Zo grillig als een vrouw in de overgang

Soms hoor je een woord waarvan je denkt: ‘Hé, dat ken ik nog niet.’ Zo stuitte ik gisteren op het Engelse coddiwomple. Dat betekent: ‘to travel in a purposeful manner towards a vague destination.’ Hoe was het mogelijk dat ik daar nooit van had gehoord, terwijl ik zo veel heb gereisd? Nou, gewoon, omdat het woord pas kort bestaat en door de huidige travellers scene via internet wordt verspreid. ‘Ik word echt oud.’, dacht ik daarbij.

Mijn gedachten zijn af en toe behoorlijk grillig. Misschien omdat ik nu doelbewust toewerk naar een uitkomst die volstrekt onzeker is. Ik weet heel goed wat ik wil bereiken. Maar de weg ernaartoe zit vol kronkels en ik kan niet in de toekomst kijken. Dit speelt in het groot en in het klein. De schors van een pseudoacacia past daar mooi bij. Die zit vol lijnen, groeven, splitsingen en uitbarstingen. En sommige lijnen komen weer bijeen.

‘Zo grillig als de schors van een Robina.’, dacht ik daarbij. Je zou dit zo als Nederlands spreekwoord kunnen invoeren. Maar een of andere voetbalcommentator is mij voor geweest met iets vergelijkbaars: ‘Zo grillig als een vrouw in de overgang.’ Tss, wat een orakel.

Een zwaar leven

Je hebt mensen die zichzelf troosten met de gedachte dat anderen het nog veel zwaarder hebben dan zijzelf. Dat geeft hen kennelijk een goed gevoel. Nou, ik behoor niet tot die groep. Soms vind ik mijn leven dus heel erg zwaar.

Maar ik laat mij niet gek maken, hoor. Ik kan het omslagpunt gewoon afwachten. Want dat komt altijd, vroeg of laat. Zodra het genoeg is geweest. Dat is het moment waarop al mijn energie samenbalt en mijn focus haarscherp wordt. Succes verzekerd.
(Althans, dat hoop ik deze keer ook maar weer.)

Foto – Screen shot uit Mad Max II.

Lijstjes om niet te vergeten

Zodra de tv-gids binnenkomt, krabbelen veel lezers symbolen bij alles wat ze willen zien. Deze mensen houden van orde en overzicht, zegt men. En markeringen werken als geheugensteun. Needless to say dat ik dit herken. Want ik maak voortdurend lijstjes, overzichten en aantekeningen. Om niet te vergeten. Of eigenlijk, om grip te houden op mijn leven.

Bijvoorbeeld: lijsten van bezochte landen en van films die ik waardeer. Overzichten van concerten, favoriete songs en videoclips (nog in bewerking). Een inboedellijst (kan eens handig zijn voor de verzekering). Een boodschappenlijstje. Een to do list die altijd bovenop de stapel ligt. Plus een lijst met gepland onderhoud in en rond huis. (Die zit diep weggestopt. Daar wil ik niet steeds aan worden herinnerd.) Met al deze lijstjes probeer ik de steken op te vangen die mijn geheugen laat vallen.

Onze hersencapaciteit is te beperkt voor het huidige, dynamische leven. We zien en ervaren te veel in te korte tijd om alle indrukken goed te verwerken. Laat staan om ze te verinnerlijken. Een eeuw geleden arbeidden mensen vooral op het platteland of in een fabriek. Zes dagen per week verrichtten ze eentonig werk. En de zondag zat vol rituelen. Ons kende ons. Afgezien van bruiloften en begrafenissen gebeurde er weinig. Wellicht was het saai, maar het was ook wel zo ordelijk en overzichtelijk.

Overzicht – Deel van de route tijdens de grote reis

Tot mijn eerste grote reis onthield ik details en namen goed. Daarna werd het teveel. Want mijn hersenen kregen onderweg voortdurend nieuwe indrukken te verstouwen. Steeds leerde ik nieuwe mensen kennen en wilde ik vertrouwd raken met vreemde plaatsen. Terug in Nederland volgden diverse uitzendbaantjes kort na elkaar. Ik werd eens wakker met de vraag waar ik ook al weer werkte. Toen begonnen de flashbacks. Ze kwamen continu en op de raarste momenten. Maakte ik een factuur voor een uitgeverij, dacht ik ineens aan een Australisch benzinestation. Er zat totaal geen lijn in.

