Het afwenden van een writer’s block

Wanneer je als blogger vast dreigt te lopen, kan het helpen om terug te keren naar het begin. Wat wilde je bereiken met je blog? Wat was je oorspronkelijke drijfveer? Zelf zocht ik een podium voor het delen van mijn kennis, ervaringen en ideeën. Een blog is hiervoor een goed medium, vanwege de opties voor interactie en mooie vormgeving.

Op 4 november 2013 ging Raam Open van start. Het eerste log bevat een foto van een kijkgat in de muur rond de tempels in Agrigento. En de volledige tekst luidt: ‘Op ontdekkingsreis gaan.’ (Wat een schrijftalent, nietwaar?)

Je kijkt vanuit de binnenruimte achter de muur door de opening naar de buitenwereld toe. Het is een metafoor voor hoe wij in onszelf besloten zitten en alles buiten onszelf vanachter een barrière observeren. De buitenwereld lonkt en trekt, maar is tegelijk grenzeloos en onbekend. Dan helpt het wanneer je uit nieuwsgierigheid vertrekt, of kennis en plannen als leidraad hebt.

Stap door de poort in de muur en laat de ontdekkingsreis beginnen. / … laat je verwonderen. /… sta open voor nieuwe ervaringen.

Uhm, dit gaat nog even duren, maar de foto’s en anekdotes komen vast weer.

Waarom nog dit blog?

Als blogger ben ik hard op weg naar een writer’s block. Corona speelt een rol, want ik ontmoet minder mensen en maak nu weinig bijzonders mee. Ook is na zeven jaar het meeste wel gezegd van wat ik te melden heb. Wat resteert, zijn de foto’s die het tonen waard zijn. En af en toe verschijnt hier nog een kritisch of humoristisch log.

Is dat voldoende om door te gaan? Voor mijzelf wel, denk ik. Maar is het ook voldoende voor jullie als trouwe volgers?

Zo niet: wat is het alternatief? Ik zal niet gauw stoppen; daarvoor is dit blog mij te lief. Maar ik ben zoekende naar een goede vorm voor een vervolg.

Wat verwachten jullie eigenlijk van mij? Zijn er onderwerpen waar jullie nieuwsgierig naar zijn?

Dank jullie wel, copyright jagers

Nog maar anderhalve week geleden moest ik een aantal afbeeldingen van Raam Open verwijderen. Voor de zekerheid. Ik had foto’s genomen van ruimtes waar ook andermans foto’s en schilderijen hingen. Die mag je niet zomaar op internet zetten. Voordat je het weet, krijg je een copyright claimende advocaat op je dak. Wel dacht ik dat plaatsing van enkele foto’s van Unsplash in orde was. Tenslotte is dat een gratis beeldbank. Maar toen las ik alwéér een alarmerend logje, van Martine Bakx dit keer.

Zelfs met foto’s van Unsplash kan je de mist in gaan. Want, zo schrijft Martine, rechten worden verkocht en foto’s kunnen worden verwijderd van een gratis beeldbank. Nou, da’s weer lekker dan. Naast Raam Open beheer ik nog twee websites. En vooral op mijn familiewebsite staan foto’s van schilderijen. Het is namelijk lastig tijdreizen en zelf foto’s nemen in 1584. Ik noem maar even een jaartal.

Maar mij krijgen ze niet, hoor. Want ik ben zo Leids als je zijn kan. En juist de rechtszaak tussen een uitgeverij en het Leidse stadsarchief over copyright is berucht en beroemd. (Zie internet.) Daar ga ik nu mooi mijn voordeel mee doen. Want het Erfgoed Leiden en Omstreken is heel voorzichtig geworden. Dus als er anno 2020 bij een afbeelding staat dat die rechtenvrij is, dan is dat zo. Zeker weten.

Vandaag ben ik al de hele dag zoet met fraaie plaatjes opduiken. En geloof mij, de beeldbank van het Leidse archief is een goudmijn. Alleen al de verzameling aquarellen en tekeningen van Jan Elias Kikkert bevat honderden juweeltjes. Die zijn doorgaans eigendom van het archief zelf. En daarom rechtenvrij!

Hierboven staat een ander aandoenlijk tafereel dat al uit de periode 1541-1545 stamt. Pieter Sluyter tekende dit boerderijtje op een kaart van landerijen in Alphen aan den Rijn. Die landerijen waren eigendom van het Leidse Catharina Gasthuis.

