Het gevolg van niet stemmen

Bij de komende Tweede Kamerverkiezingen zullen 2,5 miljoen mensen thuisblijven. Die geloven er niet meer in. Deze mensen menen dat ze weinig invloed uitoefenen en dat klopt ook inderdaad. Toch vormen zij wel 20% van alle stemgerechtigden. Daarom kunnen zij samen een politieke aardverschuiving veroorzaken wanneer zij hun stem uitbrengen.

‘Het hebben van een ‘lagere’ opleiding blijkt doorgaans een goede voorspeller voor een eveneens lagere ‘stemgeneigdheid.’ Dit meldt de VPRO-gids bij de programma-aankondiging van ‘De verloren stem’ (donderdag 18 februari 2021). ‘Het is een zelfversterkend proces, omdat politici weinig aandacht zullen besteden aan de belangen van mensen wier stem ze toch nooit krijgen.’  Onze politici zijn geen echte volksvertegenwoordigers meer, want ze zijn buitenproportioneel hoger opgeleid dan het merendeel van de bevolking.

Sinds de coronacrisis blijkt meer dan ooit dat je je stem moet laten horen, anders besta je niet voor politici. VNO-NCW spreekt de VVD bijna dagelijks. Daarom is er voor ondernemers zo snel zo veel hulp gekomen. En dit terwijl de Groningers al jarenlang wachten op compensatie.

In maart zal ook ik mezelf een flinke schop moeten geven, want mensen in mijn positie verschijnen zelden in officiële statistieken. Dus wordt mijn groep niet gezien. Omgekeerd evenredig zie ik niets van mijn gading bij de gevestigde partijen. Hopelijk bieden de nieuwkomers een redelijk alternatief. Anders wordt het als vanouds een proteststem. Maar helemaal niet meer stemmen? Dat zouden ze wel willen, misschien.

Maatschappijles over een spotprent

Alles van waarde is weerloos, schreef Lucebert in zijn gedicht. Daarom benadruk ik nog eens hoe belangrijk onze vrijheid van meningsuiting is. Vrijheid van meningsuiting is één van de allergrootste verworvenheden die we in de westerse wereld hebben bereikt. Bereikt, want in de afgelopen eeuwen heeft menigeen zijn leven hiervoor gegeven. De vrijheid om te zeggen wat je denkt, is nooit een vanzelfsprekendheid geweest.

Ons laagje beschaving is kwetsbaar en flinterdun. Beschaving betekent in mijn optiek: respectvol omgaan met al wat er leeft. Do no harm. Dat idee. We berokkenen sneller schade dan we zelf denken, want onze visie is beperkt. Om te beseffen wat we doen, moeten we ons in de ander inleven en nagaan welke gevolgen onze handeling heeft. Dat is moeilijker dan gewoon maar wat naar eigen goeddunken doen.

Niet nadenken is een vorm van zelfbevestiging en verdoving. Veilig in je eigen kringetje blijven is dat eveneens.

Het woordje ‘we’ hierboven omvat de hele wereldbevolking. Niemand is daarvan uitgezonderd, wat mij betreft. Alleen word ik nu wel even geconfronteerd met mijn eigen westerse manier van denken, zodra ik Charlie Hebdo, alsnog uit 2015 herlees.

Begin 2015 was ik planner bij een bureau dat debattrainingen op middelbare scholen gaf. Een maatschappijleraar vroeg mij toen om aan de trainer door te geven dat hij beter geen ‘gevoelige’ onderwerpen kon behandelen in zijn klas. Ik beschreef dit voorval in de Armeense genocide, ook al zo’n onderwerp waarover je in bepaalde kringen niet spreken mag.

Is er dan niets veranderd? Is de radicalisering inderdaad toegenomen en is de verharding in de wereld een feit? In Frankrijk lijkt de benadering van hogerhand nog even autoritair en ongenaakbaar als altijd. Dat is precies wat mensen onderaan de maatschappelijke ladder tot wanhoop drijft. Frankrijk meent strategisch slim te zijn, maar is geen beste gezien de handels-belangen van de eigen wapenindustrie. En Frankrijk trekt zich weinig aan van haar onderdanen, dat is al tientallen jaren zo.

