Even doorbijten en dan verdergaan

Vandaag heb ik een klus geklaard, waarvan ik vond dat ik die moest doen. Vooraf had ik al een vermoeden van wat mij te wachten zou staan. Namelijk iets vernemen wat ook bij sollicitaties gangbaar is. Dus 101 varianten op ‘U past niet in het profiel.’ Daarom moest ik mij mentaal wel even voorbereiden. Dat ging goed. Uiteindelijk werden het een paar varianten minder. Nu kan ik met mijn leven verdergaan.

Grappig trouwens, dat een van de organisaties streeft naar een wereld waarin iedereen meedoet.

Hier waart het onbenoembare rond

‘Hier waart het onbenoembare rond, dat primordiale van de Oude Wereld.’ En ‘Alomtegenwoordig zijn ze, de grote spirituele en existentiële vragen.’ Zinnen van Oliver Kerkdijk in de VPRO-gids over Vargtimmen van Ingmar Bergman.

Met deze regels opende ik op 16 februari 2014 het logje Spiritualiteit – Vargtimmen.

Na lezing van tientallen verhalen uit de Tweede Wereldoorlog, blijven drie mannen mij het meeste bij. Het is niet moeilijk om te zeggen waarom. Namelijk, omdat ik iets van mezelf herken in de één en omdat de tweede zo fascinerend vertelt. Tot besluit heb ik te doen met de jongste van het stel. Van alle drie wil ik achterhalen wie zij waren als mens. Ze leven niet meer, maar hopelijk vind ik nog informatie over hun verdere levensloop.

De eerste man ‘raakt’ mij onder meer vanwege een specifiek fragment. Het staat in zijn dagboek en ik denk dat het een voorspellende waarde heeft. Een indicatie voor wat tientallen jaren later is uitgevoerd als zijn laatste wens. Het fragment gaat over hoe mooi hij de omgeving hier vindt. Zelf kwam hij uit Rotterdam. Hij schreef dit in januari 1945 op een terrein dat slechts een paar kilometer van mijn huis ligt.

Sinds kort weet ik waar hij is begraven. Dichtbij. Heel dichtbij. Ik wandel daar al jaren regelmatig voorbij.

De cadeautjes van het voorgaande jaar

Gevoelig als ik ben voor jaarwisselingen en voor goede afrondingen, wil ik elk nieuw jaar beginnen met een schone lei. Dat is onbegonnen werk. Toch blijf ik het proberen, want ik geloof oprecht dat dit belangrijk is. Onopgeloste problemen zijn cadeautjes voor het nieuwe jaar, meent een andere blogster. Zij is nogal van de mindfulness.

Op weg naar 2021 kon ik bitter weinig waardering opbrengen voor haar ‘wijsheid’. Naast het gedoe van enkele al langer lopende kwesties, was in december ook een serieus oogprobleem begonnen. Op de eerste gewone werkdag in januari moest ik meteen naar de oogarts toe. Zelden ben ik zo beroerd en ongerust een nieuw jaar ingegaan als 2021. 2021, dat zou wat gaan worden. En jawel: op mijn intuïtie kan ik blindvaren.

Dus ben ik afgelopen december weer keihard bezig geweest met opruimen. Met afhandelen. Met in gang zetten. Met keuzes maken, onverbiddelijk als het moest. Met afronden, en deze keer goed. Zonder enige scrupules en rücksichtslos, als de situatie daarom vroeg. Alles, maar dan ook alles om geen herhaling van 2021 te krijgen. En dat is gelukt. Ik kan het nu al voelen. Never underestimate datgene wat je gevoel zegt dat je doen moet.

Na de recente opschoonacties keer ik terug naar de basis. Voor 2022 wens ik de hele wereld de wijsheid toe van Max Ehrmann. (Klik desgewenst op de foto voor een vergroting.)

De leugens om bestwil in ons verhaal

Het staat op bladzijde 126 van Raynor Winn’s boek Het zoutpad. Bijna halverwege het verhaal over de wandeltocht die zij en haar man (hij is ziek) met zware rugzakken en in vieze kleren maken over het South West Coast Path. Dit nadat ze hun huis zijn kwijtgeraakt, dakloos zijn geworden en wegens geldgebrek als een stelletje schooiers illegaal wild kamperen. Op een bloedhete dag vraagt een man of ze al een slaapplaats hebben geregeld. Hij heeft een boerderij in de buurt gehuurd en ze mogen hun tent wel opzetten in de boomgaard. Het is een luxueuze boerderij en hij heeft het zichtbaar goed voor elkaar.

