En dan? Wat zijn de gevolgen? Hoe ga je verder? Pak je na verloop van tijd je oude beroep weer op of moet je carrière op de schop? Kan en ga je door alsof er niets is gebeurd?

Sinds mijn vertrek in 2009 heb ik tientallen mensen ontmoet die in vergelijkbare situaties zaten. Voor ieder van hen was ontslag en/of een burn-out een serieuze wake-up call. Zeker als ze ergens lang hadden gewerkt. De meesten doorlopen daarna een heel rouwproces vol confrontaties voordat ze zichzelf weer hervinden. Wie ben ik? Wat kan ik? Wat wil ik? Sommigen hebben echt geen idee meer. Na coaching en een persoonlijke zoektocht slaat bijna iedereen een nieuwe richting in. De een gaat dit beter af dan de ander.

Voor mij had en heeft die burn-out zowel positieve als negatieve gevolgen. Hoe het in sommige van onderstaande opzichten afloopt, is nog onbekend. Beschouw het als een avontuur, een zoektocht naar een ‘eigenlijke bestemming’. Wederom een zoektocht, want hetzelfde heb ik al eerder gedaan tijdens een reisperiode.

Loopbaan
Qua werk is mijn vooruitzicht nog uiterst onzeker. Leeftijd (55 jaar), automatisering, outsourcing, verouderende diploma’s en werkervaring hinderen het vinden van een baan. Toen ik weer tijdelijke functies kreeg, liep ik in stresssituaties tegen mijn nieuwe grenzen aan. Of het nu de leeftijd is of het gevolg van een burn-out, er is een stukje elasticiteit verdwenen. (Zie het voorgaande logje Brokstukken van een burn-out (2) voor mentale gevolgen.) Daarom wil ik definitief breken met mijn vorige beroepen en broed ik nu op een alternatief.

Hulp vragen
Had ik mij tien jaar geleden toch ziek moeten melden? Was ik dan beter af geweest? Misschien zag ik onterecht te veel beren op de weg van een begeleid hersteltraject. En in retroperspectief is het bizar dat ik nooit bij een arts ben geweest. Wellicht had het weinig uitgemaakt, maar de les is helder. Ik had hulp moeten vragen. Nu signaleer ik zoiets veel sneller. Hulp vragen gaat mij inmiddels beter af. Zelfs als het om geld gaat.

Financieel
Want ja, financieel gezien zijn de gevolgen echt zeer groot. Mijn inkomsten schommelden flink de afgelopen tien jaar. Door een samenloop van omstandigheden en als voormalige zzp’er heb ik nu geen recht op een uitkering. Vandaar dat mijn inkomen tot het absolute nulpunt is gedaald. Hier moet ik nog iets mee.

Relaties
De gevolgen op het gebied van relaties zijn zowel positief als negatief. Ik mis collega’s met wie ik bij de koffieautomaat kan praten. Wel ontmoet ik via workshops en bijeenkomsten voor werkzoekenden veel aardige mensen, zoals hartelijke lotgenoten die welgemeende steun en inzichten bieden. Bovendien is de afgelopen jaren duidelijk geworden wie mijn echte vriendinnen zijn. 2019 ga ik gebruiken voor ontmoetingen met mensen buiten mijn vertrouwde kring.

Persoonlijke en professionele ontwikkeling
Grote voordelen zie ik op het vlak van persoonlijke en professionele ontwikkeling. Allereerst heb ik nu genoeg tijd voor verdieping. Ik stort me met liefde op uiteenlopende onderwerpen en verwerk mijn analyses onder andere in logjes. Zo hou ik de geest scherp en mijn schrijfvaardigheid op peil.
In verband met de rioolperikelen heb ik me vastgebeten in alles wat daar bouwtechnisch en juridisch mee te maken heeft. Desnoods pleit ik zelf voor onze zaak ten overstaan van een rechter.
Bovendien weet ik nu goed wie ik ben en wat ik kan, mede dankzij workshops en een persoonlijk balanstraject. Dit geeft rust en duidelijkheid. En ik weet op welke vlakken ik mij nog verder kan ontwikkelen. Daar is voldoende tijd voor.

