Afgeleid door de kerk

Soms loop je naar een andere kamer toe en ben je daar vergeten wat je er ook alweer kwam doen. Deze week overkwam mij iets dergelijks in een overtreffende vorm.

Ik wil een bezoek brengen aan Groessen om daar een bepaald gebouw te zien. Dus neem ik met de trein naar Duiven en wandel via een fietspad verder. Bij de afslag naar het dorp tref ik een ANWB-informatiebordje aan. Laat daar nu juist een nostalgische afbeelding van het betreffende gebouw op staan. Links van het bordje loopt de spoorlijn Arnhem – Winterswijk. Rechts liggen velden en akkers te dommelen in de zon. Verderop tekent het silhouet van het dorp zich af tegen de felblauwe lucht. Het is een klassieker: zo’n verzameling huizen en bomen met prominent in het midden een kerkgebouw met spitse toren.

In Groessen zelf trekt de kerk van de Heilige Andreas direct mijn aandacht. Het gebouw is eeuwenoud en voorzien van prachtige deuren. Het staat centraal aan het dorpsplein in een ruime tuin.

Daarna wandel ik langs kwekerijen naar de Loowaard toe en verder over de dijk bij de uiterwaard tot voorbij het plaatsje Loo. Met het pontje over de Rijn eindigt de tocht in Huissen en dan wordt het tijd om naar huis te gaan.

Pas thuis dringt tot mij door wat ik heb gedaan. Ik ben helemaal aan het te bezichtigen pand voorbij gegaan!

Een uitvaart via livestream

Scene 1. De ceremonie moet nog beginnen. De camera draait al, maar er is nog geen geluid. Het beeld wordt gevuld door een sobere ruimte met pastelkleurige stoelen op een stenen vloer. De hele achterwand is voorzien van glas. Voor de open tuindeuren ligt de overledene in het midden op een baar. Bloemen omringen haar. Buiten zie ik de zonovergoten akker van een natuurbegraafplaats. Af en toe passeren er wandelaars.

Geen van de aanwezigen beseft dat hun bewegingen worden gadegeslagen door ogen die zij zelf niet zien. Wat er in de volgende scenes gebeurt, is tegelijk gewoon en uiterst intiem.

De ruimte met de overledene, alleen.
De ruimte met de overledene en de uitvaartleidster wachtend in een hoek. Jasje over stoel.
De ruimte met de overledene en een dochter die slenterend met iemand belt.
De ruimte met de overledene en dezelfde dochter, die nu een familielid omhelst.
De ruimte met de overledene, alleen.

De ruimte met de overledene en een man die door de tuindeuren naar binnen stapt.
De ruimte met de overledene, verder niemand in beeld.
De ruimte met de overledene, haar kleinkinderen ravotten op de achtergrond.
De ruimte met de overledene, de andere dochter en de uitvaartleidster, ieder apart.
De ruimte met de overledene, weer even alleen.

De ruimte met de overledene. Een man loopt naar binnen, zakt op zijn knieën en voeten bij haar hoofd neer en blijft in stilte verzonken zitten. Een tweede man verschijnt ten tonele. Hij loopt naar haar andere zijde en blijft ook in gedachten staan bij de overledene.

Dan is het moment voorbij. Meer mensen druppelen binnen. De uitvaartceremonie zal zo zoetjesaan wel beginnen.

Het hart als symbool

Op een zonnige, warme lentedag staat een hart symbool voor de liefde. Zo’n lentedag kan misleidend zijn. Want hoe veel mensen hebben hartzeer, zonder dat we het zien?

Twee dagen geleden stierf de ‘liefste’ buurvrouw in ons straatje. ‘Liefste’ is hier een raar woord. Maar toch. Zij was voor mij van alle buren de meest dierbare persoon. Een stukje uit de tekst op haar kaart:

‘… En zag
Dat ik ook in dit leven hoor
Bij het grote geheel,
Bij de oorsprong van alle natuur
En dat ik elk uur
De rest van dit bewuste leven
Liefde ga zijn en liefde ga geven
Schoonheid ga zoeken
In alle gaten en hoeken …’

Zoals ik haar in korte tijd heb meegemaakt, is dit precies hoe zij in het leven stond.

(Bron citaat: Jochem Myjer.)

Candid Camera Blog

Vilein als ik soms ben, had ik graag een verborgen camera op dat log van gisteren willen zetten. Of beter nog: ik zou wel zo’n slim algoritme op Raam Open willen hebben. Een systeem dat haarfijn inzicht verschaft in hoe bezoekers mijn logjes lezen. Dan had ik nu tenminste het volgende geweten:

  1. Wie Geschreeuw tegen de tv alleen al vanwege die titel links liet liggen.
  2. Wie bij het lezen van de eerste alinea dacht: ‘Oh, nee hè?’, en maakte dat ie wegkwam.
  3. Wie met enige twijfel verder las en bij de tweede alinea zei: ‘Nu is het genoeg geweest.’
  4. Wie bij het lezen van alinea nummer drie ervan overtuigd is geraakt dat ik niet goed wijs ben.
  5. En wie heeft doorgezet tot aan de laatste alinea.

Degenen die het hele log hebben gelezen, wil ik bedanken en feliciteren. Feliciteren, omdat jullie er niet ingetrapt zijn. In de valkuil van de vooroordelen die je als lezer door een voorbarige conclusie kan krijgen.

De kunst van het formulieren invullen

Hoe je formulieren moet invullen, is een van de nuttigste vaardigheden die ik bij mijn eerste werkgever heb opgedaan. Wordt hier tegenwoordig op school aandacht aan besteed? In mijn jeugd heb ik het helaas niet meegekregen, terwijl het toch zeer belangrijk is voor zelfredzaamheid in deze maatschappij.

