De zoete geur van nectar op de hei

Het is inmiddels een jaarlijkse traditie geworden om in augustus naar de Posbank te gaan. Bij voorkeur op een doordeweekse dag, met iemand die de mooiste achteraf paadjes kent in de directe omgeving. De drukte valt niet meer te vermijden (denk: molens in Kinderdijk), maar zolang de groepen motorrijders afwezig zijn, kun je er volop genieten van een heuse natuurbeleving. Want als je even stil bent, hoor je de bijenvolken zoemen, terwijl de schapen van de Rhedense kudde het gras maaien, en de lome wind je zongewarmde zoete vleugjes nectar toewaait.

Een voorname agapanthus

Momenteel steken blauwe agapanthussen in plantenbakken op het voorhof van Huis Bergh sierlijk af tegen de ruwstenen middeleeuwse muren van het kasteel. Die agapanthussen leken mij typisch zo’n plantenmodegril. Sommige planten zijn gedurende een bepaalde periode ‘in’, en daarna zie je ze bijna nooit meer. Strobloemen, bijvoorbeeld.

Maar wat de agapanthus betreft, heb ik het mis. Die wordt hier al gekweekt sinds 1674. Om precies te zijn: in de tuin van Hieronymus van Beverninck te Warmond. Dit valt te lezen op de website van de Nederlandse Kuipplantenvereniging. Ik had het kunnen weten. Want de Leidse Hortus Botanicus ligt slechts op een steenworp afstand van Warmond.

Persoonlijk vind ik de agapanthus in knop mooier dan in volle bloei. Deze groeit in mijn eigen binnentuin, ahum.

Metallic blauwe agapanthus in knop

Schoonheid in stikstoffixatie

Op een akker in de buurt groeit een plant met rozerode bloemen. Ik vermoed dat het een soort lathyrus is. Lathyrus is een geslacht uit de vlinderbloemfamilie. Van een afstand is niet direct zichtbaar waarom die plantenfamilie zo is genoemd. De bloemetjes zijn tamelijk klein. Maar bekijk je ze van dichtbij, dan zie je de gelijkenis. De bloemblaadjes hebben dezelfde adertjes als de vleugels van een vlinder.

‘De meeste soorten vlinderbloemigen leven in een mutualistische symbiose met stikstofbindende bacteriën van het geslacht Rhizobium.’ Dit staat op Wikipedia, gevolgd door een scheikundig proces. Aangezien de akker middenin een natuurgebied ligt, is dit gewas daar vast gezaaid vanwege zijn functie. Hier zie je dat er schoonheid schuilt in stikstoffixatie.

Laat het maar regenen

Het is wonderbaarlijk hoe snel je een soort trauma kan oplopen. Neem nu die droge zomers van de laatste jaren. Sinds ik twee tuinen vol planten heb op een zandrijke bosgrond, kijk ik reikhalzend uit naar elke druppel regen. Worden er buien voorspeld? Mooi zo. Stuur ze maar hierheen. Het kan mij en de tuinen nooit genoeg zijn, want alles zakt weg in de bodem. Na zes jaar op een stuwwal heb ik mijn lesje geleerd. Aan de zonzijde staan nu vooral planten uit het middellandse zeegebied, zoals druiven, lavendel en oleander. Die hebben het prima naar hun zin hier.

Misschien moet je ook eerst in een woestijn hebben gewoond, voordat je het paradijselijke in een groen, sappig weitje vol bloemen ziet.

De Posbank, nu met paarse hei

Wil je de heide in bloei zien staan, dan is dit het juiste moment. De zachtglooiende heuvels van de Posbank liggen er prachtig diep paars bij. Wel zijn de sporen nog zichtbaar van het extreem droge jaar 2018. Toen stierven hele stukken heide af. Die dode heidestruikjes zorgen nu voor een extra kleurschakering: groen, paars en grijs.

(Klik desgewenst op de foto voor een vergroting.)