Vergankelijk of van blijvende betekenis

Eeuwenoude terrassenbouw op La Gomera

‘Geld is belangrijk voor werknemers, maar zeker niet hun hoogste prioriteit.’ zegt socioloog Richard Sennett in verband met de flexibilisering van de arbeidsmarkt. ‘Ze hebben een verhaal nodig over hun werkende leven. Iets waarop ze achteraf tevreden kunnen terugkijken: dit heb ik door hard werken stapje voor stapje bereikt, en mijn kinderen zullen het op hun beurt nog beter krijgen.’ (De Volkskrant, 1 juli 2017.)

Met de imposante uitvaartceremonie van koningin Elizabeth II vers in het geheugen, maak ik de balans op van wat ik zelf heb bereikt tussen 1981 en 2021. Professioneel gezien en voor mijn niet bestaande kinderen.

Qua werk bestond het overgrote deel van mijn bijdrage uit ervoor zorgen dat de juiste gegevens tijdig en compleet beschikbaar waren. Financiële administraties, afspraken in agenda’s en contracten, notulen van vergaderingen, urenstaten en voorraadbestanden. Ik verschafte anderen inzicht, zodat zij gefundeerde besluiten konden nemen. Al mijn werk is inmiddels door de shredder gehaald. Voor de belastingdienst geldt een bewaarplicht van zeven jaar.

Het studiemateriaal, waaraan ik heb gewerkt, is dezelfde weg gegaan. Naar huidige maatstaven zag onze vormgeving er niet uit. Maar in 1990 bracht mijn werk een verbetering. Hoeveel mensen hun diploma hebben gehaald dankzij mijn bijdrage, weet ik niet. Het is lastig na te gaan. En het bedrijf waarvoor ik werkte, is in een conglomeraat opgegaan. Misschien hebben ze uit nostalgische overwegingen nog een syllabus bewaard.

En dan die internationale ontwikkelingsorganisatie. Mijn bijdrage was een schakeltje in een proces waaraan vele mensen samenwerkten. Een proces dat bovendien door tal van factoren beïnvloed werd. Er zijn genoeg evaluatierapporten geschreven met resultaten en effecten. Jaren zijn voorbijgegaan. Hoe het nu met de betrokkenen gaat? Wat de lange-termijneffecten van bepaalde programma’s zijn? Ik zou het graag willen weten.

Wat is er echt blijvend? In mijn geval boven alles het genealogische onderzoek naar mijn voorouders. Duizenden in vergetelheid geraakte mensen zagen hierdoor opnieuw het daglicht. Op mijn familiewebsite zullen ze nog wel even voortleven. En in een volgend bericht onthul ik hoe zij zich digitaal blijvend verspreiden.

Opmerkelijk, dat vrijwilligerswerk zoveel duurzamer lijkt te zijn dan betaald werk. Bovendien kreeg ik de belangrijkste inzichten voor mijn latere werk in de ontwikkelingssector dankzij verdieping in de leefomstandigheden van mijn voorouders. Wat ik daarna op de universiteit leerde, was hiervan een bevestiging.

Je zou denken dat ik mijn welvaart en vermogen heb te danken aan mijn werk. Maar ook mijn (voor)ouders hebben direct of indirect bijgedragen. De banen zorgden vanaf 1981 voor brood op de plank en voldoende geld om te reizen. Vervolgens zorgden die reizen en het familieonderzoek voor nieuwe kennis en inzichten. De inzichten deel ik sinds 2013 op mijn blog. Maar wat daarvan nu het effect is?

(De basistekst van dit logje uit juli 2017 is onlangs gewist bij de sloop van mijn blog. Het blijft relevant en daarom publiceer ik het opnieuw.)

Flinters uit twee gedeelde verledens

Ze zijn uiterst zeldzaam. Ontmoetingen met mensen bij wie ik mij direct volledig op mijn gemak voel. Het is iets instinctiefs. Pas achteraf komen de woorden die benoemen waar dat door komt.

Minuscule flinters van fragmenten uit een gezamenlijk verleden. Dat delen wij. We hebben elkaar vroeger nauwelijks gesproken, maar we kennen dezelfde namen. En we weten waar we waren in bepaalde jaren. Toen hij tijdelijk op onze afdeling kwam. Bijna twintig jaar later brengt mijn onderzoek ons weer samen. Voor het eerst, eigenlijk.

We delen dezelfde ex-werkgever, 150 kilometer richting het westen. Hij heeft nog gewerkt in het pand van voor de fusie. Ooit was dat een klooster en later werd het mijn voormalige school. Het was de locatie waar mijn sollicitatiegesprek plaatsvond.

We kennen de katholieke rituelen en nu zijn we vlak bij zijn geboortegrond. Een vroegere Kleefse enclave, waar ook enkele voorouders van mij hebben gewoond. We zijn in een streek waar ik inmiddels zoveel meer over te weten ben gekomen. Drie eeuwen later; een andere periode. Ik mag stukjes tekst citeren uit het oorlogsdagboek van zijn vader.

