Voortschrijdend inzicht

In de wetenschap is het normaal om verder te gaan waar voorgaand onderzoek ophoudt. De westerse wereld heeft in de afgelopen eeuwen enorm veel vooruitgang geboekt. Kijk maar naar mensenrechten, de positie van vrouwen (ja, echt), veiligheid, gezondheid en welvaart. Wat mij verwondert, is hoe beperkt we op kennis uit vroegere beschavingen voortbouwen. Neem nu de Chinese dynastieën, neem Perzië, 2.500 jaar geleden. Of neem de Azteken, de pré-islamitische Arabische wereld, de natuurkennis van indianen, Timboektoe, etc.

Binnen de internationale ontwikkelingssector is het gewoon dat geleerde lessen worden genoteerd en in een volgende fase worden meegenomen. Mijn vroegere werkgever zou geen strijdgroep ‘aan de goede kant’ in Syrië hebben gefinancierd. Alleen al, omdat iedereen weet dat je op afstand in een oorlogssituatie onvoldoende zicht hebt op wat daar werkelijk gebeurt. Maar anno 2018 stuurt onze overheid er doodleuk geld naartoe.

In de Volkskrant van 13 september 2018 staat een artikel over de moeizame implementatie van het klimaatakkoord. (Het ‘meestribbelende’ bedrijfsleven zit aan tafel en traineert c.q. frustreert de zaak.) Klaas van Egmond, oud-kroonlid SER, zegt terecht: ‘Je laat de kalkoen toch ook niet meebeslissen over het kerstdiner?’ Hij verwijst naar een historische les in het boek Ondergang van wetenschapper Jared Diamond:

‘Beschavingen gaan niet ten onder omdat ze het probleem niet zien aankomen, maar doordat de oudere, belanghebbende generatie de jongere ervan weerhoudt zich tijdig aan te passen.’

Daar kunnen we het mee doen. Misschien toch maar op de barricaden gaan? Al is het maar voor uitstel van de ondergang. En garde! You gotta fight for your right to party!

Zo, het is weer weekend.

Déjà vu in de mode

Als je maar lang genoeg rondloopt, zie je dat alles vanzelf terugkomt. Zeker in de mode. Neem nu deze twee riemen. Ze zijn allebei ongeveer twintig jaar oud. De bovenste droeg ik jaren geleden, en daarna nooit meer. Niet omdat ik zo was uitgedijd. Nee, omdat de band van modieuze broeken naar heupniveau was gezakt. En voor mijn heupomvang was hij ontoereikend. Dus bleef die riem in de kast.

De onderste riem is nooit gedragen en was ik helemaal vergeten. Ik kreeg hem cadeau toen broeken op taillehoogte mode waren. Toen was hij mij te lang. Nu komen broeken ergens tussen heup- en taillehoogte. Ik kan hem nog even dragen. Want de taillebroeken met wijde pijpen zijn alweer in aantocht. Net als rond 1975 en rond 1995. Er is slechts een trendvertraging van drie jaar.

Gezichtscorrectie voor selfies

Sinds kort verschijnt er een knopje op mijn smartphone als ik de camerafunctie gebruik. ‘Gezichtscorrectie’ heet het. Ik heb geen idee hoe het er op komt. Evenmin weet hoe ik het er af krijg. Het biedt drie mogelijkheden: 1. ‘Huidskleur’, 2. ‘Slank gez.’, en 3 ‘Grote ogen’. Voor elke optie is er een schaal van 0 tot 8.

Ik moet zeggen dat mijn gezicht er niet best op komt. Daar spelen die opties geen rol bij. Voor mooie selfies moet je gewoon een selfiestick hebben. Toch vraag ik me af hoe het met dat knopje zit. Is het meegekomen met de laatste software update? Of is mijn gezicht soms gescand en geregistreerd?  Zo ja, dan heeft Samsung wel wat uit te leggen. Want vinden ze dan dat er iets mís is met mijn gezicht? Nou?

