Winters foto allegaartje

Als ik een specifieke foto wil plaatsen, lukt het meestal wel om een bijpassende tekst te bedenken. Doorgaans is dat de best gelukte foto uit een serie of een afbeelding van iets bijzonders. Toch blijf ik elk seizoen met een allegaartje zitten dat ik nergens kwijt kan. Terwijl het presentabele foto’s zijn.

Misschien is zo’n resterend allegaartje een teken van gebrek aan inspiratie. Toch hangt inspiratie slechts gedeeltelijk van toevalligheden aan elkaar. Ik lees bijvoorbeeld weleens een uitspraak en besef dan ineens: ‘Hé, daar past die foto bij.’ Daarna kan ik meteen verbindingen leggen in een nieuw logje. Dit is de makkelijke manier. Voor een marketingcampagne brainstormen professionals net zo lang tot er ideeën ontstaan voor een pakkend verhaal met versterkend beeldmateriaal.

Die aanpak werkt ook deze keer. Want volgens de weersverwachting blijft het de komende veertien dagen zacht. Voordat we het weten, zijn we de winter alweer vergeten. Daarom plaats ik deze foto’s nog even. 😉

Mijn huis is een ‘hij’

Er bestaat een woord voor wat ik soms doe: antropomorfisme. Ofwel menselijke eigenschappen toekennen aan niet-menselijke wezens en dingen. Dit doe ik alleen bij voorwerpen die zeer belangrijk voor mij zijn. Zoals vroeger mijn motor in Australië, en nu mijn woning. Allebei hadden ze al heel wat meegemaakt toen ik hen leerde kennen. Dat zie je terug in hun gedrag. Mijn huis vertoont namelijk menselijke trekjes.

Veel mensen vinden het normaal dat je tegen een auto praat. Het is een maatje waarmee je overal naartoe gaat. Zo iemand ook waarvan je hoopt dat hij je nooit in de steek laat. Samen maak je bijzondere dingen mee of ontloop je ternauwernood een confrontatie. Daaraan bewaar je dan mooie gedeelde herinneringen. Ik moest hem in Sydney achterlaten, mijn motor. Maar hij staat al dertig jaar op een foto in mijn woonkamer. Die motor was een ‘hij’, want hij bleef onder elke omstandigheid stoer en onverstoorbaar.

Mijn huis zou een ‘zij’ kunnen zijn, maar waarschijnlijker is het een ‘hij’. Hij is ooit een keer bedrogen en herhaaldelijk verlaten. Dat merk ik aan alles. Hij blijft mij maar uittesten. Hij wil absoluut zeker weten dat ik om hem geef. Dat deden de vorige eigenaren lang niet allemaal. Of misschien ook wel; in het begin toch.

Dit huis kan nukkig doen. Dan geeft hij je het gevoel dat hij je gewoon niet wil. Maar dat kan ik evengoed, dus we zijn behoorlijk aan elkaar gewaagd. Natuurlijk vraag ik mij weleens af waarom ik bij hem blijf. Soms kijk ik zelfs weer even rond op Funda. Dit voelt dan al bijna alsof ik vreemd ga.

Het is geen kwaaie. Hij is juist slim en haalt nu ruimschoots de schade in. Logisch toch, na al die jaren van verwaarlozing en gebrekkig onderhoud? Daarom heeft hij ook zo’n behoefte aan bevestiging. In feite is hij het type ruwe bolster, blanke pit. Oh, en hij weet heel goed hoe hij mijn aandacht kan krijgen. Maar bij hem voel ik mij thuis en hij beschermt mij indien nodig. Bovendien maakt hij al zijn beloftes waar. Daarom vind ik hem nog steeds de moeite waard.

Op het juiste pad blijven

Tijdens een wandeling in de omgeving van Almen stuiten we op dit mooie pad. Het wordt geflankeerd door welig diepgroen mos waar zonlicht zacht overheen strijkt. Aan weerszijden liggen ondiepe sloten. Je kan hier niet verdwalen; dit pad leidt je vanzelf in de goede richting. Veel landgoederen hebben dergelijke laantjes, al dan niet afgebakend door water. Zelfs een blinde vindt hier vlot de weg. Want zodra je afwijkt, geeft de veranderende ondergrond aan dat je beter naar het midden terug kan gaan. Het is bijna ideaal.

Dergelijke lanen stammen uit een periode waarin het leven strikt werd gereguleerd. Je hoorde bij een specifieke klasse of groep en daar paste een tot in detail omschreven leefstijl bij. Makkelijk zat. Hoefde je nooit te twijfelen. In onze tijd vind je dit alleen nog zo sterk binnen extreme stromingen van ideologieën en religies. Duidelijkheid over de juiste weg heeft een grote aantrekkingskracht op mensen die zoekende zijn. Vooral wanneer ze in onzekerheid leven of in verwarring zijn.

