Zorgen dat de boel op orde komt

Op donderdagavond kan het weekend beginnen. Het huis is schoon en opgeruimd. De planten hebben water en de was hangt te drogen. Met de ramen en deuren open profiteer ik van de frisse wind die door alle ruimten waait, van kelder tot zolder. Er zijn geen dringende klussen en de administratie is gedaan. Kortom, de boel is op orde en dat geeft mij een intens tevreden gevoel. Daarom is het me een raadsel waarom we niet allemaal zo in het leven staan.

Er is een groenjournalist aan het woord op Radio Gelderland. De gemeente heeft 450 bomen geplant op de weg tussen Dieren en Ellecom. Daarvan is nu een derde dood. Daarnaast is een derde stervend en een derde leeft nog net. Ze zijn geplant toen de grond bevroren was. De wortels werden niet beschermd tegen de kou en ze kregen te laat water. Kwestie van ambtelijke onverschilligheid. Of van mismanagement bij de aannemer. Ach, die is toch verplicht om de dode aanplant te vervangen. Dus who cares?

Nou, ik, toevallig. Het overgrote deel van mijn werk, ongeacht waar dat uit bestond, draaide om zorgen dat de boel op orde kwam. Ik heb daarover een slogan op mijn CV staan. Lang heb ik gedacht dat werkgevers hieraan wel behoefte zouden hebben. Het is toch prettig als iemand zorgt dat alles op tijd wordt geregeld. Dat gegevens vindbaar zijn en kloppen. Dat belanghebbenden eerlijk worden behandeld en gehoord. Dat processen logisch en eenvoudig in elkaar steken. Dat iedereen de juiste informatie heeft en dat afspraken worden nageleefd? Bovendien: dat er iemand is die vooruit denkt en beleid kan helpen ontwikkelen. Gewoon, om het bestaan wat aangenamer te maken. En zodat we niet steeds opnieuw het wiel hoeven uitvinden.

Het lastige van mijn behoefte om de boel op orde te krijgen, is de afbakening ervan. Ik bedoel, in en rond huis gaat nog wel. Ook mijn leven is redelijk behapbaar. Maar dan de rest, hè. Die buitenwereld. Soms denk ik dat er geen beginnen aan is.

10 gedachtes over “Zorgen dat de boel op orde komt

  1. Er is een beginnen aan hoor, maar vlot zal het niet gaan. Gisteren schoten ze in de Zoo van Planckendael (BE) een leeuwin dood omdat ze een slecht evacuatieplan hadden en het mogelijks nog slechter uitgevoerd hadden. Als ik zo iets lees dan gaat elke vezel in mijn lijf in verzet. Er is nog heel veel werk 🙂

    1. Oh kreun, dit is inderdaad zo’n bizar voorbeeld van een verdwaasde manier van redenen. Een cabaretier kan er zo mee op het podium gaan staan.

  2. Ingrid van Bouwdijk Bastiaanse

    Geen beginnen aan nee, maar ik denk altijd: gewoon maar doorgaan met ons druk maken. Het interessante vind ik altijd wel, wat mensen triggert: bij jou dus op dit moment die bomen, anderen worden woedend om een auto die over een stukje grasveld rijdt, bij weer een ander is het de vluchtelingen die gewoon hierheen moeten kunnen komen of de vluchtelingen die gewoon weg moeten blijven. Dat is tegelijkertijd het sneue: iedereen maakt zich druk om iets anders en soms hebben we zo’n andere denkbeelden dat we met elkaar nergens komen om die buitenwereld op orde te brengen of we werken elkaar zelfs tegen. Soms ook niet dan werkt het grootste deel samen en gaan we de goede kant op, of de verkeerde.
    Op zich is het verder een gezond teken dat je je druk maakt om die bomen. Ik denk altijd: sommige mensen hebben zo’n moeite om hun eigen leven op orde te krijgen, dat er geen ruimte is om daarbuiten te kijken, laat staan iets te doen. Jij hebt blijkbaar wel de energie om je ergens anders druk om te maken dan je eigen leven.

    1. Het is zeker interessant om te weten wat er achter steekt bij mensen. Soms handelen ze vanuit precies dezelfde beweegreden, maar op verschillende wijze. Onverschilligheid vind ik echt dramatisch, maar soms komt het voort uit zo veel betrokkenheid en teleurstelling dat het pijnlijk wordt. En inderdaad, de een is chaotischer of meer gestructureerd dan de ander. Ik zal me altijd wel druk blijven maken om misstanden in brede zin, hooguit neemt de hevigheid van emoties af. Da’s ook een vorm van realisme en zelfbescherming. 😉

    1. Da’s waar. Het bloed kruipt trouwens toch waar het niet gaan kan. Zojuist heb ik naar de krant geschreven over een ander onderwerp. 😉

  3. O.a. in de bouw is er bijna geen beginnen aan, volgens mij. Maar als er niet een beetje op gelet wordt ontstaan er nóg grotere rampen. In een nieuw gebouw telde een onderzoeker meer dan duizend gebreken die voorkomen hadden kunnen worden als de afzonderlijke bouwers beter op elkaar zouden zijn ingespeeld. Maar met al die onderaannemers gaat iedereen zijn eigen gang.
    In het gemeentelijk verkeer op straat valt mij ook op hoe ambtenaren kennelijk langs elkaar heen werken. Toen ik een tijdje in een rolstoel zat ontdekte ik dat de gemeente bijvoorbeeld een boom had geplant precies achter de rolstoelopgang en op een andere plek een hekje had gezet achter een rolstoelopgang. Een andere rolstoelopgang lag 20 meter van de zebra af. Ik was toen totaal afhankelijk van dit soort op-en afritten, maar er was helemaal niet nagedacht. Opdracht: hier moet een hekje, dus dat zetten we hier. Tunnelvisie dus.
    Momenteel zijn in mijn woonplaats beide fietspaden in de richting van het station afgesloten. Heeft niemand een logisch en logistiek overzicht van de plannen?

    1. Oh ja, hier geef je een aantal beruchte voorbeelden. De bouwsector: KREUN! Communicatie is ook een vak, dat is geen cliché.
      Hetzelfde geldt voor de toegankelijkheid voor minder mobiele mensen. Als elke gemeente nu eens een rolstoelgebruiker vraagt om mee te kijken naar plannen, voordat ze worden uitgevoerd. Dat kan al veel schelen.
      Ik ben benieuwd of de Delftse studenten al een technische oplossing voor die fietspaden hebben gevonden. Iets met vervoer per drone of zo?

  4. Ik blijf er bij dat het dom is van werkgevers dat ze niet meer letten op dat soort eigenschappen bij een werknemer. Voor de lange termijn zou het goud zijn. Maar lange termijn, wie kijkt daar nog naar?

Reacties zijn gesloten.