Het kan best dat deze mogelijkheid voorziet in een behoefte. Misschien hebben veel klanten om digitale plastische chirurgie gevraagd. Wellicht kwamen voor deze drie opties de meeste verzoeken binnen. Maar van wie precies? Waren het mannen of vrouwen? Als er mannen bij zaten, waarom is er dan geen optie voor een strakke kaaklijn? Dat zou toch een logisch verzoek zijn. En voor de vrouwen mis ik de nose job. Wanneer een meisje 18 wordt, hoort dat er in bepaalde kringen bij.

Trouwens, welke rol spelen de verschillende cultureel bepaalde schoonheidsidealen? Vinden Aziaten een slank gezicht belangrijk? Of zien Chinezen liever een vollemaansgezicht? Oh wacht, nu wordt het mij duidelijk. Dat ‘Slank gez.’ zit alleen op toestellen die voor de Europese markt zijn bestemd. En voor het Midden-Oosten is de optie ‘Grote ogen’ vervangen door ‘Nose job’. Helder.

Maar wie zegt er dat ik een slank gezicht wil? Moet ik daar naar verlangen; is dat wat er van mij wordt verwacht? Hoe breed hoort een vrouwengezicht dan precies te zijn? Anders kan ik nog niks met de schaalverdeling. Jammer dat ze tegenwoordig geen handleiding meer bijleveren. Dan had ik de voorgeschreven maten en vereisten zelf kunnen nakijken.

De ziekmakende maatschappij

Is het overdreven gesteld dat half Nederland aan de kalmerende en/of verdovende middelen is? Ik heb een rekensommetje gemaakt en kom uit op deze ruwe schatting. Voor een deel is de verklaring logisch: mensen met pijn en stoornissen hebben baat bij deze middelen. Maar voor een ander deel lijkt de oorzaak te liggen in onze maatschappij. Alles en iedereen moet aan normen voldoen, in het plaatje passen, continu presteren, niet afwijken. Oh, en geld opleveren. En dat in een omgeving die ons steeds verder afbrengt van een natuurlijke leefwijze. Terwijl we toch gewoon kwetsbare mensen zijn.

In Nederland gebruiken jaarlijks 1,3 miljoen mensen opioïden. Deze stoffen werken op het centrale zenuwstelsel, blokkeren pijnsignalen en geven een euforisch gevoel. ‘De klassieke, calvinistische houding om het nog even aan te kijken met de pijn, verdwijnt.’, zegt Ruud Coolen van Brakel van het Instituut voor Verantwoord Medicijngebruik. Daar komt bij dat ziekenhuizen patiënten tegenwoordig sneller naar huis sturen om kosten te besparen. Om te voorkomen dat patiënten daarna meteen weer bij de huisarts zitten, geven ze sterke pijnstillers mee. Ook voor huisartsen is het een makkelijke uitweg.

De dokter als dealer
Het bovenstaande citaat staat in ‘De dokter als dealer’, een artikel van Maud Effting en Anneke Stoffelen in de Volkskrant van 21 juli 2018. Daarin vertelt huisarts Jos van Bemmel hoe hij zich bewust wordt van de hoeveelheid zware en mogelijk verslavende pijnstillers die hij voorschrijft. Bij het tekenen van de tientallen herhaalrecepten per dag was hij tot dan toe vooral gespitst op kalmeringsmiddelen, slaapmiddelen en antidepressiva. Niet op pijnstillers.

Dat maakt nieuwsgierig. Want hoe veel mensen gebruiken al deze middelen dan? Een vluchtig zoekresultaat levert deze getallen op: ‘In Nederland zijn er naar schatting 1,2 miljoen gebruikers en 700.000 verslaafden aan benzodiazepinen: slaap- en kalmeringsmiddelen als valium en diazepam. Ze leven in een vlakke wereld zonder echte vreugde of echt verdriet.’ Dit valt te lezen op de website nemokennislink. En ruim een miljoen mensen gebruikt een antidepressivum. ‘De meesten amitriptyline, dat de stemming verbetert, angsten onderdrukt en tegen pijnklachten werkt.’ Zie de factcheck van een Volkskrant-artikel door het NRC.

