Ontluikend Lichtenbeek

Dit is de tijd om eropuit te gaan en wandelingen te maken in de natuur. Overal zie je ontluikende bomen en struiken. Dit voorjaar vallen mij vooral de pas uit de knop gekropen boombladeren op. Ze springen wat minder in het oog dan bloesem. Toch zijn ze van dichtbij gezien prachtig gevormd.

Deze foto is genomen op landgoed Lichtenbeek bij Arnhem. De sierlijke bladeren en knoppen doen denken aan balletdansers. Hierbij wilde ik per sé het braakliggende veld op de achtergrond hebben. Het jonge groen blijft onscherp, maar het beeld is theatraal genoeg.

Spiegeling op het wateroppervlak

‘Bekijk eens de spiegelingen in de plassen, met of zonder windvlaag’, schreef Luuk45. Als oefening deze keer foto’s bij de vijver van een park. Er wiegen takken met ontluikende knoppen boven het spiegelende oppervlak. Het fotoresultaat is even wennen, want zowel de takken als de achtergrond trekken aandacht.

Ik val op de natuurlijke lucht- en watercombinatie van zwart-wit-grijs met hemelsblauw. Daar past het frisse groen als kleuraccent bij. En de grillige reflectie van de bomen in het water vormt op zichzelf al een abstract schilderij.

Beukenbomen in de lentezon

Ik kwam er al langs toen ik nog niet kon bevroeden dat dit landgoed mijn ‘achtertuin’ zou worden. Een rij formidabele beukenbomen. Beuken zie je hier overal. Vrij en imposant, met hun takken naar alle kanten. Of strak in het gelid lanen flankerend. Wie als landheer een beetje rijk was, liet een enkele rij aan weerszijden van lanen planten. Wie geld te over had, koos dubbele rijen. Dit is mijn favoriet.

Ik blijf ernaar terugkomen.

Regelmatig gaan deze bomen op de foto.

Zoals nu, in de lente dus.

De eerste terrasjes dag, wat een genot

Baal je van je werk/naasten/gezondheid/financiële staat, of van alles in je leven? Dan kan je beter niet verder lezen. Want afgelopen week, op die zalige, zonovergoten woensdag, telde ik mijn zegeningen. En dat ga ik hier overdoen.

Op een doordeweekse dag wandel ik met een groepje andere mazzelaars in het bos. Het staat er terloops. Maar laten we deze zin eens ontleden.

Op een doordeweekse dag. Sinds mijn eerste baan besef ik hoe bijzonder vrij zijn is op een doordeweekse dag. Vooral bij een fulltime baan. Dan moet je zorgvuldig je vakantiedagen plannen. Heb je genoeg van dat bestaan, dan lijkt er geen ontkomen aan. En alles moet in het weekend gebeuren. Terwijl je doordeweeks weg wil kunnen, spontaan. Maar er ligt een waslijst met klussen die gisteren moeten worden gedaan.

Wandel ik. Dit betreft geen ander, ik ben er zelf bij.

Met een groepje andere mazzelaars. We zijn allemaal vrijgesteld. Sommigen voor de rest van hun leven, anderen voor deze dag alleen. We hoeven vandaag geen geld te verdienen. Want dat is al binnen of dat komt er met zekerheid aan. We hebben voor even geen verplichting. Niemand hoeft snel een kind op te halen. Niemand moet zo naar een vergadering gaan. We zijn voldoende fit; op zijn minst naar leeftijd of omstandigheid.

Als mazzelaars treffen we het terras van de Carolinahoeve geopend aan. Precies op de eerste dag van het nieuwe seizoen. Dat wordt genieten van koffie en taartjes, terwijl we ons koesteren in de warme lentezon. Geen van ons heeft haast. We blijven net zo lang tot we helemaal rozig zijn.

In het bos. Voor wie in een polder is opgegroeid, blijft een bos bijzonder. En hier ligt het grootste bos van Nederland op loopafstand.

Een boswandeling op een doordeweekse dag met een groepje mazzelaars. Het kost weinig en het kan nog jarenlang. De rest is toekomst. Voor nu, althans.