Meer geld uitgeven en toch besparen

De afgelopen maanden heb ik mijn spaarpot flink geplunderd. Toch heb ik dankzij uitgaven ook duizenden euro’s bespaard. Misschien heb ik zelfs ‘winst’ gemaakt. Je kan denken dat je armer wordt wanneer je geld uitgeeft, maar mijn gevoel van rijkdom is juist toegenomen. Ik zal vertellen hoe dat is gelukt.

Dit jaar was ik helemaal niet van plan om veel aan mijn koophuis te doen. Ik wilde slechts de dakbedekking van een dakkapel vervangen. Hiervoor lag er al een overeenkomst met een dakdekker. Er viel alleen geen datum af te spreken met die man. Toen ik er na drie maanden wat van zei, werd meneer bijzonder nijdig. Exit dakdekker. Tussendoor ontstond er wel een kleine lekkage, maar die kon ik eenvoudig zelf verhelpen.

Bleef over: het boeideel dat tijdens de winter ineens hard achteruitging. Er kwam water in een kiertje en dan houdt MDF het niet meer. Ook waren er nog wat kleine klusjes. Het is best lastig om een goede en betaalbare klusser te vinden. Feitelijk lag er inmiddels een wáslijst aan klussen en toen vond ik eindelijk iemand. Vervolgens liet ik hem alles doen wat hij maar kon. Nu, na ruim twee maanden, is hij bijna klaar.

Zo komen we bij de winst en de besparingen. De financieel grootste besparing zit in de uren. Vanwege zijn schappelijke tarief scheelt zijn inzet mij zo’n € 2.500. Ik ben een proefklant en sommige werkzaamheden zijn nog vrijwel nieuw voor hem. Dit vergt extra aansturing van mijn kant en het is een risico, maar ik ben er zelf bij. Daarnaast rekenen we materialen af op basis van werkelijke inkoopkosten. Dus zonder verborgen opslag.

Andere besparingen zitten in beschikbaar materiaal en eigen inzet. Een deel van het materiaal had ik nog liggen en vrijgekomen laminaat is op een andere plek hergebruikt. Verder doe ik het meeste schuren en verven zelf. Dat scheelt een flink aantal betaalde uren. Tot besluit help ik, waar mogelijk, een beetje mee. Een moker aangeven wanneer hij bovenop de trap staat, bijvoorbeeld. Een veel glaasjes cola brengen.

Ik zie ook winst in andere opzichten. Bij de zolderverbouwing is 7 m2 verborgen ruimte vrij toegankelijk geworden. Dit kan je opvatten als woninguitbreiding. Ook de isolatie is iets verbeterd. En er zit nu meer apparatuur in de keuken. Daarbij: met twee oorspronkelijke paneeldeuren terug in oude stijl, heeft mijn woning een luxere uitstraling gekregen. De gedane investeringen beschouw ik als een waardevermeerdering die zich wellicht in de toekomst uitbetaalt.

Los van het financiële plaatje bezorgen alle verbeteringen mij vooral woonplezier. Er is meer comfort; alles ziet er beter verzorgd uit, én ik heb extra bewegingsruimte. Geld kan je evengoed aan een reis besteden, maar daarna kom je weer thuis. Van woningverbetering kan je jarenlang iedere dag genieten. Tot besluit geeft het mij veel gemoedsrust dat er een prima klusser beschikbaar is.

Een paar kapotte wandelschoenen

De zolen van mijn wandelschoenen laten los. Oorspronkelijk waren deze schoenen waterdicht. Nu dringt er vocht naar binnen. Verder verkeren ze wel in redelijke staat en bovendien lopen ze lekker. Maar ze komen uit de uitverkoop (aanschaf  slechts € 60) en ik heb nog twee andere paren. Zijn ze een reparatie dan toch waard? Even later kijkt de schoenmaker er naar. Hij ontdekt een scheurtje in het bovenleer en wil de zolen vervangen. Ik hou het bij vastlijmen en een kleine reparatie. Kosten: samen € 24,50.

