Mijn Amerikaanse Droom

Oh, wat heb ik weer genoten, gisteren, bij het schouwspel van de inauguratie van Joe Biden en Kamala Harris. Natuurlijk zat ik stipt om 17.00 uur Nederlandse tijd klaar. Het was weer helemaal een ceremonie zoals het hoort. Tegen een imposante achtergrond van de trapsgewijze opbouw van het Capitool en met het juiste vlagvertoon waren ze allemaal daar: de Bush-familie, de Obama’s en de Clintons. Alleen Jimmy Carter kon helaas om gezondheidsredenen niet aanwezig zijn.

En dan die Mike Pence, als één van de weinige Republikeinen, tussen al die vrolijk opgewonden Democraten. Hij stond een beetje achteraf, eigenlijk zoals hij gewend was. Het leek wel alsof hij wilde dat ze hem in hun armen zouden sluiten. Hij moet toch ook zijn geraakt door de overheersende gevoelens van hoop en trots die van Amy Jean Klobuchar’s enthousiaste stem spatte.

Wat was het heerlijk Amerikaans met al die showelementen. Zoals de hoofdrolspelers werden aangekondigd door een pompeuze mannenstem: ‘Ladies and Gentlemen. Please welcome …’ Alsof je naar American Football spelers kijkt, wanneer zij het veld oplopen voor een belangrijke wedstrijd. En dan Lady Gaga, die er prachtig uitzag (mooie oorsieraden, by the way), maar wel een lastig volkslied moest zingen. Jennifer Lopez mocht er ook zijn. Ik ben trouwens dol op symboliek (want: katholiek), dus dat zweren met de hand op die 127 jaar oude familiebijbel van de Bidens deed het uitermate goed bij mij.

Bij de ceremonie heb ik dan ook een paar traantjes gelaten. Ik ervoer natuurlijk een intens gevoel van opluchting. Het was alsof de wereld werd losgerukt uit de klauwen van Sauron en vanaf nu het vertrouwen in de toekomst weer terug is.

Daarbij: het geloof van een volk in de grootsheid van een land ontroert mij. De macht en kracht van dat land is ook echt enorm. En dan is er nog mijn onvervalste liefde voor de Verenigde Staten als natuur- én cultuurgebied (hoe belachelijk die melting pot soms ook is). Maar bovenal doorvoelde ik wat vermoedelijk iedere Amerikaan ervoer: de onuitroeibare droom dat alles mogelijk is, als …

Dit brengt mij bij de zeventien decreten die president Biden direct mocht ondertekenen. Wie droomt daar nu niet van: in zo’n machtige positie verkeren en besluiten kunnen nemen die werkelijk verschil maken. Het decreet over stopzetting van de aanleg van de controversiële Keystone XL-pijpleiding stond hoog op mijn persoonlijke verlanglijst. De VS worden weer deelnemer aan het klimaatakkoord van Parijs, en het inreisverbod voor onder meer inwoners van Iran gaat de prullenbak in. Ik kan deze en diverse andere decreten alleen maar toejuichen.

En wat zou ik zelf doen, als ik de president was van, laten we zeggen, het Verenigde Europa? Stel nu dat ik vijf decreten zou mogen uitvaardigen en mijn volle gewicht ertegenaan zou kunnen gooien. Dan kom ik om te beginnen op de volgende mogelijkheden en prioriteiten:

  1. Stimuleringspakket voor gelijkwaardige handelsrelaties met alle ontwikkelingslanden, op voorwaarde van mens- en milieuvriendelijk landsbestuur. Lees ter input Toekomst voor jonge Afrikanen.
  2. Herverdeling van de welvaart. Moet nader worden uitgewerkt. Denk aan een andere vorm en verdeling van belastingen en een herwaardering van goederen en diensten mondiaal. Ideeën welkom. Zie verder Wereldwijd sociaal vangnet.
  3. Beleid ter inperking van de wereldwijde bevolkingsgroei en ter versterking van de positie van vrouwen, met als neveneffect toename van welvaart. Hierover gaat Geboortebeperking als redding.
  4. Evenwichtig immigratiebeleid wereldwijd met een win-win-situatie voor alle partijen. Enkele suggesties staan in Gelukzoekers in een meritocratie.
  5. Verplichting milieuvriendelijke investeringen door bedrijven (en daarmee indirect door burgers.) Een eerste aanzet staat in Blackrock lost klimaatprobleem op.

