Gatenkaas

Onlangs schreef mijn zus dat de loslopende kippen haar in de tuin op de voet volgen wanneer zij daar bezig is. Officieel zijn het wyandottes, maar ik noem ze winandotjes. Die kippen zijn natuurlijk niet gek. Zodra je in de grond gaat rommelen, komen er lekkere dikke wormen tevoorschijn. En wormen, daar zijn kippen verzot op. Ik wilde wat terugschrijven over haar … uh … groepje kippen. Roedel kippen? Vlucht kippen? Zwerm kippen? Volkje kippen? Kudde kippen? Ach kom, hoe noem je zo’n troepje pluimvee nu toch?

Het overkomt mij wel vaker dat een woord mij niet te binnen wil schieten. Vooral woorden die slechts af en toe de revue passeren. Deze keer wist ik het ineens weer: een toom kippen! Jawel. Gelukkig, ik ben nog niet aan het dementeren.

Bij bovenstaande foto probeer ik ook al een hele tijd een verhaal te verzinnen. Die druppelvormige rand … die doet mij denken aan iets wat ik ooit zag. Maar wat?

Pasgeleden had ik trouwens een vergelijkbaar probleem met een woord van vier lettergrepen. Vier lettergrepen, dat weet ik nog exact. Maar welk woord het was, dat ben ik vergeten.

Gewenst: total recall ervaring

Soms verlang ik toch zo naar een fotografisch geheugen. Of beter: doe mij maar een total recall ervaring. Neem die rondreis in Madagaskar, waar ik gisteren over schreef. Het woord zegt het al: bij een rondreis ben je bijna dagelijks van A naar B onderweg. Je doet een korte indruk op en hup, daar gaan we weer naar de volgende locatie. Busje in, busje uit; snel even wat eten voordat het avondprogramma begint. Van zo’n reis blijven slechts flarden hangen in je herinnering. Terwijl informatie beter beklijft als we handelingen met aandacht verrichten en herhalen.

Het was prachtige rondreis in 2004, maar in mijn geheugen ontbreken nu hele stukken. Er resten verder alleen nog een onvolledig fotoalbum en een fragmentarisch reisverslag.

Stel dat het mogelijk wordt om je eigen ervaringen te herinneren alsof je de hoofdpersoon bent in een film. En dat je zelf mag bepalen welke scenes je daarin opneemt. Dan kan je de prettige ervaringen tot in detail bewaren en weer herbeleven. En van de mindere is een korte samenvatting van de belangrijkste lessen genoeg.

Dus beste AI-ontwikkelaars, waar wachten jullie op?

Veel blijft in het verborgene

‘Ben nu rond middernacht aan de wandel geslagen in de bossen van Duno. Het is dan lekker rustig, en dat is beter dan overdag te wandelen, want dan is het drukker. … Je komt nog wel eens voor verrassende ontmoetingen te staan. Boswachter, stropers, mensen die in het bos slapen, of personen die op een bankje zitten te roken, ik weet niet wat, en zich rot schrikken als ze mij te laat zien in mijn zwarte kleding met capuchon. Ook bij het kasteel kom ik nog wel eens mensen tegen. Die lopen met een hele grote boog om mij heen, of maken rechtsomkeert. Vraag mij wel eens af wat die mensen nog zo laat daar doen. Sommige hebben de hond bij zich, andere lopen alleen te wandelen.’ Proza van een van de mannen van de sportclub. We houden via e-mail contact nu ons sportuurtje is weggevallen.

Zo komt er een tot dusver onbekend fenomeen uit mijn omgeving tevoorschijn. Want inderdaad: wie zijn die mensen, die rondspoken bij kasteel Doorwerth en in het bos bij Duno? Waarom zijn ze daar? Kunnen ze niet slapen? Zijn ze getroffen door de coronamaatregelen? Is er iemand ziek in hun familie? Of sluiten criminelen hier soms hun schimmige deals af? Scharrelen zij ook rond in ons dorp? Zijn er dan nog meer locaties voor geheime rendez-vous?

We weten nauwelijks wat er zich afspeelt in de wereld, ondanks al het nieuws. Vaak hebben we ook de historische band verloren met de grond waarop we lopen. Onze kennis gaat hooguit twee generaties terug. Achter gesloten deuren blijft veel verborgen, zelfs waar transparantie de norm is. En we kennen lang niet alle gedachten van onze naasten, ook al denken we van wel.

Op een landgoed prijken twee naamplaatjes op een antiek smeedijzeren hek. Het ene luidt: ‘A.E.v.d.Voet Smederij Morschweg Leiden’. Het andere vermeldt: ‘Siersmederij J.v.Deelen Oosterbeek’. Nieuwsgierig geworden ga ik op onderzoek uit. De Leidse smederij was operationeel in de eerste helft van de twintigste eeuw. De Oosterbeekse smederij werd in 1966 opgericht en later met een ander bedrijf samengevoegd. Mede vanwege de art deco stijl, is het hek vrijwel zeker tussen 1920 en 1937 in Leiden gesmeed. Heeft siersmederij van J. v. Deelen er later restauratiewerk aan verricht?