Over die regio schreef ik in De Lagewaard in Koudekerk aan den Rijn. Een van mijn Leidse bloedverwanten had ruim vier eeuwen geleden eveneens met het Catharina Gasthuis te maken. Uit het betreffende logje moest ik echter een oude plattegrond schrappen vanwege potentieel copyright gedoe. Maar nu zal het niet lang meer duren voordat ik een nóg betere afbeelding vind in het archief.

Over de bron van bovenstaande afbeelding: Erfgoed Leiden en Omstreken, signatuur PV71829.1. Voor alle duidelijkheid zet ik hier de link. (Klik daar op de website aan de linkerzijde op de ‘i’, dan verschijnt de rest van de informatie.)

La la la Leiden …

De onschuld voorbij met copyright

Als amateur blogger besef je nauwelijks welke risico’s je neemt. Stel dat je uit een YouTube-video een screenshot op je blog plaatst. In de tekst zet je keurig een link naar de video waar het om gaat. Uh uh. Foute boel. Mag niet. Daarvoor moet je toestemming hebben. Dit is zo’n situatie waar copyright jagers op azen. Voordat je het weet, leggen ze een claim van honderden euro’s bij je neer. Op de Blogacademie staat een waarschuwend artikel over de werkwijze van deze copyright jagers.

Van Raam Open heb ik alle riskante afbeeldingen weggehaald. Zoals screenshots van websites met statistieken en grafieken. Ook eigen foto’s van een plattegrond, van een boekomslag en van diverse krantenartikelen zijn geschrapt. Plus diverse afbeeldingen, die ik van internet had geplukt. Zelfs een foto van een muur uit mijn vorige huis moest eraan geloven. Die muur was namelijk volledig behangen met kalenderplaten. Ofwel: met andermans foto’s. Nu mis ik een toepasselijk plaatje voor de Pronkkamer.

Ik vraag mij af hoe ver zo’n claimorganisatie kan gaan. Stel dat je een foto plaatst van een restaurant waar onopvallend in een hoekje een foto aan de muur hangt. Mag dat dan, of niet?

Hoe zit het trouwens met foto’s van VIP’s? Ik bezit namelijk een foto van Queen Elisabeth II van hoogsteigen makelij. Althans, die foto is met mijn toestel gemaakt door een Engelse mevrouw op de voorste rij. Van wie is dan de foto? En mag ik deze foto van her highness zomaar plaatsen? Het lijkt mij namelijk best ingewikkeld om 32 jaar na dato om toestemming te vragen. Zowel aan de koningin als aan die onbekende mevrouw.

Het is niet leuk om foto’s weg te halen. Van sommige logjes blijft er weinig over zonder foto, omdat de tekst daarover gaat. Bovendien heb ik soms veel moeite gedaan om een goed screenshot te maken. Zoals van een prachtige luchtopname van een scherpe bergkam in de Eagle-videoclip van ABBA. Ik kan die videoclip wel in een log ‘embedden’, maar dan blijft die bergkam (op 3 minuten en 41 seconden) onzichtbaar.

Overigens is het prima dat copyright bestaat. Hoe kan je eigenlijk zien of iemand anders met jouw foto’s aan de haal gaat?

Zicht vanaf de Waalbrug op Arnhem

Als blogger moet je wel je verantwoordelijkheid nemen. Zo mag je je volgers niet in gevaar brengen. Dus als één van hen (Mack) achter het stuur van zijn auto zit, en midden op de Nijmeegse Waalbrug in de verte Arnhem probeert te ontwaren (naar aanleiding van onze reacties op het logje over bruggen in Nijmegen), dan voel ik mij wel geroepen om in te grijpen. De situatie op die brug is namelijk verre van ideaal vanwege werkzaamheden.

Daarom plaats ik nog liever bovenstaande te vage foto. Wanneer je op die foto klikt, krijg je een vergroting.

En kijk je vervolgens héél goed naar de horizon boven de rood-witte wegafzetting, dan ontwaar je precies ter hoogte van de middelste rode streep de blauw-groene torenflats bij station Arnhem Centraal. Plus de TenneT-toren rechts van de lantaarnpaal.

Volgende keer zal ik wel een betere foto maken.

Wees informatief, interessant en amusant

Voor thuiszittende bloggers in coronatijd is boeiend blijven bloggen best een uitdaging. Je wereld wordt kleiner en alle inspiratie moet uit jezelf komen. Oké, je kan je eigen ditjes en datjes delen in blogvorm. We lezen daarin graag iets herkenbaars. Of we zoeken een inkijkje in een leven dat juist verrassend anders is dan het onze. In elk geval moeten onze logjes informatief zijn, interessant en/of amusant. Althans, willen ze op de lange duur de moeite waard blijven voor anderen.