Vrije tijd. Yes!
De tijd hebben is een mega gezonde en ontspannende factor! Ik leef low-budget. Met openbaar vervoer ben je langer onderweg dan met een auto, maar dat maakt voor mij weinig uit. Zelf een knoop aan een jas zetten, doe ik gelijk. Zo’n klusje zou voorheen blijven liggen tot het weekend. De kast staat altijd vol eten, want ik wandel elke dag op mijn gemak naar de supermarkt. Spontaan bij iemand langsgaan of bezoek ontvangen kan gewoon. Verder kan ik uitslapen en bij rotweer de hele dag op de bank hangen. Oh, en dan de wandelingen die ik maak … Voor werkende buren neem ik trouwens pakketjes aan. Zij zijn ook blij met mijn vrije tijd.

Conclusie en toekomst
Ondanks het gebrek aan inkomen voel ik mij vaak een spekkoper. Ik ben verhuisd naar een mooi dorp met lommerrijke omgeving waar ik volledig tot rust kan komen. Deze stap dank ik aan de nasleep van die burn-out. Het is zonder meer een van mijn betere keuzes geweest.

Na de burn-out heb ik geprobeerd mezelf weer in het harnas van de arbeidsmarkt te proppen. Maar in sommige functies lukt dat gewoon niet meer. Word ik in een toch al hectische situatie onverwachts voor het blok gezet, dan bestaat de kans dat ik heftig negatief zal reageren. Ik had juist geleerd hier mentaal en verbaal soepel mee te dealen. Assertiviteit, het op een goede manier naar anderen toe voor jezelf opkomen, is een levenslang traject. Dat blijkt weer. Een burn-out overkomt je namelijk met reden.

Dit erkennen en hiernaar handelen ervaar ik als een soort coming-out. Want wil je aan alle absurde verwachtingen van ons economische systeem voldoen, dan moet je soms wel de schijn ophouden.

Mijn grote-reizenfase (1986 – 2001) was een onconventionele vorm van assertiviteit. In die periode maakte ik al keuzes die van de stroom afweken. En dat zijn de beste keuzes in mijn leven geweest. Ook qua werk voel ik dat de oplossing in het onconventionele zit. In het alternatieve alternatief. In die stacaravan waar ik van droom. Spreekwoordelijk dan. Daarom eindigt dit verhaal met een fragment uit een gedicht dat ik koester sinds 1995 (het jaar van de Stille-Zuidzee-reis):

Two roads diversed in a wood, …

Lief dagboek in de vuilnisbak

Een wandelvriendin luistert elke zondag naar het NTR-programma Lief Dagboek. Daarin lezen mensen voor uit hun pubertijd dagboek. Het is gênant, aandoenlijk, komisch en vooral: oh zo herkenbaar allemaal. Ook ik heb jarenlang dagboeken bijgehouden. Niet dagelijks, maar telkens wanneer ik mijn hart moest luchten. Met als gevolg dat ze inderdaad aandoenlijk waren om terug te lezen, komisch eveneens, maar bovenal: te gênant voor woorden.

In 2008 was ik 45 jaar en heb ik al dat beschamende materiaal weggedaan. Want stel je voor dat ik plotseling dood neer zou vallen en mijn naaste familie die documenten in handen zou krijgen. Dat nooit. Vandaar. Dit is een ingekorte versie van de balans die ik toen heb opgemaakt.

‘Het verleden is nu echt voorbij, het heden is niet zoals toen gedacht en de toekomst is anders. Of toch niet helemaal.

Vandaag 31 augustus 2008 heb ik een stap gezet die ik wijselijk enkele malen heb uitgesteld. Maar ineens was de tijd er rijp voor. Ik heb mijn twee dagboeken inclusief aantekeningen op losse blaadjes sinds 1975 verscheurd en weggedaan. Nu liggen ze boven op het groenteafval en besmeurd door de koffieprut in een donkergrijze vuilniszak op de P.weg in de afvalbak. Tot de vuilniswagen komt en dan is de verwijdering definitief.