Begrijp je eenmaal hoe ingevulde gegevens op een formulier worden verwerkt, dan blijft dat een voordeel gedurende de rest van je leven. Zelf heb ik deze cruciale kennis vooral opgedaan met het summum der bureaucratie: onze belastingdienst. Als je daar eenmaal goed mee om weet te gaan, kan je alles aan.

Aangiften inkomstenbelasting, vermogensbelasting, omzetbelasting en loonbelasting: honderden heb ik er op het accountantskantoor ingevuld. De aangiften vennootschapsbelasting waren voor de gevorderden onder mijn collega’s, maar die mocht ik na een paar jaar ook ‘doen’.

In het dagelijkse leven vullen we allemaal regelmatig formulieren in. Wanneer we een bankrekening openen, bijvoorbeeld, maar ook gewoon bij een online bestelling. Of denk aan het regelen van een lidmaatschap en het afsluiten van een verzekering. Dat kan je maar beter goed en volledig doen, anders loop je het risico dat je voor fraudeur wordt aangezien. De ouders van de toeslagenaffaire weten daar alles van.

Gisteren herbeleefde ik oude tijden bij het papierwerk voor de afkoop van een lijfrenteverzekering. Het werd een klassieke sessie met alles er op en er aan. Gegevens verzamelen, met pen formulier invullen (zie ook ommezijde!), papieren kopieën van bewijzen toevoegen, op alle documenten polis-nummer en relatienummer vermelden, datum invullen en handtekening plaatsen, alles nog eens goed controleren (niets vergeten, kloppen de cijfers en staat het BSN-nummer er wel bij?), de hele bundel in de envelop met antwoordnummer stoppen en tot slot deze voor de zekerheid met twee extra plakbandjes stevig dichtplakken. Heerlijk!

Ik kreeg er terstond heimwee van. Want ik hou van post en papier en de smaak van ouderwetse plakstroken op de klep van enveloppen. Van de meeste plakstroken althans; sommigen smaken ronduit goor. Bij mijn eerste werkgever hadden we daar in de typekamer kussentjes met natte sponsjes voor. Anders kon je wel blijven likken, zoveel post als er daar de deur uit ging.

Ik was dan ook zeer bedreven in het vouwen van vellen postzegels en het afscheuren in stroken, zodat de zegels zich handzaam en snel één voor één op enveloppen lieten plakken. Echt, er is met de komst van het internet heel wat verloren gegaan.

Slijmspoor of slijmspook?

Het is wonderbaarlijk hoe je jarenlang dezelfde rondwandeling kan maken en toch steeds weer iets nieuws kan ontdekken. Zoals dit slijmspoor op een beuk. Waar komt dat slijm vandaan? Heeft een slak dit zo achtergelaten? Of hebben we hier met een slijmspook te maken?

Sorry, beste volgers. Al mijn ernst en energie gaat momenteel naar de foto-expositie, dus meer dan dit soort onzin verschijnt hier even niet. 😉

Hou dat ongevraagde advies maar

Een van de vrijwilligers voor werkzoekenden twijfelt al jaren welke kant zij op wil met haar carrière. Het lijkt voortdurend alsof zij om advies verlegen zit door de weifelende manier waarop zij praat. Dus is er altijd wel iemand die haar voorziet van goedbedoelde raad. Alleen dat is niet de bedoeling. ‘Advies is als een klap in mijn gezicht’. Zo ervaart zij dat. Ze beseft nauwelijks hoezeer haar houding bij anderen de behoefte oproept om advies te geven.

Ongevraagd advies geven is een riskante bezigheid. Toegegeven; ik maak mij er soms ook schuldig aan. Het wordt je vaak niet in dank afgenomen. Op de ontvanger komt het namelijk al gauw dominant, betuttelend en bemoeizuchtig over.

Zelf zit ik evenmin te wachten op ongevraagd advies. Toch denken anderen kennelijk dat ik daar behoefte aan heb. Een goede verstaander zou aan mijn toon of vertelstijl best kunnen afleiden dat advies onwenselijk is. Dan wil ik slechts mijn verhaal kwijt, meer niet. Maar veel raadgevers beginnen eerder met praten dan met luisteren, vandaar.

Ben jij ook zo iemand die ongevraagd advies wil geven? Vraag jezelf dan eerst af waarom je dat wil. Want wat zijn je achterliggende beweeg-redenen? Wil je de ander werkelijk helpen? Of wil je jezelf bewijzen? Wil je de ander afhankelijk maken? Voel je je soms superieur? Zie je de ander wel staan? Misschien wil je die ander vooral corrigeren op basis van je eigen normen en waarden. Deze zouden weleens kunnen afwijken van wat de adviesontvanger belangrijk vindt.

En als je beslist advies wil geven, vraag jezelf dan ook eerst af of je goed hebt geluisterd naar de ander. Klopt het wat je denkt dat je begrepen hebt? Verifieer dit gewoon. Want voordat je het weet, ontstaat er een misverstand.

En als je dan toch per sé advies moet geven, weet dan dat de ander volledig vrij is om het advies naast zich neer te leggen. Want die ander heeft helemaal niet om jouw advies gevraagd. En het gaat tenslotte om zijn of haar eigen leven.

Voor de goede orde: ik heb niemand gedwongen om tot hier te lezen. Daarom volgt hier mijn welgemeende raad over advies geven. 😉

Wees oprecht belangstellend. Luister. Leef je in. Begin niet gelijk over jezelf. (Nee, ook niet met voorbeelden uit je eigen leven.) Toon begrip en vel geen oordeel. En tot besluit: check of de ander advies wenst. Dan help je iemand echt.