NIET BETREDEN, staat er

‘NIET BETREDEN. Verboden toegang. ART.461.WETB.v.STRAFR.’, staat er op dit bordje. Het is geplaatst bij een klein poeltje. Een vennetje in het Bilderbergbos, langs de rand van een heideveldje. Het vennetje bevindt zich in een hoek bij een kruispunt van twee wandelpaden. Eenzelfde bordje staat ook langs de rand van het andere pad. En bij dat pad, dat andere pad, staat zelfs nóg een bordje. Een bordje met uitleg over waarom dat vennetje zo bijzonder is. Er leven zeldzame dieren en organismen in. Die willen graag met rust gelaten worden. Maar een aantal van mijn medelanders heeft daar, getuige de vele voetstappen, weer compleet maling aan.

Of nee, het kwam niet door hen. Nee, het kwam door de hond. Die ging daar toevallig naar toe. En toen moesten ze er natuurlijk wel achteraan gaan.

Er staan in dit gebied nog meer bordjes. Ze staan bij elke ingang. Ze staan letterlijk bij ieder pad. En op die bordjes staat onder meer het volgende: ‘honden onder controle’. Voor mij als niet-hondenbaasje is dat nogal cryptisch taalgebruik. Betekent dit: ‘honden mogen los, maar uitsluitend als ze extreem goed zijn opgevoed’? Of betekent dit: ‘honden mogen nooit en te nimmer los, want hondenbaasjes beheersen zichzelf niet eens goed?’

Oh, sorry, ik liet mij even gaan. Misschien komt dat door de recente berichtjes in onze buurtapp. Over loslopende honden op landgoed Warnsborn. Waar regelmatig de hartverscheurende angstkreten van reetjes klinken, die, terwijl zij in hun eigen leefgebied verblijven en door gure weersomstandigheden verzwakt zijn, maar wel zelf voor hun kostje zorgen, door volgevreten honden worden opgejaagd en gegrepen. En wat denken die baasjes dan? Kijk die hond van mij eens; wat een oerinstinct.

Op Radio Gelderland smeekte een boswachter uit Wenum-Wiesel bijna om honden aan de lijn te houden. Ze zouden geen partij zijn voor de wolf of wolven die daar rondlopen. Nou, dat mag ik dan zeker hopen. Afgelopen weekend moesten de toegangswegen naar de Posbank worden afgesloten. De toeloop van mensen en automobilisten was te groot geworden. En dan brengt het NOS Achtuurjournaal een nieuwsitem over de massa’s vogels die nu naar de Biesbos trekken, omdat het water daar nog open is. Mijn God zeg, zwijg daar toch over! Je kan dit soort aankondigingen niet meer doen in een land met zo veel idioten.

En denken we nu echt dat hier ooit nog een Elfstedentocht kan worden gereden? Die legendarische Tocht der Tochten? De laatste keer, in 1997, heerste er al totale gekte. Het massaal toegestroomde publiek was niet meer weg te houden. Sindsdien zijn er in dit land twee miljoen mensen bij gekomen. De volgende keer red je het niet meer met wat vrijwillige toezichthouders en een paar politiekorpsen. De volgende keer moet het leger er met explosieven aan te pas komen. Want ja, het kan wel eens de laatste keer worden, dus willen we er allemaal bij zijn.

Komende maand zijn de Tweede Kamerverkiezingen. Ik kan kiezen uit een stel rechtse partijen die heilig geloven in economische groei. Dat vereist, volgens hun filosofie, het binnenhalen van nog meer bedrijven, arbeids-migranten en consumenten. De huizenmarkt laten ze intussen over aan de grote internationale beleggers. Of ik kan kiezen uit een stel linkse partijen die stuk voor stuk meer asielzoekers willen toelaten en aan het Sinterklaas-syndroom leiden.

Er is niet één partij die zegt: wij gaan voor een milde dictatuur om een werkelijk duurzame economie, een sociale maatschappij én een geleidelijke bevolkingsafname te bereiken. Terwijl ik onderhand geen enkele andere optie meer zie voor een leefbare samenleving.

