De drie akkers: rood – wit – blauw

Op een landgoed hier in de buurt is het elk jaar een verrassing wat er op de akkers zal groeien. Ondanks de recente droogte, is het graan nu rijp en bloeien de planten. Ik nam er foto’s van en ontdekte thuis een onderling verband. Rood – wit – blauw. Maar dat niet alleen.

Het rood is van de bloeiende rozen op een militaire ‘dodenakker’. Dat is de christelijke benaming voor een begraafplaats. Hier rust een dode ‘als een graankorrel in de aarde’ om op de dag des oordeels op te staan voor het eeuwig leven.

Zo komen we uit bij dit blonde koren. Een voedingstof waar de mensheid al eeuwen op leeft. Dit graan groeit als een dichte vacht op het veld, en is inmiddels onder het mes verdwenen.

Blauw, ten slotte, kleurt deze akker met phacelia, een bloeiende groenbemester. Eerst mogen de bijen ervan smullen. Daarna wordt de plant met bloem en al ondergeploegd om als voedingstof voor het volgende gewas te dienen. Graan misschien, wie zal het zeggen?

Abstracte foto prikkelt de fantasie

Hou je van abstract of figuratief? Daar had ik nooit bewust over nagedacht. Bij tekenles merkte ik vroeger wel dat abstract tekenen makkelijker is dan realistisch. Probeer het zelf maar eens. En bij abstract tekenen ervoer ik meer ruimte voor creativiteit en fantasie. Nu fotografeer ik regelmatig met de eenvoudige camera van mijn smartphone. Daarbij valt op dat ‘mislukte’ foto’s, toevalstreffers en surrealistische beelden mij het meeste aanspreken.

Zogenaamd mislukt zijn foto’s met een onbedoeld bewogen beeld. Soms neemt mijn smartphone ze vanzelf. De toevalstreffers zijn foto’s die onverwachts goed uitpakken door omstandigheden waarvan ik mij niet bewust ben. Dan zie ik in werkelijkheid iets anders dan wat het oog van de camera waarneemt. Ook leuk is het zicht op voorwerpen vanuit een ongebruikelijke positie. Zoals wanneer je op je rug liggend in een veld de wereld observeert.

Nu ik voor dit blog regelmatig foto’s selecteer, wordt mijn voorkeur steeds duidelijker. Want het mooist vind ik toch de categorie die min of meer surrealistisch is, zoals waterspiegelingen. Hierbij veranderen alle vormen en lopen vaak twee of meer onderwerpen in elkaar over.

Surrealistische beelden laten altijd wat te raden. Even is er een kort moment van verwarring, van onwetendheid. Een moment waarin nog niets concreet is en het zichtbare in onze verbeelding elke vorm kan aannemen. Dat vind ik mooi.

Jacobsladders boven het kerkje

Gelokt door berichten over naderend hoogwater, daalde ik af naar de rivier. De vloed moet de Nederrijn nog bereiken, maar Jacobsladders waren er wel. Precies boven het kerkje van Driel.

‘Wat een ontzagwekkende plaats is dit, dit is niets anders dan het huis van God, dit moet de poort van de hemel zijn!’ (Genesis 28:17.)

Een heel ander beeld schetst Zembla over de afvaldump in de Dreumelse Waard. Dreumel; dat klinkt als een plaatsje uit een Harry-Potterfilm. Het ligt in het Land van Maas en Waal; ook al zo’n sprookjesachtige naam voor een rivierengebied vol natuurschoon. Maar deze aflevering gaat over de praktijken van de bouwsector. Daar is zelden iets goddelijks of sprookjes-achtigs aan.

De Groene Bedstee in wintertooi

Sommige bomen draaien ‘s winters hun kleurenpatroon om. Zoals de beuken van de Groene Bedstee. Deze bomentunnel staat op landgoed Mariëndaal. Wat daar ’s zomers groen is, is nu bruin. En wat eerder bruin was, is nu groen.

Vandaag heb ik geprobeerd de exacte locatie van de zomerfoto’s terug te vinden. Tevergeefs natuurlijk. Maar het was toch een aangenaam tijdverdrijf op zondagmiddag.

(Klik desgewenst op een foto voor een vergroting.)

Wilgen in de mist

Mist. Hoe dichter bij de rivier, hoe dichter de mist wordt. Laaghangende wolken slokken mij op. Gedempt gebrom van een onzichtbaar schip. Een man met een zonnebril op komt mij tegemoet. ‘Goedemiddag, jongedame.’ Ach ja. Twee schimmen verderop. Ze roepen naar een hond en ik trap in de stront. De wilgen staan er stil bij en zeggen geen woord.

Impressionistische kunst in het water

uitsnede vijver Regina Pacis foto als Monet schilderij

‘Waterkunst’, schreef ik boven het vorige logje. Een spontaan verzonnen woord dat zowaar door de spellingcontrole komt. Het is een bestaand fenomeen. Monet maakte als impressionistische schilder veel waterkunst. Hij liet zich inspireren door wat hij aantrof in en rond een waterpartij. Vergelijk zijn werk maar met de foto’s hierboven en -onder van goudgeel weerspiegelde boomtakken en drijvend blad op het wateroppervlak.

Waterpartij als inspiratie voor schilderij

Dankzij een verzonnen woord heb ik weer wat geleerd. Waterkunst is alles wat als kunstuiting in, op of met water is gemaakt en waarbij het water centraal staat. Zoals vijvers met beelden of een lichtshow, schilderijen van waterpartijen, en kunstinstallaties met stromend water. Waterkunst kan evengoed het werk van de natuur zijn. Denk aan rollende golven, de Grand Canyon of elegant wuivende slierten zeewier.

We geloven als individuen graag dat we origineel zijn, maar dat is verbeelding.