‘Zo’n verschrikkelijke ervaring’

‘… zo’n verschrikkelijke ervaring, dat wil ik nooit meer. Het was op de boot op weg naar Terschelling toen ik ineens iets zag bewegen. Gewoon het idee dat er wat op je hoofd rondloopt; horror. Ik was er ook niet op voorbereid. Een aardige drogist op Terschelling heeft me gekalmeerd, maar ik heb er nog weken last van gehad.’

Dit zegt een vrouw in het Volkskrant Magazine van 6 april 2019. Waar denk je dat zij over praat? Een luis op het hoofd van haar dochter.

Bij deze woorden verwacht je toch minstens een giftige slang of zo? Hoewel? Op een camping voelde ik als kind eens iets heel griezeligs in mijn oor wriemelen. Daar was letterlijk een oorwurm in gekropen. Maar de ultieme horror? Dat waren joekels van kakkerlakken in de tropen, die ’s nachts over mijn lichaam liepen. Brrr, hier krijg ik nog steeds de kriebels van. Slechts een flinterdun lakentje hield ze bij me vandaan.

Van eenzaamheid naar volwassenheid

‘Wat ik die avond hoorde, vond ik mooi, intens, levendig. Ik denk omdat het zo goed aansloot bij hoe ik me in die tijd voelde. Eenzaam, maar niet per se op een vervelende manier. Meer de eenzaamheid die nodig is om zelfstandig te worden, om op jezelf te leren vertrouwen.’ Schrijfster Lisa Hallidays vertelt over muziek en de periode waarin ze net in New York woonde. (Volkskrant Magazine nr 914.) Zelfstandigheid bereiken is onderdeel van volwassen worden. Worden we volwassen door een periode van eenzaamheid mee te maken?

Bovenstaand citaat bevat een mooie wending. Want eenzaamheid heeft doorgaans een negatieve lading, maar kan ons ook verder brengen. Wil je eenzaamheid doorbreken, dan moet je keuzes maken en je comfortzone verlaten om het contact met onbekenden aan te gaan. En al doende leer je jezelf beter kennen. Ik ken het gevoel goed van aankomst in een nieuwe grote stad. (Op dit moment klinkt Sweet Dreams van the Eurythmics. Hoe toepasselijk.)

Vervolgens is de vraag hoe je volwassen wordt als je vanuit het ouderlijk huis zo in een relatie rolt. Hoe ontwikkelt je persoonlijkheid zich als je nooit alleen hebt gewoond of alleen bent geweest? Is het dan makkelijker of juist moeilijker, omdat je mede door de ander wordt beïnvloed? Hoe onderscheid je welke gedachten van jezelf komen en welke zijn beïnvloed?

Als je een periode alleen hebt geleefd, ken je jezelf vermoedelijk beter. Daarentegen heb je anderen nodig om jezelf te leren kennen. Idealiter ga je met zoveel mogelijk verschillende mensen om en doe je een breed scala aan ervaringen op. Maar moet je alles hebben meegemaakt om volwassen te kunnen worden? Vermoedelijk kom je al ver met een aantal basiservaringen en inlevingsvermogen.

Toch vraag ik mij soms af of je volledig tot ontwikkeling komt wanneer je bepaalde ingrijpende ervaringen mist. Bijvoorbeeld als je nooit alleen op reis bent geweest, of zelf geen kinderen hebt.

Aha, dat zit natuurlijk zo!

Meningen op basis van veronderstellingen hebben we allemaal. Naarmate onze levenservaring uitbreidt, denken we het steeds beter te weten. Veel situaties hebben we tenslotte al eerder voorbij zien komen. We zien de acties van een ander en vinden al gauw een verklaring binnen ons referentiekader. Dus combineren we handeling A met gegeven B en veronderstellen we dat daar C uit zal komen. Hebben we de uitkomst te pakken, dan zijn we content. ‘Dat zit natuurlijk zo.’, denken we. Daarna gaan we achteloos verder.

Ik betrap mezelf soms op veronderstellingen, terwijl ik heilig geloof in de ‘Is dat zo?’-vraag. Neem mijn buurvrouw. Toen ze de sleutel kreeg van haar woning, stuitte ze op grote verborgen tekortkomingen. Ze was net gescheiden, het werd winter en noodgedwongen bivakkeerde ze in een stacaravan. Toch bleef zij de vrolijkheid zelve. Ze bood elk probleem moedig het hoofd en klaagde nooit.