Geschreeuw tegen de tv

Gisteravond heb zitten schreeuwen en tieren tegen de tv. Een hooligan was er niets bij. Alles wat ik ooit aan vocabulaire in de achterbuurten van Leiden heb opgedaan, kwam er uit. Wat de buren daarvan vonden, kon mij geen moer schelen. Zij zijn zelf evenmin perfect.

Die vuile gore tyfus … enzovoort. Dat achterlijke K-volk ook! Je blijft met je poten van een ziekenhuis af!

Daarna heb ik een hele reeks straffen bedacht. Daar kan ik kort over zijn, want ik heb een all time favoriet. Dealtje sluiten met Poetin en hup, de hele zwijnenzooi op transport naar Siberië. Gooood riddance!

Nog weer later vroeg ik mij af waarom die gasten moeten rellen vanwege een avondklok. Jemig zeg. Wat stelt dat nou helemaal voor? Stelletje verwende dreinende drollen. Ze zijn hier ook werkelijk niets gewend. Ga ff lekker wonen in een land met een dictatuur. Eens kijken hoeveel lef je dan hebt.

En nog weer veel meer later bedacht ik dat het best interessant zou kunnen zijn om eens met die gasten te praten. Niet dat ik hen dan ineens sympathiek vind, of het met hen eens ben. Maar gewoon, om te vragen: Wat is er nu aan de hand? Waarom doe je dit? Is dit echt wat je wilt?

Want ik denk dat deze rellen weinig te maken hebben met de avondklok. Naast het uitschot en de hersenloze meelopers, is er vermoedelijk nog een derde groep. Die groep bestaat vast uit goedwillende en hardwerkende burgers, maar ze zijn wel gefrustreerd. Deze mensen voelen zich genaaid. Gewoon, omdat de rijken almaar rijker worden, terwijl zij zelf op allerlei manieren ondervinden dat het systeem niet deugt. Daarom verbaast het mij dat niemand zich met lobby-activiteiten tegen de Zuidas keert.

Ach, wat wil je ook? Het schort vooral aan zelfreflectie, toekomstvisie en  leiderschap.

Een vorm van vrouwenhaat

Qua kennis en kunde worden vrouwen standaard lager ingeschat dan mannen; zowel door mannen als door vrouwen. Een gevolg hiervan is dat vrouwen zich veel nadrukkelijker moeten bewijzen om serieus genomen te worden. Dat blijkt uit een onderzoek waarnaar eind vorig jaar werd verwezen in een krantenartikel over de positie van Nederlandse vrouwen. Het artikel heb ik niet bewaard. Wel herinner ik mij, dat er elders in die tekst het woord ‘vrouwenhaat’ staat.

Het heeft lang geduurd, maar eindelijk is bij mij het kwartje gevallen. Dat artikel werd een openbaring en het werd een verlate gewaarwording. Want sinds dat artikel besef ik pas, dat het stelselmatig minder serieus nemen van vrouwen feitelijk één van de subtielere gedaanten vormt van vrouwenhaat. Daar moest ik dan bijna 58 jaar oud voor worden.

Vrouwenhaat heb ik altijd geassocieerd met de extremere uitwassen, zoals ik die voornamelijk ‘ken’ uit een aantal ontwikkelingslanden. Het woord riep bij mij ook beelden op van zwaar gefrustreerde blanke Amerikaanse mannen. Bepaalde ultra-conservatieve Trump-stemmers, bijvoorbeeld. Maar vrouwenhaat als fenomeen in Nederland? Daar had ik zelf geen ervaring mee, dus daar kon ik mij minder makkelijk iets bij voorstellen.

Tot dat artikel. Ineens vielen diverse raadselachtige puzzelstukjes op hun plek. En ineens verscheen daar die rode draad tussen de losse voorvallen.

Het leven is geen rozentuin

’s Avonds ligt er bij thuiskomst een verkeerd bezorgde envelop tussen de post. Het huisnummer klopt, maar het adres is twee straten verderop. Morgen breng ik dit wel even naar het juiste adres, denk ik en leg het poststuk weg.

