Een flesje Berenburger

Op de stoep ligt een leeg miniflesje Berenburger kruidenbitter, achteloos weggeworpen. De aanblik ervan brengt J. terug. Zij was hoofd P&O. Bij onze commerciële werkgever bewaakte ze de menselijke maat in het personeelsbeleid.

Toen ik redacteuren moest werven, zat ik regelmatig bij haar aan tafel. Want het betrof een nieuwe, uitdagende taak en zij adviseerde mij. En passant leerden we elkaar beter kennen. Ze leidde een druk sociaal leven, bezocht vaak een theater en was sportief. Een ongetrouwde Haagse van begin vijftig. Vriendelijk, opgewekt en belangstellend.

Ze werd ziek, precies in de tijd van een fusie en bedrijfsverhuizing. Toch wilde zo lang mogelijk blijven doorwerken. Ik vertrok en maanden later kwam het bericht: J. was overleden.

Met ons oude team gingen we naar de uitvaartplechtigheid. Het krioelde er van de vrienden, collega’s, sportmaatjes, professionele toneelspelers en familieleden. Met alle aanwezigen hebben we een speciale wens van J. uitgevoerd. Bij haar roeivereniging was het namelijk een vaste traditie: samen afsluiten met een kruidenbittertje.

Stuntvrouw op het zebrapad

Het is acht uur ’s morgens, spitstijd. Ik loop vlakbij het kantoor in Den Haag waar ik werk. Op de drukke T-kruising aan het eind van de Stille Veerkade steek ik de straat over. Ik loop over het zebrapad. Plots word ik door een bestelbusje geschept dat naar links afslaat. Het sleurt mij enkele meters mee. Dan trapt de bestuurder in volle vaart bovenop zijn rem. Ik glij van de motorkap af, word een stukje gelanceerd, en val met uitgestrekte armen plat op het asfalt. Mijn enige gedachte is ‘hou je gezicht bij de weg vandaan’. Want een hoofd is extra kwetsbaar. En ik heb al een paar littekens die nooit meer weggaan.

Zo ongeveer moet een stuntvrouw haar werk beleven. Maar zij kan vooraf maatregelen nemen om goed te vallen. Ik kan er bijna de humor van inzien. Want zo’n ervaring voelt alsof je zelf in een actiefilm figureert.

Deze aanrijding vond plaats in juni 2001 en de bestuurder reageerde daarna heel adequaat. Vervolgens begeleidde een passerende collega mij naar kantoor. Met een kop koffie kwam ik weer een beetje bij van de schrik. Een andere collega bracht mij naar het MCH Westeinde. Ik had slechts een gebroken botje en wat beurse plekken. Er was weinig aan de hand.

Ik wilde mij niet laten kennen en ging toch echt niet omlopen. Dus passeerde ik die T-kruising nog jarenlang daarna. Maar eenmaal bij het zebrapad, denk ik onwillekeurig steeds aan die aanrijding. Inmiddels is de verkeerssituatie aangepast en mijn oude functie is verdwenen. Alles is zo vergankelijk. Dus kan je je maar beter nergens druk om maken. Zegt zij.

Webshop of toiletjuffrouw

Veel vrouwen denken dat ze altijd nog een webshop kunnen beginnen als hun werk wegvalt. Mijn versie luidt: ik kan altijd nog toiletjuffrouw worden. Bij een webshop zijn de inkomsten onzeker en weinig mensen verdienen daar genoeg mee. Terwijl je met een toiletblok beslist in een behoefte voorziet en bijna slapende rijk wordt.

Misschien heb ik een vertekend beeld van dit beroep. Ik baseer dat op een vroegere Scheveningse discotheek. Daar waren toiletblokken voor dames en heren, met tussen de ingangen een minikantoortje. Dat leek op een bioscoopkassa met glazen wanden en plankjes aan weerszijden. Hierop stonden schoteltjes. Er werkte een echte Haagse. Zij had een suikerspin als haardracht en felrood gelakte nagels. Het hokje geurde sterk naar haar parfum. Dat kon je ruiken via de opening in het glas. Deze dame had beslist geen last van vieze luchtjes. Zij hoefde de hele avond slechts twee dingen te doen. 1. Soms toiletpapier aanvullen, en 2. altijd opletten dat elke bezoeker twee kwartjes neerlegde. In mijn herinnering kwam er, wat haar betreft, nooit een toiletborstel aan te pas.

Als je toiletjuffrouw bent, stroomt het geld dus eigenlijk vanzelf binnen. Jammer dat ik later ging doorleren, want toen kwam het er niet meer van. Nu overweeg ik dus om toiletjuffrouw te worden. Ik ben de ideale persoon en iedereen kan dan bij mij terecht voor praatjes. Tussendoor doe ik gelijk een nieuwe studie, namelijk psychologie. Wat een mooie combinatie van het nuttige en het aangename. Als toiletjuffrouw mag je je werkplek ook heel gezellig inrichten. Bezoek eens de toiletten op het perron van Den Haag Hollands Spoor. Dat is een waar paradijsje. Ze bieden daar werk aan langdurig werklozen. Ik ga solliciteren.

Een vroegere collega kon geen baan vinden in zijn studierichting. Hij stond de hele dag bij twee grote kopieermachines en maakte duizenden syllabi. Maar ondertussen dacht hij na. Enkele jaren later bracht een gerenommeerde uitgeverij zijn eerste boek uit. Dus.

Heimwee naar Den Haag

Je moet afkicken als je na een kantoorbaan ineens werkloos thuis zit. Plots valt er van alles weg. Bijvoorbeeld contact met collega’s, ontwikkelingen op je vakgebied, en doelstellingen. Ik mis de wandelingen tijdens de middagpauze nog steeds. Het gejakker naar het station en de meute in een overvolle trein kunnen mij gestolen worden. Maar speciaal voor die pauzerondjes keer ik soms terug naar Den Haag.

Naar buiten
Eerst werkte ik in het centrum nabij de Grote Markt. Alles was binnen handbereik. Winkels voor de dagelijkse boodschappen, gezellige terrasjes en leuke winkels in het Hofkwartier. Ik maakte toeristische rondjes langs het Noordeinde en in de paleistuin van onze toenmalige koningin. Voor een multiculti pauze waren de Boekhorststraat en vooral de Chinese wijk favoriet. Later werkte ik bij het Centraal Station. Toen verlegde ik mijn wandelroute naar het Plein, het Binnenhof en de antiekmarkt op het statige Lange Voorhout. Op heel mooie dagen werd de verleiding soms echt te groot. Dan verlengde ik mijn pauze en maakte ik van twee rondjes een figuur 8. Dan maar nablijven en een half uurtje later naar huis.

Kunstmarkt
Ik ken Den Haag ook van heel ander werk. Jarenlang nam ik deel aan kunstmarkten. Op markten leer je je pappenheimers bijzonder snel kennen. Geef mij het Haagse publiek maar. In het Zeeheldenkwartier en op het Lange Voorhout, tenminste. In de Prins Hendrikstraat organiseren ze de leukste markten. Tussen de kramen vind je overal terrasjes waar iedereen elkaar kent. Er staan creatievelingen met hun werk naast verkopers van smakelijke biologische hapjes. ’s Middags zorgt een rasechte Haagse coverband voor prima muziek en extra sfeer. Dan danst de hele buurt gezellig op straat, voor een vrachtauto met opengeschoven zeil en artiesten in de oplegger.

Den Haag is mijn favoriete stad om in te werken. Nou ja, eigenlijk om pauze in te houden.