Hierover schrijft Tim Urban op Wait But Why. Eerlijk gezegd is zijn post 7 Ways to Be Insufferable on Facebook nogal confronterend. Voor mij dan. Na 6 ½ jaar vind ik logjes schrijven nog steeds zo leuk, dat ik elke dag wel iets wil publiceren. Alleen mis ik soms een goed onderwerp. Of ik heb wel een idee, maar kan er geen pakkend verhaal van maken. Blijkbaar ben ik zo verslaafd, dat ik dan toch zo’n krakkemikkig stuk plaats. Desnoods publiceer ik een wauwel verhaaltje over mezelf. (Je moet wat, nietwaar?)

Nou, daar rekent Tim Urban genadeloos mee af. Want, schrijft hij: ‘A Facebook status is annoying if it primarily serves the author and does nothing positive for anyone reading it.’ Ja, Tim, dat weet ik ook wel, maar ik … Nee, nu ff geen smoesjes.

Er is geen ontkomen aan. Irritante berichten op Facebook (of in mijn geval op dit blog) rieken volgens Tim naar een of meer van deze vijf achter-liggende drijfveren: eigen imago opbouwen, narcisme, behoefte aan aandacht, bij anderen jaloezie willen opwekken, of eenzaamheid. Nu kan je denken dat je je hieraan niet schuldig maakt. Totdat je de voorbeelden herkent die hij geeft van het bijbehorende gedrag.

Nou, lekker dan. Hier kunnen we het mee doen. Ik schrijf niks meer vandaag.

Twintig jaar leven met internet

Weet jij nog precies wanneer je met het internet kennis maakte? Voor mij was dat in het jaar 2000, nu twintig jaar geleden. Ik kreeg toen van mijn nieuwe werkgever een eigen e-mailadres en een computer met internetverbinding. De meeste websites waren in die tijd van ‘nerds’, bedrijven en instanties. Die websites zagen er nog vrij technisch uit, met strakke vakken en hoekige computerletters. Foto’s waren meestal klein. Maar je kon in direct contact komen met de hele wereld en dat was een soort ontdekkingsreis.

Een bevriend stel hoorde bij de voorhoede en via hen belandde ik op Ilse, Schoolbank en Hyves. Ik ontmoette hen tijdens een vakantie. Nog zie ik de krakkemikkige, maar oh zo gezellige internetcafeetjes voor me, waar zij op tergend trage computers met veel moeite hun mailtjes naar het thuisfront stuurden. Een jaar later opende ik zelf een hotmail-account, want ik ging weer op reis. Dat account werd de doodsteek voor de romantiek van de poste restante, maar wat was het handig.

Uit die begintijd stamt ook het wachtwoord dat ik nog steeds gebruik, zij het in talrijke varianten. Het bestaat uit een samenstelling van afgekorte woorden die stuk voor stuk aangename herinneringen oproepen. Er zit een koosnaampje in van een land en de naam van een favoriete band. We moeten continu wachtwoorden invullen, dus dan denk ik graag aan iets plezierigs. Dat basiswachtwoord is een vast element geworden in mijn leven.

In 2000 had ik nog veel ontzag voor mensen met een eigen website. Je moest er toch minstens voor kunnen programmeren en dat vergde kennis van wiskunde, dacht ik. Moet je nu eens kijken.

In 2007 opende ik zelf een eenvoudige webshop. Die kon ik zonder noemenswaardig programmeerwerk bouwen met speciale software. Rijk werd ik er niet van, maar de daarmee opgedane kennis vergrootte wel mijn kans op een baan. Sindsdien beheer ik voortdurend websites. Zoals voorheen diverse websites bij werkgevers, en tegenwoordig een website voor vrijwilligers, een familiewebsite en dit blog.

In twintig jaar tijd is er op internet enorm veel veranderd. In technologisch opzicht, commercieel en sociaal. Eerst wilde iedereen vrijwel alles delen. Nu zie je voorzichtig het begin van een terugtrekkende beweging. Tenslotte is de speelse onschuld van sociale media wel verdwenen.

Toch beschouw ik internet als een schier onuitputtelijke bron van gemak, vermaak en informatie. Je kan er elk denkbaar product op vinden. Een bijzonder koffiemerk uit Vietnam? Geen probleem. Wordt thuis afgeleverd. Digitale archieven en talloze videoclips zijn nu voor iedereen toegankelijk gemaakt. Verder is de transparantie van wat er in de wereld gebeurt, enorm vergroot. Dit mede dankzij sociale media, want nepnieuws vertelt ons ook iets. Als je zelf kan nadenken, blijft internet een groot goed.