Op de weekmarkt ziet hij kisten met appels staan van een ras dat ik niet ken. Hetzelfde fruit groeide vroeger bij hem thuis in de boomgaard. Hij maakt makkelijk een praatje met onbekenden. Als je ergens stevig bent geaard, weet je wat je waard bent. We zijn in de dichtstbijzijnde stad voor mensen uit het dorp waar de boerderij stond.

In deze streek liggen zijn jeugdherinneringen. Hier was het café waar ze naartoe gingen. Daar is het gebouw van zijn voormalige school. Het pand heeft een prominente plaats gekregen in mijn onderzoeksverhaal.

Even verderop: de restanten van een kasteel. We komen langs oude gebouwen van de plaatselijke adel. Op ons gemak slenteren we door de toegangspoort de binnenplaats op. Links een grote, monumentale stal. De koeien zijn er momenteel niet, die lopen buiten op het land. Rechts de oude burgemeesterswoning, een groot en voornaam pand. Ik probeer mij voor de geest te halen of het een rol speelt in mijn verhaal.

Het is tegenwoordig een stijlvol restaurant. De ober komt naar ons toe. Er volgt een anekdote over krakers en jaren van leegstand, biologisch boeren en brandnetelthee. Zij kennen elkaar niet, maar noemen namen van wederzijdse bekenden. We mogen overal rondkijken, in alle ruimten. Ga gerust je gang. Het is een prachtige locatie voor besloten feesten en partijen.

De manier hoe mensen reageren wanneer ze als vanzelfsprekend denken dat je een stel vormt. Ook dat komt mij ineens weer zo vertrouwd voor.

De troost van Prediker

Bij de uitvaart van prins Philip werd een prachtige tekst voorgelezen uit Ecclesiastes. Ecclesiastes is het boek Prediker uit het Oude Testament. Veel mensen stappen nu sneller naar een coach, dan dat ze raad zoeken in dat boek. Maar ik kan de Bijbel in bepaalde situaties best aanbevelen. Neem nu dat boek Prediker. Daar staan veel wijze woorden in. Ik zou zeggen: lees het eens als je wat melancholiek bent.

Deze week was ik nogal caught off-balance, so to speak. Het kwam door een relatief onbelangrijke gebeurtenis. Iemand anders zou er misschien zijn schouders over ophalen en gewoon weer doorgaan. Ik niet. Deze keer in elk geval. Het gaf mij een gevoel van verslagenheid. Van verlies. Alsof alles fout gaat en ik nooit meer eens iets win. En als dat eenmaal begint, dan komen gelijk al die andere voorvallen uit het verleden voorbij, in een lange rij. Dat is wel de pest van ouder worden: hoe meer levenservaring je hebt, hoe meer er op zulke momenten ook weer boven komt.

Veel mensen putten troost uit hun geloof. Maar troost kan evengoed komen uit onverwachte hoek. Namelijk uit onderzoek. Vandaag lees ik het boek De Polen van Driel, van George F. Cholewczynski. Dit gaat over de Polen die samen met de geallieerden tegen de Duitsers vochten in de slag om Arnhem. En dan vooral over generaal-majoor Stanislaw Sosabowski. Het is een boek waar je in het begin even doorheen moet, maar dan krijg je ook wat. Ik lees het bewust, omdat elk verhaal meerdere kanten heeft. En deze man leefde niet in de makkelijkste tijd van zijn landsgeschiedenis.

Het is een verhaal van onverwachte wendingen; van agressie en verraad. Van trots, machteloosheid en verlies. Van bizarre situaties waarin ieder van ons kan belanden en die je doen afvragen welke keuzes je zelf in zo’n geval maakt. Als – dan. Daarover gaat het boek Prediker ook.

Vanwege mijn reizigersverleden beschouw ik het Britse koningshuis een beetje als het mijne. De uitvaartdienst van Prins Philip vond ik waardig en mooi. [En nee, ik hoef niet te weten wat een ander hiervan vond.] Je kon gelijk zien waar bepaalde scenes uit The Lord of the Rings op zijn gebaseerd. Terwijl ik naar deze plechtige uitvaart keek, kwam er weer een hele serie beelden langs uit het verleden. Beelden van landen in de Commonwealth, en andere die ooit Brits zijn geweest.

De oude Britten en ik delen een stukje geschiedenis, hoe klein ook. Daarom raakte deze tekst uit Prediker mij zo:

Ecclesiasticus 43. 11-26.

‘Look at the rainbow and praise its Maker; it shines with a supreme beauty, rounding the sky with its gleaming arc, a bow bent by the hands of the Most High. His command speeds the snow storm and sends the swift lightning to execute his sentence. To that end the storehouses are opened, and the clouds fly out like birds. By his mighty power the clouds are piled up and the hailstones broken small. The crash of his thunder makes the earth writhe, and, when he appears, an earthquake shakes the hills. At his will the south wind blows, the squall from the north and the hurricane.

