De details in huis maken het verschil

zwarte tegelbies maakt het af

Hier zit een intens tevreden meisje, want de klusser heeft weer enkele taken afgerond. Waaronder: een zwart biesje toevoegen in de toiletruimte boven de tegelwand. Dat maakt de muur letterlijk ‘af’. En: in de keuken een zwarte afzuigkap bevestigen, inclusief luchtkanaal. Nu is de keuken compleet. Ook zo handig: er zit een lampje in de kap. Goede verlichting ontbrak namelijk nog boven het aanrechtblad. Vier jaar na de verhuizing kunnen deze klussen eindelijk van mijn lijst af.

Details maken verschil. Een moeilijk sluitend raam gaat vroeg of laat irriteren en een scheef gezaagde plank staat amateuristisch. Verder doet een onafgewerkte tegelrand afbreuk aan een ruimte, hoe mooi de rest ook is. Ik zie dat soort dingen. Met een centimeter hoog biesje creëer je al een andere sfeer. Het biesje in mijn toilet kostte slechts € 22 aan materiaal, maar geeft de ruimte direct een duurdere uitstraling. Daarom beschouw ik dergelijke verbeteringen als een waardevolle investering.

De klusser en ik gaan een team vormen. Ik loop namelijk al jaren rond met een plan. Het enige wat ontbrak, was een professionele partner. We hebben het deze week besproken. Samen slaan we twee vliegen in een klap. Want ik zoek naar inkomsten en hij ziet kluswerk als bezigheidstherapie. Eerst moet ik nog even een prijs winnen in de Staatsloterij. Dan hebben we een kapitaal om mee te beginnen.

Met dat geld koop ik een verwaarloosd pand. Vervolgens ga ik nadenken over de indeling, de inrichting en het gewenste materiaal. Tot in detail. Zodra ik alles heb uitgedokterd, gaat hij aan de slag. Want ik ben van de planning en hij is van de uitvoering. Alleen verven doet hij liever niet, maar dat kan ik wel. Zodra het huis af is, doe ik het met winst van de hand en dan koop ik het volgende pand.

Strak plan, nietwaar? Durfinvesteerders zijn welkom.

Hop in het riet

Hop in het riet

Ik zou wel willen bloggen, maar ben er te rusteloos voor. Te veel gedachten, te veel belevenissen, en dan die twee mannen over de vloer. (Behalve de klusser was ook de meneer van de rioolservice er weer.) Alles ten goede, hoor. Alleen word ik altijd een beetje hyper van te veel voorspoed. Daarom hou ik het bij deze foto. Bloeiende hop in het riet. Beschouw de hop maar als een soort feestslinger.

You Tube, voor onderzoek en relaties

You Tube is als social medium een goudmijn voor onderzoek. Marketeers gebruiken het en trendwatchers ontwaren er nieuwe trends op. Dat ligt voor de hand. De mensen achter You Tube spitten zelf ook gegevens door. Zij weten als eerste wat ons, de wereldwijd ruim een miljard gebruikers, bezig houdt. Maar er is meer. Volgens mij werkt You Tube daarnaast uitstekend als kennismakingsplaats.

Wetenschappers en journalisten baseren hun bevindingen op data van You Tube. De mogelijkheden zijn bijna onbegrensd. Stel dat je wil kijken hoe straattaal tussen 2009-2018 binnen een bepaalde subcultuur is veranderd. Dan hoef je alleen te weten welke muziek bij die groep hoort. Je zoekt de populaire bands op, kijkt naar hun video’s en checkt de onderstaande reacties. Klik je op de profielfoto’s, dan ontdek je persoonlijke details. Bijvoorbeeld in foto’s. Ze onthullen het geslacht, de leeftijdscategorie, de taal en dergelijke van zo iemand. Op deze manier vind je antwoorden op You Tube.

Zelf verdwaal ik regelmatig hopeloos op You Tube. Dan beland ik zomaar in een leefwereld die ver van de mijne af ligt. De algoritmes van dit kanaal brengen mij bij mensen waar ik normaal nooit mee in contact kom. Neem nu Wayne V. Ik belandde bij Wayne thuis via The Raconteurs. Of eigenlijk via Jack White, want ik zocht naar Steady as she goes. (Een heerlijk nummer trouwens; ik draai het helemaal grijs.)