Nu zal je denken: wat heb jij als president van Europa over de rest van de wereld te zeggen? Nou, reken maar dat ik als eerste een praatje ga maken met Xi Jinping en Biden, want gezamenlijk kunnen wij als gelijkwaardige partners echt wat in gang zetten. En met die twee erbij krijg ik de rest ook wel mee, lijkt mij.

Ter relativering van de reikwijdte van onze macht wijs ik wel nog even op Onze toekomst staat in de sterren. Tenslotte is een president ook maar een mens.

De kunst van het formulieren invullen

Hoe je formulieren moet invullen, is een van de nuttigste vaardigheden die ik bij mijn eerste werkgever heb opgedaan. Wordt hier tegenwoordig op school aandacht aan besteed? In mijn jeugd heb ik het helaas niet meegekregen, terwijl het toch zeer belangrijk is voor zelfredzaamheid in deze maatschappij.

Begrijp je eenmaal hoe ingevulde gegevens op een formulier worden verwerkt, dan blijft dat een voordeel gedurende de rest van je leven. Zelf heb ik deze cruciale kennis vooral opgedaan met het summum der bureaucratie: onze belastingdienst. Als je daar eenmaal goed mee om weet te gaan, kan je alles aan.

Aangiften inkomstenbelasting, vermogensbelasting, omzetbelasting en loonbelasting: honderden heb ik er op het accountantskantoor ingevuld. De aangiften vennootschapsbelasting waren voor de gevorderden onder mijn collega’s, maar die mocht ik na een paar jaar ook ‘doen’.

In het dagelijkse leven vullen we allemaal regelmatig formulieren in. Wanneer we een bankrekening openen, bijvoorbeeld, maar ook gewoon bij een online bestelling. Of denk aan het regelen van een lidmaatschap en het afsluiten van een verzekering. Dat kan je maar beter goed en volledig doen, anders loop je het risico dat je voor fraudeur wordt aangezien. De ouders van de toeslagenaffaire weten daar alles van.

Gisteren herbeleefde ik oude tijden bij het papierwerk voor de afkoop van een lijfrenteverzekering. Het werd een klassieke sessie met alles er op en er aan. Gegevens verzamelen, met pen formulier invullen (zie ook ommezijde!), papieren kopieën van bewijzen toevoegen, op alle documenten polis-nummer en relatienummer vermelden, datum invullen en handtekening plaatsen, alles nog eens goed controleren (niets vergeten, kloppen de cijfers en staat het BSN-nummer er wel bij?), de hele bundel in de envelop met antwoordnummer stoppen en tot slot deze voor de zekerheid met twee extra plakbandjes stevig dichtplakken. Heerlijk!

Ik kreeg er terstond heimwee van. Want ik hou van post en papier en de smaak van ouderwetse plakstroken op de klep van enveloppen. Van de meeste plakstroken althans; sommigen smaken ronduit goor. Bij mijn eerste werkgever hadden we daar in de typekamer kussentjes met natte sponsjes voor. Anders kon je wel blijven likken, zoveel post als er daar de deur uit ging.

Ik was dan ook zeer bedreven in het vouwen van vellen postzegels en het afscheuren in stroken, zodat de zegels zich handzaam en snel één voor één op enveloppen lieten plakken. Echt, er is met de komst van het internet heel wat verloren gegaan.

Geen mondkapje om medische reden

Naar verluid kunnen anderhalf miljoen Nederlanders geen mondkapje dragen vanwege medische of psychische problemen. In de krant vertelt een mevrouw met lichte PTSS hoe zo’n kapje haar benauwt. Ze stuit op veel onbegrip op straat. Sommige omstanders spreken haar zeer belerend aan. Daarom pleit zij voor meer begrip en verdraagzaamheid.

