Nazomer op landgoed Ampsen

Regen en onweer zouden we krijgen bij Lochem op landgoed Ampsen. Maar het werd fijn wandelweer met wind en zonneschijn. Dit landgoed ligt er in ieder jaargetijde goed bij, dus ook in de nazomer. Daarbij heb ik een grote voorliefde voor landgoederen met statige beukenlanen, stille wateren, mooie paddenstoelen, onverwachte ontmoetingen en veel afwisseling in velden en bosschages. Dat is hier allemaal.

Het kasteel of landhuis.

Het stille water en de beukenlaan.

De bloedrode biefstukzwam.

En de onverwachte ontmoeting met een hazelworm (beetje onscherp weliswaar).

De Posbank, nu met paarse hei

Wil je de heide in bloei zien staan, dan is dit het juiste moment. De zachtglooiende heuvels van de Posbank liggen er prachtig diep paars bij. Wel zijn de sporen nog zichtbaar van het extreem droge jaar 2018. Toen stierven hele stukken heide af. Die dode heidestruikjes zorgen nu voor een extra kleurschakering: groen, paars en grijs.

(Klik desgewenst op de foto voor een vergroting.)

Een vreemd-vertrouwd geluid in streektaal

Als inwoners van een klein land hoeven we nooit ver te reizen voor een bezoek aan het buitenland. Maar ook binnen de landsgrenzen en ons taalgebied kunnen we ons in het buitenland wanen. Ik luister vaak naar het programma Alles Plat op Radio Gelderland. Daarin draaien ze muziek met streektalen uit Groningen, Drenthe, Overijssel en Gelderland. Het is wonderlijk hoe vreemd en vertrouwd tegelijk die streektalen klinken. Dat zeg ik als in Gelderland wonende ex-Randstedeling.

Bij sommige liedjes herken ik losse woorden, hoewel ik geen touw kan vastknopen aan de volledige zinnen. De taal lijkt wel op het Nederlands, maar er zitten ook Duitse elementen in. Of misschien zijn die Deens. Wat meespeelt, is dat het programma alleen uit muziek bestaat. Er is geen dj voor de aankondiging van nummers of artiesten.

Daarom bleef één zangeres voor mij lang onbekend. Zij zingt heerlijk rustig en haar melodieuze liedjes hebben iets raadselachtigs. Meestal kan ik snel de naam van een artiest achterhalen. Gewoon door een stukje songtekst in het zoekveld van Google te typen. Maar nu miste ik de juiste woorden. Zelfs met mijn oor aan de speaker gekluisterd, kon ik nog geen zinsnede herkennen voor een bruikbaar fragment.

Toch is het gelukt. Ik heb haar muziek gevonden door klanken na te bootsen in diverse spellingvarianten. De zangeres heet Marlene Bakker en ze zingt in het Gronings. Voor wie wil weten waarover: de tekst staat op YouTube onder haar videoclip.

Leven en weer opstaan in Beiroet

Vissers aan de Corniche.

Hij vertelde dat Beiroet vroeger het Parijs was van het Midden-Oosten. Een bruisende en mondaine uitgaansstad. Het was er goed toeven, tot aan het begin van de oorlog. De sporen uit de oude glorietijd zag ik in 2004 terug in de zorgvuldig herstelde panden. Dat herstel vond plaats in de periode waarin er vrede was. Alleen weet ik niet wat daar nu nog van over is. Van die vrede en van die gebouwen.

Er wordt gelééfd in Beiroet. Er wordt gewerkt, gelachen en hartstochtelijk genoten. Er worden vriendschappen voor het leven gesloten. En er wordt gehaat en gewroken. De stad staat op scherp. Is tegelijk passievol en  ontvlambaar, ongedwongen en chaotisch. Het een gaat in het ander over.

Ik weet niet of we deze week de totale implosie hebben gezien, als gevolg van het vele wat er mis was. Dan kan Libanon ten prooi vallen aan geopolitieke aasgieren. Er kunnen ook oude tijden herleven, compleet met vroegere grandeur. Misschien droomt president Macron van een soort gemoderniseerde Franse prefectuur 2.0. (Bedoeld als overgangsmaatregel, mag ik hopen.) Gegeven de huidige politieke, sociale, economische en financiële toestand is dit wellicht nog de beste optie. Mits dat gebeurt met volwaardige medezeggenschap van de Libanezen.

*****

Sursock museum in de wijk Achrafieh, met Libanese vlag.

Ik maak van dit logje een mini-plakboek met vakantiefoto’s van Beiroet uit april 2004. Beschouw dit maar als een eerbetoon aan de veerkracht van de bewoners. Ik weet niet wat er over is van deze gebouwen en hoe het gaat met de mensen die ik daar toen heb ontmoet.

Ze zeggen dat Libanezen ondernemend zijn. Ze zeggen ook dat de stad steeds weer als een feniks uit de as herrijst. Het zijn clichés. En toch hoop ik het.

Hiernaast een doorsnee straat met appartementen en balkons in de wijk Hamra.

