Tuintip: handig trucje uit de tropen tegen slakken

Plakband om stam asiminia triloba tegen slakken

Tegen ongedierte heb ik op mijn reizen in de tropen een handig trucje  geleerd. Op eilandstaatjes in de Stille Zuidzee, zoals Samoa, Tonga en op Tahiti, tref je kokospalmplantages aan. Ze zien er idyllisch uit, zo vlak bij de oceaan. Kokospalmen produceren fruit en allerlei bruikbaar materiaal. Daarom willen plantagehouders voorkomen dat smerige ratten er met hun kokosnoten vandoor gaan.

Dus wat doen ze? Ze ringen de stam. Hiervoor gebruiken ze een gladde 30 centimeter hoge metalen plaat. Want daarop glijdt elke rat uit. Al bungelen er twintig overheerlijke kokosnoten in de boom, ze komen er mooi niet bij.

In mijn tuin staat een jong paw paw boompje, ofwel een asiminia triloba. Ik schreef er gisteren over. Slakken zijn daar dol op. Ze vreten zijn sappige bladen helemaal op en laten slechts een kaal steeltje over.

Dus die kokospalmen indachtig, heb ik om de stam een paar brede stroken tape geplakt. Met de plakkerige kant naar buiten toe. Nu het heeft geregend, zitten er extra schurende zandkorrels op. Geen slak komt er nog voorbij.

Als je dit ook probeert, laat dan wat ruimte vrij en vervang de band regelmatig, zolang de boom groeit. Ducttape is ideaal en bovendien waterproof.

Moraal van dit verhaal: wissel vaker kennis uit. Ook van mensen in de tropen valt veel te leren.

Pas op! Geverfd

Doe het zelf verven

Vandaag is het zover. Eindelijk ga ik aan de slag met de verf. Volgens het etiket wacht die verf daar al op sinds 21 maart 2019. Toen werd de inhoud van dat blik gemengd. Sindsdien had ik last van uitstelgedrag. Daar waren goede redenen voor.

Eerst wilde ik net beginnen toen de mannen kwamen voor de dakkapel van de buurvrouw. Die gingen bij haar in de tuin planken zagen en daardoor vloog het zaagsel in het rond. Ik dacht: ‘Laat ik nog maar even wachten met die verf.’  Het staat ook zo uitsloverig wanneer je als vrouw toevallig in de tuin gaat werken als die mannen daar bezig zijn. Plausibele reden voor uitstel, toch?

Daarna zou het gaan regenen, daarna scheen de zon te fel, daarna zou er een buitje vallen, en daarna was er te veel wind. Bij wind verven is onhandig. Dat zorgt voor opwaaiend stof. En stoffig is het hier, want het regent al twee jaar veel te weinig. Afijn. Op een gegeven moment waren de condities ideaal, maar toen had ik even geen zin. Kan gebeuren, toch?

Wat er daarna was, weet ik niet meer, maar op de een of andere manier kwam het er steeds niet van. Daar stonden die blikken dan. Elke week moest ik er omheen stoffen, terwijl ze op de eettafel stonden. Ik ben niet zo ver gegaan dat ik de blikken en het schuurpapier bij het afstoffen meenam. Maar dat scheelde weinig. Belachelijke situatie, toch?

Nou ja, vandaag had ik in de ochtend al gewandeld en ’s middags wilde ik nog wat doen. Dat was dus een mooie gelegenheid en een perfect moment om eindelijk met verven te beginnen. En het rare is dat ik verven ontzettend leuk vind. Echt waar. Alleen vergeet ik dat steeds weer. Maf, toch?

Maar nu even wat anders. Hebben jullie enig idee hoeveel insecten er momenteel rondvliegen en op een pas geverfde vensterbank kunnen landen?

Geld besparen door niet te werken

Weinig mensen beseffen het, maar je kan flink geld besparen door niet te werken. Neem de verzuchting van een vriendin. Zij kon na lang solliciteren aan de slag bij een internationale organisatie. Alleen moest ze nog wel een representatieve outfit kopen. Voordat ze een cent had verdiend, gaf ze daar al een maandsalaris aan uit. Zo zijn er meer uitgaven die je vooral doet als je werkt. Ik zal wat kostenposten opsommen.

