Zo grillig als een vrouw in de overgang

Soms hoor je een woord waarvan je denkt: ‘Hé, dat ken ik nog niet.’ Zo stuitte ik gisteren op het Engelse coddiwomple. Dat betekent: ‘to travel in a purposeful manner towards a vague destination.’ Hoe was het mogelijk dat ik daar nooit van had gehoord, terwijl ik zo veel heb gereisd? Nou, gewoon, omdat het woord pas kort bestaat en door de huidige travellers scene via internet wordt verspreid. ‘Ik word echt oud.’, dacht ik daarbij.

Mijn gedachten zijn af en toe behoorlijk grillig. Misschien omdat ik nu doelbewust toewerk naar een uitkomst die volstrekt onzeker is. Ik weet heel goed wat ik wil bereiken. Maar de weg ernaartoe zit vol kronkels en ik kan niet in de toekomst kijken. Dit speelt in het groot en in het klein. De schors van een pseudoacacia past daar mooi bij. Die zit vol lijnen, groeven, splitsingen en uitbarstingen. En sommige lijnen komen weer bijeen.

‘Zo grillig als de schors van een Robina.’, dacht ik daarbij. Je zou dit zo als Nederlands spreekwoord kunnen invoeren. Maar een of andere voetbalcommentator is mij voor geweest met iets vergelijkbaars: ‘Zo grillig als een vrouw in de overgang.’ Tss, wat een orakel.

Jonge beukenblaadjes rood en groen

Jong beukenblad met bloemen

Hoe vaak kijk je echt goed naar een boom? Misschien vallen sommige bomen je op, omdat ze bijzonder gevormd of groot zijn. Maar meestal lopen we er achteloos aan voorbij. Regelmatig passeer ik dezelfde beuken. Eerst waren het non-descripte dingen met een stam, takken en blaadjes er aan. Nu herken ik individuele bomen en zie ik wat ze doen in de vier jaargetijden.

Rood beukenblad jong

Beuken zijn mijn favorieten. Ontkiemende beuken lijken op ballerina’s. Eenmaal volwassen, hebben ze iets statigs. Ze worden machtig hoog en hebben verfijnde bloemen, blaadjes en zaadjes. Aan het jonge blad zit zelfs een ragfijn bontkraagje. In de herfst worden beukenblaadjes veelkleurig, waardoor takken op feestslingers lijken.

Het zal even duren voordat ik alle groeistadia in beeld heb, maar hier volgen alvast wat impressies van beuken(blad) in de winter, lente, zomer, herfst en nog een herfst.

Ontluikend Lichtenbeek

Dit is de tijd om eropuit te gaan en wandelingen te maken in de natuur. Overal zie je ontluikende bomen en struiken. Dit voorjaar vallen mij vooral de pas uit de knop gekropen boombladeren op. Ze springen wat minder in het oog dan bloesem. Toch zijn ze van dichtbij gezien prachtig gevormd.

Deze foto is genomen op landgoed Lichtenbeek bij Arnhem. De sierlijke bladeren en knoppen doen denken aan balletdansers. Hierbij wilde ik per sé het braakliggende veld op de achtergrond hebben. Het jonge groen blijft onscherp, maar het beeld is theatraal genoeg.

De mooiste tranen van de boom (2)

Zonder schade geen tranen. Deze druppels bengelen aan het zaagvlak van een omgezaagde boom.

Vandaag beleef ik een belangrijke doorbraak in een langslepende zaak. Het is alsof alles wat maandenlang opgesloten zat, eindelijk weer vloeibaar wordt en in beweging komt. Zoals de laatste sapstroom van deze boom. Op naar het hoogst haalbare en mooiste resultaat.

De mooiste tranen van de boom (1)

‘Bekijk eens de spiegelingen in de plassen, met of zonder windvlaag’, schreef Luuk45. Zijn woorden schieten mij weer te binnen wanneer ik de tranen op een stapel boomstammen fotografeer. Schitterend zilver, melkachtig wit, azuurblauw, bloedrood en warm amber. Dat zijn de kleuren van de mooiste druppels.

Ik zie hierin een mist weerspiegeld die eindelijk begint op te trekken. Tranen als voorspellers, zoals de glazen bol van een helderziende? Wie weet wat bomen allemaal kunnen vertellen. Het gaat de goede kant op.