Zondagmiddag. Het is rustig buiten. Ik wandel door de straat met vrijstaande huizen en groene tuinen. Plots klinkt uit één van die huizen driftig gekrijs. Het blijft even stil terwijl ik het pand nader. Alle ramen zijn dicht. ‘You are always leaving me!’, roept een vrouw nu met schrille stem, hevig teleurgesteld en geagiteerd. Een andere persoon hoor ik niet.

Mijn ontspannen zondagmiddagstemming slaat in één klap om. Ik voel me bijna onpasselijk. Er doemen herinneringen op aan een andere huiselijke strijd, waarvan ik de geluiden jaren geleden in Kenia overhoorde, vanuit een flat driehoog in ons appartementencomplex. Dat ging om een gewelddadig conflict tussen een man en een vrouw. In werkelijkheid klinkt fysiek geweld veel naarder dan in een film. Misselijkmakend zelfs. Echt sickening.

Nog twee huisnummers; dan bereik ik het adres.

Op de stoep zit een weldoorvoede kater bij het tuinhek, die klagelijk begint te miauwen zodra ik nader. Ben je buitengesloten, soms? Ik open het hek en loop naar de deur. Hoopvol wandelt het dier naast mij mee, kennelijk verwachtend dat de voordeur open zal gaan. Maar ik duw de envelop in de brievenbus en keer om.

Een onzichtbare vrouw, een onzichtbare ander en een kater. Alle drie ongelukkig. Ook ik voel me nu bezwaard. Het duurt wel een paar honderd meter vooraleer ik een afschuddende beweging maak, diep adem haal en de omgeving weer in mij opneem. Daarna gaat het weer, een beetje.

Weten wanneer je teveel bent

dicht bij elkaar

Getweeën wandelen we in de staart van de groep. Kort daarvoor hebben we ontdekt dat we een passie delen voor schilderkunst en fotografie. We vertellen elkaar hoe we tewerk gaan, als vakzusters, zeg maar. Het is echt een onderonsje. Zo’n gesprek waar je even geen anderen bij wil hebben. Gewoon, omdat je weet dat zij het onderwerp in een afwijkende richting zullen trekken. Zodra dat gebeurt, is de ‘betovering’ voorbij.

Mensen die een inbreuk maken; dat maak je vaker mee tijdens groepswandelingen. Het kan heel subtiel gebeuren, een beetje gewiekst, of onbeholpen. Soms is gedrag beslist ergerlijk. Dan wringt iemand zich er met alle geweld tussen. Andere keren heeft het iets aandoenlijks. Dan kan iemand slechts zijn nieuwsgierigheid niet bedwingen. Er zijn ook mensen die charmant een oprecht belangstellende vraag stellen. Dat werkt effectiever.

Deze keer gaat het zo. We wandelen naast elkaar op een breed zandpad. Links en rechts is nog ruimte. Een andere vrouw komt vlak voor mij lopen en luistert duidelijk mee. Soms zegt ze iets tegen mijn gesprekspartner. Ik moet mijn pas nu een beetje inhouden, anders raak ik haar hielen. Zo weinig ruimte laat ze mij.

Dit noem ik de passief-agressieve manier van inbreuk maken. Want als ik er niets van zeg (met een geintje of waarschuwing), vergroot ik automatisch de afstand tussen haar en mij. Dan ga ik iets meer naar achteren lopen. Dat is precies haar bedoeling. Want zíj wil op mijn plek wandelen en met mijn gesprekspartner praten. Helaas voor die vrouw houdt mijn gesprekspartner bij vertraging gelijke tred met mij.

Ik weet het. Het is te kinderachtig voor woorden, maar dit is hoe volwassenen met elkaar omgaan.

De onbeholpen manier is een stuk onschuldiger. Deze keer is er achter ons nóg een vrouw stilletjes bij gekomen. Het is een wat verlegen type en zij loopt zwijgend mee. Vermoedelijk wil ze slechts meeluisteren. Mij stoort ze daar niet mee.