  1. Met stip op nummer 1. De vakanties, doorgaans in het buitenland. Wanneer je in een vast stramien leeft, wil je er graag jaarlijks tussenuit.
  2. Een aparte werkgarderobe met tassen en schoenen. Zie voorbeeld boven.
  3. Alle onderweg gekochte hapjes en drankjes plus de snelle maaltijden voor wanneer het laat wordt. Voor de prijs van een kopje cappuccino koop je een heel pak filterkoffie.
  4. Eten uit de tuin versus eten uit de supermarkt. Als je tijd hebt om te tuinieren, eet je de hele zomer lang verse groenten, kruiden en fruit. Scheelt een hoop en is nog gezond ook.
  5. Zakdoekjes en medicijnen. Kantoren en volle treinen zijn beruchte ruimten voor verspreiding van ziektes. Bovendien krijg je stress van werk.
  6. Heb je last van stress of een zittend beroep? Dan zoek je wellicht ontspanning en beweging in de sportschool. Kost ook geld.
  7. Reiskosten, kinderopvang, de stomerij, hulp in de huishouding en ingehuurde vaklieden voor onderhoudsklussen. Want thuis doe je minder zelf als je de hele week elders werkt.

Welbeschouwd bespaar je al gauw minimaal € 5.000 per jaar tijdens periodes waarin je niet werkt. Soms vraag ik me af waarom mensen nog langer voor geld werken.

Vier eetkamerstoelen, zo goed als nieuw

Om mijn eetkamertafel heen staan vier stoelen. Ze gaan steeds vervaarlijker wiebelen. Deze stoelen stammen uit 2010 en waren jarenlang prima. Tot de komst van de bouwvakkers een paar jaar geleden. Die leunden tijdens hun pauze regelmatig achterover op twee poten. Sindsdien zitten alle poten los. Ik krijg al de neiging om bezoekers te waarschuwen: ‘Voorzichtig gaan zitten hoor, anders zak je er door.’ Maar dat is ook niet alles. Daarom kijk ik rond naar andere stoelen.

Dat valt tegen. Want als er in dit land een bepaalde stijl in de mode komt, kan je meteen alleen nog die stijl krijgen. Dus nu de poten vanuit het midden schuin naar buiten staan, moet je zulke stoelen nemen. Of stoelen met een lage rugleuning, omdat de hoge leuningen zijn verdwenen. Terwijl ik vanzelfsprekend wat anders wil. Een populair model van drie jaar geleden, bijvoorbeeld. Dat is nergens meer te krijgen.

Daarom heb ik nog geen nieuwe stoelen wanneer ik jarig ben. Ik waarschuw mijn familie direct na binnenkomst over de gammele toestand. Maar dat is buiten mijn zwager gerekend. Of ik een inbussleutel heb, wil hij weten. Huh? ‘Want die stoelen zijn toch van IKEA?’ Oh ja. Er begint iets te dagen. Ik heb die dingen ooit zelf in elkaar gezet. Met een soort zilverkleurig metalen winkelhaakje.

Terwijl ik drank regel, draait het bezoek met vereende krachten stoelpoten vast. Nu lijkt het wel alsof ik nieuwe stoelen heb. Van je familie moet je het hebben. En anders, zit je zelf met kapotte spullen, dan is het Repair Café ook een idee.

In gevecht met de kitspuit

Onderhoudsklussen en verbouwingen zijn mannendingen. Daar is de hele bouwwereld op ingesteld. Alle apparaten zijn loodzwaar. En wil je even een voegrandje afwerken, dan krijg je zonder pistool als vrouw geen millimeter kit uit een spuit. Tenzij je aan body building doet.

Bij Bison maken ze echter tubes die je zo uit de losse pols kan gebruiken. Dat leek mij wel wat. Een voeg in de badkamer werd namelijk een beetje oud. Dus kocht ik een tube met spuittuit. Je hoeft er alleen maar een puntje af te knippen. Beschermfolie weghalen en klaar.

Nou, dat werd me een worsteling. De kit wou er mooi niet uit. Hoe hard ik ook kneep. Het stugge spul bleef lekker in de tube zitten. Tja, wat doe je dan? De gemiddelde bouwvakker komt tegenwoordig heus niet voorrijden voor een kitrandje. Ten einde raad heb ik mijn volle gewicht er tegenaan gegooid. Woeaahhhrr. En ben boven op de tube gaan staan. Daarna was het klusje snel gedaan.

Boormachine

Er moesten nog wat kleine klusjes worden gedaan. Zoals klimrekjes voor planten aan de schutting hangen en een stang aan de muur bij de keldertrap vastmaken. Want ik lag al een keer bijna onderaan. Daarom belde ik een tijdje geleden de klusjesman. Maar het gaat weer goed in de bouw, dus had meneer het te druk. Een ander reageerde op mijn oproep via Werkspot en vroeg als uurtarief de hoofdprijs. Ik overwoog nog de klusjesman van de ijzerwinkel hier in het dorp. Maar ja, aardige man, alleen uiterst traag. Bovendien had ik voor mijn verjaardag geld voor een boormachine gevraagd. Want het is toch best handig als je zelf aan de slag kan.