Wat kan een maatschappijleraar veranderen aan frustraties over een spotprent? Weinig, als de focus op een religie blijft liggen. Onze vrijheid van meningsuiting wordt veel meer in gevaar gebracht door leiders die zich voor het karretje van de zakenwereld laten spannen. Want zo blijven gewone mensen een speelbal van andermans belangen. En mind you, ook religieuze leiders hebben hun zakelijke belangen. Zolang dit doorgaat, zullen boze burgers hun idealen en overtuigingen gefnuikt zien worden.

Dus als ik maatschappijleraren een gouden tip mag geven: always follow the money. Dat zal studenten leren om zelf na te denken.

Heimwee naar de eindeloze snelweg

Het komt vast door alle beperkingen. ‘Reis alleen met het openbaar vervoer als dat echt nodig is.’ Zo luidt het devies. Cafés en restaurants zijn dicht. Mijn wereld is nu gereduceerd tot een cirkel van vijf kilometer. Verder daarbuiten begeef ik mij niet. Het is mijn vrije keuze, hoor, ik pas mij gewoon aan. Maar het bloed kruipt intussen wel waar het niet kan gaan.

Ik kan een poos op één plaats blijven. Geen probleem. Momenteel vind ik dat ook best aangenaam. Alleen moet zo’n toestand nooit lang duren, want dan komen de gedachteflarden. En daarmee de kriebels en het verlangen.

Vandaag overviel mij zo’n flard. Of eigenlijk was het een doorvoelde herinnering aan hoe ontzettend fijn ik het vind om heel lang onderweg te zijn. Voorin zittend op de passagiersstoel, ergens op zo’n eindeloze snelweg. De beste wegen bevinden zich Australië, want daar komt er werkelijk geen eind aan. Uren en uren kan je door blijven rijden, zonder onderbreking zo je wilt.

Ik zou kunnen léven op zo’n snelweg. Voor een tijdje dan.

(Onderweg van Derby naar Fitzroy Crossing, W. Australië, 1988.)

Laptop aan vervanging toe

‘Ondersteuning voor Office 2010 eindigt 13 oktober.’, staat er boven het Word-document waarin ik de conceptversie van dit logje typ. ‘Houd ondersteuning door over te stappen naar een huidige versie van Office.’ Bij weigering, zo klinkt het dreigend, kan ik worden blootgesteld aan beveiligingsrisico’s. Nou, da’s weer lekker dan. Want mijn laptop is acht jaar oud. Dus is de volgende vraag of ik ook maar gelijk aan een nieuwe laptop moet. De huidige bevalt nog goed.

Er is veel veranderd op de elektronica-markt. De prettige winkelketen waar ik mijn trouwe Asus kocht, is kapot geconcurreerd en bestaat niet meer. Daarom moet ik nu naar een voormalige vijand toe. Bol.com? Geen denken aan. Maar welke winkel dan?

Ik wil geen nieuwe laptop. Daarom heb ik deze stap ook zo lang uitgesteld. Als ik naar het actuele Asus-aanbod kijk, kom ik toch weer bij een vrijwel identieke laptop uit. Eentje met 17,3 inch scherm, anti-glare display, werkgeheugen 8 GB, en opslag 512 GB. Plus apart cijferblok rechts op het toetsenbord inclusief de + en de – erbij. Dat ben ik zo gewend van toen ik dagelijks met een rekenmachine werkte. ‘Intel Core i5-10210U’ zegt mij dan weer weinig. Verder moeten er goede speakers in zitten. Dat is belangrijk, omdat ik vaak naar muziekvideoclips luister tijdens het typen.