Het was te verwachten dat mijn spullen nu kapotgaan. In 2009 eindigde mijn laatste vaste contract en daarmee begon de financiële onzekerheid. Tot dan toe kocht ik altijd gewoon wat ik mooi vond en/of nodig had. Maar sindsdien koop ik vooral strategisch. Zo kocht ik in dat jaar een klassiek model winterjas van goede kwaliteit. Ik zou geen kou hoeven lijden uit armoede. En stevige wandelschoenen gaan lang mee. Nu, tien jaar later, zijn de vaakst gedragen aankopen van toen wel versleten.

Het geeft vaak voldoening om de gebruiksduur van spullen te verlengen. Bij de zolderverbouwing konden we een vrijgekomen stuk vloerbedekking benutten. Dat is ook prettig voor het milieu. Verder bewaar ik sinds de keukenverbouwing enkele plinten. Die komen van nu pas op de zolderwanden. Daarbij scheelt dit een rit naar de bouwmarkt en onhandig gesleep met spullen. Vandaag heb ik een restje beits opgemaakt. Er was precies genoeg voor enkele slijtageplekken. En een oude toiletdeur krijgt straks een tweede leven in de woonkamer.

Dinsdag zijn de wandelschoenen klaar. Dan heb ik voor elk seizoen weer een goed paar. Later zal wel blijken of deze reparatie leidt tot een besparing. In elk geval gaan deze schoenen langer mee.

Geld besparen door niet te werken

Weinig mensen beseffen het, maar je kan flink geld besparen door niet te werken. Neem de verzuchting van een vriendin. Zij kon na lang solliciteren aan de slag bij een internationale organisatie. Alleen moest ze nog wel een representatieve outfit kopen. Voordat ze een cent had verdiend, gaf ze daar al een maandsalaris aan uit. Zo zijn er meer uitgaven die je vooral doet als je werkt. Ik zal wat kostenposten opsommen.

  1. Met stip op nummer 1. De vakanties, doorgaans in het buitenland. Wanneer je in een vast stramien leeft, wil je er graag jaarlijks tussenuit.
  2. Een aparte werkgarderobe met tassen en schoenen. Zie voorbeeld boven.
  3. Alle onderweg gekochte hapjes en drankjes plus de snelle maaltijden voor wanneer het laat wordt. Voor de prijs van een kopje cappuccino koop je een heel pak filterkoffie.
  4. Eten uit de tuin versus eten uit de supermarkt. Als je tijd hebt om te tuinieren, eet je de hele zomer lang verse groenten, kruiden en fruit. Scheelt een hoop en is nog gezond ook.
  5. Zakdoekjes en medicijnen. Kantoren en volle treinen zijn beruchte ruimten voor verspreiding van ziektes. Bovendien krijg je stress van werk.
  6. Heb je last van stress of een zittend beroep? Dan zoek je wellicht ontspanning en beweging in de sportschool. Kost ook geld.
  7. Reiskosten, kinderopvang, de stomerij, hulp in de huishouding en ingehuurde vaklieden voor onderhoudsklussen. Want thuis doe je minder zelf als je de hele week elders werkt.

Welbeschouwd bespaar je al gauw minimaal € 5.000 per jaar tijdens periodes waarin je niet werkt. Soms vraag ik me af waarom mensen nog langer voor geld werken.

Geen geld voor vakantie, of geen zin

Volgens onderzoek van het Nibud gaat een kwart van de Nederlanders tussen 18 – 65 jaar niet op vakantie. De reden: vakantie is te duur en het vakantiegeld is nodig voor grote aankopen of voor aflossing van schulden. Vooral mensen met wisselende inkomsten blijven vaker thuis. Als persoon zonder inkomen bewaar ik spaargeld ook liever voor noodzakelijke uitgaven. En met een keuze voor thuisblijven valt goed te leven.

Decennialang vierde ik royaal vakantie. Drie of vier vakanties per jaar waren normaal. Wellicht willen ‘echte reizigers’ eindeloos op ontdekking blijven gaan. Maar voor mij kwam het keerpunt in 2010. Ik was al mijn hele leven vrijwel elk jaar weggeweest. Soms maandenlang. Inmiddels had ik op alle continenten een verlanglijst met bestemmingen afgewerkt.

