Veranderende kijk op jezelf

Weet je al wie je bent?

Bij een loopbaan heroriëntatie staan drie vragen centraal. Namelijk: Wie ben ik? Wat kan ik? Wat wil ik? Wellicht weet je het antwoord op de vraag over identiteit. Je kent jezelf. Toch valt dat tegen, want wie je bent, wordt mede bepaald door hoe anderen jou zien. En vaak leer je jezelf pas goed kennen in confronterende situaties. Bijvoorbeeld als er iemand tegenover je zit die echt doorvraagt. (Waarom doe je dit, waarom vind je dat, waarom?) Heb je eenmaal een helder beeld van je identiteit, dan verwacht je dat die vastligt. Maar naarmate je ouder wordt, verandert je identiteit geleidelijk.

Stel dat je een uitnodiging krijgt om wat over jezelf te vertellen. Waarschijnlijk schets je dan niet gelijk een totaalbeeld, maar belicht je enkele aspecten. Welke dat zijn, hangt af van de situatie en van de persoon die tegenover je zit. Het scheelt of je iemand spontaan in een café ontmoet of dat je een sollicitatiegesprek voert. Welke kenmerken van je identiteit benoem je dan het eerst, en welke daarna in volgorde van belangrijkheid? Zijn er kenmerken die je het liefst verzwijgt?

Met elke levensfase wijzigen de kenmerken die je voorop stelt. Neem mij als voorbeeld. In 1979 was ik een verveelde scholier en een onzekere puber. In 1989 was ik een zelfstandige en onderzoekende wereldreizigster (opbouw mensenkennis). In 1999 was ik een qua beroep vastgelopen administratief medewerkster (consciëntieus) die verlangde naar verandering. Ik haalde toen wel voldoening uit genealogisch onderzoek (leergierig). Eind 2009 was ik werkloos, maar had ik ook een eigen bedrijf (ondernemend, wilskracht). En nu ben ik vooral een tevreden blogger (authentiek, verbeeldingskracht), wandelaar (bedachtzaam), en huiseigenaar.

De pagina ‘Over mij’ gaat over twee met elkaar verweven identiteiten: die van Raam Open en die van mij. Steeds wanneer de tekst begint te knellen, neem ik een verschuiving waar. Wie ik ben, is veranderlijk. Wat wil je als lezer over een blogger weten, trouwens?

Weten wie je bent Jezelf kennen

(De foto’s zijn afgelopen winter en onlangs genomen op landgoed ’t Waliën.)

Zo tweeslachtig als een boldistelblad

Verkleurd blad blauwe boldistel

Een beetje Yin, een beetje Yang. Het valt mee, het valt tegen. Hij doet wat voor mij, ik doe wat voor hem. Het vordert snel, het ligt stil. De bramensaus is zoet, de druiven zijn nog zuur. You win some, you lose some. All in one day.

Het leven is tweeslachtig. Een hofnar droeg vroeger vaak een broek in twee kleuren. Daar doet de verkleuring van dit boldistelblad mij aan denken.

Een heel weekend lang kiespijn

Heb je Tom Hanks in de film Cast Away bezig gezien met zijn rotte kies? Dan weet je dat je niet moet doorlopen met kiespijn. Maar net zoals hij, geef ik daar geen prioriteit aan wanneer ik een zeurende pijn voel. De pijn verdwijnt af en toe weer, dus misschien valt het mee. Tot donderdagavond lukt het om mezelf dit wijs te maken. Dan bijt ik in een stuk chocola. Een scherpe pijnscheut trekt – letterlijk – door het merg en been van een kies en mijn kaak heen. Na flink spoelen gaat het een beetje beter.

Ik wil geen kiespijn. Het komt nu niet goed uit. De klusser is net weer begonnen en ik wil dat hij door kan gaan. Daarom geef ik er geen prioriteit aan, hoewel het weekend voor de deur staat. Maar als het misgaat, verrek ik straks het hele weekend lang van de pijn. Toch laat ik het er bij. Even voor alle duidelijkheid: ik ben niet de enige die zulke stomme beslissingen neemt. Tom Hanks deed dat ook.