Afijn, toen de video was afgelopen, schoof You Tube Ball and biscuit van The White Stripes naar voren. Want ook in die band speelde Jack White. Het is van die luie, rauwe, Amerikaanse rockmuziek met zo’n vette, strakke gitaar erin. Je moet er voor in de stemming zijn. Of anders beschouwd: het kan een bepaalde stemming oproepen. Zo’n van: Sod off, ik doe mijn eigen ding.

Aangezien ik toch niks beters had te doen, scrolde ik door de reacties onder die video. En toen stuitte ik dus op Wayne. Vijf jaar geleden schreef hij dit: ‘This song makes you wanna strip down Naked, Oil up walk into work slap your Boss and kiss his Secretary and tell her you had better,.. steal a pen and walk out ..’

Kijk, zo’n reactie, in een bepaalde stemming, bij deze muziek … daar hou ik wel van. Dus dan word ik nieuwsgierig. Helemaal omdat er op zijn profielfoto zo’n soort auto staat als waar ik het eerder over had.

Ik heb op het icoontje van Wayne V geklikt. En nu weet ik bijna alles over hem. Wat zijn hobby’s zijn, van welke films en auto’s hij houdt, naar welke muziek hij luistert, wat ongeveer zijn leeftijd is, en of hij een romanticus is. Nou ja, ik heb absoluut niks aan die informatie, want hij is mijn type niet. Maar dat maakt weinig uit. Ik heb me weer een half uurtje vermaakt.

Een beetje rusteloos

Zoekend naar muziek die bij mijn stemming past, probeer ik uit alle macht ik de volgorde van de videoclips te veranderen die YouTube mij voorschotelt. Het is vooral ’s avonds laat een gewoonte geworden om via mijn laptop naar muziek te luisteren terwijl ik logjes typ. Als ik rond 23.00 uur nog aan een logje begin, is dat omdat ik niet naar bed wil. Dit heeft te maken met rusteloosheid. Of met niet moe genoeg zijn. Of met juist wel heel moe zijn, maar niet kunnen slapen. Bijvoorbeeld omdat mijn hoofd te vol zit met gebeurtenissen van de afgelopen dag.

Bij rusteloosheid grijp ik altijd terug op muziek. Ook midden in de nacht. Vandaag was het weer een gewone dag en juist dat maakt mij nu rusteloos. Als je maandenlang naar een belangrijk moment hebt toegeleefd, een moment waarvan je niet zeker wist of het wel komen zou, en dat moment is ineens geweest, dan val je in een gat. Spreekwoordelijk dan. Zo van: ‘Wat nu?’

Er zijn ook muzieknummers die vanzelf rusteloosheid opwekken. Cars van Gary Numan, bijvoorbeeld. Dat is onlosmakelijk verbonden met mijn eerste dag in de VS, in 1984, waar ik in Los Angeles aankwam. Een autostad bij uitstek. In die tijd was dat niet bepaald een veilige plek. Je kon maar beter in je auto blijven. De spanning van die eerste reis naar een land buiten Europa … zo welbekend van tv en toch vreemd. De verwachtingen, die dat nummer in mijn fantasie oproepen … Roadmovies.

Vandaag ga ik voor een ander oud nummer: Stupid Girl van Garbage. De melodie van dit lied roept evenzeer een verwachtingsvolle rusteloosheid bij mij op. De tekst doet er niet toe. Of toch?

Van de Volkskrant naar Trouw

Zeg je ‘Nee’, dan krijg je er twee.

Sommige mensen wisselen na elk proefabonnement van krant. Ik niet. Ik ben zo’n hondstrouwe abonnee die jarenlang dezelfde houdt, namelijk de Volkskrant. Die is er bij mij met de paplepel ingegoten. Thuis hadden mijn ouders hem; het was een katholiek blad. Maar nu stap ik over. Voortaan lees ik Trouw.

De bezorger zal er vast aan moeten wennen, en ik evenzeer. Al ben ik eerder kortstondig ‘vreemd gegaan’. Zo experimenteerde ik jaren geleden met het Parool en met het Leidsch Dagblad. Ook in het buitenland had ik andere kranten. Tijdens mijn verblijf in Perth (WA) las ik de The West-Australian. En in Kenia kocht ik zaterdags The Daily Nation. Die laatste was veertien jaar geleden, dus zo lang heb ik geen andere krant meer gehad dan de Volkskrant.