Ik wandel ook wel graag over deze paden. Met name wanneer ik mijn gedachten de vrije loop wil laten. Dan hoef ik tenminste niet na te denken over welke kant ik op zal gaan.

Lijnen bij Arnhem Centraal Station 14

Wie Raam Open volgt, weet dat ik graag speel met dubbele betekenissen. De praktijk wordt gelinkt aan de filosofie. Het uitgebeelde krijgt in woord een extra dimensie. En een eenvoudig zinnetje blijkt multi-interpretabel. Soms zie ik in het echt een tafereel dat dit duale al in zich heeft.

Hoewel verre van perfect, verbeeldt deze foto dat duale. Dit is één van de voorkanten van Station Arnhem Centraal, afhankelijk van hoe je dat bekijkt. Op dit punt passeren verschillende lijnen, zowel in de lucht als op de weg. Een waar lijnenspel.

Grenzen aan de fantasie

‘Mensen zijn vleesgeworden robots met een telefoon eraan vast.’ Dat zegt de Rotterdamse Now&Wow-clubdirecteur Ted Langenbach in het Volkskrant Magazine van 24 november 2018. ‘Vroeger maakten we er nog wat van. … Mensen zitten gevangen in een keurslijf van sociale media, iedereen controleert elkaar. Er is een soort nieuwe burgerlijkheid gaande in de feestcultuur.’ Burgerlijkheid is zijn ding niet. ‘Pleur op joh, denk ik dan, laten we lekker gaan dansen.’ En daar mag een flinke doses porno bij.

Hij doet mij terugdenken aan het uitgaansleven van medio jaren zeventig tot eind jaren tachtig. Ik heb toen heel wat discotheken van binnen gezien. En ja, daar kon het er best groezelig aan toe gaan. Sowieso waren de man/vrouw-verhoudingen ouderwetser en rommeliger. Kijk naar een film uit die periode of luister naar een songtekst. Vrouwen moesten vooral lief en aantrekkelijk zijn, en mannen hadden het meer voor het zeggen. Want zij hadden het meeste geld.

Voor een creatieve clubdirecteur was het een gouden tijd. Denk aan de vroege David Bowie die op vergelijkbare wijze kon experimenteren. Ik kan me voorstellen dat iemand als Ted Langenbach Nederland anno 2018 een brave bedoening vindt. De man heeft gelijk.

Neem nu het fenomeen tiny houses, of zoiets als een food market. Het lijkt alsof iedereen iets origineels bedenkt, maar alles past binnen hetzelfde concept. Een food market hier is identiek aan een food market in San Francisco of Londen. Ik hou van huisjes op wielen, maar die tiny houses zijn het niet. Je móet duurzaam materiaal gebruiken en zonnepanelen hebben. Wat nou als ik een stacaravan wil met een dieselgenerator? Dan wijk ik af en dat mag niet.

Afwijken van de massa, dat is wat mensen als Ted Langenbach doen. Zulke vrije geesten houden ons een spiegel voor. Je hoeft het niet met hen eens te zijn, maar zij blazen wel lucht in de boel. Ik betwijfel overigens of hij echt zo origineel is. Porno is toch net zo goed een uitgekauwd thema. Er zijn altijd weer grenzen aan onze fantasieën en onze opvattingen.

We kunnen eindeloos experimenteren en nieuwe leefstijlen creëren. Maar misschien is er gewoon geen ontsnappen aan; aan die burgerlijkheid. Als je dat beseft en er niet mee zit, ervaar je ook een vorm van vrijheid.

Over beïnvloeding en zwavelkoppen

Soms denk je dat je origineel bent en iets zelf bedenkt. Om vervolgens te ontdekken dat je daarmee niet de enige bent. Zo’n ervaring had ik na het logje De man van de rioolservice. Dit gaat onder meer over communicatie met een familiebedrijf. Aan de telefoon komt de zus, moeder, tante, echtgenote of vriendin van de rioolmeneer. Als uitsmijter herhaal ik dit riedeltje in de slotzin nog een keer. Prompt lees ik kort daarna een column van Eva Hoeke waarin zij exact datzelfde trucje uithaalt. Hoe kan dit?

We zijn vast beïnvloed door auteurs die iets vergelijkbaars hebben gedaan. Zo kunnen we ons ongemerkt ideeën van anderen toe-eigenen. Onlangs kwam een vriendin met een slim idee. Ik vond dit wel grappig, want zij laat zich zelden beïnvloeden. Terwijl ik ‘haar’ idee al twee weken geleden in een e-mail had voorgesteld. Aan haar.

Als vaste volger denk je hierboven wellicht iets nieuws te zien. Dit zijn volgroeide zwavelkoppen op een beukenstronk. Toch zijn precies deze paddenstoelen al eerder voorbij gekomen, in een andere vorm. Kijk maar eens naar de tweede foto in het Plog – Over zwammen gesproken.