Verleidelijk uitzicht op het werk

In 35 jaar tijd heb ik op zeer verschillende locaties gewerkt. Zoals in een statige stadsvilla met tuin, gevolgd door een gemeentehuis naast een overdekt winkelcentrum. Ook waren er grachtenpanden, een boerderij, en kantoren op bedrijfsterreinen. Soms was er slechts een binnenplaats. Maar ik heb ook uitzicht gehad over heel Den Haag. Je kan het treffen. Toch, wat is beter: een lelijk of een verleidelijk uitzicht?

Doe je saai werk, dan wordt een verleidelijk uitzicht een tantaluskwelling. Dat heb ik ervaren op een sjiek kantoor nabij het Leidse station. De hele dag door zag ik mensen voorbij komen, terwijl ik maar in die muffe ruimte zat. Ik wilde ook in een trein stappen en op reis gaan. Evengoed heb ik in een fantasieloze kolos gewerkt waar je vanwege de uitlaatgassen geen raam open kon zetten. Hartje Den Haag. Maar daar had ik boeiende bezigheden; die maakten veel goed. Bovendien kon je er leuke pauzewandelingen maken.

Achter de zonneschermen van deze blokkendoos schuilt een hip en strak kantoor. Het staat aan de rand van de uiterwaard bij Oosterbeek, langs het pad richting het pontje naar Driel. Hoe de werknemers over hun werkplek denken, is mij niet bekend. Maar ik zou er moeite mee hebben.
Met dit weidse uitzicht zo dicht bij het stromende water van de rivier.

Luchtigheid in de zomertijd

Op deze warme zomerdagen staat ons hoofd niet naar zware kost. We willen vakantie vieren, lekker luieren, ijsjes eten of genieten van een goed boek. Ik ben die dag op pad met een wandelgroep. Tijdens een pauze in Warnsveld schuif ik aan bij twee mannen van mijn leeftijd.

De een ziet er uit als de slanke versie van Michiel de Ruyter. En zowaar, hij heeft carrière gemaakt bij de koopvaardij. De ander kan ik niet direct inschatten. Zodra we bestellen, gaat hij helemaal los over wijnen. Een kenner kennelijk. Michiel haakt hier op in. Hij is bedreven in het sableren. Of sabreren; daar wil ik van af zijn.

Binnen no-time gaat het over de reiservaring van de heren. Ik ben een gewillig oor en speel het spelletje mee. Degene die ik moeilijk kon peilen, blijkt aan Shell gelieerd te zijn. In Nigeria. Ik zwijg over mijn vroegere werkzaamheden.

Michiel sprak eerder over de kustlijnen van Nieuw-Zeeland en Australië. Daar wil ik meer over horen. Hij heeft in die contreien gevaren, zo blijkt. Aan land in Australië is hij nooit geweest. Trekt hem ook niet. Hooguit wil hij eens aanmeren in Botany Bay en dan de rivier opvaren. Dat begrijp ik. Maar wil hij dan echt de rest van het land overslaan? Nou, hij heeft de woestijn van Saoedi-Arabië al gezien. ‘Die kale zandvlakten zijn toch allemaal eender.’  

De jongen van Shell begint nu over grote geopolitieke zaken te praten. In een razend tempo gaat het van Rusland via Amerika naar de Sinaï-woestijn. ‘Daar is het weer veilig nu.’ En vervolgens naar ‘Palestina’ (hij bedoelt Israël) en China. ‘China neemt alles over.’, voorspelt hij. ‘Dat zie je al in een heel vroeg stadium als je bij een multinational werkt.’ Dat wil ik aannemen.

‘Hoe denk je dat het leven voor ons wordt als China het hier voor het zeggen krijgt?, vraag ik hem. Daarop heeft hij geen antwoord.

Een overhangende slappe plant

Niemand wil op het verkeerde moment op de verkeerde plaats zijn. Maar we kunnen allemaal in een situatie belanden waarin we een keuze moeten maken. Een keuze waarvan we niet kunnen overzien of die goed is. En soms doen we iets onbeduidends, waarvan de gevolgen verstrekkend zijn. Daarvan ben ik me bewust wanneer ik een overhangende slappe plant naar de tuin van mijn buurman duw. Want daar staat die plant met zijn wortels in.

Mijn bejaarde buurman laat zijn tuin opknappen. Dat is echt nodig, want hij verwaarloost de boel. Al jaren bladdert de verf van zijn kozijnen en de mooie tuin wordt overwoekerd. Vorig jaar heb ik geholpen met wieden, maar er is geen beginnen aan. Twee mannen doen het zware werk. Dode boom omzagen, onkruid met wortel en al uitrukken, struiken snoeien. In zijn voortuin resteren nu een paar struiken en die slungelige plant. Waarom ze die hebben laten staan, is mij een raadsel. Het is doorgeschoten onkruid dat scheef zakt.