He scatters the snow-flakes like birds alighting; they settle like a swarm of locusts. The eye is dazzled by their beautiful whiteness, and as they fall the mind is entranced. He spreads frost on the earth like salt, and icicles form like pointed stakes. A cold blast from the north, and ice grows hard on the water, settling on every pool, as though the water were putting on a breastplate. He consumes the hills, scorches the wilderness, and withers the grass like fire.

Cloudy weather quickly puts all to rights, and dew brings welcome relief after heat. By the power of his thought he tamed the deep and planted it with islands. Those who sail the sea tell stories of its dangers, which astonish all who hear them; in it are strange and wonderful creatures, all kinds of living things and huge sea-monsters. By his own action he achieves his end, and by his word all things are held together.’

Het Dunning-Kruger effect

‘Debatteren wordt bemoeilijkt door een verschijnsel dat in de psychologie bekend staat als het Dunning-Kruger effect. Seidell [hoogleraar aan de VU]: “Het is een wetmatigheid: iemand die een beetje van een onderwerp weet, wordt heel stellig in zijn uitspraken. Krijgt hij meer kennis, dan wordt hij onzekerder. De stelligheid groeit pas weer als hij van het onderwerp heel veel weet.”’ Uit: Inderdaad, we weten het niet zeker, Trouw, 2 november 2019.

Misschien moet je het Dunning-Kruger effect eerst zelf ervaren, voordat je beseft hoe het bij anderen werkt. Ik ontdekte dit effect jaren geleden toen ik onderzoek deed naar mijn voorouders. Stel, je weet dat iemand in 1680 schoenmaker is. Dan krijg je een bepaald beeld bij zo’n persoon. In dit geval: hij is een eenvoudige ambachtsman. Maar dan koopt hij een opvallend duur pand. Dat gegeven haalt je indruk van een sobere leefstijl onderuit. En waar komt het geld vandaan? Dus zoek je verder naar verklaringen.

Bij genealogisch onderzoek raadpleeg je alle beschikbare bronnen. Meestal moet je het doen met flintertjes informatie. Persoonlijke ontboezemingen van voorouders zal je zelden vinden. Hopelijk krijg je uiteindelijk een redelijk volledig beeld van hun leven. Toch kan elke nieuwe vondst hun verhaal nog een andere wending geven.

Over voorouders kan je pas met zekerheid vertellen wanneer je een gefundeerd verhaal hebt én tegelijkertijd een slag om de arm houdt. Want geleidelijk aan leer je dat je nooit alles te weten zal komen. Zoals je ook nooit iemands karakter volledig zal kunnen doorgronden.

Met deze ervaring kan je in de verleiding komen om mensen als ‘dom’ te labelen wanneer ze heel vaak stellige uitspraken doen. Maar dat is nu precies een kenmerk van het Dunning-Kruger effect.

‘Ik heb het niet gedaan’

Vergeet detective series, vergeet crime investigation scenes. Er is een andere cliffhanger die je echt moet zien. Zelden ben ik zo onder de indruk geweest van een reconstructie. Tijdens het filmen stond er voor alle betrokkenen veel op het spel. Dit gaat over Romano van der Dussen in Elena Lindemans’ documentaire Ik heb het niet gedaan. Romano zat 13 jaar onterecht vast in een Spaanse cel.

‘De onthutsende documentaire laat niet alleen zien hoe Romano – die slechts voor een deel is vrijgesproken – nog altijd vecht om zijn onschuld te bewijzen. De film toont ook aan hoe dun de lijn is tussen goed en kwaad, tussen recht en onrecht. Want ís Romano wel zo onschuldig als hij zegt te zijn?’ (BNNVARA.)

Je zal voortdurend heen en weer worden geslingerd, tussen wat gelogen is, en wat het ware verhaal. Je zal worden geconfronteerd met je eigen gedachten. Schat je alles wel goed in of niet? Kijk je naar een slachtoffer of naar een dader? Is er een verschil?

Al het vertrouwde jargon komt voorbij: ‘nu zouden ze het ADHD noemen’, ‘een moeilijke jeugd’. Shots van een ontmoeting met een makker uit het verleden. Het ruige leven staat op diens gelaat getekend. Ze hebben ‘een beetje kattenkwaad’ uitgehaald. Vergelijk dit met het eufemisme van de elite: ‘een dwaling’, over een rechterlijke uitspraak. En je zal je wederom afvragen af of er wel een verschil is.

Ik neem mijn pet af en maak een diepe buiging. Zelden heb ik zo’n aangrijpende documentaire gezien.

I know the truth and I know what you’re thinking. Stone Roses – Fools Gold.