Nog zoiets. Het contactpunt voor de internetkabel zit aan de verkeerde kant bij de beoogde nieuwe laptop. ‘Hoe kan dat nu een probleem zijn?’, zou je denken. Nou, toevallig heb ik de internetkabel na de verhuizing via gootjes langs de plinten en onder de drempel bij de kamerdeur door naar de eettafel getrokken waar ‘ie weer boven komt en precies lang genoeg is om in een rechte lijn bij mijn vaste werkplek uit te komen. En als de aansluiting straks aan de verkeerde kant zit, is het snoertje precies 40 centimeter te kort. Dus moet ik dan de hele boel weer los trekken en het opgerolde deel van het snoer 40 centimeter uitrollen en dan weer alles 40 centimeter opschuiven en terug in de gootjes duwen en onder de drempel door halen en dan weer bij de eettafel naar boven halen, zodat het snoer precies recht ligt.

Ik heb helemaal geen zin in een nieuwe laptop. Waarom verandert alles toch steeds?

De symboliek van de oude steenfabriek

De grijze kalmte en de dramatiek. De eenvoud en de symmetrie. Een beeld vol symboliek. Je mag zelf weten wat je hier in ziet.

Ter plekke trof mij de dreigende lucht en het stille spiegelbeeld.

Eenmaal thuis zag ik een aanstormende stoomtrein in de oude steenfabriek.

Gisteren keek ik naar Zomergasten met Inez Weski. Ik herkende iets in haar; iets in mezelf.

Vandaag bezie ik deze foto met weer een andere blik.

Laten we ons nog inperken?

Waren het beelden uit Kenia? Te zien is een rommelig kruispunt, van bovenaf gefilmd. Zo’n stoffige plek met karretjes van straathandelaren, langsrijdende auto’s en wandelende voorbijgangers. Plots komen er mannen op motoren aan. Ze springen eraf en meppen met wapenstokken wild om zich heen naar elke passant die ze raken kunnen. Iedereen stuift uiteen. Binnen een mum van tijd is het kruispunt leeg. Zo, ook weer gedaan. De avondklok in coronatijd is ingegaan.

Dat zouden ze hier eens moeten doen. Het land zou meteen te klein zijn.

Oh, da’s waar ook: ons land ís te klein. Vanwege al die mensen die zichzelf heel wat vinden. Die altijd zelf wel bepalen wat goed voor hen is. Die zich door niets of niemand de les laten lezen. Zij hebben nu wel lang genoeg binnen gezeten en dus gaan ze naar buiten. De trend van IC-opnames daalt en het gevaar is geweken. Trouwens, ze hebben het ‘verdiend’. Ze houden al weken rekening met anderen, zoals de hardwerkende IC-verpleegkundigen. Dat is toch een flinke opoffering.

Vrijheid is in Nederland een groot goed. Het is verworden tot een vanzelfsprekendheid. Iets wat je kan en moet opeisen. Oh wee als iemand daar paal en perk aan stelt. Zelfs al is dat om de grenzen van anderen te beschermen. Want je hebt er recht op en we hebben er voor gestreden.
(Oh ja, wanneer dan? Tijdens de reformatie, 460 jaar geleden?)

Tot nu toe leven we hier met een ‘intelligente’ lockdown. Dat is niet altijd leuk. Mijn eigen bewegingsruimte is flink ingeperkt door de maatregelen in het OV. Maar mijn persoonlijke vrijheid wordt nog veel drastischer beknot door degenen die te veel ruimte innemen. En wat geeft hen daartoe dan het recht?

Straks gaat alles weer van het slot

De eerste uitnodigingen komen al binnen. We gaan direct van start zodra de lockdown versoepeld wordt. De sportclub verhuist van de gymzaal naar het park; de planning van het straatfeest wordt hervat. Alles volgens de regels van onze nieuwe anderhalvemetersamenleving. Volgende week zal ook de drukte in het verkeer weer toenemen.

Weg rust, weg stilte. Dag vogelgeluiden, dag schone blauwe lucht zonder vliegtuigstrepen. Het was fijn, maar nu wordt het wederom dringen geblazen.

Ik zie ons imminente gekrioel met gemengde gevoelens tegemoet. En velen met mij. Daarom is het zo opmerkelijk als zulke mensen mijn berichten verkeerd interpreteren waarin ik op genuanceerde wijze schrijf dat ik Nederland te vol vind.