De heide staat toch in bloei

Bloeiende heide Bilderberg bos

Na de hitte en de droogte staan de heidevelden nu toch overal in bloei, Dit dankzij een paar verfrissende buien. Deze heide groeit op een onooglijk veldje. Dat is nauwelijks het fotograferen waard. Trouwens, andere bloggers hebben al foto’s van mooiere heidevelden geplaatst. Maar hier wandel ik vanaf mijn huis in drie kwartier naartoe. Dan is een detailfoto zo gemaakt.

Elfenpruikjes in het mais

Elfenhaar in het mais 3

Als mais hoog staat, blijft onzichtbaar wat er in een veld schuil gaat. Maisvelden hebben iets griezeligs. Maar kijk eens goed. Hier wonen elfjes. Dat blijkt uit deze foto’s. Ze hangen hun pas gewassen roze pruikjes aan de kolven. Ik wist trouwens niet dat elfen pruiken dragen.

Elfenhaar in het mais 4

Afhaken bij onweer: verstandige keuze of aanstellerij?

De schijnbare exactheid van Buienradar is misleidend. Het kaartje toont heel precies de regenvoorspelling van uur tot uur. Daarbij moet je wel voor ogen houden dat dit een verwachting is. Dat de situatie later kan wijzigen. In werkelijkheid vallen buien soms op een andere locatie. Of ze komen vroeger. Of ze zijn milder. Of ze zijn heviger dan verwacht. Gisteren liep het met dat onweer en die stortbuien ook een beetje anders dan gedacht.

Rond half elf gaat ons groepje vanaf Otterlo op pad. De wandelroute loopt westwaarts door het bos naar Lunteren en halverwege doorkruisen we het Wekeromse Zand. Onze kaartlezer is zo’n stoere meid die op een boerderij is opgegroeid. Dan weet je het wel. Zij gaat zich niet door een buitje laten tegenhouden. Ik ook niet, trouwens, meestal. Maar deze keer komt er onweer bij en dan zit ik liever binnen.

’s Ochtends verwacht Buienradar dat de bui rond vier uur losbarst. ‘Mooi,’ denk ik, ‘bij een afstand van 18 kilometer, een tempo van 4,5 km per uur en een lunchpauze van een half uur, bereiken we ruim voor 16:00 uur het Lunterse station.’
De zon schijnt. Toch het is al klam en drukkend. Tegen de tijd dat we het Wekeromse Zand naderen, dreigt de lucht en begint het te rommelen.

De anderen om mij heen lopen onbezorgd te babbelen. Geen van hen is bezig met het onweer. Hebben ze dan geen weersvoorspelling gezien? Weten ze niet wat er aan komt? Ik kijk nog eens op Buienradar. Die geeft nu een heel andere voorspelling aan. Over een half uur krijgen we de volle laag en daarna wordt het ook niet meer droog tot het station.

Wat is wijsheid? Doorlopen? Dan treffen we straks midden op een open zandvlakte onweer. Schuilen? Dan moeten we onder bomen wachten tot het ergste voorbij is. Er zijn geen huizen of boerderijen in de buurt. En overal kruipt de eikenprocessierups. Afhaken dan maar? Ik raadpleeg 9292ov. Er komt een schoolbus in de buurt, alleen zie ik zo gauw niet of die deze week nog rijdt. De halte is een flink eind verderop. Onze kaartlezer zal wel willen doorlopen. Moet ik dan als enige afhaken? Dilemma, dilemma.

Wanneer ik de kaartlezer aanspreek over de situatie, vindt ze mij duidelijk een aanstelster. De rest reageert ook laconiek en wandelt verder. ‘Zal wel meevallen’, denken de anderen. Ze adviseren wat bij onweer de beste tactiek is. Voeten bij elkaar, je zo klein mogelijk maken, niet bij een metalen hek gaan staan, et cetera. (Heb ik dat gevraagd?) Vervolgens ontstaat er discussie over die tactiek, want sommige mensen weten het beter. En iemand wil nu eerst lunchen, want zij heeft alleen koffie gedronken bij de vorige horecastop.

