Hou je echt van mij?

Hoe vaak komt het in je relatie voor, dat je je afvraagt of de ander wel echt van jou houdt? Hoe weet je of de ander, ongeacht de reden, niet slechts doet alsof? Hoe vaak is er twijfel? En hoe vaak denk jij, of denkt de ander: ‘Als je toch eens wist …’ Een verleidelijke oogopslag en een lonkend gebaar zeggen namelijk niks.

Gelukkig is de tijd van onzekerheid voorbij. Wil je zeker weten of je partner jou echt aantrekkelijk vindt, dan kunnen jullie vanaf nu een test doen, samen. Die test wijst onverbiddelijk uit of de liefde tussen jullie waar is, of niet. (Al is seksuele aantrekkingskracht wel wat anders dan houden van, maar dat terzijde.)

‘Het zijn de onzichtbare, interne signalen zoals huidgeleiding en hartslag’ die ware aantrekkingskracht verraden. Onderzoek van psycholoog Eliska Prochazkova toont aan ‘dat oude evolutionaire mechanismen nog steeds een enorme impact hebben op ons gedrag.’ En die conclusie lijkt mij dan weer een mooie onderbouwing van het gezegde dat civilisatie weinig meer is dan een dunne laag vernis.

Dus, als je absoluut zeker wilt weten dat je partner de juiste voor je is …

Levenslessen: (2) Blijf jezelf trouw

‘Wat is de belangrijkste les in jouw leven?’ Deze vraag uit een kaartspel stimuleert mij om een aantal fundamentele lessen uit persoonlijke ervaringen samen te brengen. De afgelopen zes jaar benoemde ik al diverse levenslessen op Raam Open. Ze staan echter verspreid en ze zijn vaak slechts terloops vermeld. Vandaar deze serie over mijn belangrijkste levenslessen tot nu toe. Gisteren verscheen de eerste.

Levensles 2. Blijf jezelf trouw

Ach, wat frappant nu toch. Zoekend naar de juiste beginwoorden spiek ik bij de Top 5 redenen voor spijt. En jawel hoor, daar staat hij pontificaal op nummer 1: ‘Ik wou dat ik de moed had gehad om trouw aan mezelf te leven; dus niet het leven had geleid dat anderen van mij verwachtten.’

Vooral die verwachtingen van anderen veroorzaken een eeuwige worsteling. Want we zijn sociale wezens. We willen aardig gevonden worden. We willen er bij horen. Et cetera. Bovendien hebben we niet alles voor het zeggen. In bepaalde situaties moeten we ons wel aanpassen. Gewoon, om ons kostje te verdienen of zelfs om te overleven. Dus schuiven we onze normen en waarden opzij. Tijdelijk, uiteraard. En daarom negeren we – voor zolang als dat nodig is – we wie we ten diepste zijn. Heel legitiem allemaal. Maar jezelf verloochenen wreekt zich altijd.

Blijf jezelf trouw. Daarin hebben de meesten van ons een lange weg te gaan. Om te beginnen: weten we eigenlijk wel wie we zijn? Ik schreef meermaals over jezelf kennen en jezelf trouw zijn. Een mooi log is Spiritualiteit – Vargtimmen. En deze gaat over ontwikkeling: Verlegen door het leven gaan.

Verder zijn relevant: Ben je wie je wil zijn?, Behoefte aan erkenning en waardering en Veranderende spiegeling van ons zelf. Humoristisch is dit log over een acteur die heerlijk de draak steekt met zichzelf: Rambo is toch een rolmodel voor mij. Als laatste ter inspiratie een dude die werkelijk trouw is aan zichzelf: De schilder.

Jezelf trouw blijven. Dat klinkt alsof je jezelf ten koste van de ander voorop stelt. Toch denk ik dat de ander uiteindelijk gebaat is bij de ‘ware’ versie van onszelf. Als je jezelf voor de gek houdt, of een rol speelt, dan ben je evenmin eerlijk tegen de ander. Die krijgt zo geen kans om jou echt te leren kennen. En om trouw te zijn aan de persoon die je wezenlijk bent.

Blijf in denken en doen dicht bij jezelf. Dat vergroot je kans op ontplooiing en op ontmoetingen met de juiste mensen. Hoe beter je tot je recht komt, hoe meer gemoedsrust en tevredenheid dat oplevert.

Levenslessen: (1) Wacht niet tot je pensioen

‘Wat is de belangrijkste les in jouw leven?’ Aldus luidde de vraag van een gezelschapsspel op kerstavond. Geen van de gasten had hierop direct een antwoord. Oh, in ruim vijftig jaar heb ik echt wel levenskennis opgedaan. Er zullen genoeg wijsheden op Raam Open staan. Maar daar aan tafel bleef het schimmig in mijn hoofd. Tot vandaag. Want in Trouw Tijd verschijnen elke zaterdag levenslessen van andere mensen. Deze week is neuroloog Steven Laureys aan het woord. En hij benoemt mijn allerbelangrijkste les:

‘Wacht niet tot je pensioen.’