Zo kom je op ruwweg 3,5 miljoen geregistreerde gebruikers van pijnstillers, kalmeringsmiddelen, slaapmiddelen en antidepressiva. Dit aantal is nog exclusief mensen die geen medicijnen slikken, maar alcohol, energizers en/of (soft)drugs gebruiken voor vergelijkbare doeleinden. Ook homeopathische middelen en tabletjes uit de supermarkt zijn niet meegeteld. Daarom schat ik dat half Nederland aan de kalmerende dan wel verdovende middelen is. Of juist pepmiddelen gebruikt om naar wens te functioneren.

Pijnstillers
Zoals gezegd: het is logisch dat mensen met ernstige of chronische pijn middelen gebruiken. Die zijn tenslotte beschikbaar en hiermee kan je de kwaliteit van het leven verbeteren. Maar volgens het artikel ‘De dokter als dealer’ worden illegaal verkregen medicinaal bedoelde middelen evengoed recreatief gebruikt. Welke ‘pijn’ moet er dan worden gestild?

Kalmerings- en slaapmiddelen
En vanwaar al die kalmeringsmiddelen en slaapmiddelen? De oorzaak van klachten kan fysiek of psychisch zijn, maar ook een onnatuurlijke leefstijl. Want als je tien minuten naar hardcore techno luistert, raak je opgefokt. Van te veel suiker ga je stuiteren; dus van energiedrankjes helemaal. En dag en nacht in het licht van een beeldscherm zitten, bevordert de slaap evenmin. In die gevallen is een pilletje slechts een lapmiddel.

Antidepressiva  
Dan al die antidepressiva. Er zijn weinig landen waar mensen zo vrij leven als in Nederland. We scoren torenhoog in de wereldwijde gelukstatistieken. Niemand hoeft om financiële of sociale redenen in een knellend huwelijk te blijven. En kijk eens naar alle voorzieningen. Toch slikt een miljoen Nederlanders antidepressiva. Ook hier spelen verschillende oorzaken een rol: zoals fysieke en mentale stoornissen, aanleg en persoonlijke ervaringen.

Vooral bij de cognitieve oorzaak van depressie is de maatschappij en directe omgeving een factor. Stel dat je je waardeloos voelt. Dan draait het vaak om verwachtingen die je van jezelf hebt, gekoppeld aan verwachtingen die anderen van je hebben. Reëel of niet. Nergens zie je dit zo duidelijk als in de schijnwereld van Facebook en Instagram. Het continu moeten scoren met mooie foto’s en succesverhalen verergert gevoelens van eenzaamheid.

Maatschappelijke keuzes
Misschien zitten we mede door Facebook en Instagram zo massaal aan de pijnstillers, kalmeringsmiddelen, slaapmiddelen en antidepressiva. Want de sociale media zijn als onze 24/7 maatschappij. Althans, wanneer we daar volledig in mee gaan. We hebben nog altijd de vrijheid om grenzen te stellen en te bepalen welke kant we op gaan.

De Volkskrant: ‘Gijs Helmerhorst, die arts in opleiding is tot orthopedisch chirurg en die promotieonderzoek deed naar pijnbeleving bij botbreuken, werkte tien jaar geleden in een Amerikaans ziekenhuis. Daar viel hem op hoe gemakkelijk Amerikaans artsen opioïden meegaven na een simpele breuk. ‘Ik was dat in Nederland toen helemaal niet gewend. Wij gaven het advies wat paracetamol te nemen als de pijn te erg werd, of ibuprofen. Het kwam eigenlijk niet voor dat mensen terugkwamen en zeiden: dokter, de pijn is niet te verdragen.’

Het pijnstillergebruik steeg hier pas na marketingcampagnes van onder meer de Amerikaanse farmaceutische industrie. Gelukkig zijn er nog mensen die zelf nadenken. Huisarts Van Bemmel voert nu gesprekken met ‘grootverbruikers’ van pijnstillers in zijn patiëntenbestand. Die zijn opgelucht en blij dat het ook zonder kan.

Zorgen dat de boel op orde komt

Op donderdagavond kan het weekend beginnen. Het huis is schoon en opgeruimd. De planten hebben water en de was hangt te drogen. Met de ramen en deuren open profiteer ik van de frisse wind die door alle ruimten waait, van kelder tot zolder. Er zijn geen dringende klussen en de administratie is gedaan. Kortom, de boel is op orde en dat geeft mij een intens tevreden gevoel. Daarom is het me een raadsel waarom we niet allemaal zo in het leven staan.