Ik kan mij voorstellen hoe een mondkapje haar kan benauwen. Zelfs al valt het in werkelijkheid mee; zodra je het idee krijgt dat je stikt, kan de paniek flink toeslaan. Een paar jaar geleden overviel mij dat gevoel toen ik in een grote menigte klem kwam te zitten. Het was een beangstigende ervaring waarbij ik kortstondig ging hyperventileren. Maar ik ben mentaal nog gezond genoeg om mezelf tot kalmte te dwingen. (Vooral dat laatste is best een geruststelling.)

Binnenkort ga ik een dagje naar het archief. Dan moet het mondkapje ook weer op. Eerst in de bus, dan in het stationsgebouw, daarna in de volgende bus, waarna ik heel even frisse lucht kan happen langs een stervensdrukke weg vol uitlaatgassen. Daarna gaat opnieuw het kapje op in de studiezaal. Dus urenlang en ook tijdens de lunchpauze. Waarna het zuurstofrijke wandelingetje terug naar de bushalte volgt, wederom onder het genot van uitlaatgassen. En verder, hop van de ene bus naar het stationsgebouw, weer in de volgende bus met mondkapje. Aan het eind van de dag krijg ik waarschijnlijk last van duizeligheid. Maar hè, alles voor het onderzoek.

Nu hoop ik wel dat mijn neus zich een dag lang wil gedragen. Het is namelijk koud en dan ontstaan er geheid gênante toestanden. Iedere winter is het raak: tranende ogen en glibberige snottebellen. Maar lastiger is dat ik nooit weet wanneer de bloedneuzen beginnen.

Zal ik dan alvast maar een demonstratiebordje fabriceren met een medische verklaring voor mijn niet-ontvankelijkheid? Dan kan ik dat aan iedereen tonen. Of zal ik preventief tamponnetjes in mijn neusgaten doen? Zo bezien heeft een mondkapje toch wel voordelen.

De Onfatsoenlijken

Er is nu een serie op Canvas die iedereen zou moeten zien. Hierin komen mensen aan het woord die zelden worden gehoord. Het zijn de boze burgers, ofwel ‘De Onfatsoenlijken’. Degenen ‘die vinden dat zijzelf en anderen in de steek gelaten worden door het establishment.’ Ze worden weggezet als het Europese equivalent van Trump-stemmers, omdat ze anders denken en communiceren dan hoogopgeleide mensen.

Feitelijk tonen boze burgers ons de keerzijde van beleid, of het ontbreken daarvan. Ze onthullen de vraagstukken waar politici geen adequaat antwoord op hebben en liever van wegkijken. Ze laten zien hoe politici andermans belangen voor laten gaan en daarom dingen verzwijgen.

Je hoeft het niet met deze boze burgers eens te zijn, maar probeer ze te begrijpen. Ik herken veel in hen.

Maatschappijles over een spotprent

Alles van waarde is weerloos, schreef Lucebert in zijn gedicht. Daarom benadruk ik nog eens hoe belangrijk onze vrijheid van meningsuiting is. Vrijheid van meningsuiting is één van de allergrootste verworvenheden die we in de westerse wereld hebben bereikt. Bereikt, want in de afgelopen eeuwen heeft menigeen zijn leven hiervoor gegeven. De vrijheid om te zeggen wat je denkt, is nooit een vanzelfsprekendheid geweest.

Ons laagje beschaving is kwetsbaar en flinterdun. Beschaving betekent in mijn optiek: respectvol omgaan met al wat er leeft. Do no harm. Dat idee. We berokkenen sneller schade dan we zelf denken, want onze visie is beperkt. Om te beseffen wat we doen, moeten we ons in de ander inleven en nagaan welke gevolgen onze handeling heeft. Dat is moeilijker dan gewoon maar wat naar eigen goeddunken doen.

Niet nadenken is een vorm van zelfbevestiging en verdoving. Veilig in je eigen kringetje blijven is dat eveneens.