Het antwoord op deze vraag valt misschien nog wel te achterhalen. Maar deze twee smederijen zal ik nooit meer in bedrijf zien. En over honderd jaar zal geen mens beseffen dat er ooit iemand bij het smeedijzeren hek stond, voor wie de vondst en aanblik van deze twee labels samen betekenis had. Veruit het meeste blijft voor ons verborgen.

Persoonsverwisseling kan niet meer

Deze week heb ik mijn portretfoto van internet gehaald. Maar het is al te laat. Snode lieden trekken overal websites leeg en vullen enorme databases met onze gegevens. Ze verzamelen alles: foto’s, adressen, namen, contacten, locaties, en meer. Met software voor gezichtsherkenning hebben ons zo gevonden. Nou, lekker dan. Daar gaat mijn dekmantel.

Lange tijd maakte ik mezelf wijs dat ik in de massa op kon gaan. En dat persoonsverwisseling heel eenvoudig zou zijn. Er lopen namelijk meer leeftijdgenoten rond met dezelfde combinatie van voor- en achternaam.

Rond mijn geboortejaar was Karin een populaire meisjesnaam. Op de middelbare school zaten we met drie Karins in de klas. En toen mijn ouders bij een buurtcentrum mijn naam eens lieten omroepen, verscheen er een andere Karin met dezelfde achternaam. Jaren later dook zij weer op bij een feest, dus hebben we elkaar zelfs ontmoet.

Stel nu dat ik zou kunnen ruilen. Welke Karin zou dan het aantrekkelijkste leven leiden? Eens kijken. Ik zou een organisatieadviseur kunnen zijn, een secretaresse, juwelier, masseuse, zorgverlener, brouwer, schooljuf, gastvrouw, parkbeheerder of boerin. Daar zit best wat tussen. En hoe is het met de liefde gesteld? Even zien wie hun partners zijn. Hm. Hm. Hm. Wie zijn hun vrienden? Trouwens, waar wonen ze eigenlijk? Ik wil wel in een landelijke omgeving blijven.

Uiteraard is dit onzin. Maar de huidige digitale ontwikkeling geeft serieus te denken.

Een grote zwarte posterlijst van IKEA

Het is bepaald geen kleintje, mijn Once were warriors filmposter. Hij meet 70 x 100 centimeter en er moet een lijst omheen. Zwart en qua uitvoering eenvoudig zal het zijn. Verder heb ik geen wensen. Om mezelf moeizaam gesleep met een onhandelbaar gevaarte te besparen, zoek ik op internet naar een passende lijst. En jawel, IKEA heeft er een naar mijn smaak.

Misschien weet jij beter, maar ik vergeet altijd dat IKEA van de pruts-het-zelf-in-elkaar-pakketten is. Dat komt omdat ik daar slechts eens in de zoveel jaar wat koop. Voor mijn geheugen is de interval dan te groot.

Afijn, zaterdag verheugde ik mij op de komst van een enorm pakket. Daarom keek ik toch wel wat beteuterd toen de bezorgster mij een smal en langwerpig ding bracht. Was dat alles?

En was dit wel voor mij bestemd? Stond mijn naam wel op het etiket? Eer ik op de gedachte kwam om dat te checken, reed mevrouw al weg. Maar ja: dit was mijn pakket. Meteen schoot mij te binnen dat de website nogal nadrukkelijk had verwezen naar een bijpassend product. Een fotodoek van canvas. Ik dacht nog tijdens het bestelproces: ‘Het is niet en en. Je kan ze dus los van elkaar kopen.’ 

Ik had vast een frame gekocht met verder niets erbij. Zo zijn ze bij IKEA.  Super zuinig en super uitgekiend. Je moet daar zelf aan alles denken. ‘Of zou de achterwand er heel strak omheen gevouwen zitten?’, dacht ik nog hoopvol. Want waar moest ik de poster aan vastmaken, als er geen hardboard achterwand bij zat? Helaas, dat zwarte frame was alles.

Nou ja, plus de zestien schroefjes zonder kop, de vier hoekjes waar de zestien schroefjes in moeten, twee ringetjes, twee hangertjes, zestien stripjes waarmee je het canvas vastklemt, een winkelhaakvormig gereedschap, én een plastic dingetje. De schroeven voor in de muur zaten er niet bij. Dit staat expliciet vermeld in het boekje.

Afgelopen weekend heb ik mijn hersens gepijnigd over een oplossing. Ik kan er een eigen doek in doen, maar welk? Zwart past het best en ik heb een mooie fluwelen lap. Die is echter te dik. Verder heb ik nog een zwarte doek met een klein printje erop. Past niet bij de poster en is te slap. Mijn crèmekleurige marktkleed dan? Of zal ik een stuk afknippen van een overcompleet beige gordijn?

