Taal als interessegebied

Als je lang genoeg leeft, merk je vanzelf dat je liefhebberijen kunnen verschuiven. Hoeveel hobby’s had je vroeger, waar je nu al jaren geen tijd meer aan besteedt? Menige postzegelverzameling vergaart stof op zolder. Andere interesses zijn er voor altijd. Je kan ze even uit het oog verliezen. Bijvoorbeeld, omdat je druk bezig bent met het leven. Maar je hoeft slechts een foto te zien, een geur te ruiken of een zinnetje te lezen, en je denkt: ‘Hé, dat is leuk. Hoe kon ik dat vergeten?’

Onlangs kwam het Sociaal Cultureel Planbureau met het rapport Denkend aan Nederland, over het onderzoek naar wat Nederland voor de Nederlanders betekent. Wij, stelletje eigengereide Hollanders, mogen graag denken dat we dat zelf wel bepalen. We zijn tenslotte op en top individualisten, nietwaar? Nee dus, niet waar.

Onze Nederlandse identiteit bestaat uit gedeelde gevoelens voor onze taal, symbolen en tradities. Denk aan onze vlag, de Elfstedentocht, oliebollen, Koningsdag, dijken en weilanden, de kleur oranje, Sinterklaas, vrijheid van meningsuiting, et cetera. Dat zijn verbindende factoren. Ik kan ook zeer warme gevoelens krijgen bij de aanblik van het Feyenoord stadion.

Taal is een belangrijk onderdeel van onze identiteit, maar onze taal is minder Nederlands dan je zou denken. Onze woordenschat wordt al eeuwen aangevuld door nieuwkomers uit het buitenland. Zo komen taal, sociale geschiedenis en mijn voorouders samen. Gecombineerd vormen ze voor mij een bijzonder interessegebied. Heb ik hier al eens verteld over Leidens Ontzet op 3 oktober? 😉

Daarom deel ik graag het bericht Een mooie mengelmoes op het blog van Neerlandistiek. Dit gaat over het ontstaan van het Nederlands, zoals wij het nu kennen. Dit dankzij de vele dialecten en vreemde talen die hier in de Gouden Eeuw werden gesproken. En waar ‘Amsterdam’ staat, kan je gerust ook ‘Leiden’ lezen.

3 oktober 2018 optocht Leidens Ontzet

Natúúrlijk was ik vandaag in Leiden. Op deze dag zou ik nergens anders willen zijn. De viering van 3 oktober hangt van tradities aan elkaar en een daarvan is naar de optocht gaan. Dat klinkt passief, maar niets is minder waar. Want het publiek doet vanachter de dranghekken volop mee. Dat hoort er bij. Hier wat foto’s als sfeerimpressie.De Geuzen.

Zuster Klivia.

Reïncarnatie van Rubberen Robbie?

Spuitgasten uit 1929 bij de stadhuisbrand.

Bijdrage van het Rijksmuseum van Oudheden. Ja sorry hoor, ik ben geen actiefotograaf.

Lekker midden op de weg rennen, nu het eindelijk kan.

Hoogwaardigheidsbekleder 3 October Vereeniging achter de draak aan,
voorzien van enig commentaar.

Familiebijeenkomst

Sommige ontmoetingen ijlen dagenlang na, zoals die tijdens een familie-reünie. Ik hoor vertellingen uit de eerste hand over vroeger: flinters uit het leven van opa en oma. En er zijn oude, nooit eerder getoonde foto’s.

Wat nog meer? Een kennismaking met onbekende neven, na 55 jaar. En het weerzien met oude bekenden, nu volwassen persoonlijkheden. De ontdekking van gedeelde interesses. Unieke banden te midden van zeven miljard anderen.

We zijn allemaal gevormd door de tijd waarin we leven en door wat aan ons is doorgegeven.

Naderhand. Twee paar ingezoomde ogen van jaren her kijken me met een klein glimlachje doordringend aan. Ze lijken te beamen dat dit goed was. (Maar dat zal ik me wel weer verbeelden.)