Intussen naderen we de rand van het Wekeromse Zand. Het regent flink en de wolken gaan tekeer. Sommigen tellen de seconden tussen elke flits en klap van het onweer. Hoe zat dit nu precies? Staat een seconde voor een afstand van 100 meter, of is het 300? En daar begint de discussie weer.

Afijn, ik ben dus verder meegelopen. Blijkbaar was de groepsdrang groter dan mijn eigen wil. We kwamen als een stel verzopen katten aan op het station, ondanks alle regenkleding. Uiteraard kan een Hollandse meid daar best tegen. Al denk ik dat ik voortaan toch maar wat eerder afhaak.

Jonge beukenblaadjes rood en groen

Jong beukenblad met bloemen

Hoe vaak kijk je echt goed naar een boom? Misschien vallen sommige bomen je op, omdat ze bijzonder gevormd of groot zijn. Maar meestal lopen we er achteloos aan voorbij. Regelmatig passeer ik dezelfde beuken. Eerst waren het non-descripte dingen met een stam, takken en blaadjes er aan. Nu herken ik individuele bomen en zie ik wat ze doen in de vier jaargetijden.

Rood beukenblad jong

Beuken zijn mijn favorieten. Ontkiemende beuken lijken op ballerina’s. Eenmaal volwassen, hebben ze iets statigs. Ze worden machtig hoog en hebben verfijnde bloemen, blaadjes en zaadjes. Aan het jonge blad zit zelfs een ragfijn bontkraagje. In de herfst worden beukenblaadjes veelkleurig, waardoor takken op feestslingers lijken.

Het zal even duren voordat ik alle groeistadia in beeld heb, maar hier volgen alvast wat impressies van beuken(blad) in de winter, lente, zomer, herfst en nog een herfst.

Een kolonie stenen in het bos

a colony of stones in the wood

Deze kolonie stenen ligt op een wandelroute van Otterlo naar station Ede-Wageningen via de Mossel en de Ginkelse heide. Het is een tocht door bossen en over open vlaktes. Negentien kilometer lang, vooral rul zand. De stenen vormen een welkome pleisterplaats. Ze zijn van grijs graniet en gemaakt door Adri Verhoeven in opdracht van de gemeente Ede.

sitting stone resting place

Ze horen bij elkaar, die stenen, maar ze liggen apart. Ook bij mensen in een groep bestaat niet altijd samenhang.

We liepen later over een militair oefenterrein. De kogelhulzen lagen er voor het oprapen. Ik heb een glanzende koperen huls meegenomen. Verderop werd geoefend en geschoten met klappertjespistolen. Daarom kan ik het navertellen. Vertrouw nooit op een kaartlezer zonder oorlogservaring. Dat is de les van vandaag.

Later moest ik even de bosjes in duiken. Daardoor zag ik een wezeltje zitten. Hij keek mij recht aan en ik hem, seconden lang. Altijd fascinerend, oogcontact met een wild dier.

Verder weinig beleefd vandaag. De mensen spraken langs elkaar heen, zoals wel vaker. Doe mij dan liever die mooie stenen kolonie maar.

Ontluikend Lichtenbeek

Dit is de tijd om eropuit te gaan en wandelingen te maken in de natuur. Overal zie je ontluikende bomen en struiken. Dit voorjaar vallen mij vooral de pas uit de knop gekropen boombladeren op. Ze springen wat minder in het oog dan bloesem. Toch zijn ze van dichtbij gezien prachtig gevormd.

Deze foto is genomen op landgoed Lichtenbeek bij Arnhem. De sierlijke bladeren en knoppen doen denken aan balletdansers. Hierbij wilde ik per sé het braakliggende veld op de achtergrond hebben. Het jonge groen blijft onscherp, maar het beeld is theatraal genoeg.

De mooiste tranen van de boom (2)

Zonder schade geen tranen. Deze druppels bengelen aan het zaagvlak van een omgezaagde boom.

Vandaag beleef ik een belangrijke doorbraak in een langslepende zaak. Het is alsof alles wat maandenlang opgesloten zat, eindelijk weer vloeibaar wordt en in beweging komt. Zoals de laatste sapstroom van deze boom. Op naar het hoogst haalbare en mooiste resultaat.