Ze gaan dezelfde weg als de beschamende dagboekpagina’s die ik jaren geleden al had dicht geplakt, daarna uitgescheurd en weggegooid. Evenals die oude schoolagenda’s en lelijke foto’s, die ik al eerder wegdeed. Zoals ik nu ook een enkel reisverslag uit de pubertijd, nog meer oude agenda’s en een aantal brieven wegdoe. Ik hoef ze niet meer te zien, te lezen of in mijn handen te houden. Het gebeurde ligt achter mij en ik neem het niet mee als ballast.

Waarom zou ik? Ik ben al jaren niet meer de persoon die ik toen was. Ik hoef mezelf niet te kwetsen door goudeerlijk mislukte foto’s in te plakken. En waarom zou ik opgetekende frustraties en verdriet bewaren? Neergepend om te verwerken en afstand te nemen. Niet om steeds te herlezen.

Er waren toch ook veel mooie momenten om op te tekenen? Om vast te houden? Ja, die zijn nu eveneens weg, maar niet werkelijk. Ik heb lieve, leuke, boeiende brieven bewaard, veel foto’s, en reisverslagen van alle mijlpalen in mijn leven.

Waarom dan nu deze stap? Omdat ik vanmorgen ineens bedacht dat ik misschien op de helft ben (ruim 45 jaar oud). Wellicht gaat het leven zich vanaf dit punt in spiegel­beeld ontvouwen. Minder glad en jong van uiterlijk, maar rijper en meer volwassen van geest. Minder aantrekkelijk en onzeker, maar met veel zelfvertrouwen. Minder naïef, maar ook minder onwetend. Minder oppervlakkig, maar met meer diepgang. Minder rusteloos; maar met meer rust en zelfs een soort berusting. Geen toekomst zoals ik had gedacht, maar wel een kans op goede alternatieven. Als ik ze kan zien en er iets mee kan doen. Dat is niet veranderd.

Er komt misschien nog een moment waarop ik alles zou willen teruglezen. Die agenda uit 1987 zou willen vasthouden. Ja, vooral op oudejaarsavond. Die is er dan niet meer. Maar ik ben al die dagboekaantekeningen gewoon zat. Het is steeds hetzelfde. Steevast een terugblik op hoogte- en dieptepunten. Weer over mijn werk, over relaties met anderen, over nog geen man, altijd over reisplannen, over vorige vakanties, speciale uitstapjes en concerten. Tja. Waarom zou ik dat blijven teruglezen? De pijnlijke momenten herinner ik mij toch wel. En voor het geval ik een black-out krijg, herhaal ik de hoogtepunten tot nu toe hier:

  • Reizen naar Amerika, Australië, Nieuw-Zeeland, South Pacific I, SP II, IJsland, Iran, Oman, Dubai, Beiroet, Madagaskar en al die andere prachtige landen. Bijzondere en heerlijke bestemmingen waar ik een fijne tijd heb gehad. Nooit zal ik spijt krijgen dat ik daar soms een baan voor heb opgezegd. Ik heb de mogelijkheden benut. Het blijven de beste keuzes uit mijn leven.
  • Andere successen, zoals de aankoop van mijn appartement. Het genealogische onderzoek en de kwaliteit daarvan. Motor- en autorijbewijs in één keer gehaald. Op mijn veertigste alsnog beland in een universitaire collegebank. Een baan in de internationale ontwikkelingssector. En het assessment waardoor bekend werd dat ik HBO werk- en denkniveau heb. Dat laatste lijkt zo gewoon, maar het heeft mijn zelfbeeld als laatbloeier wel compleet gekanteld.
  • Mensen. J. vanzelfsprekend; ondanks alles. Met hem heb ik iets gehad wat lang niet iedereen is gegeven. En tegen alle verwachtingen in was daar ineens die kans om hem in 2006 na twaalf jaar weer te ontmoeten. Ook F. uit Adelaide, voor de droom die hij aanreikte. Van een heel andere orde M. Verder E. & L. en M. Voor de opening naar een andere werkwereld: G., W., I., en A., En voor de grootste lol: I. en G. En opvoeden valt niet mee. Al met al hebben mijn ouders mij ook heel wat meegegeven.
  • Bijzondere ontmoetingen. Via associatieve gedachten wordt mijn geest af en toe getriggerd en dan schieten ze mij weer te binnen. Zoals met die behulpzame Nieuw-Zeelander in 1995, toen ik op een straathoek een plattegrond raadpleegde. En dan die verkeersagent in het Libanese Tripoli, die het razende verkeer tegenhield toen ik wilde oversteken. Hun samenlevingen zijn kwetsbaar.