Het betreft de achterste kies linksonder. Daarop zit een kroon. Vier maanden geleden werd de verstandskies ernaast getrokken. Dat was nogal een drama, dus alle mogelijke oorzaken spoken door mijn hoofd: kaakontsteking, wortelinfectie, rotte kies, zenuwpijn, beschadigd tandvlees, een breuk, etc.

In het weekend slik ik meer pijnstillers dan ooit. Vooral ’s nachts. Ik val al moeilijk in slaap en word steeds wakker van de pijn. De paracetamol in mijn toiletkastje smaakt naar vergif. Daarvan verliep de uiterste houdbaarheids-datum in mei 2016. Een doosje ibuprofen is wel tot september 2020 bruikbaar, maar dat ligt er onaangetast bij. Bang als ik ben voor de waslijst aan ernstige bijwerkingen. Toch moet ik eraan geloven.

Op zaterdag vertelt een wandelgenootje dat je van ibuprofen maagkanker kan krijgen. Zij heeft net zo’n vermogen aan tandartsrekeningen uitgegeven als ik. ‘Ik heb een hele auto in mijn mond’, is hoe zij het verwoordt. Daar krijg ik een wat vreemde gedachte bij. Zelf meet ik dit soort dingen af aan prijzen voor reisbestemmingen. Zes weken Australië, bijvoorbeeld. Of: genoeg om een half jaar van te leven. Dat komt aardig in de buurt van mijn realiteit.

Op zondag spreek ik de buurvrouw over de herdenking van Operatie Market Garden, die op een steenworp afstand plaatsvindt. Thuis kunnen we de muziek horen. We praten over de mannen, vaak jongens nog, die hun leven hebben gegeven voor onze vrijheid. En we beseffen hoe goed we het hier nu hebben; dat we onszelf gelukkig mogen prijzen. Dus: ‘Dank u, God, voor deze kiespijn, want daardoor voel ik dat ik tenminste leef.’

Op maandag bel ik om 08:01 uur de tandarts. Tegen die tijd straalt de pijn uit van halverwege mijn onderkaak naar mijn oor tot bij mijn oog. Waarschijnlijk ben ik de eerste klant aan de lijn. De assistente hoort mij aan, voert overleg en spreekt dan de verlossende formule uit. Om 11:15 uur mag ik komen.

Bij de tandarts. Ze kijkt eens goed naar mijn beet, voelt het scharnieren van mijn kaak, en trekt dan haar conclusie: een overbelaste kies. Wie verzint er nou zoiets?

Hop in het riet

Hop in het riet

Ik zou wel willen bloggen, maar ben er te rusteloos voor. Te veel gedachten, te veel belevenissen, en dan die twee mannen over de vloer. (Behalve de klusser was ook de meneer van de rioolservice er weer.) Alles ten goede, hoor. Alleen word ik altijd een beetje hyper van te veel voorspoed. Daarom hou ik het bij deze foto. Bloeiende hop in het riet. Beschouw de hop maar als een soort feestslinger.

Mijn vaders’ man cave

man cave

Mijn vader overleed 2 ½ jaar geleden, maar zijn man cave bestaat nog steeds. De geur van de ruimte heeft iets ondefinieerbaars. Metaal, hout, olie, stof, boenwas, vermengd met een vleug van een gedragen jas. Hij heeft er van alles gerepareerd en gefabriceerd: fietsen, fotolijsten, losgeraakte hengsels, meubels, noem maar op. Het was de plek waar hij rustig zijn sigaartje stond te roken en zijn ding kon doen.

In een mandje liggen boeken en paperassen. Een ‘Rijkskleding boekje’ van zijn werk, met notities over uitgereikte werkkleding, in 1961. Een ‘Handleiding ten behoeve van de opleiding voor V.E.V.-examens’ over elektrotechniek, uit 1957. Daar heeft hij altijd zijn brood mee verdiend.