Die flashbacks hielden jarenlang aan, maar zijn nu helaas bijna verdwenen. Want het was prettig om op de gekste momenten aan details uit die reis te denken. Misschien was het een positieve vorm van PTSS. Want de culture shock na dat vrije reisleven was enorm. Die reis duurde achttien maanden en ik geloof dat iedere reismaand achteraf een jaar gewenning vergde. Nog altijd verzet ik me tegen het harnas van het ‘gewone’ bestaan. Het is niet aan de maatschappij om te bepalen hoe ik mijn leven moet inrichten.

Daarom lijken die lijstjes tegenstrijdig. Want een to do list perst ons in het gareel. Zodra we er een taak op zetten, moeten we er iets mee. Maar lijstjes helpen ons ook om overzicht te houden, om keuzes te maken en om prioriteiten te stellen. En heb je eenmaal een opsomming gemaakt, dan kan je daaruit informatie halen. Een opsomming helpt ons zaken te analyseren en patronen te interpreteren die anders onzichtbaar blijven.

Bovendien helpen lijsten ons vergeten ervaringen weer te herinneren. Wanneer je een groot deel van je leven met iemand deelt, bouw je veel gezamenlijke herinneringen op. Ga je samen op de ‘Weet je nog …’-toer, dan kan de ander jouw herinneringen aanvullen (of rechtzetten). Maar wanneer je veel dingen alleen meemaakt of met steeds wisselende mensen om je heen, dan ontbreekt dat gezamenlijke referentiekader.

Raam Open is soms net een dagboek. En hoe vergankelijk ook, de lijsten en dit blog zijn regelmatig mijn enige houvast.

Gedesoriënteerd

Het is zaterdagochtend, koffietijd, en ik zit te genieten van mijn huiskamer. Aan de muur hangen foto’s van plaatsen die goede herinneringen oproepen. Als ik ernaar kijk, word ik vanzelf blij. En in de tuin staat een bordje met ‘Garden’ erop, waar ik steeds om moet lachen. Ook al heb ik het er zelf neergezet. Het is een klein grapje, een parodie op wat anderen doen. Scillie schreef al eens over het fenomeen. De neiging van mensen om teksten te plaatsen bij dingen die voor zich spreken. Zoals ‘HOME’ in houten letters voor het raam van iemands woning.

IMG_3767Ik wil er een foto van maken. Van alle mooie en leuke dingen. Van het bordje in de tuin, van de foto’s aan de muur en van een kussen in kersttooi. Dat ik lekker het hele jaar door in mijn woonkamer laat liggen. Van mij mag het er zijn.

Bij de eerste foto begint er een lampje te knipperen: batterij bijna leeg. Oké, even de oplader pakken. Alleen, waar is die gebleven? Ik weet nog precies waar die lag, in mijn vorige woning. Waar vrijwel alle spullen een vaste plek hadden. Ik zou zo naar de kast kunnen lopen en de oplader halen. Die lag in het gouden parfumdoosje links op de bovenste plank van de inloopkast. Alleen is dat appartement niet meer mijn woning. En die plank zat daar aan de muur vastgeschroefd; die is niet meeverhuisd.

Ik was ook gedesoriënteerd na de reorganisatie van de organisatie waar ik het liefste werkte. Alle afdelingen waren uit elkaar getrokken. Het personeelsbestand was volledig door elkaar gehusseld en uitgeschud. De overgebleven mensen waren op nieuwe plekken neergezet. Met bureau en al. Zelf belandde ik in een ander gebouw. Ik moest bij de achterdeur aanbellen als ik via de kortste route bij het hoofdkantoor naar binnen wou. Aanbellen, bij mijn eigen werkgever.

Het kantoorpand van een andere voormalige werkgever heb ik later nog eens bezocht. Er zit nu een uitzendbureau in. Toen ik de verbouwde kantoorruimte betrad, stond het bureau van mijn consulent bij exact hetzelfde raam als waar ik jaren had doorgebracht.

In onze snel veranderende maatschappij hebben we houvast nodig. Ik begrijp waarom zo veel mensen houten woorden neerzetten. Anders weten ze niet meer waar ze zijn.

IMG_3770

Bijgeloof of intuïtie

We kunnen het leven nemen zoals het is, maar ik denk dat veel mensen dat saai vinden. Alles is dan zo gewoon. Er moet toch meer zijn dan dit bestaan. En we willen graag ergens over kunnen dromen. Speel je mee in de loterij, dan koop je een beetje hoop. Zit het tegen, dan is er vast een reden waarom het zo loopt. Natuurlijk, we zoeken houvast en zekerheid. Evenals een spannende ontsnapping aan het gewone.