Laureys vertelt waarom: ‘Mijn vader heeft zijn hele leven hard gewerkt en net voor hij met pensioen kon, diagnosticeerde ik zijn asbestkanker.’ Zo’n trieste ervaring kan je de ogen openen. Stel dat je alles opzij zet om toe te werken naar een doel in de toekomst. Je steekt er heel veel geld in. En je hebt nauwelijks tijd voor relaties of een gezin. Hoe voel je je dan als je dat doel nooit bereikt? De kans op spijt is levensgroot. Sterker, hard werken staat zelfs op nummer 2 in de top 5 redenen voor spijt.

Door zo’n ontnuchterend voorbeeld maken sommige mensen een radicale ommezwaai. Ze gaan verhuizen of ze veranderen van beroep. Of ze besteden eindelijk tijd aan iets wat ze altijd al hadden willen doen. Het mag ook minder groots. Ga in elk geval voor wat je echt belangrijk vindt en stel dit niet uit. Dat is de kern.

Voor mij kwam de ‘wacht niet tot je pensioen’– levensles op tijd. Ik was circa achttien jaar oud toen een klant van mijn werkgever drie maanden na zijn pensionering overleed. Hier schreef ik over in Prepensioen dankzij koopwoning, en eerder in Ode aan de parttime baan. Dankzij die levensles heb ik ingrijpende keuzes gemaakt. En nog steeds vormt deze les in mijn leven een leidraad.

Liefde, angst en onverschilligheid

Misschien is het waar dat al onze handelingen voortkomen uit liefde en angst. Zit je goed in je vel, dan lacht de wereld je toe. Maar wil het niet, dan kan je overal spoken zien. Het gevolg is dat je dit uitstraalt en er naar handelt. Daarna reageert de omgeving weer op jouw warmte of terughoudendheid. Voordat je het weet, creëer je een self fulfilling prophecy.

Volgens mij is er nog een derde emotie leidend, namelijk onverschilligheid. De verzorgingsstaat werkt onverschilligheid in de hand. Mijn eigenwijze buurman kan gerust onverschillig doen tegen zijn buren en zijn kinderen. Omdat hij behoeftig is, helpt de WMO-medewerker hem toch wel.

Of bestaat onverschilligheid niet? Niet echt, bedoel ik.

Hand in hand over straat

Een man en vrouw van middelbare leeftijd staan hand in hand in de hal van Arnhem Centraal. Je ziet dat vaker hier en ik vind het mooi. Hoe anders is dit in de Randstad. In mijn herinnering lopen volwassenen daar nog maar zelden hand in hand. Waardoor komt dat?

Voor kinderen is het normaal om hand in hand over straat te gaan. Je leert het van je ouders die je bij de hand nemen zodra je kan lopen. Ook met mijn schoolvriendinnetje liep ik hand in hand naar de kleuterschool. Daarna werd het langzaam minder. Spelende kinderen hebben nog veelvuldig lichamelijk contact, maar de Nederlandse cultuur is fysiek afstandelijk. Zo rond je tiende is het er wel aardig af.

We leren van jongs af aan hoe het hoort. Bij een eerste kennismaking geven we elkaar een hand, in formele situaties tenminste. Anders zeggen we gewoon ‘hoi’ of ‘hallo’ tegen een groep en maken we met onze hand een begroetingsgebaar. Bij vertrek volgt er een kleine zwaai ter afscheid achteraan. De gewoonte om vrienden ter begroeting of afscheid te zoenen is geïmporteerd uit Amerika. Want van oudsher deden we dat niet. En als we in Frankrijk waren, lachten we soms besmuikt. Die rare Fransen zoenen zelfs hun collega’s en hun baas.

Rond de pubertijd was ik het hand in hand lopen aardig verleerd. Daarom ging het eerst zo onhandig, toen ik vriendjes kreeg. Het is ook maar net wat je van huis uit gewend bent. Hou je je hand met de palm naar voren of naar achteren? Mijn moeder hield altijd haar hand naar achteren, dus hield ik mijn hand met de palm naar voren. Andersom voelde raar. Vandaar dat de eerste hand-in-hand-wandeling met een vriendje begon met handen- gedraai.

Achteraf heb ik mij wel afgevraagd of er een betekenis in schuilt: wie zijn hand met de palm naar voren houdt en wie naar achteren. Is degene met de palm naar achteren de ‘leider’ en degene met de palm naar voren de ‘volger’? Vanuit welke positie kan je het beste aansturen en richting bepalen? Dat moet ik nog eens uitproberen.

