Wandeling in de mist

Na het zoveelste wandelrondje in de buurt ben ik toe aan iets nieuws. Maar buiten is het koud, nat en mistig, dus blijf ik liever thuis. Jammer, want deze elementen bieden juist een ongebruikelijk perspectief. Vandaag moest ik op pad en hierdoor besefte ik gelijk hoe aangenaam mist ook kan zijn. Mist verkleint ons blikveld, vervaagt felle kleuren en dempt ieder geluid. Dat is soms prima, want daardoor verdwijnt ook alle ruis. Deze foto’s geven een impressie van de wandeling terug naar huis.

Zwanenbrug over de St Jansbeek in park Sonsbeek, Arnhem.

Fietspad tussen de beuken op Mariëndaal.

Doorkijkje spoortunnel landgoed Mariëndaal.

Oude littekens in het landgoed

Het fascineert mij hoe weinig we weten over het verleden van de grond waarop we leven. Neem dit detail uit een luchtfoto van januari 1945. We zien een paar kale akkers op een landgoed in de buurt. Ik ken er ieder paadje. Dat rare litteken in het veld en die kronkellijnen rechts ken ik ook. Als een van de weinigen, mag ik wel zeggen, hoewel er dagelijks wandelaars komen.

De kronkels zijn namelijk al lang verdwenen. Er is met ploegen en combines overheen gereden. De gaten en geulen zijn dicht. Ze vormden een geheel met de zigzaglijnen in onze achtertuinen. Slechts een paar oude luchtfoto’s getuigen nog van hun vroegere aanwezigheid. Veel meer is er niet.

Nu probeer ik via een omtrekkende beweging het verhaal te reconstrueren achter deze verdedigingslinie. Zo wil ik een beeld krijgen van wat er zich heeft afgespeeld in onze straat. En ik kijk hier naar met de ogen van een vrouw. Misschien scheelt dat wel voor de eindversie.

Nazomer op landgoed Ampsen

Regen en onweer zouden we krijgen bij Lochem op landgoed Ampsen. Maar het werd fijn wandelweer met wind en zonneschijn. Dit landgoed ligt er in ieder jaargetijde goed bij, dus ook in de nazomer. Daarbij heb ik een grote voorliefde voor landgoederen met statige beukenlanen, stille wateren, mooie paddenstoelen, onverwachte ontmoetingen en veel afwisseling in velden en bosschages. Dat is hier allemaal.

Het kasteel of landhuis.

Het stille water en de beukenlaan.

De bloedrode biefstukzwam.

En de onverwachte ontmoeting met een hazelworm (beetje onscherp weliswaar).

Gezichtsbedrog: een bosbrandje of …

De natuur is nog zo droog dat er makkelijk brand kan ontstaan in het bos. Dus toen ik dit zag, dacht ik: ‘Is dit een beginnend bosbrandje, of …?

… is dit mijn favoriete oranje koraalzwam?’ En jawel hoor, ze zijn er weer! (Andere foto’s staan ook hier en hier.) De sliertjes van dit delicate zwammetje zijn circa één millimeter breed en ongeveer drie centimeter hoog. Je moet er echt alert op zijn, anders passeer je ze zomaar ongezien.

Onderweg naar de tandarts

Het regent en ik moet extra vroeg op vanwege een tandartsafspraak.
Reden genoeg voor een baaldag. Maar dat is buiten de route gerekend. Want hoeveel mensen kunnen naar de tandarts via een Lange Afstand Wandelpad? Er loopt bovendien een Streekpad langs de praktijk. Dus mag ik kiezen. Wordt het deze keer het Veluwe Zwerfpad, of het Maarten van Rossumpad?

Uhm, … nou, … weet je wat? Doe ze allebei maar!

De watermolen.

Het pad in het Sonsbeek park.

Langs een vijver met uitzicht op de stadsrand.

En een stukje van de Burgemeesterswijk.

Het Arnhemse park Sonsbeek is een ideaal beginpunt voor uitstapjes. Vandaar dat hier altijd twijfel ontstaat. Want is dit nu een wandeldag, of ben ik op weg naar de tandarts?

De herontdekking van het koepeltje

Vorige week dacht ik ineens terug aan het theekoepeltje in de buurt van Arnhem. Ik zag het zo’n vijf jaar geleden voor het eerst tijdens een wandeling. Het beeld van dat koepeltje kwam spontaan in een gedachteflits voorbij. Zoals dat vaker gebeurt met een herinnering aan iets wat je mist. Dit zal wel het gevolg van de lockdown zijn. Zo verlang ik ook weer terug naar de trein.

Toch is dat koepeltje voor mij een klein raadsel. Toen ik hier pas woonde, kwam ik er tweemaal langs dankzij mensen die de omgeving goed kennen. Sindsdien wandel ik regelmatig alleen en wilde ik het graag nog eens zien. Maar dat koepeltje heb ik nooit meer kunnen vinden.

Afgelopen zondag. Ik maak op landgoed Mariëndaal een ommetje. Voor de afwisseling sla ik een ander pad in dan ik gewoonlijk doe. Aan het eind daarvan beland ik op een parkeerplaats langs de Schelmseweg. Meestal mijd ik paden bij wegen, omdat auto’s en motoren de stilte in wandelgebieden verstoren. Maar door de coronacrisis is er nu minder verkeer.

Aan de overkant ligt een oude bomenlaan en daar vervolg ik mijn wandeling. Links en rechts liggen velden en verderop is een bos. Ik nader een kruising van lanen, kijk naar links en zie: het theekoepeltje! Het staat goed verscholen tussen hagen en bomen achter een wit smeedijzeren hek.

Blij met deze vondst, wandel ik na de bezichtiging van het koepeltje verder. Nu betreed ik voor mijn gevoel wel echt een onontgonnen terrein. Globaal weet ik nog welke kant ik op loop. (Arnhem ligt achter mij.) Al snel, hooguit vijftig meter voorbij het koepeltje, bereik ik weer een kruising van bospaden. Het is een plek die mij verwarrend vertrouwd voor komt.

Heel even is er kortsluiting in mijn hoofd. Ik sta stil, knipper met mijn ogen en kijk nog eens goed. En dan volgt de grootste verrassing. Want ik kén deze plek! Hier kom ik zelfs iedere week! Maar altijd vanuit de tegenovergestelde richting. Nou ja zeg.

Zeg nou zelf: hier valt toch geen koepeltje te ontwaren, of wel soms?