Door framing mis je leuke dingen

Stephan Sanders rept in de Volkskrant over een identiteitenstrijd. Termen als ‘wit’ en ‘blank’ staan ter discussie, net zoals voormalige helden van de VOC. Stel, je schrijft dat een dronken Belgische man een Nederlandse vrouw aanrijdt. Dan is de vermelding van nationaliteiten overbodig. Benoem je ze toch, dan doe je aan framing. Daarmee plaats je alle Belgen in het verdachtenbankje. Vergis je niet. Met framing doen we zowel de ander als onszelf tekort.

Overlevingsstrategie
Dat we een aantal zaken en termen grondig herzien, prima. Maar blijf even nadenken. Framing is van oorsprong een overlevingsstrategie. We schatten mensen gelijk in bij een eerste kennismaking: te vertrouwen of niet. Daarna vormen we ons snel een beeld van iemand: vriendelijk, dominant, passief, actief, enzovoort. Dan is dat alvast duidelijk en kunnen we verder. Een probleem is wel dat oude indrukken hardnekkig blijven hangen. Zelfs al wijzen latere ervaringen op tegengestelde eigenschappen.

Verrassing 1
Deze week had ik ontmoetingen met diverse onbekenden. Stuk voor stuk verrasten ze mij, bij nader inzien. Een gespierde militair bijvoorbeeld, met zo’n crew cut kapsel. Wat blijkt? Hij doet er ook ICT-werk voor schoonheidsspecialisten bij. Of een man uit de bouwsector. Die verzucht dat het zo’n ouderwets mannenbolwerk is. Hij wil graag parttime werken, maar daar begint zijn werkgever niet aan.

Indoctrinatie
We zijn allemaal geïndoctrineerd door opvoeding, opleiding en oude ervaringen. Dat ‘allemaal’ betreft hier ook de andere partij. Stephan Sanders heeft een kleurtje. Voor hem is de zwart/wit-kwestie mogelijk wat gevoeliger dan voor mij. Maar ik heb in het buitenland evengoed met framing te maken. Vooral in armere landen. Hoe donkerder de bevolking, hoe sterker het speelt.

Beeldvorming
In Afrika is het moeilijk om met lokale inwoners gelijkwaardige vriendschappen op te bouwen. Tenzij ze een universitaire opleiding hebben genoten. Want ik ben wit, of blank zo je wilt. Een muzungu. De eerste barrière waar ik doorheen moet, is het beeld van een wandelende portemonnee. Het tweede beeld dat ik soms moet doorbreken, is dat ik geen mistress ben. In de betekenis van bazin. Alsof je het als blanke automatisch beter weet dan zij, en dus de leiding moet nemen. Geen van deze beelden doen recht aan mij. In Nederland poets ik gewoon zelf de wc.

White woman privilege
Let wel, er zitten voordelen aan een white woman privilege. Deuren gaan letterlijk voor je open, terwijl die voor lokale inwoners gesloten blijven. Zoals de deuren naar een bar en het zwembad van een vijfsterrenhotel waar je zelf niet verblijft. Dat is wrang, maar nog tamelijk onschuldig. Het wordt een probleem als de plaatselijke bevolking hierdoor naast kansen grijpt. Zoals wanneer mensen geen nuttig netwerk kunnen opbouwen, puur door wie of wat ze zijn. Toch kent ook ons land barrières. Ik kom evenmin zomaar bij een Rotary Club binnen.

Verrassing 2
Het kan anders. Neem deze spontane ontmoeting in het Arnhemse alternatieve circuit. Een 18-jarige jongen met Antilliaanse gelaatstrekken zit aan tafel met een 35-jarige Marokkaan. Ze eten en ze drinken allebei (alcoholvrij?) bier. Ik ken hen niet en schuif met een vol bord aan. We praten over wat we doen. Daarbij denk ik aan werk, maar mogelijk hebben zij het over hobby’s. Dat blijft in het midden. De Antilliaan is voetballer. De Berber is hiphop danser. Als je zonder nadere omschrijving foto’s van deze twee krijgt, wie zie je dan aan voor hiphopper?