Wanneer ze eten, vraagt Raynor hem: ‘Tell me something about yourself, Grant.’ En Grant vertelt. Over een moeilijke jeugd, hoe hij van huis wegloopt, met een rugzak door Europa toert en in Italië per toeval in een wijngaard belandt, waar hij alles over wijnsoorten leert, en uiteindelijk thuis wijnen gaat importeren en heel succesvol wordt. Not. Want hij heeft gewoon avondcursussen gevolgd en is dankzij pappie in een baantje bij een bevriende wijnhandelaar gerold.

Tegen die tijd hebben Raynor en haar man geleerd hoe mensen reageren wanneer ze naar waarheid vertellen dat ze dakloos zijn (en berooid). Bij het woord ‘dakloos’ transformeren ze acuut van stoere vakantie vierende vijftigers, in drank- en drugsverslaafde losers met (naar alle waarschijn-lijkheid) een of meer onderliggende psychiatrische aandoeningen. Kortom: in sociale paria’s. Daarom vertellen ze liever dat ze hun huis hebben verkocht en zo halverwege hun leven nog eens op avontuur willen. Ze zien wel waar de wind hen brengt.

We vertellen onze verhalen uit zelfbescherming, meent Raynor, zowel Grant als zijzelf.

Ook ik heb mijn verhaal klaar, al jaren. Want mij wordt eveneens te pas en te onpas gevraagd ‘wat ik doe’. Bijvoorbeeld tijdens een groepswandeling. Of wanneer ik in een archief ben voor onderzoek. En ja, zelfs in het ziekenhuis, terwijl de plastisch chirurg een moedervlek bij mijn mond wegsnijdt.

Eerst was ik werkloos. Toen werd ik werkzoekend. Daarna werd ik iemand die zei: ‘Ik werk niet.’ [Punt.] In combinatie met mijn woonplaats en mijn leeftijd kon ik best een vroege pensionado zijn. Maar soms, als ik iemand eens flink wakker wilde schudden, zei ik lekker provocerend: ‘Ik heb geen inkomen. Al vijf jaar niet.’ Waarna ik welbewust afwachtte hoe die ander daarop ging reageren. Veel mensen kunnen zich namelijk geen enkele levensvorm meer buiten Het Systeem voorstellen. Ons financieel-economische systeem, met zijn Terms of Reference voor onze samenleving, die anderen voor ons hebben opgesteld.

Tegenwoordig heb ik het makkelijk. Ik zeg gewoon dat ik aan een boek werk. Dat is nog waar ook.

Inzichten uit het gewiste verleden van Raam Open (2)

Sterke wortels, stevige houvast.

Bij het opschonen van logjes op Raam Open kom ik ze weer tegen: rake observaties en citaten die het vermelden waard blijven. Als de rest van een tekst kan verdwijnen, bewaar ik de relevante delen. Meestal zijn dat inzichten en conclusies om even te laten bezinken. Hieronder staat een bescheiden bloemlezing uit overpeinzingen van filosofische aard.

Uit Gebruik van fietspaden en de stiltecoupé: ‘We schromen om iemand terecht te wijzen. Je krijgt al gauw een kwade reactie, in plaats van een welgemeend excuus. Bovendien voel je je ongemakkelijk wanneer je iets zegt van andermans gedrag. Dan lijkt het alsof je zelf degene bent die moeilijk doet. Terwijl de rest zich zwijgend verbijt, komen rauwdouwers al snel overal mee weg. Steeds wanneer zo iemand zijn zin krijgt, sterft er een stukje bindweefsel af.

Uit Een mooie spreuk uit de bijbel: ‘Antwoord een zot niet naar zijn dwaasheid.’ (Spreuken 26-4)

Uit Focus in, focus uit voor zingeving: ‘Verlangen naar veiligheid en gewild willen zijn, kan gekke dingen met ons doen. … We gaan heel ver voor onze wezenlijke en denkbeeldige behoeften. Daarbij verliezen we de zin van het leven uit het oog, wat dat ook moge zijn. Vriendschap misschien? Verbinding met alles om ons heen? Focus in, focus uit.’