Mijn gesprekspartner en ik hebben allebei een zachte stem. Dus moet die vierde vrouw wel heel dichtbij komen om ons gesprek te volgen. Het gevolg is dat ze per ongeluk op mijn hiel trapt en ik in een schrikbeweging een grotere stap maar voren maak. Hard tegen het been aan van de vrouw vlak voor mij.

Schuld versus schaamte in de NL rechtszaal

Schaam je!

2Doc: Het fatale scooterongeluk gaat over Mohamed el G. (19) en Mohamed A. (18) die in 2010 Mario van de Geijn in Nijmegen hebben doodgereden. Ik kies deze woorden bewust. Ik houd hen beiden persoonlijk aansprakelijk voor wat ze hebben gedaan. En meer dan dat.

Wat deze documentaire toont, is hoe zeer de betrokkenen uit twee totaal verschillende culturen langs elkaar heen leven. De rechters, de nabestaanden van het slachtoffer en de documentairemakers zijn allemaal Nederlands. Ofwel, afkomstig uit een schuldcultuur. Maar deze twee jongens komen uit een schaamtecultuur. (Ze worden in de documentaire ‘mannen’ genoemd, maar omdat zij nooit volwassen zullen worden, verdienen ze die titel niet.)

Volgens opvattingen binnen hun eigen cultuur mogen al hun voorouders en aanverwante familieleden zich doodschamen. In het Nederlandse rechtsstelsel kan je met leugens en huftergedrag je straf ontlopen. Maar van deze schande komen zij en hun familie nooit meer af. Eib! Aib! Of hoe je het ook schrijft.

Al vijftig jaar zijn er grote groepen immigranten uit schaamteculturen in Nederland. Daarom verbaast het mij dat we weinig tot niets daarvan terugzien in de rechtszaal. Onze rechtsspraak is keurig, redelijk en voor dit soort hufters veel te braaf. Deze jongens hebben er compleet maling aan. Het enige wat dan kan werken, is ze aanpakken volgens de normen uit hun eigen cultuur. Ofwel, er moet een vertaalslag komen. Een tolk, die elk woord over schuld en verantwoordelijkheid omzet in schande. Zodat ze eindelijk verstaan waar rechtsspraak in Nederland over gaat.

(Het reactieveld is bij dit bericht uitgeschakeld.)

‘Ik heb het niet gedaan’

Vergeet detective series, vergeet crime investigation scenes. Er is een andere cliffhanger die je echt moet zien. Zelden ben ik zo onder de indruk geweest van een reconstructie. Tijdens het filmen stond er voor alle betrokkenen veel op het spel. Dit gaat over Romano van der Dussen in Elena Lindemans’ documentaire Ik heb het niet gedaan. Romano zat 13 jaar onterecht vast in een Spaanse cel.

‘De onthutsende documentaire laat niet alleen zien hoe Romano – die slechts voor een deel is vrijgesproken – nog altijd vecht om zijn onschuld te bewijzen. De film toont ook aan hoe dun de lijn is tussen goed en kwaad, tussen recht en onrecht. Want ís Romano wel zo onschuldig als hij zegt te zijn?’ (BNNVARA.)

Je zal voortdurend heen en weer worden geslingerd, tussen wat gelogen is, en wat het ware verhaal. Je zal worden geconfronteerd met je eigen gedachten. Schat je alles wel goed in of niet? Kijk je naar een slachtoffer of naar een dader? Is er een verschil?

Al het vertrouwde jargon komt voorbij: ‘nu zouden ze het ADHD noemen’, ‘een moeilijke jeugd’. Shots van een ontmoeting met een makker uit het verleden. Het ruige leven staat op diens gelaat getekend. Ze hebben ‘een beetje kattenkwaad’ uitgehaald. Vergelijk dit met het eufemisme van de elite: ‘een dwaling’, over een rechterlijke uitspraak. En je zal je wederom afvragen af of er wel een verschil is.

Ik neem mijn pet af en maak een diepe buiging. Zelden heb ik zo’n aangrijpende documentaire gezien.

I know the truth and I know what you’re thinking. Stone Roses – Fools Gold.