Het onwennige zat hem ook in de verschillen. Het fijnste is om hand in hand te lopen met iemand die ongeveer even lang is en hetzelfde tempo heeft. Daarnaast maken de lengte van de stappen wat uit, en of de ander rekening met je houdt. Bij het oversteken bijvoorbeeld. Als de ander voor een snel naderende auto begint te lopen, terwijl jij niets doorhebt en wordt meegesleurd, is dat toch een beetje gevaarlijk.

En dan die handen zelf. Zonder overdrijven kan ik stellen dat ik op iemand afknap als hij of zij geen prettige hand geeft. Een slap handje bijvoorbeeld, of zo een waarbij je hand wordt fijngeknepen. Dan zijn er nog de plakhandjes, de fragiele handjes, de knokige handen, de vuile handen en de koude handen. Sinds er bouwvakkers over mijn vloer komen, heb ik vooral veel vlezige en warme handdrukken gehad. Die zijn toch een stuk aangenamer.

Vroeger zag je ook vaker paren arm in arm of met de armen om elkaars middel stappen. Dat vergt een nog preciezere afstemming wil het geen schokkerige bedoening worden. Volgens mijn moeder flaneerden verloofden in haar jeugd zo door bepaalde straten in de stad. Ouderen lopen tegenwoordig nog wel gearmd. Uit gewoonte, of omdat één van hen bij gebrek aan steun nu makkelijk omvalt. In dat opzicht is de rollator een stoorzender die individualisme in de hand werkt. Of onafhankelijkheid, natuurlijk. Het is maar hoe je dit bekijkt.

Ongetwijfeld beïnvloedt hand in hand lopen ons gemoed. We zijn tenslotte sociale dieren voor wie fysiek contact belangrijk is. Hand in hand lopen versterkt in een goede relatie het gevoel van binding, geborgenheid en veiligheid. En het werkt geruststellend in uitdagende omstandigheden. Een mooi voorbeeld daarvan is mijn ervaring met een Chinese vrouw bij de inktzwarte Grand Canyon.

Hand in hand lopen straalt uit: wij zijn samen, wij zijn één. Zie maar eens tussen ons te komen. Wij horen bij elkaar. Dat heeft voor- en nadelen. Want het is altijd link wanneer mensen zich buitengesloten voelen.

In het Midden-Oosten is het normaal dat heteroseksuele mannen als vrienden hand in hand lopen. Tegelijkertijd is dat een regio waar men elkaar regelmatig de hersens in slaat. Dat is logisch. Het tribale denken is er namelijk heel sterk. Dus degene met wie je niet hand in hand loopt, hoort er duidelijk niet bij. Die voelt zich buitengesloten en zit dan al gauw in het kamp van de vijand.

Waarschijnlijk kunnen we toch heel wat problemen voorkomen als we wat vaker hand in hand gaan lopen. Vooral volwassenen zouden dat vaker moeten doen. Juist ook met degenen die ze naar het leven staan.

Geef aandacht en word gelukkig

Denk je dat je gelukkiger wordt in een andere baan of met een slanker postuur? Vergeet het maar. Je streeft naar de verkeerde doelen. Volgens onderzoek helpt het als je een beetje minder zelfzuchtig wordt. Meer tijd doorbrengen met vrienden of op bezoek gaan bij je oude buurvrouw. Dat werkt beter. Volgens de Duitse psycholoog Julia Rohrer is contact met anderen een belangrijke voorspeller voor geluk.

Omgekeerd smelten zelfs de nukkigste mensen als ze oprechte aandacht krijgen. Specialist ouderengeneeskunde Wilco Achterberg zegt het heel treffend. ‘Als iemand jou speciaal maakt, blijft het leven de moeite waard.’ (Die ene patiënt, Sir Edmund, 2 juni 2018.)

Zijn woorden doen mij denken aan een advies dat ik kreeg van iemand die eveneens in de ouderenzorg werkte. Tijdens een wandeling vertelde ik over mijn toenmalige werkgever, een jonge man. Hij had duidelijk narcistische trekken en was zeer moeilijk in de omgang. Ook bij collega’s riep hij veel weerstand op. Vanwege zijn machtspositie leek het soms of we met een potentiële psychopaat te maken hadden. Ze raadde me aan om extra aandachtig naar hem te luisteren. Als je een van de weinigen bent die zo iemand serieus neemt, kan dat de werkrelatie aanzienlijk verbeteren.

Op een bankje in de bus praat een vrouw met een man over ouderen. Hij merkt op dat er hier zoveel eenzame bejaarden zijn. ‘Maar’, zegt zij ‘ze blijven allemaal in hun eigen huisje zitten. Je moet ze echt over de drempel trekken om ze met elkaar in contact te brengen. Ze zijn alleen, maar zoeken geen anderen op die vlak naast hen wonen en ook eenzaam zijn.’ Sommigen behulpzame mensen spelen daar trouwens heel sluw op in.