Ik ben rationeel, maar betrap mezelf soms op een kinderlijk bijgeloof. Als ik achter mij een naderende auto hoor, dan kijk ik naar een specifieke tegel verderop in de stoep. ‘Als ik op die tegel sta voordat de auto passeert, dan zal het goed met mij blijven gaan.’ Het lukt altijd om zo’n tegel tijdig te bereiken. Soms moet ik doorlopen. Maar rennen of springen is nooit nodig. Kennelijk schatten mijn hersenen bij het geluid van een naderende auto afstand en snelheid perfect in. Toch ben ik steeds weer opgelucht als het is gelukt.

Ik ben zeer gevoelig voor ‘tekens’ als ik aan iets belangrijks begin. Zoals aan een nieuw jaar. Gisteren, op nieuwjaarsdag, stond ik om 10:20 uur bij een bushalte in een stille, mistige straat. Niemand te zien. Behalve een zwerverstype met twee grote supermarkt-tassen. Hij kwam rochelend naar de bushalte, zette zijn tassen neer en zocht heel nadrukkelijk contact. Uiterst opgewekt en vriendelijk. Zoals mensen zonder prangende verantwoordelijkheden dat kunnen doen. Maar hoogst irritant.

Kijk, op zo’n moment ontstaat er voor mij een bloedlinke situatie. Want ik zou er zomaar waarde aan kunnen gaan hechten. Dat nu juist hieruit mijn eerste ontmoeting in 2016 bestaat. Gelukkig vergeet ik zulke incidenten vaak snel. En het jaar gaat gewoon zijn gang, zoals het verder zijn gang zal gaan.

Bijgeloof is iets anders dan intuïtie. Intuïtie is echt; daar geloof ik heilig in.

Op afscheidstournee

Nederland is klein en vergeleken met Australië ligt elke plaats in onze achtertuin. Of je nu naar Bergen op Zoom of Groningen gaat, de reisafstand stelt weinig voor. En toch. Omdat ik binnenkort van de kust naar het oosten verhuis, ervaar ik die afstand ineens wel. Van de weeromstuit ga ik op afscheidstournee.

IMG_3253Die begint in Den Haag met een wandeling door de binnenstad. In de volgende plaats, Delft, stuit ik onverwachts op een voorouderlijk oord. Een gedenksteen op een brug verwijst naar de locatie van de vroegere Koepoort. Daarna bezoek ik de catacomben van station Blaak. Sommigen zullen vast denken: ‘Die is gek.’ Maar daar is het mooiste licht van heel Nederland, vind ik. De historische haven van Dordrecht hou ik nog tegoed.

Daarna volgen allerlei favoriete routes. Zoals een wandeling van Katwijk naar Noordwijk en een bloemrijke treinrit door de Bollenstreek. Zolang ze dichtbij zijn, fiets ik kriskras door de polders van het Groene Hart. En dit weekend is Warmond aan de beurt vanwege de exotische markt.

Ach, misschien is het een restant van onze prehistorische aard. Die behoefte om te snuffelen aan bekende plaatsen. Vertrouwde mensen opzoeken, oude routes nalopen, herinneringen verankeren, en weer verder gaan. Houvast in een onzeker bestaan.

De toekomst tegemoet

Op mijn werkt hangt een scheurkalender met tegeltjeswijsheden. Deze is nu zeer actueel:

 ‘De beste manier om
de toekomst te voorspellen
is haar zelf te creëren.’

De toekomst hangt altijd samen met onzekerheid. Je kan vermoeden hoe iets zal lopen, maar uiteindelijk zal het anders gaan.

Om iets te bereiken, kan je wikkend en wegend een kronkelpad inslaan. Je kan ook een aanloop nemen en gelijk recht door zee gaan.

Ierland meander

Je kan jarenlang ergens naartoe werken. Al je capaciteiten, kennis en vaardigheden inzetten. Je niet laten afleiden. Of liever afwachten, tot die ene kans zich voordoet.

Je kan je laten sturen door spiritualiteit of signalen. Als het goed voelt en uitkomt, is het alsof het zo moet zijn.

Misschien valt deze week alles samen. Want mijn voormalige coach Bob zei het al: the universe is friendly. En op zeldzame momenten is dat echt tastbaar.