De gordijnen voor het balkon linksonder houden de hitte buiten. Dit is bij mijn weten typerend voor Libanon.

 

 

Chique gebouw uit de Franse periode in de wijk Manara.

Gebouw op een kruispunt van de oude demarcatielijn Avenue du General Fouad Chebab. Dit gebouw is bewust slechts gedeeltelijk hersteld als herinnering aan de hevige gevechten in het verleden.

Het winkel- en uitgaanscentrum nabij de kust wordt hier nog opgeknapt en is gedeeltelijk weer in oude luister hersteld.

Archeologische resten in de oude stad naast nieuwbouw en kerk.

Zondagmiddag drukte op de Corniche. Wandelaars bij restaurant aan zee. Veel restaurants zijn ingesteld op feesten en diners van grote families en gezelschappen. Want ondanks, of juist door alles, weten Libanezen wel hoe het leven te vieren.

Onderweg naar de tandarts

Het regent en ik moet extra vroeg op vanwege een tandartsafspraak.
Reden genoeg voor een baaldag. Maar dat is buiten de route gerekend. Want hoeveel mensen kunnen naar de tandarts via een Lange Afstand Wandelpad? Er loopt bovendien een Streekpad langs de praktijk. Dus mag ik kiezen. Wordt het deze keer het Veluwe Zwerfpad, of het Maarten van Rossumpad?

Uhm, … nou, … weet je wat? Doe ze allebei maar!

De watermolen.

Het pad in het Sonsbeek park.

Langs een vijver met uitzicht op de stadsrand.

En een stukje van de Burgemeesterswijk.

Het Arnhemse park Sonsbeek is een ideaal beginpunt voor uitstapjes. Vandaar dat hier altijd twijfel ontstaat. Want is dit nu een wandeldag, of ben ik op weg naar de tandarts?

Het heen en weer in Nijmegen

Vandaag heb ik zo’n beetje alle Nijmeegse bruggen gezien, want dit was de route:

  1. Rij eerst met de trein vanuit Arnhem zuidwaarts over de Spoorbrug bij Nijmegen.
  2. Wandel daarna via de Waalbrug noordwaarts naar het stadseiland Veur-Lent. Koffiestop.
  3. Ga verder over de Lentloper, dat is een bijzondere brug. Stukje naar het westen.
  4. Weer zuidwaarts naar het stadseiland over de Snelbinder en loop daarna opnieuw richting het westen.
  5. Terug noordwaarts via de Zaligebrug. Verder naar het westen aan de kant van Lent.
  6. Zo kom je uit bij de Oversteek en via die brug wandel je weer naar Nijmegen in het zuiden terug.
  7. Loop vervolgens naar het oosten. Sla voorbij Loetje en het spoorviaduct rechtsaf. Dan kom je uit bij het station. Neem daar de trein die weer over de Spoorbrug naar het noorden rijdt. Terug naar huis.

(Klik desgewenst op een foto voor een vergroting.)

Vitesse-vlaggen op de Nelson Mandelabrug

Tot mijn vroegste herinneringen aan Arnhem behoort een autorit met mijn zus langs het station, over de Nelson Mandelabrug, naar U2 in het GelreDome. We arriveerden ruimschoots op tijd voor het concert. Daarom liepen we over de brug terug en zaten we een uurtje op een terras bij het water aan de Rijnkade. Dat stukje Arnhem doet mij altijd denken aan Frankrijk. Misschien door de ongedwongen sfeer, de kade en de kasseitjes. De fly-overs dragen ook bij aan dat buitenlandgevoel.

Het heeft wel iets stoers, die fly-overs, zo vlak bij het centrum. Ze bezorgen mij een grote-stadgevoel dat ik niet van andere Nederlandse steden ken. Behalve Rotterdam, natuurlijk. Die stad blijft de uitzondering.

Als automobilist ben je op een fly-over vooral bezig met netjes op de rijbaan blijven tussen de brugleuningen in. Zelf rij ik er alleen als buspassagier overheen. Dan biedt de brug een mooi uitzicht over de stad en de rivier. Maar vaker kijk ik als voetganger vanaf straatniveau tegen het bouwwerk aan. Daar geldt de menselijke maatstaf en die blaast de proporties van al dat beton flink op. Lopend aan de linkerkant over het Nieuwe Plein zie je goed hoe imposant de kronkels van de rijbanen zijn.

Deze locatie heeft iets onwerkelijks. Hier is sprake van meer dan een gewone tegenstelling. Dit betreft een regelrechte clash, een botsing. Want aan de ene kant staan statige oude huizen langs wat ooit een boulevard moet zijn geweest. En aan de andere kant is er het geweld van grove bouwmaterialen en het voortrazende verkeer.

Afgelopen woensdag kwam ik er weer. Donkergrijze regenwolken naderden vanuit het zuidwesten, terwijl de zon de wapperende Vitesse-vlaggen fel bescheen. Ik heb er in de schaduw van een boom recht tegen het licht in foto’s genomen.