Ik weet niet waar het naartoe gaat met de wereld en of Australië nog wel zo zal zijn als ik mij nu voorstel tegen de tijd dat ik stop met werken. Ik weet niet of ik er dan naartoe kan om voor langere tijd te wonen, en of ik dat dan nog wil. […] Wat eerst een vast gegeven leek, is nu in een heel ander perspectief komen te staan. Ooit was het politiek correct om pro Israël te zijn. Nu zijn het de Palestijnen die als underdog op begrip mogen rekenen.

Ik weet niet of we de huidige comfortabele werkvoorwaarden behouden als China en andere landen steeds harder gaan concurreren met Europa. Misschien is onze gouden tijd werkelijk voorbij. Qua werk, qua natuurschoon, qua beschaving, als ik even een geromantiseerde versie van Engelse omgangsvormen voor ogen hou. In de afgelopen twintig tot dertig jaar is veel al enorm veranderd.

Wellicht heb ik daarom de tastbare herinneringen aan het verleden zo lang vastgehouden. En waarschijnlijk zoek ik daarom steeds weer herkenning in westerse samenlevingen en andere ‘vertrouwde’ gebieden. Zoals het Midden-Oosten en een land als Indonesië.

Toch zie ik regelmatig mooie nieuwe dingen: kunstuitingen, muziek, een uitvinding als het internet, toegankelijkheid van kennis. Ontwikkeling is verandering, daarvoor moet je ook kunnen loslaten. Jongeren van twintig leven in een heel andere, zeer dynamische wereld met veel kansen. Meer dan mijn generatie in de jaren tachtig had.

Soms ben ik daar verbitterd over en ik voel natuurlijk dat een aantal stadia voorgoed zijn gepasseerd. Ik ben 45 jaar oud, dus van middelbare leeftijd. Het zij zo. Ik ga verder en blijf uitkijken naar nieuwe kansen. Op werkgebied, qua reisbestemmingen en wie weet toch nog op relatiegebied. Oude ballast kan je maar beter kwijt zijn wanneer je de toekomst in stapt. Vandaar.’

Relatiedeskundige

Tijdens een groepswandeling spreekt een vrouw die ik nog niet ken mij aan. Zodra we achteraan lopen, begint ze over Boer Zoekt Vrouw. Ze heeft serieus overwogen om te reageren op de oproep van twee boeren. De vooraflevering heb ik gemist. Maar het zijn mannen waarbij ze verborgen problemen vermoedt. Over de een liet het programma weinig los. Zelfs zijn boerderij bleef buiten beeld. Ze denkt dat hij als vijftiger nooit een relatie heeft gehad. De ander is een weduwnaar die mogelijk al jaren in een rouwproces zit.

Ik kijk ervan op dat ze mij in vertrouwen neemt. Weliswaar krijg ik regelmatig hele levensverhalen te horen. Maar zij benadert me alsof ik een relatiedeskundige ben. Wellicht heeft ze me even daarvoor met een ex-marinier horen praten over relaties tussen mannen en vrouwen.

Stilletjes vraag ik me af waarom ze voor de ‘probleemboeren’ wil gaan. Voldoet ze alleen aan hun wensen? Is het een gebrek aan zelfvertrouwen? Er reageren steeds mooiere vrouwen, met steeds aantrekkelijkere foto’s en originelere brieven en cadeautjes. Of verwacht ze dat juist zij voor die mannen van betekenis kan zijn? Ons gesprek wordt onderbroken, ik zal er voorlopig niet achter komen.