Er is een groenjournalist aan het woord op Radio Gelderland. De gemeente heeft 450 bomen geplant op de weg tussen Dieren en Ellecom. Daarvan is nu een derde dood. Daarnaast is een derde stervend en een derde leeft nog net. Ze zijn geplant toen de grond bevroren was. De wortels werden niet beschermd tegen de kou en ze kregen te laat water. Kwestie van ambtelijke onverschilligheid. Of van mismanagement bij de aannemer. Ach, die is toch verplicht om de dode aanplant te vervangen. Dus who cares?

Nou, ik, toevallig. Het overgrote deel van mijn werk, ongeacht waar dat uit bestond, draaide om zorgen dat de boel op orde kwam. Ik heb daarover een slogan op mijn CV staan. Lang heb ik gedacht dat werkgevers hieraan wel behoefte zouden hebben. Het is toch prettig als iemand zorgt dat alles op tijd wordt geregeld. Dat gegevens vindbaar zijn en kloppen. Dat belanghebbenden eerlijk worden behandeld en gehoord. Dat processen logisch en eenvoudig in elkaar steken. Dat iedereen de juiste informatie heeft en dat afspraken worden nageleefd? Bovendien: dat er iemand is die vooruit denkt en beleid kan helpen ontwikkelen. Gewoon, om het bestaan wat aangenamer te maken. En zodat we niet steeds opnieuw het wiel hoeven uitvinden.

Het lastige van mijn behoefte om de boel op orde te krijgen, is de afbakening ervan. Ik bedoel, in en rond huis gaat nog wel. Ook mijn leven is redelijk behapbaar. Maar dan de rest, hè. Die buitenwereld. Soms denk ik dat er geen beginnen aan is.

Vluchtelingenbeleid: input voor de EU-migratietop

Terug van nooit weggeweest is het EU-vluchtelingenbeleid een hot issue. In de afgelopen 4,5 jaar heb ik over een scala aan problemen in landen van herkomst geschreven. Ook heb ik suggesties gedaan voor een benadering van het vluchtelingenvraagstuk. Links en rechts verschansen zich nu in de loopgraven  Het lijkt alsof niemand nog bereid is om voorbij het eigen gelijk te kijken.

Toch ontruk ik een aantal logjes aan de vergetelheid. Ze gaan over oorzaken en gevolgen van vluchtelingenstromen en ze bevatten suggesties voor oplossingen. Dit alles is gebaseerd op wat ik uit eigen ervaring heb geleerd. Ondanks het tumult zal ik het Raam Open houden. Al heb ik evenmin overal een antwoord op en bespeur ook ik enige metaalmoeheid.

Als je slechts één logje leest, lees dan dit: https://raamopen.blog/2014/06/04/geboortebeperking-als-redding/ Over de naar mijn idee belangrijkste oorzaak van armoede en migratie: gebrek aan zeggenschap bij vrouwen.

Hieronder volgt de rest in chronologische volgorde.

Wie het zieligst is

Hoor je 80-plussers met elkaar praten, dan komen geheid alle denkbare ziektes en kwalen voorbij. Hoe erger hoe beter. Daar maak je in hun kringen indruk mee. Zo werkt het ook met voorzieningen voor ouderen. Hoe meer voorzieningen je nodig hebt en krijgt, hoe beter. Helaas gelden er wel drempels.

Onlangs hoorde ik een 85-plusser verzuchten dat ze geen huursubsidie krijgt. Ze leeft ‘alleen van haar AOW’, terwijl ze in een sociale huurwoning verblijft. Ze heeft geen recht op subsidie, omdat ze te veel spaargeld heeft. De grens ligt bij € 30.000. Ze is te rijk en dat is erg, vindt zij. Regeltjes kunnen wrang uitpakken, daar weet ik alles van. Ik neem elke maand meer spaargeld op dan zij en kan voorlopig slechts dromen van de AOW.

Maar toch. In dit land ben je zelfs als hoogbejaarde miljonair zonder ziekte of subsidie nog meelijwekkend.