Toen dacht ik: ‘Wat kan je anders? Je kan wel gaan janken, maar wat helpt dat? Trouwens, als je net een nieuwe woning hebt, zit je op een roze wolk. Valt het zwaar tegen, dan wordt je nog door een soort verliefdheid beschermd. En anders laat je je toch niet kennen. Zeker niet tegenover je nieuwe buurvrouw.’

Voor mij was al duidelijk hoe het zat. Maar onlangs deed ik een bakkie bij haar en daarbij kwam haar jeugd ter sprake. Ze vertelde dat ze negen jaar van haar kindertijd heeft doorgebracht in de brousse van Zaïre (nu Congo-Kinshasa). Had ze kiespijn, dan moesten ze over onbegaanbare wegen naar de tandarts in buurland Oeganda. En ik dacht: ‘Donker Afrika in de jaren zestig/zeventig! Als je ergens flexibel leerde omgaan met tegenslag, was het daar en toen wel. Dit verklaart alles.’

Hardop legde ik de link met haar begintijd hier en haar jeugdjaren daar. En inderdaad beaamde ze dat haar pragmatische levenshouding daaruit voortkwam. Echt, we kunnen nog zo veel leren; ook van het leven in Afrika.

Onder is boven langs dit spoor bij Arnhem

Al decennialang vind ik de regio rond Arnhem bijzonder. Vanuit Leiden kwam ik er weleens met de trein. Onderweg verandert het uitzicht geleidelijk van weilanden-met-slootjes in velden-met-bosgrond. Na Ede-Wageningen begint het glooiende terrein. Hier verschijnen grote aaneengesloten bospercelen. Helemaal buitenlands wordt het voordat je in Arnhem aankomt. Want daar moet de trein eigenlijk een stuwwal op. Hij verdwijnt echter in een diepe aardenwallen sleuf, min of meer ondergronds. Die sleuf is zo diep, dat je als passagier geen buitenlucht meer ziet. Vervolgens komt de trein vlak voor het station weer boven.

Tegenwoordig wandel ik af en toe om die aardenwallen sleuf heen. Twee spoorbruggen verbinden de wallen, zodat je een rondje kan maken van brug naar brug. Je passeert er een woonwijk, een speelweide, een laan met vrijstaande huizen en de Airborne begraafplaats. Maar het mooiste vind ik de rand van landgoed Boschveld met akkers en bospaden. Op het hoogste punt ligt het spoor hier circa vijftien meter diep. Daarvoor is in de negentiende eeuw met schep en kruiwagen een enorme berg grond uitgegraven.

Op deze foto’s is de ondergrond boven en het spoor beneden. Een rondje van spoorbrug naar spoorbrug in Oosterbeek. Nu de bomen kaal zijn, kan je zelfs de overzijde zien.

Opgerakelde reisherinneringen

Doen we het niet allemaal? Andermans logjes lezen op zoek naar herkenning en vertrouwdheid. Sociale media halen soms het slechtste in ons naar boven. Maar het sociale zit hem volgens mij vooral in het delen. Het delen van verhalen, ervaringen, gevoelens, ideeën. Die je laten beseffen dat er meer mensen zijn met vergelijkbare vragen en belevenissen. En wanneer volgers moeite doen om zich in te leven, creëren sociale media verbindingen die even waardevol zijn als ontmoetingen met vrienden.

Vaak rakelen bloggers met hun anekdotes herinneringen bij mij op. Ik popel dan om te reageren: ‘Oh ja, dat herken ik. Want toen ik  … bla die bla die bla die bla.’ Gaap. Gisteren kwam het in de film Crazy, Stupid, Love nog voorbij. Hoe je mensen vooral niet en hoe je ze vooral wel moet benaderen. Want voordat je het weet, ga je aan iemand voorbij.

Vandaag verscheen er een logje over een reiservaring die zo totaal mijn ervaring was. Niet letterlijk. Het vond elders plaats, op een ander moment. Maar de kracht van dat logje schuilt in het oproepen van een scala aan herinneringen waarin ik mij exact hetzelfde heb gevoeld. Althans, dat vermoed ik. Je weet nooit helemaal zeker waarop een schrijver precies doelt, tenzij hij het expliciet verwoordt. En dan nog. Bij hem kan een ervaring evengoed andere associaties oproepen, met net even andere gevoelens.