Het alternatief is in de stad een grote hardboard achterwand kopen (dat wordt dan alsnog een gezeul); die exact op maat zagen en vervolgens de plaat in een heel smal geultje van het frame proppen. Zucht, ik zie het al voor me.

Naschrift 24 oktober 2019: de lijst is prima voor een stevige doek waarop je een poster kan spelden.

Over beïnvloeding en zwavelkoppen

Soms denk je dat je origineel bent en iets zelf bedenkt. Om vervolgens te ontdekken dat je daarmee niet de enige bent. Zo’n ervaring had ik na het logje De man van de rioolservice. Dit gaat onder meer over communicatie met een familiebedrijf. Aan de telefoon komt de zus, moeder, tante, echtgenote of vriendin van de rioolmeneer. Als uitsmijter herhaal ik dit riedeltje in de slotzin nog een keer. Prompt lees ik kort daarna een column van Eva Hoeke waarin zij exact datzelfde trucje uithaalt. Hoe kan dit?

We zijn vast beïnvloed door auteurs die iets vergelijkbaars hebben gedaan. Zo kunnen we ons ongemerkt ideeën van anderen toe-eigenen. Onlangs kwam een vriendin met een slim idee. Ik vond dit wel grappig, want zij laat zich zelden beïnvloeden. Terwijl ik ‘haar’ idee al twee weken geleden in een e-mail had voorgesteld. Aan haar.

Als vaste volger denk je hierboven wellicht iets nieuws te zien. Dit zijn volgroeide zwavelkoppen op een beukenstronk. Toch zijn precies deze paddenstoelen al eerder voorbij gekomen, in een andere vorm. Kijk maar eens naar de tweede foto in het Plog – Over zwammen gesproken.

Lezen is goed voor je hersenen

Leer je evenveel van reizen als je zelf het avontuur beleeft of als je over de reiservaringen van anderen leest? Reizen heb ik altijd beschouwd als persoonlijke ontwikkeling in sneltreinvaart. Vooral als je alleen reist, alles zelf regelt en continu van plaats naar plaats trekt. Je komt om de haverklap in een nieuwe omgeving aan. Je ontmoet voortdurend vreemden. Je moet met onverwachte situaties omgaan en je aan lokale omstandigheden aanpassen. Daarom komen nogal wat mensen zichzelf tegen op reis.

Niettemin kan een couch potato ver komen door goede reisverhalen te lezen. Want, stelt neuropsycholoog Jelle Jolles van de Vrije Universiteit in het artikel ‘Hongerige hersenen’ (Sir Edmund, 7 juli 2018): ‘Door kennis van vroeger te gebruiken voor situaties van nu kan een persoon zich aanpassen aan nieuwe situaties, en in dat proces is lezen van groot belang. Omdat het een effectieve methode is om ervaringen en kennis van anderen te kunnen gebruiken; van vroeger maar ook uit andere werelden, of van mensen met andere normen en waarden. Door lezen leer je denken.’

In dat artikel legt hij ook uit hoe hersenstructuren door een soort snelwegen, landweggetjes en paden met elkaar in verbinding staan. Dankzij die netwerken wordt informatie uitgewisseld. ‘Bij iemand die veel leest, zijn de netwerken verder ontwikkeld. Daardoor worden er gemakkelijker associaties gevormd en verbanden gelegd tussen zaken die niet per se bij elkaar horen.’ Je ziet de ragfijne draadjes groeien en hun uitlopers elkaar aanraken. Volgens mij gebeurt precies dat wanneer je op reis van alles meemaakt en ervaart.

Het stemt mij gelukkig. Want stel je voor dat je de boel niet onderhoudt. Dan kunnen de uiteinden verdorren, zich terugtrekken en afsterven. Zoals bij planten tijdens deze droogte ook gebeurt. Althans, dat vermoed ik. Nu ik weinig reis, heb ik weer behoefte aan reisverhalen. Verhalen die wezenlijk ergens over gaan. Zoals Zuiderkruis van Pauline Slot, dat zich afspeelt in landen waar ik ben geweest. Landen als decor. Landen in de hoofdrol. Een half woord is genoeg om herinneringen terug te halen.

Momenteel is er op Raam Open iets heel bijzonders gaande. Een onbekende leest sinds donderdag bijna alles. Het gebeurt rustig en kennelijk aandachtig. Van het heden terug naar het verleden heeft deze persoon al circa 550 berichten gelezen. Ik hoop dat hij of zij vandaag verder gaat. Er zijn van 13 februari 2014 tot 4 november 2013 nog 94 berichten te gaan. Juist daar staat genoeg stof tot nadenken bij. Zou er een nieuwe verbinding ontstaan?