In 2010 was ik voor de tweede keer in Indonesië en bespeurde ik verzadiging. Verveling zelfs. Onmiskenbaar. Weer Azië, weer dezelfde tropische vegetatie, weer die hitte en weer die lange vluchten. En dan dat hectische gekrioel op Schiphol. Die luchthaven, daar had ik helemaal genoeg van. De glans was er af. Ik was klaar met die verre reizen. Eigenlijk bleef ik veel liever in Europa en wilde ik gewoon wandelen. Meer niet.

Toen ik in 1992 mijn vorige woning kocht, heb ik uitgerekend hoeveel geld ik op dat moment had kunnen inleggen als ik het niet in de voorgaande 12 jaar aan reizen had besteed. Om precies te zijn: de helft van het aankoopbedrag. Toch, op een enkele mislukte vakantie na, zou ik het zo weer hebben gedaan.

Nu woon ik in een ideaal wandelgebied en hoef ik niet ver te gaan. Hierdoor bespaar ik jaarlijks duizenden euro’s door wekelijks een dagje op wandelvakantie te gaan. Daarnaast kijk ik met tevredenheid terug op wat ik al heb gezien en beleefd. Hopelijk wordt het internationale treinverkeer binnen Europa snel verbeterd. Dit als goed en comfortabel alternatief voor vliegverkeer. Dan wandel ik ook graag weer over de grens.

Hou grip op je geld

Volgens het Nibud worstelt 40% van alle Nederlanders met de financiële administratie. Dat is zorgwekkend, maar het verbaast mij niet. Want papieren rekeningen komen zelden nog per post. Tegelijk gebruiken we onze bankpas bijna achteloos. En via apps zitten we zo vast aan een abonnement. Met de overgang van tastbaar geld naar bankpas naar smartphone verdwijnen de financiële consequenties van ons handelen steeds verder uit beeld. Jong en oud ontbeert overzicht en gaat de mist in. Daarom maak ik dat overzicht zelf.

Geniepig zijn vooral de nieuwe ‘onzichtbare’ rekeningen die je kan verwachten van abonnementen en bijna vergeten aankopen. (Ticket Master – € 250.00. ‘Oh, da’s waar ook, we hebben vorige week ff snel op internet vier kaartjes gekocht voor dat concert in oktober.’) Creditcards zijn van oudsher de grootste instinkers. Na gebruik kan je het bedrag binnen een maand kosteloos terugbetalen. Alleen ontvang je geen herinnering. Dus voordat je het beseft, tikken de rente en kosten al aan.

Daarom maak ik aantekeningen van aankopen. Al sinds 1981 hou ik in schriftjes een privéboekhouding bij. Wekelijks check ik bankafschrijvingen en reken ik het bedrag aan contante uitgaven uit. Hierdoor heb ik steeds overzicht, maar vooral ook inzicht in mijn bestedingen. Dat helpt bij een planning.

Wil je grip op je geld houden, dan kan je het beste van je inkomsten en uitgaven een financieel overzicht maken. Dat is heel simpel. Kijk naar wat je per maand aan inkomsten kan verwachten. Zet al je vaste lasten op een rij en bereken wat je maandelijks voor eten, kleding, uitstapjes, etc. nodig hebt. Trek het een van het ander af en zie wat je overhoudt. (Het Nibud heeft hier programma’s voor.)

Waar het om gaat, is dat je aan het begin van de maand geen overschot op een betaalrekening laat staan. Want dat geef je gelijk uit. Is er genoeg, hevel dan een deel over naar een spaarrekening of een beleggingsfonds. Het fijne is dat je dan altijd reserves hebt voor grotere aankopen. Voor geld op een spaarrekening wil je een goede bestemming bedenken. Zoals een nieuwe auto, koelkast of een vakantie.

Hou je daarentegen zelden wat over? Tja, dat wordt dan schrappen of schrapen. Een nieuwe inkomstenbron aanboren kan wellicht ook. Alles beter dan die creditcard, in elk geval.