Oudejaarsnacht 2018/2019 in een Duits Hanzestedenstadje verschilt van carnaval in 1988 aan een Griekse boulevard. Oudejaar lijkt evenmin op een regenachtige novemberavond in Carcassonne, Frankrijk. Of op die donkere namiddag in dat kleine Chinese eettentje, in een kille, troosteloos mistige Londense straat. Een refuge was het voor warmtezoekers uit tropische oorden.

En toch, en toch. Het gevóel dat dat tafeltje in het logje bij mij oproept. … Dat kleine eenpersoonstafeltje bij de ingang van het restaurant. En dan later op de avond, de andere gasten die daar allemaal samen zijn.

Om alsnog overvallen te worden door eenpersoonsgeluk naderhand.

Lees het logje Last minute vlucht van Mark Nankman.

Van Persepolis naar Elvis, of andersom

Soms besef je pas na een half leven dat je altijd nieuwsgierig bent geweest naar het verhaal achter een muziekstuk dat je associeert met Elvis Presley. Het is volledig instrumentaal en het klinkt alsof het is gecomponeerd voor een film. Ik bedoel dat wereldberoemde intro met paukenslagen en trompetgeschal.

Het begint heel zachtjes, waarna het geluid aanzwelt. Dan ebt het weer weg, maar komt het nog krachtiger terug. Je voelt meteen hoe de spanning wordt opgebouwd. Je wéét gewoon dat er iets groots te gebeuren staat. Iets méga groots. Het ontstaan van een nieuw universum, bijvoorbeeld. Of dat de lang verwachte eindelijk verschijnen zal. Ik krijg er nog steeds kippenvel van.

En nu heb ik ontdekt waar het vandaan komt. Uit Iran. Want in dat land ligt de oorspronkelijke inspiratiebron. Ik heb het over Also sprach Zarathustra, Op. 30, van Richard Strauss dus. (Tekst gaat hieronder verder.)

Wel apart om zoiets te ontdekken door Joanna Lumley’s bezoek aan Persepolis in haar Silk Road aflevering over Iran. Een land waarover ik geen mededelingen doe, maar dat ik als een absolute must see aanraden kan.

And now the one and only Elvis – Also sprach Zarathustra/See See Rider Special Edition.

Ontdekken is als een goudader

Wanneer je zonder plan aan een vers jaar begint, dan ligt de wereld voor je open. ‘Ontdekken’ lees ik als voornemen of nieuwjaarswens voor 2019. Dat is een perfect motto, want ontdekken prikkelt de nieuwsgierigheid. En ontdekkingen willen doen, is de beste remedie tegen vastgeroest raken. Zowel qua ideeën als daden. Je buiten de gebaande paden wagen is leuk en ontspannend bovendien.

Op een vaste wandelroute sla ik bij uitzondering een kronkelige zijstraat in. Al gauw beland ik op volslagen onbekend terrein. Een moment lang weet ik zelfs niet welke kant ik op moet om thuis te komen. Overal staan statige panden, gebouwd rond 1900, royaal omzoomd door groen. Ben ik in een kuuroord uit vervlogen tijden terecht gekomen? Ik ervaar een sensatie die ik vooral van vakanties ken. Dat gevoel wanneer je zojuist bent aangekomen en voor het eerst een nieuwe plaats van bestemming verkent.

Op zo’n moment staan al je zintuigen op scherp. Wat er dan binnenkomt, maakt vaak blijvend indruk. Nog zonder voorkennis of oordeel zie je alles puur voor wat het is. Je registreert met een onbevangenheid die later slijt. Want het pure van zo’n eerste moment raakt door volgende ervaringen bedekt.

Zo werkt het ook in relaties. Als er iets mis gaat, moet je daarom soms helemaal terug naar die eerste indruk, en bekijken wat er vervolgens is gebeurd. Ont-dekken dus.

Op nieuwjaarsdag sla ik alweer een onbekende weg in. Een bospad dit keer. Er staan heel wat boomstronken langs en er liggen afgebroken takken. Prompt bespeur ik daarop twee nieuwe soorten zwammen. Althans, ‘nieuw’ voor mij. Dat zijn dan nummer 61 en 62. Die kunnen mooi bij de verzameling.

Doe dit jaar ook eens aan ontdekken. Misschien stuit je zomaar op een goudader.