Vanwaar die overstap? De Volkskrant speelt soms in op emoties, zodat ik denk: ‘Wat een schande!’ De volgende dag volgt er dan een artikel met nuancering. Ook laat de krant weleens een mening doorschemeren, terwijl ik objectiviteit wens. Verder zie ik herhaling. Columnisten hebben hun stokpaardjes en de nieuwskeuze is selectief. Waarschijnlijk geldt dat voor iedere krant, maar ik wil weer wat variatie en alternatief nieuws.

Daarbij bevat de Volkskrant uitgebreide rubrieken over kunst, mode, wonen, lifestyle, eten en literatuur. Die zijn vast boeiend voor Amsterdamse yuppen, maar minder afgestemd op mijn leefwijze, smaak en budget.

Waarom nu Trouw? Nou, gewoon. Een voormalige collega was positief over deze krant. Daarom kocht ik als proef een paar zaterdagedities. En wat bleek: Trouw straalt een zekere rust uit te midden van al het tumult. Het lijkt alsof deze krant nieuwsonderwerpen evenwichtiger belicht.

Of, zoals in de bevestiging staat:
‘Een krant die elke dag nieuws en achtergronden brengt, zonder sensatie. Die feiten en meningen scheidt en het nieuws op een constructieve manier brengt. Vanzelfsprekend besteden we veel aandacht aan religie, filosofie en duurzaamheid. We stellen vragen over belangrijke ontwikkelingen in het nieuws en zoeken ook naar de antwoorden. Op deze wijze hopen we u evenwichtig te kunnen informeren en te helpen bij uw meningsvorming.’

Afijn, ik ben dus naar de protestanten overgelopen. Het zal wel even wennen zijn.

De levenslessen van Loesje

Loesje Arnhem teksten

Wie kent ze niet: de teksten van Loesje op posters, stickers en scheurkalenders? Loesje kwam eind jaren tachtig in mijn leven. Overal doken haar posters op met levenslessen en gevatte doordenkers. Zelfs in Australië, waar een landgenoot mij in 1990 een doorgeefboek gaf vol wijsheden. Haar woorden zijn vast nog even geliefd bij backpackers, want toepasselijk zijn ze zeker. Het was in die tijd voor iedereen een raadsel wie Loesje was en waar ze vandaan kwam.

Vandaag was ik in Arnhem, haar thuisbasis. Ik wandelde langs de Utrechtseweg tussen Lombok en de Nederrijn in. Vanuit een ooghoek herkende ik de vormgeving van deze sticker. Hij zit op een lantaarnpaal. Ik nam er een foto van terwijl een vrouw met een pitbull mij gadesloeg. Zij werd nieuwsgierig en las de tekst ook. Even was er contact tussen ons. Dat is nu het Loesje-effect.

Ineens zie je het

Vriendin F en ik volgen het Marskramerpad over de Veluwe. ‘De natuur is zo mooi dit jaar.’, merkt zij op. Meestal ontgaat haar zoiets. Enkele jaren geleden ging ze vervroegd met pensioen. Nu ontstaat er langzaamaan meer ruimte in haar blikveld. ‘Vanmorgen viel mij ineens op dat ik de grote kerk kan zien vanaf de Singel bij mij om de hoek.’ Ze woont daar veertig jaar. Maar wie ben ik om hier wat van te zeggen?

Onlangs zat ik in de trein van Arnhem naar Zutphen. Het was zo’n coupé als waarin ik tien jaar lang heb geforensd tussen Leiden en Den Haag. In het spitsuur. Standaard zat de coupé bomvol. Maar ik weet nog dat die specifieke treinstellen voor het eerst werden ingezet, een jaar of vijftien geleden. De zittingen en rugleuningen bevielen mij wel.

In die trein van Arnhem naar Zutphen was het rustig. En ineens zag ik het. Dat gezichtje op de zijkant van de armleuning. Het lijkt wel zo’n hoofd als van de beelden op Paaseiland.

Paaseiland gezichtjes in de trein