Wennen aan een lager budget

Sinds het einde van mijn vaste-banen-tijdperk ben ik gewend geraakt aan een lager budget. Vanaf 2009 liepen mijn inkomsten terug met zo’n 40%. Zoiets heeft invloed op je bestedingen. En gelukkig viel mij dat best mee. Voorheen ging ik drie tot vier keer per jaar op vakantie. Nu ben ik met een lang weekend Terschelling ook heel tevreden. Opvallend genoeg heeft juist een vriendin er moeite mee.

Wij leerden elkaar kennen in een periode waarin mijn salaris geleidelijk steeg. Er was een inkomensverschil tussen ons (zij manager, ik medewerker), maar qua vakanties gingen wij gelijk op. Lang weekend hardcore shoppen in Istanbul? Count me in. Weekje Dubai? Tuurlijk, ik wilde mee.

Als exponent van de Randstedelijke yuppen scene is het bij haar al jaren feest. Vaak ontbijt ze in een koffietent, waar een bakkie al gauw vier euro kost. Lunchpakketjes van huis neemt zij nooit mee. En zeker viermaal per week eet ze in een restaurant. Zoals heel veel collega’s en mensen in haar vriendenkring. Toch reisde zij ooit low budget.

Voorheen combineerden we menig etentje met museumbezoek, film of concert. Altijd leuk. Op zo’n avond gaf ik regelmatig honderd euro uit. Ik beperkte die uitjes met haar tot twee per maand, aangezien ik ook nog met anderen op stap ging. Dat was toch best bescheiden.

In de nasleep van de reorganisatie, jaren geleden alweer, veranderde er iets. De prestatiedruk, complexiteit en hectiek van beter betaalde functies gingen mij steeds meer tegenstaan. En de luxe hoefde ook steeds minder. Ik wilde zelfs niet meer naar Azië voor een vakantie. Toen ik dát ontdekte, dacht ik werkelijk dat ik depressief was. Liever dan haastig rondtoeren in een ver land, trok ik echter de natuur in voor een wandeling. Gewoon in Nederland. Ontspannen in alle rust en eenvoud.

Na herhaalde vergeefse pogingen om mij tot vakanties, salsalessen en uitstapjes te verleiden, is de boodschap nu doorgedrongen. Gelukkig wil zij ook wandelen. Daarin vinden we elkaar nog steeds terug. Maar dat ik vanwege een inkomen op bijstandsniveau daarna liever niet in een yuppentent eet, gaat er bij haar nauwelijks in.

Salaris in de oude werkelijkheid

Een voormalige collega feliciteert mij met mijn nieuwe baan. Ze vraagt ook bezorgd hoe het nu moet met dat interen op vermogen. En ze geeft een voorbeeld van het karige loon dat de tienerzoon van een andere collega nu verdient. Die jongen loopt de hele dag te zeulen met boeken. Tja, minimumjeugdloon. Daar kan je vrijwel niet zelfstandig van leven. Dus wonen jongeren nu weer langer thuis bij pa en ma. Want banen met een beter salaris liggen nog niet in het verschiet. Dit is typisch zo’n geval van déjà vu.

Op mijn zestiende werkte ik in een fabriek en een slagerij voor minimumjeugdloon. Een half jaar later vond ik mijn eerste kantoorbaan. Het salaris was helaas nauwelijks hoger, want: crisis begin jaren tachtig. Er viel gewoon niets te eisen. Bij de tweede administratieve baan, vier jaar daarna, was mijn functie het sluitstuk van de begroting. Dat schoot evenmin op. Korte tijd later bleek een schoolvriendin als schoonmaakster meer te verdienen dan ik met mijn boekhouddiploma.

Het was duidelijk. Ik ontving bepaald geen loon naar werken. De crisis liep gelukkig ten einde en ik ging prompt solliciteren. Met het beste resultaat dat ik ooit heb behaald. Bij mijn derde baan ging ik er maar liefst ƒ 1.000,- bruto per maand op vooruit, terwijl het aantal vakantiedagen bijna verdubbelde.

Ah, those were the days, my friend.