Het woordje ‘we’ hierboven omvat de hele wereldbevolking. Niemand is daarvan uitgezonderd, wat mij betreft. Alleen word ik nu wel even geconfronteerd met mijn eigen westerse manier van denken, zodra ik Charlie Hebdo, alsnog uit 2015 herlees.

Begin 2015 was ik planner bij een bureau dat debattrainingen op middelbare scholen gaf. Een maatschappijleraar vroeg mij toen om aan de trainer door te geven dat hij beter geen ‘gevoelige’ onderwerpen kon behandelen in zijn klas. Ik beschreef dit voorval in de Armeense genocide, ook al zo’n onderwerp waarover je in bepaalde kringen niet spreken mag.

Is er dan niets veranderd? Is de radicalisering inderdaad toegenomen en is de verharding in de wereld een feit? In Frankrijk lijkt de benadering van hogerhand nog even autoritair en ongenaakbaar als altijd. Dat is precies wat mensen onderaan de maatschappelijke ladder tot wanhoop drijft. Frankrijk meent strategisch slim te zijn, maar is geen beste gezien de handels-belangen van de eigen wapenindustrie. En Frankrijk trekt zich weinig aan van haar onderdanen, dat is al tientallen jaren zo.

Wat kan een maatschappijleraar veranderen aan frustraties over een spotprent? Weinig, als de focus op een religie blijft liggen. Onze vrijheid van meningsuiting wordt veel meer in gevaar gebracht door leiders die zich voor het karretje van de zakenwereld laten spannen. Want zo blijven gewone mensen een speelbal van andermans belangen. En mind you, ook religieuze leiders hebben hun zakelijke belangen. Zolang dit doorgaat, zullen boze burgers hun idealen en overtuigingen gefnuikt zien worden.

Dus als ik maatschappijleraren een gouden tip mag geven: always follow the money. Dat zal studenten leren om zelf na te denken.

Een kunstenaars-mindset

‘Wees nieuwsgierig, ga op onderzoek uit, vertraag, durf je ergens mee te verbinden en bepaal wat je speelveld is. Zo’n blik is hard nodig, bij grote én kleine problemen.’ Merlijn Twaalfhoven in Tijdgeest/Trouw, 24 oktober 2020. Dit is zijn omschrijving van een kunstenaars-mindset.

Het zijn wijze woorden. Ze vormen de basis van Raam Open. En toch kan ik mezelf er niet vaak genoeg aan herinneren. In plaats van dat ik mij ergens mee verbind, maak ik eerder een terugtrekkende beweging. Weg van de arbeidsmarkt, waarop ik zo ontgoocheld ben geraakt. Weg van de politiek, waardoor ik mij al jaren niet vertegenwoordigd voel.

Mijn speelveld bestaat nu heel concreet uit de landgoederen om mijn woonplaats heen. Als paddenstoelenfotografie een uiting is van een kunstenaars-mindset, dan is dit mijn bijdrage ter verzachting van de wereldproblematiek.

Er schuilt schoonheid in vergankelijkheid en alles gaat voorbij.

Behoefte aan wijsheid

Het is nog vers en het voelt onwennig. Maar ik merk dat diverse mensen mij de rol van ‘wijze’ vrouw toekennen.

Wellicht komt dit door de woelige tijd waarin we leven. Er is behoefte aan duiding door iemand die stabiliteit uitstraalt. En tegenwoordig is het al een verdienste wanneer je niet met de waan van de dag meewaait.

Bij anderen kom ik in beeld door de foto-expositie die ik heb georganiseerd. Hierdoor zien buren en bibliotheekmedewerkers wat ik kan bedenken en heb gepresteerd. Vaak bouw je pas krediet op wanneer je iets doet wat voor anderen betekenis heeft.

En sommige mensen willen gewoon weer even kind zijn. Zodat een ervaren persoon de leiding neemt en de richting aangeeft.

‘Wijsheid’ is vaak gebaseerd op werk- en levenservaring. Dat bouw je op door vallen en opstaan. Zoek je een handzame leidraad? Leef je in, stel vragen en denk zelf na.