Nu is het wachten op de komende afleveringen én op een volgende gezamenlijke wandeling. Ik reken op onverwachte wendingen. Die zijn het leukst.

La beauté commence au moment où vous décidez d’être vous-même, Coco Chanel. Misschien is dat het wel.

 

Levenslessen van andere mensen

Soms denk ik: ‘Stel dat die reorganisatie er niet was geweest. Dan had ik ook niet …’ Gevolgd door allerlei zaken die ik niet had willen missen. Zoals het leven in mijn huidige woonplaats. En de gesprekken met deelnemers in de groep voor werkzoekenden. Regelmatig leer ik nog van deze mensen. Omdat zij een ander leven leiden dan ik. Omdat zij ook van alles meemaken, maar daar anders mee omgaan. Of omdat ze andere beroepen en interesses hebben. Zonder die reorganisatie hadden we elkaar waarschijnlijk nooit ontmoet.

Werkloos raken schudt de meest stabiele personen door elkaar. Vooral na een lange carrière. Je hele toekomst wordt onzeker. En vaak moet je voor het eerst in jaren je zelfbeeld herzien. Als daarbij het pantser eenmaal wegvalt, kom je tot de kern. Ik als lotgenoot tenminste wel. Dan kunnen we praten over zaken die er werkelijk toe doen. Ik kan slechts raden hoe zij zich in een werksituatie gedragen. Maar vermoedelijk weet ik na een gesprek al beter wat hen beweegt, dan hun vroegere collega’s na een jaar.

Gesprekken met mensen die anders in het leven staan, vind ik eveneens boeiend. Ze trekken me uit mijn eigen beperkte denkwereld en bieden alternatieve zienswijzen. Daarbij moet ik wel moeite doen om ze goed te begrijpen. Want ik denk toch vanuit mijn eigen referentiekader. Te snel of verkeerde conclusies trekken, is zo gebeurd. Als ik me daarvan bewust ben, blijf ik doorvragen. Hoe, wat, waarom, … en toen? Tot alles helder is. Zij zetten mij vaak aan het denken. En ik hen.

We blijven jagers en verzamelaars

Door die Ferrari van hiervoor schiet mij een ritje op de Nürburgring te binnen. Dat is een ander verhaal. Waar het om gaat, is of dat racecircuit op mijn lijstje van bezochte landen en plaatsen staat. Want kennelijk verzamel ik die. Onderweg kom je ze ook wel tegen: mensen die het bezoeken van zo veel mogelijk landen najagen. Surfers bijvoorbeeld, reizen de hele wereld af in hun zoektocht naar de allerbeste surfspot. Anderen willen gewoon zo veel mogelijk kilometers maken. Of ze blijven eindeloos op zoek naar zichzelf.

Ik zou nu best het aantal landen willen noemen dat ik heb bezocht. Maar dat laat ik wel uit mijn hoofd. Zodra je daarmee begint, is er altijd wel iemand die meer heeft gezien dan jij. Een keer dacht ik ook eens iemand te kunnen overtreffen. Het was in een vliegtuig na vier maanden eiland hoppen in de Stille Zuidzee, op het laatste traject van Londen naar Schiphol.

Naast mij zat een Nederlandse vrouw die pochte over waar ze allemaal was geweest. Voor mij was het inmiddels de achttiende vlucht van die reis. Dat zou zij vast niet kunnen evenaren. Dus deed ik mijn mond open en noemde dat aantal. Nou, mevrouw had ook eens zo’n reis gemaakt en toen wel 22 keer in het vliegtuig gezeten. Tsss. Stom mens. Alsof kwantiteit zo belangrijk is.

Nee, natuurlijk is kwantiteit niet belangrijk. Het gaat om wat je doet, wat je ervaart, wie je ontmoet, wat je leert, wat je daarvan later toepast en of je misschien zelf nog iets wezenlijks achterlaat. Maar ik ben net een gewoon mens en dus ook gevoelig voor kwantiteit in bepaalde situaties.