Uit Onze behoefte aan houvast: ‘Houvast zit vooral in jezelf.’

Uit Relatiedeskundige: ‘La beauté commence au moment où vous décidez d’être vous-même.’ (Coco Chanel)

Dan de spreuk die een vaste plaats heeft in de rechterbalk van dit blog. Het is een in 2018 geciteerd citaat, dat oorspronkelijk stond in Op de barricade? (2015): ‘Welbehagen gaat ogenschijnlijk niet samen met anarchisme, maar is het resultaat daarvan.’

Uit Dromen van de Achterhoek: ‘Soms is de situatie er gewoon niet naar. Ach, wat geeft dat. Een droom is mijn beste vriend. Hij steunt mij altijd, biedt perspectief en zal mij nooit verlaten. Wat wil je nog meer?’

Uit Aanvaarding in Brabant: ‘Aanvaarding is het mooist wanneer je er helemaal zelf voor kiest. Dan is het een soort voorstadium van tevredenheid. En tevredenheid is één van de hoogst haalbare mentale staten die ik ken.’

De vuil kijkende kat

‘Wanneer gaat die deur nou open? Wanneer gaat die deur nou open? Ze kunnen binnen toch wel zien dat ik hier al lang wacht? Ik rammel van de honger en zo kan ik niet bij mijn etensbak. Ah, daar komt iemand aan. Eindelijk. Gauw eropaf.’

Miauw, miauw.

Poeslief miauwend en flemend kopjes gevend draait ze om mij heen, wanneer ik foto’s van haar straatje neem.

Die vuile blik zag ik pas achteraf. ‘Geef me eten, kreng’, dacht ze vast.

Verkruimelde herinneringen

Bitrot, zo heet het proces van teloorgang van gegevens op compact disks, dvd’s, blu-rays en usb-sticks. ‘Wie niet bezig is zijn fysieke archief op orde te houden, raakt dingen kwijt.’, schrijft Cesar Majorana in de VPRO Gids, na de vondst van een oude verhuisdoos met zijn verzameling verkruimelende cd’s.

Wat we ook doen, al onze gegevensdragers zijn aan verval onderhevig. Eeuwenoud papier kan door droogte verpulveren, verbranden of verkruimelen door inktvraat. Ook kan het in het water vallen, waarna de tekst onleesbaar wordt. Mondelinge overdracht is al even krakkemikkig, want wie onthoudt een verhaal exact zoals het is verteld?

Het document met verzamelde vondsten voor mijn onderzoek staat op mijn laptop, maar sla ik eveneens op meerdere usb-sticks op. Het omvat 400 pagina’s samengebrachte informatie en is het resultaat van ruim een jaar werk. Een van die usb-sticks bewaar ik zelfs buitenshuis. Stel dat de hele boel hier in elkaar stort, dan heb ik tenminste dat onderzoekbestand nog.

Ik geniet van de tastbare originele archiefstukken. Zo lang die niet zijn gedigitaliseerd, zijn ze nog opvraagbaar in zo’n heerlijk ouderwetse studiezaal. Waar je stil moet zijn, om andere onderzoekers niet te storen. Waar de archiefstukken in een hard-papieren folder zitten, met een geweven touwtje omwikkeld. Wanneer een medewerker het door jou opgevraagde materiaal brengt, het is alsof je een cadeautje krijgt. Eerst moet je de strik los trekken, waarna het papier zich ontvouwt en het grote ontdekken kan beginnen. De geur van dat papier alleen al …

Nee, usb-sticks zijn niet alles. Soms vraag ik mij af hoe erg het eigenlijk is, wanneer onze foto’s en documenten verloren zouden gaan. Al wat interessant, leerzaam of van belang is, is reeds door onze voorgangers vastgelegd of gedaan. Wie zijn wij, huidige stervelingen, op wetenschappers na, dat we ons verbeelden nog iets werkelijk nieuws te kunnen brengen?

(Op de foto sporen van hoogwater langs de Maas op de afrastering van een weiland bij kasteel Geijsteren, twee maanden later.)