Dat geld kreeg ik drie maanden geleden. Elke andere persoon gaat dan gelijk zo’n boormachine kopen en er meteen een heleboel kasten mee in elkaar zetten. Maar ik vind het wel spannend, zo’n ding. Ik bedoel, het is niet iets waar ik dagelijks mee in mijn handen sta. Dus weet ik amper hoe ik er mee om moet gaan. Maar ik schaam mij niet hoor.

Want een boormachine is natuurlijk weer zo’n mannending. Dit soort apparaten is zelden afgestemd op de anatomie van vrouwen. Daarom is de helft van het arsenaal in de bouwwinkel zo zwaar, dat ik ze niet goed kan richten. Best lastig als je een schroef netjes in een stenen muur wil draaien. Trouwens, dat richtprobleem heb ik ook met geweren. Kennelijk zijn die evenmin bedoeld voor dames. Als ik feministe was, zou ik toch eens voor handzame exemplaren op de bres springen.

IMG_3889Maar goed, nu ben ik dus de trotse bezitster van een Bosch boormachine. Eerlijk gezegd heb ik hem op kleur uitgezocht. Ze hadden ook blauwe en oranje apparaten, maar groen met rood vind ik veel mooier. Hij kan schroeven vastdraaien en losdraaien. Dat laatste is heel handig. Want elke schroef die ooit door een man met een boormachine is vastgedraaid, krijg ik never nooit meer met een gewone schroevendraaier losgedraaid.

Ik kan er ook mee in hout, baksteen, metaal en keramiek boren. Dat laatste vind ik wel intrigerend. Waar zal ik dat eens op uitproberen?  Boren in metaal is eveneens reuze praktisch. Ik heb namelijk voor buiten metalen plantenbakken gekocht waar onderin geen gaatje zit. Dus staan mijn pas ontkiemde viooltjes de laatste week regelmatig drie centimeter onder water.

Als los onderdeel zit er een ‘accuboorschroevendraaier’ in. Maar kennelijk ben je er dan nog niet. Er zijn boortjes en plugjes en bitjes en andere dingetjes in alle soorten en maten. Ik weet alleen niet waar dat allemaal voor is. Nu heb ik mij een ‘bit magazine’ aan laten prijzen. Alle losse onderdeeltjes zitten in een soort holster. (Ja, die associatie met dat geweer was zo gek nog niet.) En als je op een knopje drukt, dan kan je ze eruit halen. Net een kogelhouder, eigenlijk. Bovendien heb ik een Piranha (Black & Decker) boortje gekocht, van 6 mm. Om mee te beginnen. Als het goed is, kan ik daarmee in steen boren. Hij heeft een afgeplat kopje. (Hebben piranha’s dat ook?) In elk geval is ‘ie voor steen bedoeld.

Nou, gelukkig zie ik mijn vader zondag. Hopelijk kan hij zeggen wat ik hiermee aan moet. Tot die tijd durf ik het ding eigenlijk nog niet echt aan te raken.

Een vader die alles kan

Als kind geloofde ik heilig dat mijn vader alles kon. Je zou denken dat zo’n beeld met het verstrijken der jaren wel verandert. Maar mijn vader maakte het lange tijd waar. Pas nu, op zijn tachtigste, laat hij klussen aan zijn kleinzoon of schoonzoon over.

Mijn vader verkreeg zijn vakbekwaamheid op de ambachtsschool. Verder gaf hij zijn ogen goed de kost wanneer er werklieden in de buurt waren. Dus kon hij alles. Timmeren, zagen, schilderen, elektriciteit aanleggen, groentekassen bouwen, een tussenmuur en deur waterpas plaatsen, fietsen en brommers repareren, een aanhangwagen tot kampeerwagen verbouwen, een douchebak met afvoer inmetselen, vloerbedekking leggen, muren betegelen, stortbak repareren en rioolverstopping verhelpen, op biologisch-dynamische wijze groenten kweken, kasten beitsen, fotolijsten maken, een handvat van een pan vervangen, boekenplanken en gordijnrails ophangen, stoelen bekleden en van nieuwe poten voorzien, en zelf zijn auto’s onderhouden. Liedjes fluiten kon mijn vader trouwens ook. Dat mis ik wel.

Rond zijn 75ste leerde hij uit een doe-het-zelf-boek met Windows werken. Hij had nooit eerder een computer gehad. En eens kreeg hij met een onderdeel van twee tientjes mijn kapotte wasmachine weer aan de praat. Zulke inventieve mensen zijn goud waard.

Het gevolg is wel dat ik amper een spijker in de muur kan slaan. Want mijn vader kon alles, dus heb ik nooit iets zelf gedaan.