Eerst stond die plant rechtop. Daarna boog hij richting de voorkant van de tuin van mijn buurman. Maar kennelijk is er iets gebeurd en is ‘ie gedraaid. Zo kwam die plant over mijn lage heggetje te hangen, tot zeker een halve meter mijn tuin in. En hoewel het in mijn achtertuin een ongedwongen bedoening is, ziet mijn voortuin er relatief netjes uit. Daarin is geen plaats voor onkruid.

Dus toen die plant van de buurman mijn kant op kwam, en als een slappe dronkenlap over mijn heggetje ging hangen, duwde ik hem terug. Toen viel hij languit op de grond, in de tuin van de buurman. Ik probeerde hem overeind te zetten, maar hij bleef niet staan. Uiteindelijk heb ik hem parallel aan onze tuingrens gelegd, aan zijn kant. Want daar komt ‘ie tenslotte vandaan.

Toch denk ik nu steeds aan die ene film: De aanslag. Daarin wordt een landverrader tijdens de Tweede Wereldoorlog op straat doodgeschoten. Een zoon van de buren hoort die schoten en ziet daarna het lijk voor het huis van de buren liggen. Dan komen zijn buren naar buiten en zij leggen het lijk neer voor zijn huis.

Nat of droog – Het lijkt hier wel Australië

Nu het al maanden nauwelijks heeft geregend, krijg ik steeds vaker déjà vu momenten. Die kurkdroge bermen, dat opstuivende stof, die barsten in de grond, en in een bijna droge bedding dat laatste beetje vocht. Ik heb dit eerder gezien. Maar vooral het bruine, verdorde gras doet het hem: Australië.

Het zal toch hopelijk wel weer een keer gaan regenen? Vragen jullie je dit ook af?

Terwijl de situatie een half jaar geleden precies omgekeerd was. Toen daalde de extreem hoge waterstand net weer een beetje. De Waalkade bij Nijmegen zag er op 13 januari 2018 zo uit:

Plog – Een griezelig maïsveld

Manshoge maïsvelden vind ik een beetje eng. Dat ligt niet aan mijn fantasie. Dit komt door Hollywood. In films gaat er vaak een grote dreiging uit van een onzichtbaar, malicieus wezen dat in een maïsveld verstopt zit en – hier zwelt het sinistere griezeldeuntje omineus aan – dat langzaam maar zeker naderbij komt. Ik ben zonder maïsvelden in de buurt opgegroeid. Dus ik weet niet beter. Horror films uit Hollywood hebben mijn kijk op maïsvelden voorgoed beïnvloed.

Rond mijn huidige dorp liggen van die enge maïsvelden. Gisteren kwam ik er langs. Stel dat ik nu een meisje van acht zou zijn. Hoe ver zou het gewas dan boven mij uit torenen? Vanaf die hoogte kan je er onmogelijk overheen kijken. Zou er iets dreigen, dan zou ik mij hebben verborgen. Achter een struik, in een geul plat op de grond, of achter een hekje. Zo zou het zicht op dat maïsveld er dan uit hebben gezien.

Creepy.

Gelukkig ben ik nu groot en is dit een normaal maïsveld. In werkelijkheid komt het hek tot mijn middel, is de begroeiing dun en kijk je zo over het gewas heen.

Van Elvis naar Siouxsie dankzij onze Tom

Op Radio Gelderland komt ‘ie regelmatig voorbij: A little less conversation van Elvis Presley uit 1968. Het is zo’n plaat met een heerlijk ritme, volle klanken, grappige geluidjes en de uit duizenden herkenbare stem van Elvis himself. Helaas voor de diehard fans betreft dit niet de originele versie. Die klinkt wat minder krachtig dan de versie van Junkie XL. Die van Junkie XL is monumentaal. Daarmee bedoel ik een plaat die staat voor een heel tijdperk. Fenomenaal.

YouTube, Vevo en Wikipedia zijn goudmijnen voor video’s, informatie en onverwachte links. Wist ik veel dat Nederlander Tom Holkenborg, (jawel, afkomstig uit de Achterhoek), eeuwigheidswaarde aan Elvis’ A little less conversation heeft toegevoegd. Want zijn versie is bij jongeren wereldberoemd op YouTube.

Via Elvis kom ik op de versie van Junkie XL en zo beland ik op zijn pagina op Wikipedia, waar staat dat ‘onze’ Tom heeft meegewerkt aan Mad Max: Fury Road. (Over tijdloze iconen gesproken. Ik moet nog steeds van Mad Max II bijkomen.) Én dat hij heeft samengewerkt met iemand die weer iets heeft gedaan met iemand anders, die haar stem verleende aan een cover van Cities in Dust van Siouxsie and the Banshees uit 1986. Volgt u het nog? Nou ja, hoeft ook niet.

Wat een heerlijk associatieve tijdreis. En dit allemaal dankzij Radio Gelderland. Zet hem op maximaal volume, want hier is ‘ie dan: the one and only! uit 2002.