In het Volkskrant Magazine stond onlangs een artikel over Viktor en Rolf, de ontwerpers. Ze vormen het ideale duo. Ze zijn vrienden, zitten op dezelfde lijn en vullen elkaar aan. Het is samen zijn te midden van de gekte waarin ze werken. Bovendien voelen ze elkaar perfect aan. ‘Viktor: ‘Vicky [een Jack Russell terriër] was een geschenk van Rolf. Ik schrok me dood. Ik woonde toen nog op een kamer, ik deelde een huis met een vriendin en opeens kregen we een hond. Maar ik was er stapelgek op. Die hond ging altijd mee.’’

Behulpzaamheid kan je het beste gepast doceren. Dat is prettig voor zowel de hulpgever als de hulpontvanger. Kinderen krijgen complimentjes als ze helpen. Zo leren ze sociaal wenselijk gedrag aan. Ik vind wel dat kinderen er ook mogen zijn op de momenten dat ze niet helpen en gewoon zichzelf zijn.

Donderdag. Ik wandel met een groepje naar kasteel Doorwerth. Er is een nieuwe man bij die blijkbaar als doel heeft om mij speciale aandacht te geven. Of is hij eenkennig en klampt hij zich vast aan de eerste die hij spreekt? Hij is psycholoog. Ik vraag me af of hij beseft dat hij vandaag een vrije dag heeft.

Als ik zo rond mijn zeventigste geen partner heb, neem ik een hond. Gezien onze levensverwachtingen worden we dan samen tegelijk gelukkig oud.

De vriend van een vriendin

Ze zijn een stel wanneer we elkaar op Schiphol voor het eerst ontmoeten voor een groepsvakantie. Onze bestemming is ongebruikelijk en juist dat past bij hen, avontuurlijk als ze zijn. Met beiden kan ik het goed vinden. Zij is de verbindende factor en jonger dan ik; energiek en intelligent. Hij is wat bedachtzamer. Alle drie zitten we op dezelfde golflengte qua humor en interesses. En de reis die volgt, zorgt voor een stevig fundament.

Na thuiskomst houden we contact en zien we elkaar regelmatig. In die tijd gaan we naar films, festivals en tal van restaurants. We delen een voorliefde voor het Midden-Oosten, dus wagen we ons aan gezamenlijke vakanties. Met z’n drieën. De eerste keer is dat een risico, maar het gaat wonderwel goed.

Ter plekke zorg onze combinatie voor grappige en verwarrende situaties. Want al is een man met twee vrouwen daar vrij normaal; men verwacht dit niet bij westerlingen. Hoe het precies tussen ons zit, is voor lokale mensen moeilijk te vatten. Die kunnen zich nauwelijks voorstellen dat we gewoon bevriend zijn: een stel en een vriendin. Sommigen stappen vragen ronduit wat onze relatie is. Als deze vriendin een middag in het hotel blijft en ik samen met haar vriend op stap ga, zie ik ze denken.

Een jaar of zeven geleden gingen ze ineens uit elkaar. Ik wist dat hun relatie niet gelijkwaardig was, maar dit had ik niet voorzien. Met name voor hem was het zeer pijnlijk allemaal. Wan zij hield minder van hem dan hij van haar. En de volgende man stond al klaar.

Het is iemand die ik al kende; een leuke en stoere vent. Eentje die op alle terreinen een succesvol leven leidt. Behalve op het gebied van relaties dan. Want de scheiding van zijn vrouw met kinderen was messy en op dat moment gaande. Ruim een jaar na het begin van hun nieuwe relatie gaan deze vriendin en hij ook uit elkaar.

Vrij kort daarna dient de volgende man zich aan. Wederom moet er nog een scheiding worden afgewikkeld aan mannelijke zijde. En opnieuw zijn er kinderen bij betrokken. Nu leven ze alweer een tijd samen en met zijn kinderen erbij lijkt het goed te gaan. Alleen heb ik weinig met deze man.

En eigenlijk zit ik er nog mee. Dat ik haar vroegere vriend nooit meer heb gezien. Terwijl hij voor mij ook een vriend was, zij het anders. Maar nadat ze uit elkaar gingen, was een ontmoeting te pijnlijk voor hem. Want hij associeerde mij sterk met haar.

Sindsdien hoor ik soms hoe het met hem gaat. Lange tijd heeft hij het moeilijk gehad met de situatie. Gelukkig kreeg hij weer een relatie en inmiddels is hij getrouwd. Het gaat goed en daar ben ik blij om. Maar gevoelsmatig is het voor een weerzien in zijn nieuwe leven nu te laat.