Plus een boekje voor doe-het-zelvers. In het voorwoord: ‘Nu het door de hoge kosten en het gebrek aan arbeidskrachten voor vele mensen onmogelijk is geworden kleine karweitjes in huis door een vakman te laten opknappen en velen meer vrije tijd hebben gekregen, is het gewoonte geworden in huis en tuin zoveel mogelijk zelf iets te repareren of zelfs iets te maken.’ Uitgeverij Het Spectrum, 1961.

De dingen die hij naliet, waren ordentelijk gesorteerd: zijn gereedschap (nog van zijn vader geërfd en nieuw), tuinspullen en materialen. Alles per soort bij elkaar. Ik tref vakken vol bewaarde losse onderdeeltjes aan. Hij had ze vast nog ergens voor kunnen gebruiken.

Her en der staan en hangen enkele meer persoonlijke versieringen en aandenkens. Een onverwacht Boeddhabeeldje tussen blikken en oliekannetjes op een plankje. Een foto van zijn collega’s en van het huis in Noordwolde. Een knus oudhollands huiselijk tafereeltje. En een rood plastic bloemetje tussen de losse boren. Misschien zeggen ze meer over hem dan woorden.

Met lef kom je verder

Voor bepaalde activiteiten moet je moed verzamelen. Zoals klussen waarmee je minder goede ervaringen hebt opgedaan. Ben je eenmaal onzeker of een illusie armer, dan wordt de volgende stap een uitdaging. Op zo’n moment kan je wel wat bravoure gebruiken. In dat opzicht zijn Afrikaanse vrouwen voor mij een voorbeeld.

Afrikaanse vrouwen hebben over het algemeen een slechte startpositie. Binnen veel culturen worden zij juridisch, economisch en sociaal achtergesteld. Dat werkt door in de kansen die ze krijgen om hun leven te leiden zoals zij dat willen. Het oordeel van mannelijke verwanten is van belang. Toch komt een deel van deze vrouwen ver met creativiteit, standvastigheid en een beetje charme op zijn tijd.

Er is een klus waarvoor ik een bouwvakker zoek en ik heb nogal wisselende ervaringen met deze beroepsgroep. Dus zie ik hier tegen op. Op zo’n moment is een artikel als ‘Born to be wild’: Kenya’s female biker gang meer dan welkom. Het doet mij denken aan hoe Afrikaanse vrouwen onderling lol trappen en met uitdagingen omgaan. Daarna weet ik mezelf ook weer een houding te geven en kan ik er tegenaan.

Uit de tredmolen geslingerd

Hortensia's in schemerdonker

Sommige mensen doen alles om aan sleur te ontkomen. Steeds verzinnen ze wat nieuws. Maar het leven bestaat uit een natuurlijke cyclus en dat heeft een bedoeling. Kijk naar het verloop van de seizoenen. Op de winter volgt de lente en daarna begint de zomer. Et cetera ad infinitum. Toch verandert er ook voortdurend iets definitief. Doorgaans gaat dit heel geleidelijk; het meeste bemerken we niet. Je gaat het pas zien wanneer je de tijd hebt.

Binnenkort heb ik een trouwfeest op het strand. De meeste feestgangers die daar komen, rennen 24/7 rond in de tredmolen. Zelfs hun jachtige zoektocht naar soms buitenissige vormen van ontspanning past in een stramien. Ik was één van hen en nu ben ik de uitzondering.

Dat zal weer confronterend zijn, als ze er achter komen. Meestal proberen zulke mensen mij te bekeren. Zij werken hard en hebben meer geld dan ik. Veel meer. Ik betwijfel alleen ten zeerste of zij het momenteel beter hebben dan ik hier.

Hun tijd komt nog, zodra de buit binnen is. Dan gaan ze royaal leven van hun investeringen. En dan begint het grote genieten. Waarschijnlijk. Misschien. Of nooit. Wie overziet de consequenties van zijn leefwijze echt, terwijl hij nog overal middenin zit?

Het leven verloopt in cycli en gaandeweg wordt de cirkel groter. Ook het melkwegstelsel is rond.