Leiden door het oog van de lens

Even terug in het gebouw waar we ooit allemaal werden geregistreerd. Een pasgeboren baby’tje huilt. Nu is het haar beurt. Er wordt een symposium gehouden over de identiteit(en) van Leiden. In de pauze neem ik foto’s van de ruimte en de omgeving.

Alsof er een dia voor mijn ogen schuift, verandert het beeld. Waar een bobbelig ruitje zit, trekt de lens glasplaatjes recht. Waar donkerte is, brengt de camera licht. En waar kleur is, maakt de lens een voorwerp wit. Er ontstaat sepia. Er ontstaat mysterie. Ben ik per toeval op geheime technieken van Bob Thissen en Jeroen Swyngedouw gestuit?

Marokkaans vlagvertoon

Nog even over die botanische tuin in Utrecht. Het is een populaire plek voor bruiloften en partijen. Afgelopen weekend was er een prachtig uitgedost gezelschap. Vermoedelijk Eritreeërs of Ethiopiërs. Ze namen volop foto’s met de tuin op de achtergrond. Later zagen we nog een goed geklede groep. Alleen mannen; vrouwen waren nergens te bekennen. Bij de ingang stond een witte stretch limousine, met trouwversiering. Plus een hele rij volgauto’s. Waarvan enkelen met de Marokkaanse vlag op de motorkap.

Een vlag. Bij de Nijmeegse vierdaagse is vlagvertoon logisch. En tijdens 3 oktober ook, vooral die rood-witte met de Leidse sleutels er op. Maar welke bruid wil nou een nationale vlag in haar trouwstoet?

Bij mijn weten zie je dit verschijnsel alleen bij Turken en Marokkanen. Bij andere mensen met een tweede nationaliteit is het mij nooit zo opgevallen. Maar ik woon nu eenmaal in een roomblanke wijk. Feitelijk ben ik hier met mijn donkerbruine haar nog het meest gekleurd van allemaal. En de expats op mijn vorige adres deden evenmin aan vlagvertoon.

Kortom, kan iemand mij uitleggen wat zo’n vlag doet in een trouwstoet?

Het is weer bijna 3 oktober

Rond deze tijd van het jaar voel ik mij sterk verwant met de eerste generatie Turk of Marokkaan. Vroeger zag je ze ’s zomers altijd in een volgestouwde Mercedes naar hun vaderland afreizen. Terwijl ik begin oktober steevast naar Leiden terug moet gaan. Net zoals bij hen, blijven de banden met mijn oude geboortestad levenslang bestaan.

In den vreemde (regio Arnhem) ontvang nog ik wekelijks nieuwsbrieven van Leidse organisaties. Van de Hortus bijvoorbeeld, en van het Leids Wevershuis. Ook de Universiteitsbibliotheek stuurt regelmatig een bericht, waarin bijzondere stukken uit de collectie worden belicht. Af en toe bezoek ik de website van het Afrika-Studiecentrum, dat ook al in de Sleutelstad gevestigd is. En ik lees nieuwtjes van de 3-October Vereeniging, plus de universitaire nieuwsbrief. Tot besluit schrijven het Leidsch Dagblad en Leidse bloggers over uiterst herkenbare zaken. Hoe snel de stad ook mag veranderen.

Aan het feestprogramma van 3 oktober verandert trouwens zelden iets. Al ontstaat er soms wel wat nieuws. Naast de reveille, de uitreiking van haring en wittebrood, koraalzang, kermis, optocht en feestelijke warenmarkt, is er sinds een paar jaar de 3 October University. Want Leiden is al tijden fabrieksstad af. Voor buitenstaanders mag 3 oktober dan een plat volksfeest lijken. De gentrification is hier ook al jaren aan de gang.